Recensie

'Dignity': een waarheidscommissie over de koloniale wortels van de EU-migratiedeal met Tunesië

Afbeelding
Mpho Tutu van Furth (rechts), dochter van de legendarische aartsbisschop Desmond Tutu die de Zuid-Afrikaanse Waarheidscommissies leidde (c) August Van de Gracht / TAZ
Mpho Tutu van Furth (rechts), dochter van de legendarische aartsbisschop Desmond Tutu die de Zuid-Afrikaanse Waarheidscommissies leidde (c) August Van de Gracht / TAZ
Begin oktober herneemt Gents gezelschap Action Zoo Humain in Brussel zijn monumentale voorstelling 'Dignity'. Daarin laat Desmond Tutu's dochter de vele partijen aan het woord over onze koloniale geschiedenis en migratiedeal met Tunesië. Een en ander loopt behoorlijk uit de hand.

‘Dignity’ van Action Zoo Humain is een belangwekkende voorstelling. Niet omdat ze helemaal slaagt in haar ambitieuze opzet. Wel omdat ze een heldhaftige poging doet om alle kanten van de discussie over migratie en (neo-)kolonialisme het woord te geven. Dat gebeurt in een debat dat, als in een waarheidscommissie naar Zuid-Afrikaans model, de waardigheid van elke partij recht wil doen zonder de feiten te verdraaien. Een krankzinnig moeilijke oefening, waarin je als toeschouwer steeds opnieuw positie moet kiezen telkens een partij haar argumenten presenteert. 

Deze zomer ging de voorstelling in regie van Chokri Ben Chikha in première in Oostende, tijdens Theater Aan Zee. Van 1 tot 3 oktober speelt ze opnieuw in Brussel, in House of Compassion. Wie daar wil gaan kijken en liever verrast wordt, leest deze uitgebreide bespreking van de Oostendse versie beter achteraf...

Snijdend betoog

Door de koloniale stempel die Leopold II op Oostende drukte, is de gemeenteraadszaal van de stad geen onschuldige plek. Toch gaat het in ‘Dignity’ niet over de plundering van Congo. De zaal is vandaag de plek van een waarheidscommissie over de ware toedracht van de dood van een Tunesisch jongetje, Habib Hammami, dat in 1913 verdronk in de zee in Oostende.

Hij kwam in België terecht als typisch exemplaar van ‘het’ Tunesische kind in ‘het’ Tunesische dorp op de wereldexpo in Gent in 1913. Vandaag lijkt het haast onbevattelijk dat ook maar iemand geloofde dat die zoo humain een waarachtig beeld zou bieden van de Tunesische cultuur, maar toen nam men dat blijkbaar grif aan.

Afbeelding
Dignity (c) August Van de Gracht / TAZ

Voor Habib was het een traumatische ervaring: hij werd tegen de zin van zijn familie afgevoerd naar België en kwam bij een uitstap naar zee aan zijn einde. Dat is geen fictie: een overlijdensattest bewijst het. Dat Hajer Hammami, een ver familielid, zijn graf opspoorde met hulp van de Tunesische ambassade is daarentegen wellicht wel documentaire-fictie, hoe aannemelijk het ook klinkt. Het is het vertrekpunt van ‘Dignity’: het kind moet een waardig graf krijgen. In het midden van de ruimte staat een doodskist met zijn stoffelijke resten. Wat moet ermee gebeuren? 

Juryvoorzitter is de onverstoorbaar waardige Mpho Tutu van Furth, de dochter van de legendarische Zuid-Afrikaanse aartsbisschop Desmond Tutu.

Zouzou Ben Chikha, broer van regisseur Chokri en lid van Tunisian Roots International, dat de Tunesische diaspora in België en wereldwijd samenbrengt, speelt de MC van de vergadering. Die verloopt, met simultaanvertaling, in drie talen tegelijk. Achter hem zit een indrukwekkend panel. Juryvoorzitter is de onverstoorbaar waardige Mpho Tutu van Furth, de dochter van de legendarische aartsbisschop Desmond Tutu die de Zuid-Afrikaanse Waarheidscommissies leidde.

Links van haar zitten Franky Decoene (Frank Verdru) van het sociaal immokantoor Decoene en Jasmien de Lannoy, alter ego van Yasmine Akrimi, migratie onderzoekster aan de UGent. Rechts van haar zetelen Sonia Chrissi (een rol van Nedia Belhaj), een Franse politicologe die werkt voor de Europese Commissie en Rachida Selmi (een rol van Nadia Tilch), medewerkster van de Tunesische ambassade. Het is een duidelijke verdeling: middenveld vs. politiek. Het is ook meteen duidelijk dat de rechterzijde, met name Selmi, er niet van gediend is dat ze hier niet eerst het hoge woord mag voeren.

