Opinie

Overbevolkte gevangenissen in België: wanneer is het eindelijk genoeg?

Afbeelding
Beeld: Screenshot Pano 'Overbevolkt'
Beeld: Screenshot Pano 'Overbevolkt'
In de Pano-reportage 'Overbevolkt' zagen we weer dat onze gevangenissen overvol zitten. En opnieuw klinkt de boodschap: 'Dit kan zo niet verder'. Maar vervolgens doen we wat we al jaren doen. We gaan verder. Wanneer is genoeg nu eindelijk genoeg?

Als burger, als mens en vandaag ook als coördinator van vzw De Huizen probeer ik al mijn hele leven mijn verantwoordelijkheid op te nemen. Ik heb kansen gekregen. Ik heb kunnen vechten voor wat ik belangrijk vind. Ik heb mensen ontmoet die in mij geloofden en zelf mogen ervaren dat je dingen kunt veranderen als je er samen voor gaat. Misschien is dat wel waarom ik vandaag steeds vaker met dezelfde vraag zit: wat zijn we in godsnaam aan het doen?

Veroordeeld tot verlies van vrijheid, niet van waardigheid

Na de Belgische documentaire Achter de tralies van de tijd over de gevangenis van Merksplas, kregen we woensdag 14 oktober de Pano-reportage Overbevolkt over de gevangenis van Mechelen ingeslikt. Opnieuw zagen we wat we eigenlijk al jaren weten. Onze gevangenissen zitten overvol. Mensen leven in omstandigheden die we nooit zouden mogen aanvaarden. Personeelsleden proberen elke dag het onmogelijke mogelijk te maken.

Als ik een cipier op zijn werk tot tranen toe zie komen, dan vraag ik mij oprecht af waar we mee bezig zijn

En opnieuw klinkt dezelfde boodschap: dit kan zo niet verder. Maar vervolgens doen we wat we al jaren doen. We gaan verder. Nog wat extra plaatsen. Nog een tijdelijke maatregel. Nog een manier om het systeem overeind te houden. Maar wanneer is genoeg nu eindelijk genoeg?

Als ik een cipier op zijn werk tot tranen toe zie komen, dan vraag ik mij oprecht af waar we mee bezig zijn. Die mens is gewoon naar zijn werk vertrokken. Zoals jij en ik. Om zijn job te doen. Om iets te betekenen. En wij verwachten dat hij blijft functioneren in omstandigheden waarvan iedereen weet dat ze niet meer houdbaar zijn. Dat hij rust brengt in een omgeving die steeds onrustiger wordt. Dat hij veiligheid garandeert terwijl zijn eigen veiligheid onder druk staat.

En hetzelfde geldt voor de mensen die er opgesloten zitten. Ze zijn veroordeeld tot het verliezen van hun vrijheid. Niet tot het verliezen van hun menselijke waardigheid. We zien het. We weten het. We vinden het verschrikkelijk. En toch verandert er fundamenteel te weinig.

Misschien is dat nog wel het ergste. Niet alleen dat de omstandigheden zo slecht zijn, maar dat we eraan gewend raken. En het stopt niet bij onze gevangenissen.

Wegduwen

Kijk naar jongeren die het moeilijk hebben op school. Die grenzen overschrijden. Die zich misdragen. Natuurlijk moeten we grenzen stellen. Maar wanneer is ons antwoord geworden dat ze dan maar weg moeten? Weg uit de klas. Weg van school. Weg van de plek waar we hen net kansen zouden moeten geven.

Criminele netwerken hebben soms meer middelen om jongeren aan te trekken dan wij om hen perspectief te bieden

Sommigen belanden op straat, waar anderen klaarstaan om hen wél een plek te geven. Waar het snelle geld lonkt. Waar criminele netwerken soms meer middelen hebben om jongeren aan te trekken dan wij om hen perspectief te bieden.

En dan zijn we verbaasd dat het fout loopt. Dan gaan we strenger optreden. Harder straffen. Langer opsluiten. Maar wanneer zijn we beginnen geloven dat mensen wegduwen hetzelfde is als problemen oplossen?

