Analyse

Waarom Venezuela en waarom nu?

Afbeelding
Foto: US Air Force
Foto: US Air Force
De betaalbaarheidscrisis knaagt aan Trumps populariteit, en energieprijzen staan daarbij centraal. Grace Blakely betoogt daarom dat Trump inzet op het wekken van de indruk dat hij “iets doet” voor gewone Amerikanen, en tegelijk de Amerikaanse energie- en economische soevereiniteit wil versterken. Maar werkt dat ook echt?

Olie. We weten allemaal dat het om olie gaat, want Trump heeft ons dat zelf verteld. Een paar maanden geleden probeerde hij een deal te sluiten met Maduro om de sancties tegen Venezuela te versoepelen. In ruil daarvoor eiste Trump dat Venezuela zou stoppen met het exporteren van olie naar China en in plaats daarvan Amerikaanse bedrijven het land zou binnenlaten om de enorme voorraden te exploiteren – de grootste nog onontgonnen oliereserves ter wereld.

Hij legde ook heel duidelijk uit dat de gevangenneming van Maduro werd gemotiveerd door olie. “We zitten in de oliebusiness,” vertelde Trump aan verslaggevers vlak na de invasie. Amerikaanse oliemaatschappijen zouden, aldus Trump, Venezuela binnenkomen en “miljarden dollars uitgeven” om de oliereserves van het land te exploiteren en de kapotte infrastructuur te herstellen.

Op de typische Trump-manier zei hij er ook bij dat de oliemaatschappijen voor hun inspanningen zouden worden “terugbetaald”. Met andere woorden: de invasie is op een andere manier gewoon bedrijfssubsidie. Trump schrijft een gigantische cheque uit aan enkele van de grootste en machtigste bedrijven ter wereld, gedekt door de kracht van het Amerikaanse leger. Het zou moeilijk zijn om een perfectere samenvatting te vinden van de marxistische theorie van monopoliekapitalistisch imperialisme, zelfs als je het zou proberen.

Waarom nu?

Betaalbaarheid is Trumps achilleshiel. Hij kan over bijna alles liegen, omdat het grootste deel van zijn retoriek voor zijn aanhangers een puur symbolische waarde heeft. Veel Trump-kiezers vinden het prettig om de president te horen uithalen naar migranten en trans mensen, ongeacht welk beleid hij daadwerkelijk voert.

Maar betaalbaarheid is anders. Iedereen merkt het wanneer je niet meer rondkomt: je voelt het als honger doordat je maaltijden overslaat, als kou doordat je je huis niet verwarmt, en als angst dat je de huur niet kunt betalen. Trump kan niet om het feit heen dat miljoenen van zijn kiezers het onder zijn leiderschap moeilijk hebben. Velen van hen voelen zich diep verraden door de man die beloofde hen te beschermen.

Energiekosten zijn een belangrijke en zeer zichtbare factor in de betaalbaarheidscrisis. Amerikanen zien hoeveel brandstof hen kost telkens wanneer ze hun auto voltanken en telkens wanneer ze hun verwarmingsrekening betalen. Trump weet dit – en hij praat al lange tijd over het verlagen van de olieprijzen.

Tot nu toe is zijn mantra “drill baby, drill” de belangrijkste pijler van die strategie geweest. Dankzij de frackingrevolutie is de VS de afgelopen jaren uitgegroeid tot ’s werelds grootste exporteur van aardgas. Maar Trumps plan om de energieprijzen te verlagen door de Amerikaanse productie uit te breiden, bevat een diepe tegenstrijdigheid: dalende olieprijzen zijn slecht voor Amerikaanse producenten van fossiele brandstoffen.

Economische soevereiniteit en energie-onafhankelijkheid

Fracking in de VS is duur, en is daarom alleen rendabel wanneer de olieprijzen relatief hoog zijn. Om quitte te spelen, moeten de olieprijzen voor frackingbedrijven rond de 65 dollar per vat liggen. Door een economische vertraging die elke sector van de economie lijkt te treffen, behalve die welke aan AI gelinkt zijn, zijn de olieprijzen gedaald. Ze liggen al een tijd onder het break-evenpunt, en veel frackingbedrijven schroeven hun investeringen terug en verlaten hun boorinstallaties. De productie zal naar verwachting dit jaar verder dalen.

Tot zover gaat dat goed voor Trumps plan. Maar het is niet genoeg dat de olieprijzen dalen – de VS moet ook energie-onafhankelijk zijn. Trump is de koning van autarkie – een overtuigde economisch nationalist – en controle over zijn eigen olie is een strategische noodzaak. Het is een kwestie van economische soevereiniteit. Voor Trump is economische soevereiniteit een nulsomspel: hoe meer de VS heeft, hoe minder zijn vijanden hebben – en omgekeerd.

Als de Amerikaanse schalieproductie opdroogt omdat ze niet langer winstgevend is, zal de VS haar energie-onafhankelijkheid verliezen. Om het nog erger te maken, wint China juist aan energie-onafhankelijkheid terwijl de VS die verliest. Amerikaanse sancties hebben het de grootste vijand van de VS, China, mogelijk gemaakt om goedkoop olie uit Rusland te kopen. En net nu de Amerikaanse frackingrevolutie tegen een muur aanloopt, stapt China ook in de fracking.

