Nieuws

Hoger onderwijs in opstand: besparen op kennis, betalen voor crisis

Afbeelding
Openingsceremonie aan de KU Leuven, september 2012. Foto: Deposit Photos.
Openingsceremonie aan de KU Leuven, september 2012. Foto: Deposit Photos.
Universiteiten en hogescholen slaan alarm: jaar na jaar krijgen ze minder geld per student, terwijl de regering opnieuw hard snoeit in onderwijs en onderzoek. De druk op personeel en studenten wordt ondraaglijk, maar de rekening dreigt nog meer bij hen terecht te komen.

Water aan de lippen

Al jaren waarschuwen rectoren dat het water de universiteiten tot aan de lippen staat. Nu de Vlaamse regering opnieuw tientallen miljoenen wegsnijdt uit hoger onderwijs en onderzoek, slaat de onrust definitief om in open verzet.

De basisfinanciering voor universiteiten en hogescholen wordt structureel verlaagd. Daarbovenop is er nog eens een stevige knip in de middelen voor fundamenteel onderzoek én in studietoelagen voor studenten. Het hoger onderwijs wordt zo een van de zwaarst getroffen sectoren.

Rectoren spreken intussen niet meer over een “kaasschaaf”, maar over een “botte hakbijl” die leidt tot echte amputaties: minder jobs, zwaardere werkdruk, grotere groepen studenten en minder tijd voor begeleiding.

Minder middelen per student, meer studenten in de aula

Op papier lijkt het bedrag dat Vlaanderen in hoger onderwijs pompt nog behoorlijk. Maar per student daalt de financiering al jaren. De studentenaantallen stijgen, terwijl het budget achterblijft en niet of onvoldoende wordt geïndexeerd.

Dat merk je op de vloer. Groepsgroottes in de bacheloropleidingen zijn nu al problematisch. De verhouding studenten per personeelslid is bij onze universiteiten veel slechter dan in vergelijkbare landen. In internationale ranglijsten bengelt bijvoorbeeld KU Leuven bij de zwakste leerlingen van de klas als het gaat om student-staff ratio.[1]

De Vlaamse regering zet op meerdere fronten het mes in het hoger onderwijs

De werkdruk voor professoren, assistenten en administratief personeel stijgt jaar na jaar. Contracten worden niet verlengd, diensten afgeslankt, onderzoek uitgesteld. Zelfs kleine dingen – telefoons, broodjes bij vergaderingen – verdwijnen omdat er geen marge meer is.

Ondertussen komt er een demografische golf van nieuwe studenten op ons af. Die moeten terecht in gebouwen die al jaren aan rennovatie toe zijn, met docenten die nu al aangeven dat ze het niet meer trekken.

Meerdere fronten

De Vlaamse regering zet tegelijk op meerdere fronten het mes in het hoger onderwijs. Er gaat minder geld naar universiteiten, hogescholen én onderzoek, de zogenaamde “Brusselmiddelen” voor het Nederlandstalig hoger onderwijs in de hoofdstad worden geschrapt en de financiering voor studenten van buiten de Europese Economische Ruimte wordt stevig teruggeschroefd. 

Ook federaal liggen er plannen op tafel die universiteiten hard raken: het inperken van middelen voor universitaire ontwikkelingssamenwerking, het aanpassen van fiscale voordelen voor onderzoek, en een pensioenhervorming die professoren tot 40 procent van hun pensioen kan kosten.

Vooral de humane wetenschappen dreigen daarbij zwaar in de vuurlinie te komen. Onderzoek in rechten, geschiedenis, psychologie of menswetenschappen dreigt minder als “echt onderzoek” te tellen in fiscale regelingen. Dan droogt een deel van de middelen op, net in domeinen die we nodig hebben om beleid juridisch, sociaal en democratisch in te bedden.

Rectoren grijpen naar inschrijvingsgeld

Met die opeenstapeling van besparingen zeggen de Vlaamse rectoren dat het zo niet verder kan. Om de gaten te dichten, willen ze het inschrijvingsgeld optrekken met 150 euro per jaar voor niet-beursstudenten.

Vandaag betaalt een student zonder beurs iets meer dan 1.150 euro per jaar. Dat zou dus richting 1.300 euro gaan. De rectoren benadrukken dat ze dit “tegen hun goesting” voorstellen en dat de extra inkomsten nodig zijn om banenverlies en kwaliteitsverlies te beperken.

De redenering luidt: wie geen beurs krijgt, kan best iets meer bijdragen, zodat de instellingen de zwakste studenten beter kunnen ondersteunen. Vlaanderen behoort bij de landen waar studenten relatief weinig inschrijvingsgeld betalen in verhouding tot de totale kost van hun opleiding.

De zwaarste klappen vallen bij studenten die het financieel al moeilijk hebben

Toch is dit een gevaarlijk pad. Ook ‘kleine’ verhogingen stapelen zich op bij dure koten, stijgende levensduurte en minder sociale bescherming. Het risico is reëel dat de drempel voor studenten uit gezinnen zonder grote middelen weer wat hoger wordt. Volgens een onderzoek van hogeschool Thomas More kostte een jaar studeren op kot vorig academiejaar meer dan 17.000 euro.

