VS in Venezuela op pad om heel Latijns-Amerika terug te koloniseren
Alle westerse media zijn het er over eens. Dit is niet zomaar een historische oliedeal zoals VS-president Trump dat op zijn bekend vulgaire manier zegt. Het is echter een vergissing te denken dat Trump nu iets doet dat ongezien is in de naoorlogse geschiedenis van de VS.
En of die deal inderdaad het beweerde resultaat zal bereiken, is nog zeer twijfelachtig. Voor de gewone Venezolaan is het een ramp. Zij zullen als eersten de gevolgen voelen in nog verdere verarming en afbraak van de sociale programma’s, die door dertien jaar economische sancties al zwaar aangetast waren.
Of de beloofde nieuwe winsten er zullen komen, valt nog te bezien (zie verder). Het enige zekere is dat ze in geen geval naar de Venezolanen zullen gaan. Een en ander wordt becommentarieerd als een gevolg van het agressieve beleid van president Trump. Die heeft echter slechts een versnelling ingezet van een buitenlands beleid dat al 27 jaar heel consequent hetzelfde is en in feite logisch aansluit met het beleid van de VS tegenover Latijns-Amerika sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog.
Democraten en Republikeinen, één mening
Trump zegt het allemaal wat platter. In feite is hij veel eerlijker over dat beleid dan zijn voorgangers. Democraten Clinton, Obama en Biden en Republikein George W. Bush hebben nooit openlijk gezegd dat het alleen maar om de controle over ‘onze’ aardolie gaat. Zij hadden het steeds weer over 'mensenrechten' en 'democratie'. Trump noemt de dingen bij hun echte naam. Dat hebben de traditionele elites in de VS – Democraten én Republikeinen – niet zo graag, maar ten gronde zijn ze het wel eens met zijn beleid én met deze oliedeal. Een eventuele Democratische opvolger van Trump zal dit akkoord in geen geval intrekken.
Alle VS-presidenten sinds 1999, het jaar dat Hugo Chávez democratisch verkozen werd tot president van Venezuela, hebben immers hetzelfde beleid gevoerd. Een land in hun achtertuin dat zijn economie zelf in handen neemt en niet langer in handen laat van buitenlandse multinationals – vooral maar zeker niet alleen zijn dat VS-bedrijven – is nog steeds onaanvaardbaar.
Democratisch president Bill Clinton (1993-2001) deed nog niet veel. Het was nog onzeker of die rare demagoog het echt meende met zijn uitspraken over de toekomst van Venezuela. Het is echter wel onder Clintons presidentschap dat de CIA begon te werken aan plannen voor een staatsgreep. Die staatsgreep kwam er op 11 april 2002 tijdens het presidentschap van Republikein George W. Bush (2001-2009), maar mislukte al na twee dagen. Zijn ambassade had zich zwaar misrekend over de massale steun die Chávez kreeg van zijn kiezers.
Het gevolg van die mislukte staatsgreep was het omgekeerde van wat de VS ermee wou bekomen. Chávez versnelde de overname van de petroleumsector en zijn sociale programma’s werden nog meer gefinancierd met de winsten uit de aardolie. De aandeelhouders van de grote petroleumgiganten waren daar niet bepaald tevreden mee.
Sancties begonnen onder Democraat Obama
Na Bush junior kwam Democratisch president Barack Obama (2009-2017). Hij was de eerste om zware economische sancties te treffen tegen Venezuela, wegens ‘zware schendingen van de mensenrechten’ en omdat Venezuela ‘een gevaar voor de nationale veiligheid van de VS’ zou zijn. Het kleinste kind met een zelfstandig functionerend brein weet dat dit laatste argument klinkklare onzin is, maar gelukkig waren er de mainstream commentatoren om die bewering zonder kritische commentaar over te nemen.
De bewering dat Chávez en na hem Nicolas Maduro betrokken zou zijn bij drugshandel werd toen nog niet ingezet. Vooral tegen Chávez was dat ondoenbaar. Chávez was immers een grote tegenstander van de drugshandel, die hij als een middel zag om de arme bevolking te marginaliseren.
Na Obama kwam Trumps eerste presidentiële termijn (2017-2021). Hij verstrengde de bestaande sancties van Obama en voegde er de beweerde betrokkenheid van Maduro in de drugshandel bij. Dat Venezuela nauwelijks iets voorstelt in de drugshandel met de VS tegenover buurland Colombia was daarbij irrelevant. Na Trumps eerste termijn zette Democratisch president Joe Biden de sancties van zijn voorgangers onverminderd verder. Trump doet daar nu in zijn tweede termijn nog een flinke schep bovenop.
Drugshandel? Maduro voerde alle uitleveringsverzoeken van de VS tegen drugsmaffiosi in zijn land uit – dat waren overigens grotendeels Colombianen actief in de drugstransit uit Colombia door Venezuela. Het gerecht in New York heeft ondertussen de beschuldiging van drugshandel tegen ontvoerde president Maduro laten varen. Er zijn immers enkel bewijzen van het tegendeel.