China heeft ’s werelds grootste schaliegasreserves en probeert die sinds 2012 te ontginnen. Het is duur en ingewikkeld, maar Chinese centrale planners weten dat energie-onafhankelijkheid van groot strategisch belang is, en zullen daarom middelen blijven omleiden naar fracking, zelfs als het verlieslatend is. Ondertussen zullen Amerikaanse schalieproducenten failliet beginnen te gaan.

Wat is het plan?

Trump weet dat hij iets moet doen aan betaalbaarheid. Hij weet ook dat het zijn taak is de belangen van het kapitaal te beschermen, terwijl hij tegelijkertijd de steun van zijn arbeidersklasse-achterban veiligstelt. Hij had een symbolisch gebaar nodig om te laten zien dat hij de betaalbaarheidscrisis aanpakt – één dat mensen het gevoel geeft dat hij probeert de levensstandaard te verbeteren, zonder winsten te beperken of lonen te verhogen, én dat de economische soevereiniteit van de VS veiligstelt.

Het binnenvallen van Venezuela was de perfecte Trumpiaanse reactie op de betaalbaarheidscrisis. Het stelt hem in staat Amerikaanse kiezers te tonen dat hij actie onderneemt om hun rekeningen te verlagen en hun leven makkelijker te maken, zonder lonen te verhogen of het op te nemen tegen de monopolies die de prijzen opdrijven. Sterker nog: het stelt hem in staat om enorme cadeaus uit te delen aan de fossielebrandstofbedrijven. Bovendien verzekert de zet strategische controle over ’s werelds grootste bewezen oliereserves – en sluit hij vijandige staten uit van toegang daartoe. In Trumps boekje is dat een win-win.

Waarom zou hij anders zo schaamteloos open zijn geweest over zijn bedoelingen, als niet om aan het Amerikaanse volk te laten zien dat deze invasie voor hén was? Zelden zie je een Amerikaanse president zó flagrant het internationaal recht schenden zonder zelfs maar te proberen naar een rechtvaardiging te grijpen – of dat nu “democratie beschermen” is of “zelfverdediging”. Trump heeft ronduit gezegd dat de VS een soeverein land is binnengevallen en diens leider heeft ontvoerd om de oliereserves te exploiteren. Hij heeft dat gezegd omdat Amerikanen moeten weten dat hij het voor de olie heeft gedaan.

Zal het werken?

De economische logica achter dit argument is natuurlijk behoorlijk verward. Zelfs als Amerikaanse fossielebrandstofbedrijven uiteindelijk in Venezuela zouden investeren en grote hoeveelheden olie zouden winnen – wat nog steeds vrij onwaarschijnlijk is – zou je het effect pas jaren later voelen. Als de toename van het aanbod echt aanzienlijk was, zou dat op middellange termijn kunnen helpen om de prijzen te drukken. Maar er zijn zó veel andere factoren die de olieprijs beïnvloeden dat die uiteindelijk evengoed de andere kant op kan bewegen.

De grote factor die de olieprijzen nu beïnvloedt, is dalende vraag. Buiten de AI-boom ziet de Amerikaanse economie er niet bepaald gezond uit. China worstelt met deflatie en overproductie. De Europese groei is bloedarm. En niemand verwacht dat het snel veel beter wordt – integendeel, de meesten verwachten dat het flink slechter wordt. Een mondiale recessie zou een zeer scherpe daling van de olieprijzen betekenen. Dat kan de rekeningen verlagen, maar het zou ook massale werkloosheid betekenen – een spookbeeld dat nog realistischer wordt door de dreiging van AI-gedreven banenverlies.

Op middellange termijn, als olieprijzen zó laag zouden worden, zou dat het einde betekenen van de Amerikaanse schalieboom. China zou waarschijnlijk doorgaan met het subsidiëren van zijn eigen schalieproducenten. Op lange termijn zou China – als het de aanzienlijke obstakels voor zijn eigen frackingindustrie kan overwinnen – zelfs de frackingkroon van de VS kunnen overnemen. De VS zou achterblijven zonder eigen energiebronnen, terwijl China richting energie-onafhankelijkheid opschuift.

In dit scenario zou Trump kunnen proberen Amerikaanse fossielebrandstofproducenten over te halen Venezolaanse olie te exploiteren, zodat hij over “eigen” reserves beschikt – maar bij zulke lage prijzen is het onwaarschijnlijk dat ze nog cheques uitschrijven. Zijn enige optie zou dan nationalisatie zijn, uit naam van de nationale veiligheid, zoals hij bij Intel deed. Trump zou uiteindelijk wel eens veel meer gemeen kunnen hebben met Nicolás Maduro dan iemand had gedacht.

 

Lees hier ons volledig dossier over Venezuela.

Afbeelding
Word DWM-bondgenoot
Steun ons | De Wereld Morgen

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?