Vlaams minister van Onderwijs Zuhal Demir weigert voorlopig elke verhoging van het inschrijvingsgeld, maar een structurele oplossing ligt niet op tafel. Terwijl de rectoren nog eens benadrukken dat “de spons is uitgewrongen”.

Beursstudenten en kwetsbare jongeren vooraan in de vuurlinie

De zwaarste klappen vallen bij studenten die het financieel al moeilijk hebben. De Vlaamse regering verstrengt de voorwaarden voor een studiebeurs stevig.

Wie minder dan 54 studiepunten opneemt, dreigt straks zijn beurs kwijt te spelen. Nu ligt die grens nog op 27 studiepunten. Ook oudere studenten en jongeren met andere inkomensbronnen worden sneller uitgesloten. 

Daarbovenop wordt ook het systeem van studietoelagen hervormd, waardoor 20.000 studenten het risico lopen hun beurs te verliezen.

Net die studenten werken vaak naast hun studie, zorgen voor familie, hebben gezondheidsproblemen of komen uit een kwetsbare thuissituatie. Het zijn ook zij die de minste reserves hebben als de huur stijgt, als de energiefactuur oploopt of als de kotkosten door het dak gaan.

Door beurzen af te bouwen, maken we van hoger onderwijs opnieuw een privilege. Wie rijk genoeg is, geraakt er wel. Wie elke euro drie keer moet omdraaien, haakt af.

Besparen op kennis, investeren in wapens

“Er is geen geld”, klinkt het steeds opnieuw als motivatie voor deze besparingen. Maar tegelijk worden andere prioriteiten wél royaal gefinancierd.

Het Vlaamse niveau trekt 500 miljoen euro uit voor een ‘Defensiefonds’ en plant dat op te trekken tot een miljard euro. Federaal gaan er verschillende tientallen miljarden euro's extra naar wapenaankopen. Terwijl op onderwijs, zorg, pensioen en sociale zekerheid overal de rem wordt gezet. Voor drones is er geld, voor beurzen niet.

“Als de uitgehongerde kip sterft, legt ze geen eieren meer”

In een regio zonder grote natuurlijke rijkdommen is kennis één van de weinige echte ‘grondstoffen’ die we hebben. Als we daar systematisch op besparen, snijden we in onze eigen toekomst: minder onderzoek, minder innovatie, minder kritisch opgeleide burgers. 

Kristof De Witte, professor onderwijseconomie waarschuwt dat we ons “als kennismaatschappij in de voet schieten”. Door de besparingen dreigt het Belgische hoger onderwijs zijn ijzersterke reputatie kwijt te raken, zoals eerder al met ons basis- en secundair onderwijs gebeurde.

‘Universiteit in opstand’

In Franstalig België is al langer een beweging actief onder de noemer “Université en colère”. Nu komt die golf ook naar Vlaanderen overgewaaid.

Het sentiment is breed gedragen binnen de Vlaamse universiteiten. Voor het eerst trekken academici van de tien Belgische universiteiten samen ten strijde tegen de geplande besparingen in het hoger onderwijs.

Onder de noemer 'Hoger onderwijs in opstand' tekenden duizenden academici en studenten een petitie tegen de besparingen. Op campussen organiseren zich acties en is er mobilisatie naar nationale protestdagen.

Afbeelding
Bron: Hoger onderwijs in opstand

De boodschap is helder: de maat is vol. Universiteiten en hogescholen kunnen hun basisopdrachten – degelijk onderwijs, onafhankelijk onderzoek, dienstverlening aan de samenleving – niet blijven uitvoeren met steeds minder middelen, meer studenten en zwaardere taken.

Onderwijsexpert Wouter Duyck formuleert het zo: “Het hoger onderwijs, waar de focus van de besparingen ligt, bedient nu al 45 procent meer studenten per voltijdse werkkracht dan het OESO-gemiddelde. Als de uitgehongerde kip sterft, legt ze geen eieren meer”.

Onderwijs als recht, niet als privilege

Achter de cijferdiscussies schuilt een fundamentele keuze: hoe kijken we naar hoger onderwijs? In de logica van de huidige besparingspolitiek is het vooral een kostenpost en een ‘investering’ die moet opbrengen in termen van competitiviteit en winst. 

Dan wordt onderwijs iets voor wie rendeert, in richtingen die de markt interessant vindt. Richtingen die minder directe winst opleveren, mogen in die redenering krimpen of verdwijnen.

Een ander perspectief vertrekt van onderwijs als recht en als publiek goed

Een ander perspectief vertrekt van onderwijs als recht en als publiek goed. Hoger onderwijs helpt ongelijkheid verkleinen in plaats van vergroten. Het vormt jongeren tot kritische burgers, niet alleen tot inzetbare arbeidskrachten. Het hoort toegankelijk te zijn voor wie het talent en de goesting heeft, niet alleen voor wie het kan betalen.

Vandaag schuift de Vlaamse en federale regering steeds verder op richting een model waarin studenten meer betalen, beurzen worden afgebouwd en instellingen meer op zoek moeten naar private financiering. Hoog tijd voor een andere koers. 

 

Note: 

[1] Aan de KU Leuven zijn er 37 studenten per personeelslid. Dat is vijfmaal meer dan aan de Princeton University. 

Afbeelding
https://www.dewereldmorgen.be/steun-ons
Steun | DeWereldMorgen

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?