Open brief aan Patrick Janssens over Occupy

Open brief aan Patrick Janssens over Occupy

maandag 12 december 2011 01:18

Zaterdag 10 december, rond 15u10, ontving ik een telefoon van een ongeruste vriendin wiens beide dochters waren aangehouden op het Astridplein.  Ik stond op dat ogenblik aan de kassa van de supermarkt op de Turnhoutsebaan en beloofde onmiddellijk langs te komen. Ter plaatse hoorde ik dat een hele groep mensen waarvan veel  jongeren waren aangehouden. Enkelen onder hen hadden flyertjes  op zak die ze wilden uitdelen met een uitnodiging deel te nemen aan de volksvergaderingen van Occupy  Antwerpen.  Al wie nog maar verdacht werd bij deze mensen te horen  werd bestuurlijk aangehouden nog voor er één flyertje kon uitgedeeld worden. De moeder was net aangekomen toen ze haar beide dochters in één van de combi’s zag zitten. Zij zei “Neem mij dan ook maar mee!” Immers, ze wist dat het om een zinloze aanhouding ging en wou liever bij haar kinderen zijn dan niet te weten wat er met hen ging gebeuren. Dat mocht echter niet hoewel zij echt moeite deed en begon te roepen om toch opgepakt te worden. Er werd haar echter gemeld dat haar dochters weggevoerd werden naar het commissariaat op de Luchtbal en dat zij maar naar daar moest gaan om hen te kunnen opwachten.

Het viel onmiddellijk op dat ons gesprek gevolgd werd door groepjes mannen die voortdurend in onze richting keken en dat we gefotografeerd en gefilmd werden. Uw politiemensen zijn blijkbaar niet goed in onopvallende observatie, wat moet dat zijn als ze criminelen observeren? Of was het  gewoon de bedoeling te intimideren, te bedreigen? Kan het trouwens zomaar dat mensen die met mekaar staan te praten op het Astridplein door de politie voortdurend gefilmd en gefotografeerd worden?

We besloten naar het commissariaat te rijden. We stapten naar de auto van mijn vriendin en haar partner die aan de achterkant van het Centraal Station, aan de Kievitingang stond geparkeerd. Ter hoogte van de kermis aan de voorkant van het station werden we aangesproken door een man die ons zei dat we het Astridplein moesten verlaten. Hij maakte zich niet bekend, toonde geen identificatie van de politie, droeg geen armband of welk uiterlijk teken ook van de politie. We vroegen naar de reden van dit bevel. We kregen het onthutsend antwoord dat hij daar niet op antwoordde: “Dit is de eerste en laatste verwittiging, als u niet verdwijnt wordt u aangehouden.” Ik stond daar met mijn vrienden, op weg naar hun auto, met mijn fiets aan de hand, met twee fietstassen met twee zakken met eten van de supermarkt. Wat is daar verkeerd aan, meneer de burgemeester? “Befehl ist Befehl”, meneer de burgemeester?

Op het politiecommissariaat vroegen we naar de situatie van de aangehoudenen. De politieman aan de receptie zei dat hij enkel administratief werk deed, dat hij niets wist over de aanhoudingen. We vroegen wie ons wél kon antwoorden, we werden verwezen naar de perswoordvoerder op de Oudaan: “Dat is zijn taak”. We vroegen de officier te spreken die verantwoordelijk was, we kregen als antwoord: “Dat is commissaris Muyters, die is hier niet, die is op het terrein ter plaatse”. Uiteindelijk werd er toch een van de betrokken politiemannen bijgehaald, die zich niet identificeerde, maar ons verweet aanwezig te zijn: “Jullie kunnen hier nog lang staan. We geven geen informatie over wie of waarom, dat is het geheim van het onderzoek.”  Mijn vriendin vroeg of ouders of familie niet op de hoogte worden gebracht, waarop spottend geantwoord werd:  “Hoe oud zijn uw dochters? 18 en 21? Dan zijn ze meerderjarig, mevrouw, dan kunnen ze wel voor zichzelf zorgen.”  Hij voegde er schamper aan toe: “Ze worden terug gebracht als de ordeverstoring gedaan is”. Wablieft? Ordeverstoring? Niemand heeft zelfs een flyertje kunnen uitdelen, waar had die politieman het plots over? Last van waanbeelden? Meneer de burgemeester, ik hoop dat u dringend deze psychische aandoeningen laat onderzoeken!

