Recensie

'Bel me als je daar bent': een boek dat de grenzen van Europa ontmaskert

Afbeelding
Beeld: EPO Uitgeverij
Beeld: EPO Uitgeverij
Wat als de grens van Europa niet alleen een lijn op de kaart is, maar ook een systeem dat mensenlevens tekent? In 'Bel me als je daar bent' reist migratie-expert Flor Didden langs de buitengrenzen van Europa en toont hij wat vaak schuilgaat achter beleidstaal, met schrijnende én hoopvolle verhalen.

Ooit al gehoord van ‘the life jacket graveyard?’ Neen? Zoek het op. Maar wees gewaarschuwd. Het beeld is niet fraai. En dat geldt voor veel beelden die Flor Didden schetst in dit boek. Zo belooft Linde Merckpoel, radiopresentatrice en verzorgster van Diddens voorwoord, me een boek dat noch wijst, noch roept, maar enkel laat zien. 

En niets is minder waar. Het beeld van het kerkhof van reddingsvesten op Lesbos blijft hangen, niet alleen omdat het confronterend is, maar omdat het precies blootlegt waar dit boek over gaat: de grens is niet langer een abstractie. Ze is een plek waar “hoop en wanhoop elkaar dagelijks kruisen”, aldus Merckpoel.

‘Migratie is een feit van het leven, het is eigenlijk even oud als het menselijk leven zelf'

Zo neemt Didden me de volle 233 pagina’s mee op een tijdreis die start in 2015, “het begin van een crisis die de Unie op haar fundamenten doet trillen”. Samen reizen we van Griekenland naar Tunesië en Libië, en van de Middellandse Zee naar Polen. Laat het ook net dit tienjarig, weinig te vieren, jubileum zijn dat de aanleiding vormt voor deze compacte reis langs Europa en zijn grenzen. De centrale vraag die boven het boek hangt, wordt al vroeg gesteld: ‘Hoeveel wreder kan dit nog worden?’ 

Migratie is normaal, ons beleid niet

Al snel in de inleiding van zijn boek toont Didden ons waar zijn boek op neer komt: migratie is normaal, ons beleid niet. Het doet me meteen denken aan de woorden van Antonio Guterres, voormalig Hoge Commissaris voor de Vluchtelingen, die ik zelf ooit neerschreef in mijn dissertatie: ‘Migratie is een feit van het leven, het is eigenlijk even oud als het menselijk leven zelf.’

Zo stelt ook Wali, Diddens eerste personage, en een vrijwilliger die ’s nachts mensen op de vlucht helpt in Brussel, hetzelfde als Guterres. Zelfde boodschap, andere boodschapper. De één een helpende burger, de ander een beleidsmaker. 

Het drama zit niet in migratie zelf, maar in de manier waarop staten en instellingen ermee omgaan

Dit toont meteen aan wat Didden de lezer doorheen zijn hele boek probeert duidelijk te maken: elk mens wordt goed geboren, maar door context en positie gevormd tot dragers van een totaal ander wereldbeeld. De gedachte daarachter is helder: er is dus ruimte voor verandering. Het drama zit niet in migratie zelf, maar in de manier waarop staten en instellingen ermee omgaan.

Het drama achter staten en instellingen is dan ook wat de auteur ons probeert te tonen. ‘Gruwel lezen in rapporten van Human Rights Watch is één, het horen vanuit de mond van iemand die het effectief heeft meegemaakt, is toch anders.’ Door de afwisseling van rapporten en cijfers over ‘de migratiecrisis’, met getuigenissen van mensen als Danusjka van de Poolse grensgroep, of David van Refugees in Libya, legt Didden op een krachtige manier de hiaten in een Europees beleid bloot.

Zo stelt de auteur dat ‘de angst voor migratie al jaren de achilleshiel is van de Europese Unie’. Ook hier dacht ik terug aan een speech die Von der Leyen gaf in 2023 in de Europese Commissie: ‘We hebben nood aan sterke grenzen, maar we dienen steeds onze waarden hoog te houden.’ 

Deze zin gebruikte ik zelf ooit in een paper, vol overtuiging en trots van onze Europese waarden. Twee jaar later slaagde Didden erin om in zijn boek Von der Leyens uitspraak, en bijgevolg mijn trots, onderuit te halen door bloot te leggen hoe zij in dezelfde periode openlijk steun gaf aan Polen. Een land bekend om zijn pushbacks en mensenrechtenschendingen. 

Het is dan ook net deze tragiek die doorheen Diddens boek sluimert: Europa spreekt nog altijd de taal van mensenrechten, terwijl het aan zijn grenzen systematisch precies die waarden ondergraaft. Dat spanningsveld, tussen het Europa van de verdragen en het Europa van prikkeldraad, pushbacks en afschrikking, vormt de rode draad van het boek. 

