Nieuws

PFAS in ons bloed en kraanwater: toch blijft Vlaamse regering problemen minimaliseren

Afbeelding
Industriële installatie die PFAS produceert. Foto: Deposit Photos
Industriële installatie die PFAS produceert. Foto: Deposit Photos
PFAS duiken op in het bloed van kopstukken van ziekenfondsen, vervuilende fabrieken stellen omwonenden bloot én in 1 op de 4 Vlaamse kranen zijn te hoge PFAS-waarden gevonden. Allemaal nieuws van de voorbije week, en toch blijft de Vlaamse regering zich verschuilen achter uitstelgedrag.

Zeven kopstukken van ziekenfondsen en milieuorganisaties lieten via een eenvoudige vingerprik hun bloed testen op PFAS. Bij elk van hen werden meerdere PFAS-stoffen teruggevonden, bij sommigen zelfs zes verschillende soorten.

Het gaat onder meer om Luc Van Gorp (CM), Paul Callewaert (Solidaris) en Ignace Schops (Bond Beter Leefmilieu). Geen mensen die naast een chemische fabriek wonen, geen uitzonderingen dus. Toch dragen ze – net als de rest van de bevolking waarschijnlijk – de zogeheten “forever chemicals” in hun lichaam.

“Het is schrikken als je je eigen PFAS-waarden ziet”, reageert Paul Callewaert, algemeen secretaris van ziekenfonds Solidaris. “Hoewel nog niet alle gevolgen van PFAS in ons lichaam bekend zijn, is het duidelijk dat iedereen ze in het bloed kan hebben. En voorlopig weet niemand hoe ze te verwijderen, dus is er maar één remedie om te vermijden dat de medische gevolgen zich opstapelen: een ban op PFAS.”

“Ik was zeer verbaasd dat er vier PFAS-stoffen in mijn bloed werden aangetroffen”, vult Luc Van Gorp, voorzitter van CM Gezondheidsfonds, aan. “Ik woon nochtans niet in een gebied dat als PFAS-hotspot bekendstaat. Dat toont nog maar eens aan hoe wijdverbreid de PFAS-problematiek is.”

PFAS zijn een grote familie van duizenden chemische stoffen die nauwelijks afbreken, zich opstapelen in milieu én lichaam en in verband worden gebracht met onder meer hormoonverstoring, problemen met lever en immuunsysteem en een hoger risico op bepaalde kankers. 

Voor de ziekenfondsen en milieuorganisaties is de conclusie duidelijk: België moet meetrekken aan de kar van een Europees verbod op alle PFAS én een nationaal uitfaseringsplan. Dat zijn maatregelen die raken aan de kern van het verdienmodel van chemiebedrijven, en precies daarom gaan politieke beslissingen zo traag.

3M en Zwijndrecht

De PFAS-crisis rond de 3M-fabriek in Zwijndrecht is intussen een Europees symbooldossier. In maart 2025 publiceerde het Vlaams Gewest de groepsresultaten van een grootschalig bloedonderzoek bij inwoners binnen een straal van 5 kilometer rond de fabriek.

Ruim 8.500 bewoners namen deel, en bijna iedereen had PFAS in het bloed. Bij ongeveer de helft lagen de waarden zo hoog dat gezondheidsrisico’s op de lange termijn niet uit te sluiten zijn. In totaal zouden zo’n 45.000 mensen, onder wie veel kinderen, in de risicovolle zone wonen.

Tegen die achtergrond voert burgercollectief DARKWATER3M een groepsvordering voor 1.400 buurtbewoners tegen 3M. De reden: jarenlange PFAS-vervuiling in bodem, water en voeding rond de fabriek. De zaak wordt in februari 2026 gepleit in Antwerpen, maar nu al probeert 3M zich te verschuilen achter verjaring.

DARKWATER3M waarschuwt expliciet voor een nieuw asbestscenario: dat mensen tientallen jaren kampen met gezondheidsproblemen en kankers, en dan uiteindelijk de boodschap krijgen dat claims “verjaard” zijn. Terwijl asbestslachtoffers decennialang vochten voor erkenning, dreigen PFAS-slachtoffers zelfs die kans te missen, als de wet niet wordt aangepast.