Snijdend betoog

Voor de commissie verschijnen Hajer Hammami (Hajer Zaidi), danseres, en Oumaima Hammami (Oumaima Ben Amar), haar nicht die geneeskunde én klassieke zang, met name Purcell, studeert. Ze leggen hun zaak voor: eerherstel voor hun verre familielid Habib, de jongen in de doodskist vóór hen. Daarna krijgt Chokri Ben Chikha het woord als expert. Hij deed in het kader van zijn doctoraat in de kunsten onderzoek naar de menselijke zoo's. “De zoo humain was geen randverschijnsel van de koloniale moderniteit, maar een methode om een visie van lichamen, religies, geslachten en volkeren volgens een Europese hiërarchie voor te schotelen en op te leggen”.

Twee vliegen in één klap: de Arabier als vijand framen en zo van de kolonisatie een menslievend project maken.

Zijn betoog gaat verder als een snijdende filippica tegen de schijnheiligheid van het Belgische koloniale vertoog dat de kolonisatie van Congo voorstelde als een beschavingsmissie om de zwarte bevolking te bevrijden van het juk van “de slavendrijvende Arabier”. Twee vliegen in één klap: de Arabier als vijand framen en zo van de kolonisatie een menslievend project maken. Die stellingen botsen meteen op weerstand bij Chrissi en Selmi. De ene omdat ze meent dat de mensenzoo ook als een vorm van culturele uitwisseling gezien kan worden (een nepargument, toont Ben Chikha aan), de andere omdat ze het woord ‘Arabier’ te vaag vindt en niet wil dat haar land ermee bezwadderd wordt.

Het is onmogelijk om die spannende woordenstrijd, ondersteund door vele historische documenten, hier in al zijn precisie weer te geven. In zekere zin speelt die zich echter nog steeds op ‘veilig terrein’ af. De historische feiten die Ben Chikha presenteert, zijn immers in ruime kring bekend en zijn argumenten zijn stevig onderbouwd.

Hedendaagse pijnpunten

Na het betoog van Ben Chikha krijgt de voorstelling al snel een heel andere wending. In een steeds chaotischer gesprek komen ook hedendaagse pijnpunten op tafel. Niemand blijkt nu nog ‘zonder belangen’ te zijn, noch in het panel van de onderzoekscommissie – op voorzitter Tutu van Furth na – noch onder de getuigen. Die belangen zijn bovendien zo tegenstrijdig dat een waardig besluit steeds onmogelijker lijkt.

Hajer Hammami heeft bijvoorbeeld nog andere eitjes te pellen, zowel met de Tunesische overheid als met de Belgische. Als danseres kwam ze in pijnlijke situaties terecht, als rechtstreeks gevolg van de beeldvorming die al vanaf de koloniale tijd ontstond rond Arabische vrouwen. Zij niet alleen trouwens, want ook haar oudtante, een verzetsstrijdster, belandde als danseres min of meer in gedwongen prostitutie. Als er geopperd wordt dat die oudtante Sassia dan misschien ook een monument verdient, barst Selmi woedend uit dat hoeren vereren een aanfluiting is van de waardigheid van haar land.

Tutu laat het aan de zaal over om te stemmen over drie adviezen aan de Belgische en Tunesische regering.

Die giftige discussie – en ook hier: je moet het meemaken om de listen en drogredenen in het debat ten volle te begrijpen – leidt tot een nog giftiger discussie over herstelbetalingen. Daar zet Chrissi, als vertegenwoordiger van de EU, zich tegen schrap. “We hebben al genoeg geholpen.” Ze merkt op dat het ene symbool door het andere vervangen geen oplossing is. Het zal eerder tot polarisatie leiden. Waarop de Lannoy opmerkt dat polarisatie enkel ontstaat “when perpetrators are honored with statues while victims remain mere footnotes”. 

Voorzitter Tutu besluit de sessie op te heffen voor beraad. Het panel bereikt echter geen consensus, zodat Tutu het aan de zaal overlaat om te stemmen over drie adviezen aan de Belgische en Tunesische regering, gebaseerd op de voorgaande debatten en lezingen. Het zijn best uitdagende stellingen:

  1. België en de Europese instellingen moeten financiële tegemoetkoming voorzien voor individuen en families die uitgebuit werden tijdens koloniale tentoonstellingen die bekend staan als zoo humain.
  2. Alle Belgische koloniale monumenten moeten overgebracht worden naar een park in Oostende en er voorzien worden van een historische context die de tentoongestelde mensen een stem geeft. Habib Hammami in het bijzonder kan herdacht worden met naam en leeftijd al een kind dat naar België gedeporteerd werd als tentoonstellingsobject en uit het publieke geheugen verdween na zijn dood.
  3. Moet het koloniale standbeeld van Leopold II op de dijk van Oostende vervangen worden door een standbeeld dat Sassia Hammami eert als symbool van alle Afrikaanse vrouwen die geobjectiveerd, geëxploiteerd, vernederd en vergeten werden door Europa?