Vertrek is nooit alleen beweging, het is ook afscheid, angst en onzekerheid

Zo stelt Didden dat er ‘weinig meer daadkracht uitstraalt dan ijzer, beton en prikkeldraad’. En als er dan toch een punt van kritiek geformuleerd moet worden, is het in deze passage. De auteur laat hier een kans liggen om te spreken over de peperdure muur tussen Marokko en Ceuta en Melilla, twee Spaanse enclaves op Marokkaans vasteland. Een muur die dient om migranten buiten te houden, én die bovendien betaald is door de Europese Unie. Ondanks de terechte schouderklop aan Spanje voor zijn huidige moedige open migratiebeleid, was dit gegeven wel een interessante kanttekening geweest.

Van Lesbos tot Libië: feiten, fabels, en fataal falen

Didden legt vervolgens uit waar de titel vandaan komt: ‘Bel me als je daar bent’, woorden die ouders tegen hun kinderen zeggen wanneer ze vertrekken, in de hoop dat er ergens veiligheid wacht. In die simpele zin zit heel de kwetsbaarheid van migratie vervat: vertrek is nooit alleen beweging, het is ook afscheid, angst en onzekerheid.

Nergens was deze angst en onzekerheid zo voelbaar als in Griekenland in 2015. Het is dan ook niet toevallig dat Didden in 2025 terugkeert naar Lesbos, de plek waar tien jaar eerder de ‘Europese vluchtelingencrisis’ startte. Terecht suggereert hij dat die term, ter wereld gebracht door de media, zelf al misleidend is. De crisis zat niet in de komst van mensen op de vlucht, maar in het onvermogen, of de onwil, van Europa om menswaardig te reageren.

De passages over Moria, het beruchte vluchtelingenkamp op Lesbos met mensonterende en ongezonde omstandigheden dat in brand werd gestoken, tonen dit maar al te pijnlijk aan. Zo toont het voorval zowel het institutioneel falen van opvangsystemen aan, als dat het fungeert als symbool voor de bredere migratiecrisis. Het wanbeheer van één crisis zal steeds leiden tot een andere.

Wie gelooft dat Europa “vuile handen” vermijdt door uitbesteding, wordt genadeloos wakker geschud

Het boek wordt nog donkerder wanneer Didden de Europese deals met Libië en Tunesië fileert. Hier verdwijnt elk restje hypocrisie. Wie nog gelooft dat Europa “vuile handen” vermijdt door uitbesteding, wordt hier genadeloos wakker geschud. De samenwerking met Libische milities en de kennis over deportaties naar de woestijn in Tunesië tonen aan dat de EU niet alleen toekijkt, maar actief meewerkt aan systemen van geweld.

Een van de krachtigste inzichten in dit hoofdstuk komt van David van Refugees in Libya: ‘Het geweld zit in het systeem en de instituties, niet in de mensen zelf.’ Dat is een cruciale zin. Want Didden vervalt nergens in het gemakzuchtige frame van ‘goede burgers versus slechte grenswachters’. Integendeel, hij laat zien hoe gewone mensen, in gewone functies, meedraaien in een systeem dat moreel onhoudbaar is geworden.

Geen monsters, maar mensen in een monsterlijk systeem

Net dat maakt Bel me als je daar bent sterker dan veel opiniestukken over migratie. Het boek reduceert niemand tot karikatuur. Niet de mensen op de vlucht, maar ook niet de kustwachter, de politieagent of de ambtenaar.

Dat blijkt bijvoorbeeld uit het hoofdstuk ‘Tinderdates met kustwachters’: mannen die geen sadistische stripfiguren zijn, maar zichzelf vaak zien als mensen die gewoon hun job doen, en daar een moreel verhaal rond bouwen waarin zij de helden zijn. 

Dat is ongemakkelijk, maar net daarom belangrijk. Het kwaad is zelden spectaculair, vaak is het banaal, administratief en routinematig. Didden begrijpt dat. En hij begrijpt ook dat een systeem alleen kan blijven bestaan als voldoende mensen erin leren functioneren, zonder nog fundamentele vragen te stellen.

Van Moria tot Marrakech: hoe angst politiek wordt

Een van de meest interessante hoofdstukken gaat over de ‘Mars tegen Marrakech’ en de val van de regering-Michel. Hier verschuift het boek van de grens van Europa naar onze eigen achtertuin. En terecht: grensgeweld ontstaat namelijk niet alleen aan de rand van Europa.