Opvallend stil in dit verhaal is de Vlaamse regering, die wél bevoegd is voor leefmilieu, sanering en ruimtelijke ordening. In plaats van de kant van de omwonenden te kiezen en druk te zetten op een strenger kader, lijkt ze vooral bezig met de schade te beperken – niet voor de inwoners, maar voor de betrokken bedrijven én voor haar eigen verantwoordelijkheid.

Kraanwater: juridische “veiligheid” boven gezondheidsadvies

Alsof de PFAS-crisis rond 3M nog niet volstond, raken de chemicaliën nu ook de symbolische kern van het publieke vertrouwen: het drinkwater.

Uit cijfers die oppositiepartij Groen opvroeg bij Vlaams minister van Omgeving Jo Brouns (CD&V), blijkt dat bij ongeveer één op de vier Vlaamse kraanwaterstalen de strengste Europese gezondheidsstreefwaarde voor PFAS (EFSA) wordt overschreden. Het aantal overschrijdingen lag in 2024 zelfs meer dan de helft hoger dan in 2023. 

Voor wetenschappers en gezondheidsinstanties zijn die streefwaarden net de benchmark om burgers zo goed mogelijk te beschermen. Voor de Vlaamse regering lijken die streefwaarden vooral een “mening” te zijn. Minister Brouns herhaalt steevast dat “alle kraanwater aan de wettelijke normen voldoet” en dat er dus geen probleem is, waarmee hij de cijfers van Groen formeel niet ontkent, maar ze wél framet als alarmisme. 

Vlaanderen hanteert momenteel twee andere, minder strenge normen. Die normen, die veel hoger liggen dan de EFSA norm, zijn wél wettelijk bindend. Als die worden overschreden, moet er dus wel worden ingegrepen. Maar "99,56 procent van de analyses aan de kraan voldeden" eraan, zegt het kabinet.

Die strategie is bekend van de industrie: focus op de verouderde of lakse wettelijke norm, niet op de actuele gezondheidswetenschap. Zolang de norm niet is aangepast, kan iedereen zeggen dat alles “in orde” is. 

Politiek schuift verantwoordelijkheid naar burgers

In plaats van beleid te voeren dat grote industrieën streng controleert, terugfluit en bestraft bij vervuiling, schuift de politiek de verantwoordelijkheid steeds vaker naar individuele burgers. Waar vervuilers jarenlang onbeperkt winst konden maken, krijgen bewoners nu vooral leefstijladvies.

Een illustratief voorbeeld kwam van Tina Van Havere (Vooruit), die voorstelde om een controlecampagne op te zetten voor vlees, groenten, fruit en eieren uit Ronse en omgeving. “Afhankelijk van die resultaten kunnen we burgers dan correct advies geven”, zei ze.

Dat soort “advies” kennen mensen rond 3M in Zwijndrecht inmiddels maar al te goed. Aan bewoners in de buurt werd aanbevolen om geen eieren van eigen kippen te eten en om groenten uit de eigen moestuin voldoende af te wisselen met groenten uit de winkel. 

Wie krijgt bescherming?

PFAS zijn bij uitstek een test voor de vraag wie een regering écht wil beschermen. Deze stoffen zijn onzichtbaar, verspreiden zich snel, stapelen zich op in lichaam en milieu en hun schadelijke effecten spelen zich af na jaren en decennia. Dat maakt ze ideaal om weg te relativeren: wat je vandaag niet ziet, kan je morgen ontkennen.

Maar precies daarom is een strenge en vooruitziende overheid nodig. Die ontbreekt vandaag in Vlaanderen. In plaats van de volksgezondheid voorop te zetten, kiest de Vlaamse regering voor een beleid dat de juridische en economische comfortzone van de industrie bewaakt en de bevolking sust met halve waarheden.

Zolang PFAS in ons bloed zitten, in onze tuinen, rond onze scholen, in ons kraanwater én in ons voedsel, volstaat het niet dat de Vlaamse regering de grote vervuilers “partners” noemt. Ze moet de industrie niet napraten, maar juist begrenzen. 

 

Teken hier een petitie van Groen om PFAS te verbieden. 

Afbeelding
Kies deze
Steun | DeWereldMorgen

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?