Maduro dictator, vice-president Rodriguez niet?
Volgens Republikeins senator Ted Cruz is het niet meer dan normaal dat Maduro werd afgezet, omdat hij door electorale fraude aan de macht zou zijn gebleven. Dat dit ook geldt voor gelijk met hem verkozen vicepresident Delcy Rodriguez stoort blijkbaar niet om met haar samen te werken. Er moeten volgens Cruz snel nieuwe presidentsverkiezingen komen. Of Rodriguez daar zelf aan mag deelnemen zegt hij niet.
De regering van Trump wil politieke stabiliteit om de vlotte uitvoering van de oliedeal te garanderen. Daarom kiest Trump voor samenwerking met de huidige machthebbers in Caracas. Het zogenaamde boegbeeld van de democratische oppositie Maria Corina Machado heeft Trump zonder aarzeling als een baksteen laten vallen. Zijn experten hebben hem duidelijk gemaakt dat zij nog minder populair is dan Maduro en Rodriguez.
In hoeverre Rodriguez als plaatsvervangend president werkt onder bedreiging dat haar in geval van verzet tegen de VS hetzelfde lot wacht als Maduro is niet bekend. Het zou kunnen dat zij echt gelooft dat samenwerking met de VS het beste is wat ze kan doen. Waarschijnlijk zijn beide stellingen tegelijk waar.
Zij doet in ieder geval haar best om de oliedeal goed te praten en bedankte de VS voor de "goede samenwerking". Zij benadrukte echter ook dat dit akkoord geen afbreuk doet aan de soevereiniteit van Venezuela. Dat laatste kan als lege retoriek worden weggezet. De deal is immers duidelijk genoeg.
Venezuela staat rechten en inkomsten uit de exploitatie van aardolie af aan de VS. Het gaat nu nog maar over één vijfde van de totale productiecapaciteit, maar het is de kracht van dit precedent dat doorweegt. Dit kan alleen maar tot verdere uitbreiding leiden.
Volgens commentatoren zou de deal honderd jaar VS-eigendom over de aardolie in Venezuela garanderen. Officieel is de deal maar voor 25 jaar. Het is nog onduidelijk welke procedures voorzien zijn voor verlenging na die periode. Alles zal afhangen van de politieke machtsverhoudingen binnen 25 jaar, wat vandaag totaal onvoorspelbaar is.
Venezuela zou zich terugtrekken uit de OPEC (Organisation of Petroleum Exporting Countries) die de meeste olieproducerende landen verenigt. OPEC wordt meestal gezien als een organisatie van het Midden-Oosten. Daarbij wordt vergeten dat Venezuela in 1960 een van de vijf stichtende leden was (naast Iran, Irak, Koeweit en Saoedi-Arabië).
President Chávez maakte in 2002 van de herwaardering van OPEC een speerpunt van zijn beleid. Het staat nog niet in deze oliedeal, maar Venezuela zou de OPEC nu verlaten en lid worden van een nieuwe organisatie NASAPEC (North American South American Petroleum Exporting Countries).
Onzekere winsten
De bedrijven die van deze oliedeal kunnen profiteren wordt enorme winsten voorgespiegeld. Het is echter de vraag of dat inderdaad zal bewaarheid worden. Venezuela heeft weliswaar de grootste olievoorraden ter wereld, maar dat is niet zomaar een troef. In tegenstelling tot de lichte vloeibare aardolie die in het Midden-Oosten wordt opgepompt gaat het in Venezuela over zeer stroperige teerolie, waar bovendien meer vervuilende stoffen als zwavel en nikkel in zitten.
Alleen al het oppompen is duurder en complexer. Die olie vervolgens omzetten naar diesel of benzine in de tank is eveneens duur en complex. Dat is ook de reden waarom Venezuela met al zijn aardoliereserves toch altijd goedkopere benzine en diesel bleef invoeren uit andere landen. De ruwe aardolie van Venezuela vraagt veel duurdere raffinaderijen om het te verwerken tot zware diesel (voor schepen), kerosine, asfalt, roofing, zware smeerolie en dergelijke.
De exploitatie van deze vettige aardolie is alleen ‘rendabel’ als de wereldprijzen voor aardolie zeer hoog zijn. Zodra die prijzen zakken wordt de exploitatie van Venezolaanse aardolie te duur. Dat weten de aangesproken bedrijven ook. Nieuwe olievelden uitbaten vergt jaren investeringen in dure installaties. De bestaande reeds geëxploiteerde velden lijden door de economische sancties al jaren onder gebrek aan onderhoud en moeten eveneens bijna helemaal opnieuw worden geïnstalleerd.
