België weer niet klaar voor winteropvang 50.000 daklozen
Opinie, Nieuws, Samenleving, België, Armoede, Antwerpen, Antwerpen, Daklozen, DAK, Hoge werkloosheid -

België weer niet klaar voor winteropvang 50.000 daklozen

Tijdens de feestdagen stijgt de behoefte onder de gegoede burgers om 'goed te doen' sensationeel. Een arme aan de kerstdis als jaarlijkse boetedoening voelt bevredigend aan. Hoe armen en daklozen zich de rest van het jaar voelen, zal de meeste weldoeners onder ons worst wezen. De schijnheilige aandacht van de media voor extreme sociale uitsluiting tijdens de eindejaarsperiode is dan ook stuitend.

woensdag 28 december 2011 16:55

De grauwe ellende van dakloosheid duurt echter twaalf maanden per jaar, dag en nacht, winter en zomer. Slechts een klein aantal sociale uitgeslotenen zullen echter een plaatsje krijgen in de jaaroverzichten en dan nog enkel als ze pakkende beelden geven. Voor het overige lopen de meesten onder ons de bedelaars met de neus dicht geknepen voorbij.

Piotr in zijn hol

Een recent voorbeeld uit de Antwerpse media, waar men lucht kreeg van een ‘dramatische’ situatie: ‘Illegale Pool woont al vijf jaar in hol! Op de Linkeroever van de Schelde, vlak bij de E17 groef een zekere Piotr Koscik een gat in de grond als verblijfplaats’. Wat de media verzwegen, is dat 41-jarige Piotr één van de Poolse mensen is die elkaar regelmatig opzochten aan het Astridplein bij het Centraal Station.

Ze werden er op vraag van de Unie van Zelfstandige Ondernemers (UNIZO) door de politie verdreven samen met de daar al jaren actieve broodbedeling door vrijwilligers. Dat gebeurde in het kader van de ‘bijzondere maatregelen’ die het stadsbestuur inzet om het openbaar domein te zuiveren van ‘overlast’. Piotr groef dan maar een gat in de grond. Pas nu in de kerstperiode werd dat ‘groot nieuws’, nadat de brandweer uitrukte voor wat een rookpluim van Piotrs kookpot bleek te zijn.

Piotr vond hier ooit werk als gediplomeerd metselaar. Het verging hem goed tot hij de typische problemen kreeg die voor alle daklozen het begin zijn van de neergang naar de onderste trede van de maatschappelijke ladder. Omhoog krabbelen is bijna onmogelijk. “‘s Nachts kruipen de ratten met tientallen over mijn lichaam”, zegt hij. De plaatselijke politie gebood hem meermaals zijn verblijfplaats te verlaten.

Daklozen sterven dertig jaar eerder

“Vorig jaar stonden ze hier ook, uitgerekend met Kerstmis. Agenten hebben toen het dak van mijn woning vernield. Mijn Kerst is geslaagd als iedereen me dit jaar met rust laat”, zegt Piotr. Zijn levensverhaal is niet uniek. De arme Pool ‘woont’ nabij de Charles De Costerlaan, een doorsnee stadswijk. Hij haalt zijn voedsel uit containers en afvalbakken en warmt het op een houtvuurtje.

Deze story drong door tot in Nederland, waar het leven van dak- en thuislozen al even dramatisch verloopt. Zie bijvoorbeeld dit video-verslag over Piotr. (‘Wel Ingelichte Kringen’)

Mensen die zoals Piotr Koscik op straat leven, sterven dertig jaar eerder dan anderen. Dertig jaar … Dakloze mannen worden gemiddeld 47 jaar, vrouwen slechts 43. De gemiddelde westerling wordt 77. Zelfmoord komt bij extreem armen negen keer zo vaak voor als bij anderen. Infecties treffen daklozen twee keer zo vaak. Psychiatrische problemen, angsten, depressies, psychoses zijn legio. Een mens als Piotr heeft het met zijn 41 jaar bijna gehad. ‘Homelessness: A silent killer’…

Ook op DeWereldMorgen.be lees ik reacties als “ze hebben het zelf gezocht”, “waar een wil is, is een weg”, “ze hebben kansen, maar grijpen ze niet”. Het is de discriminerende en criminaliserende taal van burgemeester Patrick Janssens (SP.A) in zijn boekje ‘Voor wat hoort wat’. Het is een taal en praktijk waar de N-VA graag bij aansluit. Eén pot nat …

Piotr werd ‘ontdekt’ toen Luk Lemmens (N-VA) even vervangend OCMW-voorzitter was, voor Monica De Coninck (SP.A) als kersvers minister van Werk de aanval op de pensioenen door Van Quickenborne (Open VLD) toejuichte.

