Opinie

Waarom vrouwen in Gent op straat moeten komen tegen de besparingen

Afbeelding
Bewerkt beeld: Anika De Jesus van sketchify, via Canva.com
Bewerkt beeld: Anika De Jesus van sketchify, via Canva.com
Deze zomer stelde Stad Gent haar meerjarenbegroting voor, met daarin een besparingsoefening van 120 miljoen euro per jaar. Deze besparingen treffen personeel en burgers van de stad hard, ook vele vrouwen zullen hiervan de dupe zijn.

Deze zomer stelde Stad Gent haar meerjarenbegroting voor, met daarin een besparingsoefening van 120 miljoen euro per jaar. Deze besparingen treffen personeel en burgers van de stad hard, ook vele vrouwen zullen hiervan de dupe zijn. 

In de kinderopvang en buitenschoolse opvang verdwijnen vacatures en middelen, waardoor de werkdruk voor personeel stijgt en de kwaliteit van de zorg achteruitgaat. Bij de toeleiding naar de arbeidsmarkt verdwijnen OCMW-projecten die vooral vrouwen ondersteunen, waardoor kwetsbare groepen minder kansen krijgen op werk en begeleiding. 

Het poetswerk in publieke gebouwen, uitgevoerd voornamelijk door vrouwen, wordt extra belast door hogere werkdruk en onzekerheid over toekomstige werkgelegenheid. En ook in de publieke ruimte, zoals bij de privatisering van openbare toiletten, betalen vooral vrouwen de prijs: zij hebben vaker nood aan toegankelijke voorzieningen, en nieuwe obstakels beperken hun aanwezigheid in de stad.

Kinderopvang en buitenschoolse opvang: gezinnen en personeel in de knel

Het probleem is hetzelfde in heel Vlaanderen: er zijn te weinig plaatsen, omdat er te weinig personeel is. Kindbegeleiders vallen uit door hoge werkdruk, lage lonen en weinig perspectief. Voor ouders betekent dat maanden puzzelen, terwijl hun werk intussen gewoon doorgaat.

Ook in de buitenschoolse opvang klinkt een gelijkaardig verhaal, al haalt dat minder vaak de media. Het Gentse stadsbestuur erkent die problemen en deed de voorbije jaren extra investeringen om de begeleider-kind-ratio te verbeteren en kinderbegeleiders extra te ondersteunen. 

De besparingen duwen het perspectief van de kinderopvang voor gezinnen en personeel echter in de tegenovergestelde richting. De uitbreiding van de kinderopvang in de crèches wordt beperkt tot 25 extra plaatsen, de helft van wat beloofd werd door bevoegd schepen Evita Willaert (Groen) op de gemeenteraad van juli. 

Er verdwijnen geen bestaande jobs, maar wel openstaande vacatures: 17,5 voltijdse functies in de kinderopvang en 20 in de buitenschoolse opvang gaan verloren. Hoewel Willaert erop wijst dat “in de crèches alle jobs behouden blijven”, heeft dit wel degelijk gevolgen: er kunnen straks minder nieuwe mensen worden aangenomen. 

Begeleiders benadrukken het zelf: “De politiek is niet mee met onze dagelijkse realiteit"

Begeleiders benadrukken het zelf: “De politiek is niet mee met onze dagelijkse realiteit. Zonder extra handen op de werkvloer kan het gewoon niet. Werken in de kinderopvang moet eindelijk een volwaardige job worden, met een eerlijk loon en voldoende tijd en collega’s om ons werk goed te doen.”

Daarbovenop schuift de stad vanaf 2027 de verantwoordelijkheid voor de buitenschoolse opvang door naar de scholen, zonder overleg of duidelijk budget. Stabiele stadscontracten dreigen zo te worden vervangen door precaire jobs, zoals we al zien in het katholiek en gemeenschapsonderwijs. 

De garantie op opvang voor of na de schooluren wankelt: vaak hangt die straks af van één enkele medewerker of van leerkrachten die noodgedwongen inspringen naast hun gewone taken. Opvallend is dat de stad deze keuze maakt net op het moment dat ze zélf de regie krijgt over de buitenschoolse opvang, mét 5 miljoen euro Vlaamse middelen. Dat bedrag moet echter over veel plaatsen verdeeld worden en is duidelijk onvoldoende.

Tegelijk wordt er ook nog eens 100.000 euro geschrapt uit de werkingsmiddelen van de crèches. Dat wordt geminimaliseerd door het stadsbestuur als “nog marge in efficiëntie”, maar de realiteit is dat materialen zoals lakens, verzorgingskussens, boekjes en speelgoed nu al tot op de draad worden versleten en medewerkers vaak zelf kleine extra’s financieren. Extra rek is er niet meer. 

"Het budget is nu al zo beperkt dat de begeleidsters vaak zelf knutselmateriaal of zelfs sinterklaascadeautjes betalen"

Een vakbondsdelegee vertelt: “Deze maatregel doet echt pijn bij de werknemers. Het budget is nu al zo beperkt dat de begeleidsters vaak zelf knutselmateriaal of zelfs sinterklaascadeautjes betalen. Lakens en ander materiaal kunnen gewoon niet eindeloos hergebruikt worden. Alles is al zo zuinig mogelijk, er valt echt niets meer te halen.”