We verlangen allemaal naar een rustigere samenleving. Naar veiligheid. Naar respect. Naar een plek waar onze kinderen kunnen opgroeien en waar mensen zichzelf kunnen zijn. Maar ondertussen bouwen we aan een samenleving waarin we steeds sneller lijken te beslissen dat sommige mensen er niet meer bij horen. Als je als samenleving duidelijk maakt dat je niet meer in iemand gelooft, hoe kun je dan verwachten dat die persoon nog in de samenleving gelooft?

Dat is geen pleidooi voor straffeloosheid. Wie anderen schade berokkent, moet verantwoordelijkheid opnemen. Slachtoffers verdienen erkenning en gerechtigheid. Maar straffen moet toch ook ergens toe dienen?

Putje van de maatschappij

In de Pano-reportage werd gesproken over de gevangenis als ‘het putje’ van de maatschappij. Een putje dat steeds groter wordt, want we blijven er mensen in duwen. Mensen die misdrijven hebben gepleegd, maar ook mensen die al veel langer met problemen kampen. Mensen met psychische kwetsbaarheden, met verslavingen, met een leven waarin kansen soms bijzonder schaars waren.

En wanneer het putje vol zit, maken we het groter. Nog meer cellen. Nog meer plaatsen. Nog meer muren. Maar waarom stellen we ons niet veel vaker de vraag waarom zoveel mensen in die put terechtkomen?

Ik weet dat dit geen eenvoudige vraag is. Ik werk elke dag rond detentie en weet hoe complex de werkelijkheid is. Er bestaan geen wonderoplossingen. Maar complexiteit mag toch geen excuus worden om niets fundamenteel te veranderen?

Met vzw De Huizen werken we al jaren aan een andere manier om naar detentie te kijken. Kleinschaliger en dichter bij de samenleving. Met ruimte om mensen verantwoordelijkheid te laten opnemen, aan herstel te werken en zich voor te bereiden op hun terugkeer.

We hebben niet alleen een gevangenisprobleem, maar een probleem met hoe we als samenleving omgaan met mensen die het moeilijk hebben

Niet omdat straffen niet nodig is. Wel omdat we geloven dat het anders kan én moet. Wat als we eindelijk de moed hebben om niet alleen te vragen hoeveel extra cellen we nodig hebben, maar ook op welke manier we kunnen zorgen dat mensen er niet opnieuw in terecht komen? 

We hebben niet alleen een gevangenisprobleem. We hebben een probleem met hoe we als samenleving omgaan met mensen die het moeilijk hebben, fouten maken of niet binnen onze verwachtingen passen.

We maken elkaars kop horendol. We blijven brandjes blussen. We verliezen ongelooflijk veel tijd, geld, energie en menselijk potentieel aan het beheersen van problemen die we veel eerder of misschien vooral anders hadden kunnen aanpakken. En we blijven maar roepen dat het zo niet verder kan. Wel, dan moeten we misschien eindelijk stoppen met gewoon verder te doen. 

Ik schrijf dit niet omdat ik alle antwoorden heb. Ik schrijf dit als iemand die gelooft dat je verantwoordelijkheid moet opnemen. Dat mensen kansen verdienen, maar die ook moeten grijpen. En dat we samen iets kunnen veranderen. Dat geloof wil ik niet kwijt. Maar ik wil ook niet aanvaarden dat we de tranen van een cipier, de wanhoop van een gedetineerde of het verloren lopen van een jongere stilaan als de normale gang van zaken beschouwen.

Er komt een moment waarop blijven doorgaan geen teken van doorzettingsvermogen meer is. Waarop doorgaan betekent dat je weigert te erkennen dat het anders moet. Voor mij is dat moment aangebroken. We hoeven niet morgen alle antwoorden te hebben. Maar we moeten wel andere vragen durven stellen.

Want misschien begint een betere samenleving niet bij het bouwen van nog hogere muren. Misschien begint ze bij de vraag waarom we zoveel mensen achter die muren laten terechtkomen.

 

Marlies Gailliaert is coördinator vzw De Huizen en bezorgde burger

Afbeelding
Steunoproep - rand
Steun hier

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?