Alle mogelijke voorzieningen …

Piotr werd, na het bekend raken van het schandaal, door een familie uit Hove opgevangen, niet alleen maar voor een kerstmaal. De vader van dit gezin zorgde voor een tijdelijk verblijf en richtte zich verontwaardigd tot burgemeester Janssens. Hij zegt nog niets van het stadsbestuur gehoord te hebben. Terwijl heel wat Antwerpenaren meeleven met Piotr ondervond deze bereidwillige huisvader slechts koele reacties uit het ‘Schoon Verdiep’ (nvdr: het Antwerpse gemeentebestuur). “Men ligt er daar niet van wakker”, zegt hij.

Tot wanneer Leen Verbist (SP.A), dan nog schepen van Wonen en Jeugd, tijdens een recente buitengewone gemeenteraad amper met de hakken over de sloot verkozen raakte tot OCMW-voorzitster als opvolgster van Monica De Coninck, nam Luk Lemmens nog even de honneurs waar in ‘de zaak-Piotr’. De arme Pool stapte twintig keer naar de hulpverlening. Hij werd van het kastje naar de muur gestuurd tot hij het opgaf.

Duizenden die in zijn geval verkeren, worden zo klem gezet door de bureaucratie van het OCMW en andere instellingen uit het sociale middenveld. Luk Lemmens gaf hierover op de Antwerpse Televisieomroep (ATV, lokale Antwerpse zender) een interview waar de arrogante grofheid van af droop. Hij loog wanneer hij beweerde “dat voor zulke mensen alle mogelijke voorzieningen bestaan”.

In een eerder gesprek bracht Lemmens hulde aan Monica De Coninck, nu minister. De extreemrechtse N-VA zou het niet anders gedaan hebben dan deze ‘socialiste’. Dat gesprek kwam neer op een oorlogsverklaring aan de verworven sociale en burgerlijke rechten. Het ‘geval-Piotr’ is daar een illustratie van. Meer daarover vind je in het interview met tijdelijk OCMW-voorzitter Luk Lemmens. (zie weblink onderaan).

Topje van ijsberg

Sedert jaren staat de teller van de ‘officiële daklozen’ in België op 17.000. Ernstig onderzoek naar de ware omvang bestaat niet. Arbeidersorganisaties krijgen stilaan belangstelling voor de door de crisis aanzwellende armoede. Ze richten zich zoals het Vlaams ABVV-bureau terecht op de situatie van de laag gepensioneerden.

Het ABVV zegt hierover: “Armoede is een verzamelnaam voor een situatie die vele ladingen dekt”. Dat klopt. In een recent standpunt zegt het ABVV ook: “En dan zijn er de inkomensarmen, waaronder heel wat senioren. Velen moeten het stellen met een erg klein pensioen.” En als besluit: “In deze tekst beperken we ons tot deze laatste groep mensen. Het betreft een ruime groep.” Deze beperking is triest.

Veel daklozen waren ooit arbeiders, zelfs actieve vakbondsmensen. Eens uit de boot van het kapitalistische productieproces gevallen, bestaan ze echter niet meer. Niet flatterend voor de vakbonden. Piotr is gediplomeerd metser, anderen deden ploegenwerk in bedrijven, wat hun gezondheid en weerbaarheid aantastte. Het gaat om zowel vrouwen als mannen en een toenemend aantal jongeren.

De aanval van de regering-Di Rupo op het pensioenstelsel zal deze ‘onbruikbaren’ doen toenemen. Daarenboven trachten nu reeds veel meer anderen dan deze 17.000 daklozen te overleven. De massa ‘illegalen’ die zonder dak leeft, wordt hier immers over het hoofd gezien. Zij die in stations warmte zoeken, zijn slechts het topje van de ijsberg, de zichtbare ‘Belgische’ daklozen op straat, eveneens.

DAK trekt aan alarmbel

‘Dakloosheid’ is een verzamelnaam die vele ladingen dekt. Daklozen zwerven van zeer tijdelijke opvang in een tehuis naar nachtasielen, naar kraakpanden, zelfs naar de gevangenis waar ze na een klein vergrijp beschutting vinden, naar de psychiatrie, naar een tijdelijke bedgenoot voor dakloze vrouwen, naar containers, portieken, stations waar ze weer verdreven worden, naar weer even een begripsvol gezin, naar ergens een zetel voor één nacht of een hol in de grond zoals Piotr.