De besparingen leggen een zware druk op personeel én gezinnen. Voor het personeel betekent dit een nog hogere werkdruk en minder middelen. Voorschoolse opvang is broodnodig: zes op de tien gezinnen maken er gebruik van. Het tekort duwt de zorg opnieuw naar huis – meestal naar de moeders. Vier op de tien vrouwen werken deeltijds, tegenover één op de tien mannen. Velen willen meer werken, maar kunnen dat niet zonder opvang. Het gevolg: lagere inkomens, een grotere kans op armoede en een pensioen dat later niet volstaat.

OCMW: kwetsbare groepen in de kou

Bij de dienst Activering verdwijnen 19 jobs, waardoor alle emancipatorische groepswerkingen die een opstap vormen naar activering worden stopgezet en het bijhorende personeel wordt ontslagen. Daarmee zullen ‘Project Miriam’ voor alleenstaande moeders, de jongerenwerking en de groepswerking ‘Perfect is saai’ (basisvaardigheden) verdwijnen. 

In deze groepen nemen vooral vrouwen deel. Voor kortgeschoolden, alleenstaande moeders en vrouwen met zorgtaken vormen groepswerkingen vaak dé eerste stap naar werk en grotere maatschappelijke betrokkenheid. 

Om mensen effectief aan het werk te helpen, zijn toeleiding naar de juiste trajecten en goede begeleiding essentieel. Terwijl VDAB zelf moet besparen vanuit Vlaams niveau, verschuift de aanpak in Gent van proactief en collectief naar reactief en geïndividualiseerd met een focus op individuele trajecten. 

OCMW-medewerkers waarschuwen dat deze beleidskeuze de werkdruk verhoogt en kwetsbare mensen laat vallen. “Het doet pijn dat Stad Gent onze werkingen gewoon schrapt. Dat is enerzijds totaal geen waardering van ons werk, anderzijds voelt het alsof hele groepen mensen - onze cliënten - gewoon niet belangrijk worden gevonden. Dat doet pijn. Wij blijven ons inzetten en actie ondernemen, onze mensen laten we niet vallen”, zo getuigt een sociaal werker van de dienst Activering.

Wat een besparing lijkt, leidt in werkelijkheid tot hogere kosten

Wat een besparing lijkt, leidt in werkelijkheid tot hogere kosten: mensen raken niet duurzaam aan het werk en belanden sneller in armoede of op straat. Voor medewerkers betekent dit bovendien een nog zwaardere job, terwijl de sector nu al kampt met tekorten.

Dat er tegelijk extra middelen vrijkomen om meer maatschappelijk werkers - onder meer om de verwachte stijging van het aantal OCMW-aanvragen op te vangen door federale maatregelen rond dakloosheid - is op zich begrijpelijk. Toch wringt het dat andere werkingen, die juist inzetten op de toeleiding naar werk, daarvan het slachtoffer worden. Dat is niet logisch en roept vragen op: waarom die middelen niet gebruiken om bestaande expertise en projecten te versterken die bewezen armoede, dak- en thuisloosheid helpen voorkomen? 

Door te besparen op begeleiding wordt niet alleen de toekomst van kwetsbare Gentenaars ondergraven, waaronder vrouwen die oververtegenwoordigd zijn onder mensen die langdurig van de arbeidsmarkt verwijderd zijn en in fysiek belastende, precaire beroepen met psychosociale risico’s. 

Stad Gent beperkt daarnaast de toeleiding naar hulp voor mensen zonder wettig verblijf en verzoekers van internationale bescherming, waardoor bestaande problemen niet verdwijnen maar verschoven worden. Vrouwen zonder wettelijk verblijf of in asielprocedures lopen daarbij het grootste risico: zij zijn extra kwetsbaar voor uitbuiting, geweld en dakloosheid.

Poets: werkdruk en onzekerheid

Het poetswerk in de publieke gebouwen van Stad Gent rust voornamelijk op de schouders van vrouwen en mensen met een migratieachtergrond. De meesten werken deeltijds, vaak in vroege ochtend- of late avondshifts, en kampen met een steeds hogere werkdruk. Ook voor hen neemt Stad Gent beslissingen die ingrijpend zijn voor hun arbeidsomstandigheden en onduidelijk voor hun toekomst. 

Zo werd aangekondigd dat gebouwen intensiever gebruikt zullen worden door het gecombineerd inzetten van diensten. Wanneer daar geen extra poetspersoneel voor wordt voorzien, belanden de lasten opnieuw bij de huidige werknemers.

Tegelijkertijd houdt Stad Gent wel vast aan dure kwaliteitscontroles: jaarlijks gaat minstens 200.000 euro naar consultants die het werk van schoonmakers 'controleren'. Voor de werknemers voelen deze controles respectloos, stressvol en contraproductief aan. Schoonmaakbedrijven worden afgerekend op scores en boetes, waardoor de nadruk verschuift naar “goed scoren” in plaats van duurzaam schoonmaken. Voor het personeel betekent dit niet méér kwaliteit, maar wél meer druk. 