In de voorstelling die ik meemaak in Oostende, krijgen deze adviezen ruime bijval, maar zeker geen verpletterende meerderheid. De derde stelling maakt Selmi zelfs razend.

Ontspanning/ontsporing

Zouzou Ben Chikha probeert tijdens die pauze de gemoederen te bedaren met een moment van ontspanning, en nodigt daartoe danser Moussa N’Diaye (als zichzelf) uit om zijn kunsten te tonen. De voorstelling wordt hier ironisch, op het sarcastische af. Op een mash-up van Purcell en hevige beats werkt de danser zich in het zweet als het cliché van hoe Westerlingen zich een Afrikaanse danser voorstellen. 

De voorstelling drijft de ironie ten top als een lid van het publiek, ene Tom Vandekerckhove (Toon Acke), de lof van de danser zingt in termen die verdacht goed lijken op de manier waarop het publiek ooit naar de zoo humain keek. Van dan af kan je er niet meer omheen: de blik van de toeschouwer (die misschien iets gelijkaardigs dacht) staat hier mee ter discussie.

Afbeelding
Dignity (c) August Van de Gracht / TAZ

Dat is zeker zo als het dispuut na de stemming volop kantelt naar de vraag hoe Europa omgaat met racisme en migratie, met een gastoptreden (een video van een tv-toespraak) van Bart De Wever. Het gaat, juister gezegd: over de vraag of het ethisch en maatschappelijk te verantwoorden is dat Europa de grenscontroles ‘uitbesteedt’ aan Tunesië in ruil voor ontwikkelingshulp en welke criteria gelden bij al dan aanvaarden van asielzoekers. Selmi verlaat woedend de vergadering. Het punt is al snel dat ‘uitheemsen’ vroeger tentoongesteld werden, maar vandaag zoveel mogelijk aan het gezicht onttrokken moeten worden met onmenselijke maatregelen.

Triest hoogtepunt is een toespraak van Tom Vandekerckhove, die zijn ergernis spuwt over hoe ‘witte mannen’ als hij tegenwoordig altijd weer in het verdomhoekje belanden. 

De discussie wordt explosief als N’Diaye zegt dat Europese visserijbedrijven hem van zijn middelen van bestaan beroofden zodat hij niet anders kon dan naar Europa te migreren. Waar hij botst op de ‘filantroop’ Decoene, die van de huisvesting van mensen als hem, zonder middelen en zonder papieren, een verdienmodel maakte. Er vallen nog meer maskers. Chrissi, de pleitbezorger van de migratiedeal tussen de EU en Tunesië, blijkt bijvoorbeeld zelf een halfbroer te hebben die waarschijnlijk verdronk bij een overtocht van de Middellandse Zee, maar blijft de deal verdedigen als weg van het minste kwaad.

Triest hoogtepunt is een toespraak van Tom Vandekerckhove, die spreekt voor zijn overwerkte, Belgisch-Congolese vriendin, de actrice Amélie. Hij spuwt zijn ergernis over de manier waarop ‘witte mannen’ als hij tegenwoordig altijd weer in het verdomhoekje belanden. Als slachtoffer van de aanslag in metrostation Maalbeek in 2016 voelt hij zich genegeerd, als Belg vreest hij dat de samenleving in de problemen komt door de instroom van migranten die hij impliciet identificeert met de plegers van de aanslag. “Elke migrant wordt een heilige. Elke blanke wordt een schuldige. Dat is wat ons land kapot maakt. Jullie zijn hier gekomen om een morele mis bij te wonen. Niet voor een waarheidscommissie.”

Ongemak als een donkere wolk

Ongemak hangt op dat moment als een donkere wolk boven de oververhitte zaal. Het neemt nog toe als Vandekerckhove het publiek vraagt wie zal opdraaien voor de kosten van al die migranten en zelfs de voorzitter op de hak neemt over het tomeloze geweld in Zuid-Afrika vandaag. Het is bijna duivels hoe ‘Dignity’ hier pookt in simplistische ideeën over cultureel onbehagen en ‘onze’ bedreigde welvaart.