Sociaal verzet is 'politieke instabiliteit'
Bovendien willen al die bedrijven politieke stabiliteit, wat in Latijns-Amerika in het algemeen en Venezuela in het bijzonder zeer onzeker blijft, ook nu de regering in Caracas zo volgzaam is. Van 1999 tot 2011-2012 heeft de arme bevolking van Venezuela de positieve invloed gevoeld van de sociale programma’s die met oliewinsten werden gefinancierd. Daarna zijn die sociale rechten terug geleidelijk ondergraven door de sancties van Obama, Trump, Biden en nu opnieuw Trump.
Het maakt dat in Venezuela het politiek bewustzijn onder de arme bevolking sinds 1999 enorm is toegenomen. 24 jaar geleden heeft die bevolking nog een staatsgreep van de VS overwonnen. In hoeverre Delcy Rodriguez deze deal kan verkopen aan haar achterban moet dus nog blijken.
Er staat heel wat kritiek te lezen in de media over de invloed van Venezolaans zakenman Alejandro Betancourt. Hij wordt met zijn bedrijf North American Blue Energy Partners (NABEP) de grootste oligarch van Venezuela. De man heeft een reputatie van corruptie en fraude rond zich hangen. Dat belette de VS niet om hem als middle man in te zetten om deze deal door te drukken.
Daarenboven kiest het leger van de VS hem als partner boven andere VS-bedrijven met een beloofd aandeel van 35 procent in NABEP. Ook Europese en Canadese bedrijven kunnen deelnemen aan de deal.
Wat bijna nergens wordt opgemerkt is dat Betancourt zijn macht kon opbouwen onder de presidentschappen van Hugo Chávez en Nicolás Maduro. Hij was amper 20 in 1999 toen Chávez president werd. Hij werd rijk door economische deals met de nieuwe president. Het leidende discours in de Westerse media was nochtans altijd dat beide presidenten marxistische dictators waren.
In werkelijkheid heeft de economische elite van Venezuela nauwelijks iets ingeleverd van zijn rijkdommen onder beide presidenten. Het enige dat ze kwijtspeelde was politieke macht en een deel van hun exorbitante winsten. Die winsten verkleinden enigszins, maar ze bleven nog steeds dat: winsten.
Cuba blijft zich verzetten
Een van de grote buitenlandse slachtoffers van deze gang van zaken is Cuba. Onder Chávez en de eerste jaren ook onder Maduro kon Cuba nog goedkope aardolie en aardgas aankopen uit Venezuela. Dat is nu definitief voorbij. Cuba heeft nu enkel nog de eigen aardolie, die minder dan één derde van de behoeften van het eiland dekt.
Ondanks de veel zwaardere sancties buigt Cuba echter niet. Cubaans president Miguel Diaz-Canel blijft kiezen voor verzet. De situatie is niet helemaal vergelijkbaar, maar desalniettemin is het verschil met de houding van de Venezolaanse regering frappant.
Trump en zijn vicepresident Vance stellen dat de burgers in hun land snel het verschil gaan voelen aan de pomp. Zij hopen op gunstige wendingen tegen de tussentijdse verkiezingen van oktober 2026. Dat zal dan vooral van beloften en retoriek moeten komen. Het is immers onmogelijk dat deze deal tegen dan al enig voordeel zou genereren.
Trump heeft met dit akkoord wel een belangrijke symbolische overwinning geboekt. De strategische oliereserves van de VS nemen met deze overname terug aanzienlijk toe, wat de VS toelaat meer gewicht in de schaal te leggen op wereldvlak. De bestaande reserves waren door de oorlog met Iran fel verminderd. Het gaat hier echter om reserves, niet om direct bruikbare producten uit aardolie.
Wat nu in Venezuela gebeurt staat heel Latijns-Amerika te wachten. In Colombia, Peru, Ecuador, Chili, Argentinië, El Salvador, Honduras zijn al uitgesproken rechtse presidenten aan de macht die openlijk de kant van de VS kiezen. In Brazilië gaat in oktober 2026 de strijd tussen Lula en rechtse uitdager Flavio Bolsonaro, zoon van Javier Bolsonaro.
Hoe tragisch dit alles is voor de gewone Latijns-Amerikanen, deze agressieve herkolonisering door de VS wijst toch ook op de toenemende verzwakking van de VS. Twee ogenschijnlijk contradictorische zaken kunnen tegelijkertijd waar zijn: de overmacht van de VS over de wereldneemt af én de suprematie van de VS over Latijns-Amerika neemt terug toe.
Veel zal ook afhangen van hoe de militaire nederlaag tegen Iran verder zal verlopen en van de uitslag van de tussentijdse verkiezingen in de VS zelf. Niet dat Democraten voor een ander beleid zouden staan. Een slechte uitslag voor de Republikeinen kan een verharding van dit beleid veroorzaken.
De toekomst van Venezuela is onzeker. Dat de bevolking dit nog kan keren – zeker op korte termijn – lijkt uitgesloten.
Bronnen:
Faridiroma.it, diarioversionfinal.com, monitoreamos.com, venezuelanalysis.com, pressenza.com