"Wij doen ons werk altijd goed, daar hebben we geen controles voor nodig"

“Wij poetsen in opdracht van Stad Gent. Ons werk wordt gecontroleerd door een externe firma. Deze controles zorgen voor veel stress. We staan onder druk om goed te scoren op de controles, want bij negatieve controles wordt er gedreigd met ontslag. Hierdoor gaan mensen over hun grens en gaan ze zich bezeren. Wij doen ons werk altijd goed, daar hebben we geen controles voor nodig. Deze controles zijn compleet zinloos”, vertelde een schoonmaker aan de medewerkers van de Belangenbond (een initiatief van SAAMO). 

De huidige besparingsronde roept dan ook veel vragen op. Waarom wordt er niet bespaard op de kwaliteitsconsultants? Wat gebeurt er met het poetspersoneel - dat nu al geen stadspersoneel meer is, maar uitbesteed wordt aan externe firma’s - wanneer gebouwen worden geclusterd of afgestoten?

Wordt er bijkomend personeel voorzien voor de hogere gebruiksintensiteit, of moeten de bestaande schoonmakers die last dragen? Wat met de medewerkers die de publieke toiletten schoonmaken, die binnenkort geprivatiseerd worden? En wat met de belofte van de bevoegde schepen om te onderzoeken of deze mensen opnieuw in dienst van de stad kunnen komen?

Opvallend is dat Stad Gent voor woonzorgcentra en lokale dienstencentra wél kiest voor publieke uitbating – een keuze die we toejuichen. Waarom geldt die logica dan niet voor het poetspersoneel in scholen en andere stedelijke gebouwen? Hun werk is onmisbaar, maar hun rechten en welzijn blijven structureel ondergeschikt. Het is tijd dat de stad haar belofte nakomt en écht werk maakt van de insourcing, waardering en bescherming van deze vrouwen.

Publieke ruimte: vrouwen betalen mee de prijs

De beslissing om de openbare toiletten betalend te maken door ze te privatiseren, leidde onmiddellijk tot breed protest. “Als je je verplaatsingen moet plannen rond het vinden van een toilet, dan is de openbare ruimte niet écht openbaar meer”, zegt woordvoerder Baharak Bashar van Plasactie. 

Tijdens de Gentse Feesten verzamelde deze actiegroep (met ondersteuning van ondere andere collectief 8 maars) al snel 2.200 handtekeningen tegen betalende toiletten. Op 24 november nemen ze het woord in de gemeenteraad om toe te lichten waarom toiletten openbaar en gratis moeten zijn. 

Voor vrouwen is het probleem nog groter: menstruatie, zwangerschap, de zorg voor kinderen of langere wachtrijen maken dat zij vaker een toilet nodig hebben. Betalende toiletten vormen dus een extra drempel voor hun aanwezigheid in de publieke ruimte.

Eerder voerde Collectief 8 maars campagne voor een standbeeld van Emilie Claeys. Adviezen voor een vrouwvriendelijke openbare ruimte benadrukken dat het zichtbaar maken van vrouwen – bijvoorbeeld via beelden of andere publieke kunst – bijdraagt aan het gevoel dat vrouwen er welkom zijn. Initiatieven zoals dit laten zien hoe de stad concrete stappen kan zetten om inclusiviteit in de openbare ruimte te bevorderen. 

Werkdruk, ongelijkheid en de prijs van besparen op publieke diensten

Wat het stadsbestuur “besparingen” noemt, zijn in werkelijkheid keuzes die ongelijkheid vergroten en de druk verhogen op wie het al moeilijk heeft. Door te snijden in zorgende diensten en basisvoorzieningen, worden net die mensen geraakt die het meest afhankelijk zijn van publieke zorg, betaalbare huisvesting en toegankelijke ondersteuning. 

Vrouwen worden daarbij extra hard getroffen. Wanneer openbare diensten wegvallen zijn het meestal zij die deze zorgtaken opvangen in gezinnen en gemeenschappen. Tegelijk werken vrouwen vaker in precaire jobs en hebben ze zelf nood aan die ondersteuning. Wie jobs precairder maakt, maakt het leven van mensen precairder.

Het is tijd dat Gent kiest voor sterke, publieke diensten, met degelijke statuten en voldoende middelen. Alleen zo kan de stad écht zorgen voor al haar inwoners en recht doen aan de mensen die elke dag het verschil maken.

 

De komende acties in Gent tegen deze onrechtvaardige besparingen zijn maandag 24 november om 18:30 uur aan het Stadhuis en op dinsdag 25 november om 12:15 uur onder de Stadshal. 

Matilde De Cooman is actief bij collectief 8 maars, een feministisch collectief waarin individuen, organisaties en vakbonden zich verenigen om van 8 maart, internationale vrouwendag, een strijdbare actiedag te maken. 

Afbeelding
https://www.dewereldmorgen.be/steun-ons
Steun ons | De Wereld Morgen

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?