Een eerste jongen werd vrijgelaten, hij klaagde over de ruwe behandeling, pijn in vingers, polsen en schouder. We contacteerden een advocaat en journalisten. Die controleerden ons verhaal en wisten te melden dat de mensen in groepjes zouden terug gebracht worden naar het Astridplein. We hoorden van de politieman aan de receptie – de man die dus niets wist – dat ze in groepjes via de achteruitgang naar de combi’s gebracht werden en terug gevoerd. Zo ook trouwens  beide dochters van mijn vriendin. Er werd niet gezegd hoeveel al terug gebracht waren, noch hoeveel er nog vast zaten.

Ik haalde de mandarijntjes uit de supermarkt zakken om het lange wachten wat draaglijk te maken. We gaven mandarijntjes aan de politieman aan de receptie – de man die dus niets wist – en vroegen ze aan de aangehoudenen te geven, die niets te eten of te drinken hadden. De man reageerde verbouwereerd, zo iets was niet gebruikelijk, zei hij, dat had hij nog nooit meegemaakt.  We probeerden hem nog gunstig te stemmen door te verwijzen naar sinterklaas die vorige week langs gekomen was. Hoog overleg tussen de aanwezige politieagenten, nee, ze zagen het toch niet zitten… Wel kregen we nogmaals de melding dat we daar tot deze nacht konden blijven, dat we geen informatie zouden krijgen. Meneer de burgemeester, bedenkelijk de vorming die u aan uw politie -agenten geeft: niet spreken, paraplu openen en elk excuus verzinnen zoals schermen met het geheim van het onderzoek, zelfs onschuldige mandarijntjes weigeren. Een aanwezige moeder in het ongewisse laten over haar kinderen. De politie, uw vriend?

Mijn vriendin belde regelmatig naar de gsm van de opgepakte vrienden. Zij kreeg heel lang steeds antwoordapparaat wat er op wees dat ze nog niet waren vrijgelaten. Uiteindelijk na ruim vijf uur wachten kreeg zij  telefoon van de laatste vriend. Hij kon eindelijk bevestigen dat  hij met het laatste groepje was vrijgelaten en wachtte om terug gebracht te worden.. Zonder dit telefoontje zaten we er zondag waarschijnlijk nog… De aanwezige politie vond het blijkbaar leuk ons te laten wachten zelfs als de laatste aangehoudene via een achterdeurtje naar de combi gebracht werd en teruggevoerd. Meneer de burgemeester, ik neem aan dat u het bijzonder leuk zou vinden als u als ouder zat te wachten op een dochter die stiekem wordt weggevoerd via een achterdeur. Op scholen wordt ingegaan tegen pestgedrag, maar blijkbaar leert u uw politie hoe ze gewone mensen moet pesten…

Terug op het Astridplein hoorden we de details van de aanhouding. Niet één flyer  bleek uitgedeeld, sommigen werden zelfs in het station aangehouden  “omdat ze de intentie hadden”.  Welke intentie, meneer de burgemeester?  En is er een wettelijke basis om mensen aan te houden op basis van zo iets subjectiefs  als intenties?  Zonder ook maar iets onwettigs te doen?  Zonder enige verstoring van de openbare orde? Of zijn de Befehlen van commissaris Muyters voldoende?  Een jongen vertelde dat bij een vorige administratieve aanhouding de politiemensen lustig pompten van thermossen goedruikende koffie, terwijl zij zelf niets te drinken kregen. Wat voor primitieve praktijken leert u uw politiemensen, meneer de burgemeester?

Vorige week was ik toevallig getuige van een ander optreden van uw politie. Ik bevond me in café Mama Leki in een zijstraat van het De Coninckplein en was in gesprek met de uitbaatster toen plots een viertal politiemensen de zaak binnen stormden en zonder een woord te zeggen zich een weg baanden, drie naar het toilet, één naar de kelder. Eerst leek het er op dat ze in groep dringend hun behoefte moesten doen, maar na korte tijd kwamen ze terug en voerden iemand weg.

