Opinie, Economie, Milieu - Eloi Glorieux, Sara Van Dyck

Kerncentrales langer openhouden is als drinken tegen alcoholisme

Het langer openhouden van de kerncentrales om onze stroombevoorradingszekerheid te garanderen, onze klimaatdoelstellingen te realiseren en de energiefactuur binnen de perken te houden, zoals de afgelopen dagen door het Internationaal Energieagentschap (IEA) en een aantal commentatoren fervent geopperd werd, is een foute redenering.

vrijdag 11 maart 2011 17:09

Het is net het energiesysteem waar kernenergie deel van uitmaakt, dat deze problemen heeft gecreëerd. Pleiten om deze problemen te bekampen door de kerncentrales langer open te houden, is als alcoholisme willen bekampen door meer te drinken.

Volgens de aanbevelingen die het IEA afgelopen woensdag bekendmaakte, kan België maar beter de wet op de kernuitstap herzien. Zoniet dreigen grote onzekerheid over de energiebevoorrading, nog hogere elektriciteitsprijzen en plaatst ons land zich voor een nog grotere uitdaging om de klimaatdoelstellingen te halen. Het mag geen toeval heten dat het IEA-rapport, dat al dateert uit 2009, verschijnt in de nasleep van de Panorama-uitzending over de falende Belgische elektriciteitsmarkt. Na het pleidooi van premier Leterme voor een levensduurverlening van de Belgische kerncentrales, springt nu ook het Internationaal Energieagentschap op de nucleaire kar. De redenering moet echter volledig omgekeerd worden: het is net het huidige energiesysteem dat draait op kernenergie dat de situatie heeft gecreëerd.

Bevoorradingszekerheid komt niet in gevaar

De eerste drie kernreactoren kunnen zoals gepland in 2015 gesloten worden zonder de bevoorradingszekerheid in het gedrang te brengen. Deze kernreactoren zijn overbodig en het licht zal absoluut niet uitgaan als ze in 2015 gedeactiveerd worden. De drie oudste reactoren hebben een vermogen van 1.800 MW en produceren 15.200 GWh elektriciteit. Dit is slechts een tiende van de stroom in België.

Het Duitse Fraunhofer Institut berekende in het kader van de GEMIX-studie dat er in België een rendabel energiebesparingspotentieel bestaat dat op korte termijn kan worden aangeboord en dat voldoende groot is om de sluiting van alle kerncentrales op te vangen. Het ontbreekt ons land echter nog steeds aan een doortastend en gecoördineerd energiebesparingsbeleid.

Stellen dat België steeds meer elektriciteit importeert, doet afbreuk aan de waarheid. Ons land was in 2009 een netto exporteur van elektriciteit. Maar het klopt natuurlijk wel dat er sinds het systematisch in vraag stellen van de kernuitstapwet door de eerste regering Leterme in 2007 nog maar weinig in nieuwe productiecapaciteit geïnvesteerd werd. Het langer openhouden van de kerncentrales zal dit probleem echter niet oplossen, maar net bestendigen.

Sluiting kerncentrales en klimaatdoelstellingen gaan hand in hand

De bewering dat de sluiting van de kerncentrales onze klimaatdoelstellingen in gevaar brengt, houdt absoluut geen steek. Het is bovendien erg hypocriet dat GDF-Suez/Electrabel in het Belgische kernenergiedebat  het klimaatargument gebruikt, terwijl deze multinational tegelijk in Polen nieuwe vervuilende steenkoolcentrales opent.

De CREG stelt in haar Studie betreffende de behoefte aan aardgasvoorziening, bevoorradingszekerheid en infrastructuurontwikkeling 2009-2020: “Indien alle nu gekende redelijke investeringsinitiatieven in stoom- en gascentrales zouden gerealiseerd worden, zou het park van gasgestookte elektriciteitscentrales toenemen met 8.225 MW in de periode 2008-2020”. Dit is niet alleen ruim voldoende om de sluiting op te vangen van de eerste drie kernreactoren in 2015, maar ook de sluiting van de vier overige reactoren tegen 2025 én daarbovenop ook de sluiting van de oude vervuilende steenkoolcentrales. Door de vervanging van de kerncentrales én de oude en sterk vervuilende steenkoolcentrales door efficiënte gascentrales zal de globale CO2-uitstoot van de elektriciteitsector zelfs afnemen.