Migratieangst is zelden spontaan, het wordt georganiseerd, gevoed en electoraal uitgebuit

Didden toont hoe het voormalig VN-Migratiepact, een in wezen gematigd kader, in België kon uitgroeien tot een symbooldossier dat doelbewust werd opgeblazen via desinformatie en politieke framing. Hierdoor zou een niet-bindend internationaal akkoord, waarin VN-lidstaten het idee hadden samen te werken om migratie veiliger, geordender en regulier te maken, nooit het licht te zien krijgen. De les is helder: migratieangst is zelden spontaan. Ze wordt georganiseerd, gevoed en electoraal uitgebuit.

Misschien is dat ook waarom desinformatie zo goed werkt: niet omdat mensen 'dom' zijn, maar omdat leugens vaak aansluiten bij een wereldbeeld dat al aanwezig is. De echte vraag is dus niet alleen waarom desinformatie aanslaat, maar welk onderliggend mens en wereldbeeld haar geloofwaardig maakt, én wie daar de macht over heeft? 

Gelukkig is dit geen boek van louter wanhoop

Wat Bel me als je daar bent onderscheidt van pure aanklachtliteratuur, is dat het niet stopt bij ontmaskering. Didden zoekt ook naar alternatieven, naar mensen en plekken waar iets anders mogelijk blijkt. Dat maakt hoofdstukken over initiatieven als ‘duo for a Job’, de lokale solidariteit in Griekenland, of het dorp Camini in Italië zo belangrijk. Ze dienen niet als feelgood-intermezzo, maar als politiek bewijs: het kan anders.

Ook de analyse van de economische en demografische realiteit is relevant. In een vergrijzend continent is de migrant tegelijk ongewenst en onmisbaar. Of zoals het boek scherp samenvat: ‘de migrant is ongewenst tot blijkt dat hij onmisbaar is’. Dat is misschien wel een van de grootste voorbeelden van hypocrisie in het Europese debat: arbeidsmigratie wordt gretig benut zolang ze onzichtbaar, precair en rechteloos blijft.

Daarom is Diddens pleidooi voor legale en veilige migratieroutes geen naïeve droom, maar een nuchtere politieke conclusie. Wie migratie echt wil ‘beheersen’, moet net weg van de dodelijke logica van afschrikking en externalisering.

De façade barst

Het meest onthutsende aan Bel me als je daar bent is misschien niet dat het nieuwe feiten brengt, al doet het dat geregeld, maar wel dat het de morele structuur van het Europese migratiebeleid blootlegt. Europa presenteert zichzelf nog altijd als een ‘unie van waarden’, maar aan zijn grenzen gedraagt het zich steeds vaker als een fort dat rechten conditioneel maakt.

Didden laat zien hoe het asielrecht, opgebouwd in de schaduw van de Tweede Wereldoorlog, vandaag stap voor stap wordt uitgehold. Niet met één grote klap, maar via noodmaatregelen, uitzonderingslogica, deals met derde landen en juridische rookgordijnen.

Wie zijn wij bereid als mens te blijven zien

Dat maakt het boek bijzonder relevant in een tijd waarin grensbewaking almaar vaker als vanzelfsprekend wordt gepresenteerd, en we aan de vooravond staan van de inwerkingtreding van het ‘nieuwe’, maar vooral strengere Europese migratiepact. Want wat hier op het spel staat, is niet alleen migratiebeleid. Het gaat ook over de vraag wat Europa nog wil zijn. En misschien nog fundamenteler: wie wij bereid zijn als mens te blijven zien.

Een noodzakelijk boek, ook voor wie denkt het debat al te kennen

Flor Didden schreef geen neutraal boek, en gelukkig maar. Zijn kracht zit net in het combineren van politieke analyse, terreinreportage en menselijke verhalen. Daardoor is Bel me als je daar bent niet alleen een boek over migratie, maar ook over macht, morele verschuivingen en de sluipende normalisering van geweld.

Het is een boek dat kwaad maakt, en dat moet ook. Maar het laat tegelijk genoeg licht binnen om niet in fatalisme te eindigen. Dat maakt de slotvraag des te pijnlijker: komt er ooit een dag dat Europa zich niet langer hoeft te schamen voor zijn migratiebeleid?

Bel me als we daar zijn. Een mooie eindzin, zou ik zeggen.

 

Vanavond, 2 april 2026 om 19u, wordt het boek 'Bel me als je daar bent' voorgesteld tijdens de boekvoorstelling van Flor Didden, een passend moment om deze urgente en bijzondere analyse ook live verder te laten nazinderen. Locatie: House of Compassion, Begijnhof 7, 1000 Brussel

Afbeelding
https://www.dewereldmorgen.be/steun-ons
Steun ons | De Wereld Morgen
.
Flor Didden

Bel me als je daar bent

EPO Uitgeverij, 2026, ISBN 9789462675933. O.a. te koop bij De Groene Waterman.

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?