Zonder een woord te zeggen dringen ze binnen, zonder een woord te zeggen maken ze dat ze weg komen. De grote groep aanwezige zwarten werd enkel een wantrouwige afkeurende blik gegund. Ik volgde de uitbaatster naar buiten en vroeg aan de politiemannen uitleg, omdat ze het niet nodig gevonden hadden iets tegen haar te zeggen. Ik informeerde wie de leiding had, “We zijn allemaal inspecteurs, niemand heeft de leiding”. Ik werd bij een combi geroepen en de chauffeur vroeg mijn identiteitskaart, die ik zonder meer overhandigde. Ik vroeg zijn naam en kreeg een antwoord dat ik amper verstond. Ik herhaalde mijn vraag en kreeg als reactie dat ik al drie keer zijn naam gevraagd had, en dat hij dat niet hoefde te zeggen. Ik wees hem er op dat de politie binnen valt, zonder een woord te zeggen tegen de uitbaatster en/of de aanwezige zwarten. De politievrouw naast de chauffeur riep dat dat het geheim van het onderzoek was. Dit excuus was volledig naast de kwestie, het ging immers om het agressief gedrag van de politiemensen tegenover de uitbaatster en haar klanten.

Bij terugkeer in het café wensten de zwarte cafégangers me proficiat op hun manier: “Waarop jij nog reageert, wij zijn dat gewoon, we tellen niet mee in deze stad.” De uitbaatster toonde me een PV waarin politieagenten een vorige keer vastgesteld hadden dat ze zich bedreigd voelden door de aanwezige zwarte klanten.

Meneer de burgemeester, ik heb net het tegenovergestelde vastgesteld.

Zowel op het Astridplein als in café Mama Leki waren het de politieagenten, de ene in burger, de andere in uniform, die een bedreigende intimiderende houding aannamen. Zowel op het Astridplein als in café Mama Leki zag ik jonge mensen en allochtonen die een zeer vreedzame houding aannamen. Intimidatie wordt door uw zogenaamde “ordehandhavers” gepleegd. Bovendien worden deze subjectief opgestelde proces-verbalen door ambtenaren van uw “bedrijf” Samen Leven, Bestuurlijke Handhaving, blind gevolgd voor het uitschrijven van Gemeentelijke Administratieve Sancties. Uw “intimitadors” leiden tot willekeurige administratieve aanhoudingen.

Deze week raakte bekend dat geweld tegen en van de Antwerpse politie zou gedaald zijn. Durft u deze beweringen herhalen tegen de aangehouden Occupy-ers of tegen de zwarte klanten op het De Coninckplein en omgeving?  Ze gaan u snel van antwoord dienen:  velen leggen geen klacht neer tegen geweld van politie, want het haalt toch niets uit! De cijfers waarop men zich baseert zijn slechts een fractie van de werkelijkheid, iedereen op het De Coninckplein, zelfs niet-zwarten, zijn getuige van intimidatie, vernedering, agressie van uw ordediensten. Iedereen kon zien hoe een opvallend groot aantal politiemensen in burger zich intimiderend opstelde op het Astridplein. Hoe een onschuldige verdeling van flyertjes  verhinderd wordt. Hoe bezorgde ouders van aangehoudenen gepest worden. Hoe zwarte medebewoners vijandig behandeld worden.

Meneer de burgemeester, hoe u de politie inzet is onaanvaardbaar. Elke Antwerpenaar heeft recht op een correcte behandeling van ordehandhavers, wie uitleg vraagt moet niet geïntimideerd worden door identiteitscontrole, noch gepest. Uw interpretatie van “verstoring van de openbare orde”, uw “Befehl is Befehl” en subjectiviteit van uw commissaris horen niet thuis in een democratische samenleving. Antwerpenaren op de fiets met hun boodschappen van de supermarkt, wie mandarijnen uitdeelt, wie flyers uitdeelt, wie oproept tot volksvergaderingen, wie aanwezig is in een zwart café… ze zijn allemaal “ook van A”. Wie daar schrik van heeft hoort thuis noch in de politie, noch op het schoon verdiep.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!