Belangrijk is ook dat het langer openhouden van de kerncentrales de absoluut noodzakelijke transitie naar een hernieuwbaar energiesysteem op de helling zet. Er is een fysisch netwerkconflict tussen het supergecentraliseerde kernenergiesysteem en een toekomstig energiesysteem gebaseerd op lager verbruik en duurzame productie. Het is het een of het ander, beiden samen gaat niet. Kernenergie is dan ook geen transitietechnologie, maar houdt die transitie net tegen. Flexibele aardgascentrales met hoogrendement daarentegen, vormen de ideale ondersteuning in de transitie naar een 100% hernieuwbaar energiesysteem. Vermits België in het centrum van de Europese gastoevoer zit en een uitgebreide aardgasinfrastructuur heeft, hebben we een strategisch interessante positie voor de aanvoer van aardgas. 

Een hoog percentage kernenergie staat bovendien absoluut niet garant voor een lage CO2-uitstoot. België, dat meer dan de helft van zijn elektriciteit met kernenergie opwekt, stoot per inwoner ongeveer 10 ton CO2 uit, dezelfde uitstoot als Nederland dat slechts 9% van zijn elektriciteit haalt uit kernenergie.

Hét sleutelelement in de strijd tegen de klimaatverandering is energiebesparing. En daar wringt in ons land het schoentje. De Vlaamse milieuadministratie bevestigde recent dat onze energieconsumptie zowel per hoofd van de bevolking als per bbp veel hoger ligt dan in de andere Europese landen. In 2008 verbruikten we 7 ton olie-equivalent per inwoner tegenover 4 ton in Duitsland. Om het bbp in Vlaanderen te verdubbelen hadden we tussen 1990 en 2007 43% meer energie nodig. De Duitse deelstaat Noordrijn-Westfalen, dat met zijn zware industrie in het Ruhrgebied goed vergelijkbaar is met Vlaanderen, had 17,8% meer energie nodig en Nederland had hiervoor 15% meer energie nodig. Een aanzienlijk deel van de capaciteit van de kerncentrales kan dus gewoon worden uitgespaard louter door onze energie-efficiëntie op het niveau van de buurlanden te brengen. Dit zal de handelsbalans van onze energie-obese sectoren alleen maar ten goed komen.

Willen we de klimaatdoelstellingen binnen bereik houden, hebben we dringend nood aan een gecoördineerd en onderbouwd Belgische energie- en klimaatbeleid. En, daar heeft het IEA het absoluut bij het rechte eind: ons land heeft dringend nood aan een geïntegreerd beleid met een veel betere afstemming tussen de verschillende beleidsniveaus.

Met kernenergie had België de hoogste energiefactuur

Sinds de indienstname van de kerncentrales in 1975 behoort de energiefactuur van de Belgische gezinnen steevast tot de hoogste van alle OESO-landen. De reden is dat de consumenten de vervroegde afschrijving van de peperdure kerncentrales hebben betaald ten voordele van Electrabel. Die afgeschreven kerncentrals produceren nu dus relatief goedkope stroom, maar het voordeel daarvan komt enkel ten goede aan GDF-Suez/Electrabel.  Je zou dan ook verwachten dat Electrabel uit erkentelijkheid aan de consument zijn tarieven zou laten dalen. Dit gebeurt evenwel niet. Integendeel, door haar quasi-monopoliepositie kan deze ondertussen Franse multinational het zich veroorloven om hoge tarieven te blijven aanrekenen. Een verlenging van de levensduur van de kerncentrales bestendigt deze toestand.
 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!