Opgejaagd, ziek, angstig als mensen waarvan velen ooit een gezin en werk hadden, nu uitgespuwd als ‘nuttelozen’. Dakloosheid heeft niets romantisch. Philippe De Craene van het Antwerpse Daklozen Aktie Komitee (DAK) trok aan de alarmbel. Deze organisatie maakt deel uit van het federale, Belgische Gemeenschappelijke Daklozen Front – Front des SDF en werkt aan de opbouw van de European Union of Homeless. Het DAK heeft in Antwerpen en omstreken de naam van ‘luis in de pels’ van het sociale middenveld en de politiek (zie weblinks onderaan).

De media hadden op 27 december 2011 even aandacht voor Philippe De Craene, die als ervaringsdeskundige ‘de straat’ kent en betrokken was bij tal van kraakpanden. Hij verklaarde: “België telt op het ogenblik minstens 50.000 daklozen en geen 17.000 die van achter een bureau berekend worden.” Zo een 5.000 van hen leven permanent op straat waarvan ongeveer 500 in Antwerpen en 2.000 in Brussel. Zij zijn een heel zichtbare groep.

Meer sociale woningen

“Maar een veel groter deel van de daklozen, minstens 45.000 mensen, is zo goed als onzichtbaar. Ze hebben geen eigen dak boven het hoofd, maar leven nu eens bij een familielid of vriend, dan weer op straat, dan in een station en zo sukkelen ze verder. Oudere mensen en vrouwen met kinderen vinden sneller opvang bij het OCMW. Maar jongeren blijven veel meer in de kou staan”, weet De Craene ook nog te vertellen.

De oorzaak ligt bij de economische crisis. Mensen raken hun werk kwijt en komen in de armoede terecht. De ‘nieuwe daklozen’ zijn vooral jongeren. Vooral als ze thuis in een moeilijke situatie verkeren, lopen ze risico’s. In Nederland is het aantal dakloze jongeren recent opgelopen tot 6.000. Ook in België stelt men een zelfde tendens vast.

Volgens het DAK zijn de belangrijkste manieren om de problematiek te bekampen meer betaalbare sociale woningen, een correcte huurprijs op de privémarkt en de verlaging van de prijs van het vastgoed. Een stad als Antwerpen voert een vastgoedbeleid gericht op de ‘betere’ middenklasse, stort beton en jaagt zo de huurprijzen op. Een alleenstaande werkloze met een inkomen van 750 euro kan geen appartement betalen tegen 400 euro per maand, lasten niet inbegrepen en komt zo hopeloos op straat terecht.

Solidair wonen

Mensen die met twee of meerderen ‘solidair samen wonen’ in sociale woningen om de kosten te drukken, worden dan ook nog financieel afgestraft als ‘gezin’. Zelfs in kraakpanden gebeurt dat.

In sommige gemeenten hebben daklozen theoretisch voorrang bij het toekennen van een sociale woning. In werkelijkheid is dat echter fictie en verhuurt men liever aan mensen met hogere inkomens, wat dan weer leidt tot hogere huurprijzen. Dat noemt men dan het nastreven van een ‘sociale mix’ … ten nadele van sociale huisvesting voor wie het feitelijk echt bedoeld is.

Het is winter, de vorst is in aantocht. De ‘winternoodplannen’ voor zwervers en daklozen voldoen opnieuw nergens aan de behoeften. Het is dus wachten tot een of andere ‘Piotr’ in een hol of portiek aan de koude sterft voor de media en de warm meelevende, goed doorvoede burgers even wakker schieten voor hun TV.

De verantwoordelijke overheden zoals het Antwerpse OCMW zullen dan weer liegen “dat alle mogelijke voorzieningen bestaan”.

De waarheid is anders. Dit kan niet genoeg aangeklaagd worden.

Koen Calliauw

Koen Calliauw is oprichter en voorzitter van de Antwerpse ‘grassroots’-organisatie het Daklozen Aktie Komitee (DAK). Het ontstond uit een kraakpand en organiseerde in zestien jaar zes kraakpanden voor armen. Het werkt met gelijkgezinden samen op plaatselijk, Vlaams, federaal en Europees niveau. Calliauw werd twee keer verkozen in de Antwerpse Districtsraad.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!