Afbeelding
Dignity (c) August Van de Gracht / TAZ

De voorzitter ontmijnt de situatie op de valreep. “U kijkt naar het falen van de politiek, het falen van Europa, en geeft de schuld van dat falen aan de migrant. Ik beweer niet dat migranten altijd gelijk hebben, ik beweer enkel dat migranten ook rechten hebben. Iedereen zou beschermd moeten worden door de verklaring van de Rechten van de Mens. Een samenleving gaat maar ten onder als ze gelooft dat het de rechten van de enen kan beschermen door de rechten van de anderen op te heffen en als degenen die beter weten verkiezen er het zwijgen toe te doen omdat spreken te ongemakkelijk wordt. Deze zitting is gesloten.” 

Daarop wordt de kist van de jonge Habib waar het allemaal om begon naar buiten gedragen op de plechtige tonen van Purcell, gezongen door Oumaima.

Dit einde laat me als kijker beduusd achter. Er is op nauwelijks twee uur tijd zoveel drama en zoveel documentair materiaal op me losgelaten dat ik bijna wanhopig probeer te bedenken hoe je je daartoe kan verhouden. Het is de chaos van slogans, halve waarheden en hele leugens die de wereld vandaag teisteren op één hoop, recht in je gezicht. Even recht in je gezicht: de verhalen van onnoemelijke en onbenoemde miserie die op de achtergrond – op sensationele beelden na – spelen. Wat blijft hangen, is het inzicht dat je hoe dan ook betrokken partij bent in wat hier geëvoceerd werd. Dat je niet zomaar toeschouwer kan zijn.

Feit en fictie

Die strategie heeft een keerzijde. Niet alleen raakt de voorstelling veel thema’s aan (verwante thema’s weliswaar), ze brengt die te berde in een soort rechtbankdrama. Onverwachte onthullingen en persoonlijke feiten drijven daarin de plot voort en houden zo de aandacht vast. Doordat de personages in het verhaal bovendien zeer dicht aansluiten bij de acteurs die ze spelen, en er in het geval van Tutu, N’Diaye, de beide broers Ben Chikha en eigenlijk ook Jasmien de Lannoy / Yasmine Akrimi zelfs quasi volledig mee samenvallen, maakt de fictie nog prangender want levensechter.

Afbeelding
Dignity (c) August Van de Gracht / TAZ

Elke plotwending dient echter vooral om een nieuw sub-thema of argument aan de orde stellen. De makelaar met zijn West-Vlaamse no-nonsense redelijkheid is een goed voorbeeld. Hij blijkt minder een weldoener dan een huisjesmelker en misschien zelfs een halve souteneur. Het zet de zelfgenoegzame menslievendheid van het Westen in een schril daglicht. Die subtiele ideologische démasqué verlies je echter gemakkelijk uit het oog in de wervelwind aan ‘spannende’ gebeurtenissen. 

Een ander voorbeeld is het dubbelverhaal van oudtante Sassia en Hajer Hammimi die als danser beiden in de hoek van de prostitutie geduwd werden. Het komt als een donderslag bij heldere hemel, en klinkt nogal onwaarschijnlijk. Het dient duidelijk om de problematiek van de Arabische vrouw in de koloniale constructie te verduidelijken, maar staat in dramaturgisch opzicht op gespannen voet met de manier waarop het stuk Hajer aanvankelijk voorstelt.

De fictie loopt de wake-up call die het stuk wil zijn, soms voor de voeten. Een stikhete zaal helpt dan niet.

Anders gezegd: de fictie loopt de wake-up call die het stuk wil zijn, soms voor de voeten. Een stikhete zaal helpt dan niet. Het werd me soms gewoon te veel. Met een gevoel van moedeloosheid op de koop toe: wat kan ik hieraan doen? Ook al moet ik toegeven dat ik af en toe moest slikken als ik een of ander personage iets hoorde beweren wat ik ook wel eens dacht in een onbewaakt moment. Plaatsvervangende schaamte ervoer ik volop bij een ronduit cynische instructiefilm van de EU (“Hoe keer je als kind gelukkig terug naar je land van herkomst”). 

Het stuk bereikt dus geregeld wél zijn doel, maar zou dat wellicht nog veel meer doen door de debatten scherper te stellen, meer tijd te geven en minder bij te kruiden met fictie. Maar belangwekkend is deze voorstelling zeker.

 

'Dignity' van Action Zoo Humain speelt van 1 tot 3 oktober in House of Compassion in Brussel. Hier vind je meer info en alle speeldata van de voorstelling. 

 

Deze recensie past in een vaste samenwerking tussen DeWereldMorgen en recensiewebsite pzazz. Op geregelde basis recenseert één van de 20 critici uit het schrijverscollectief van pzazz een voorstelling met een maatschappelijke inslag. 

Wil je ook andere theaterrecensies lezen? Check www.pzazz.theater.

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?