Explainer

Waarom de Koerden in Syrië structureel verliezen in een verdeeld Koerdistan

Afbeelding
Een vrouw uit haar steun aan de Syrische Koerden in Jeruzalem 2019. Foto: LC, Public Domain.
Een vrouw uit haar steun aan de Syrische Koerden in Jeruzalem 2019. Foto: LC, Public Domain.
De Koerden in Syrië bevinden zich opnieuw op een kruispunt: autonomie die ooit uit de chaos van oorlog ontsproot, staat op losse schroeven nu nieuw president, Al Sharaa zijn macht aan het herstellen is. Waarom faalt autonomie voor de Koerden in Syrië, wat maakt Irak tot een uitzondering, en welke regionale machten zullen bepalen hoe de toekomst van Koerdistan eruitziet?

De vierdaagse wapenstilstand die Mazloum Abdi, commandant van de Koerdisch-geleide Syrian Democratic Forces (SDF), recent ondertekende in het noordoosten van Syrië, kwam er niet uit vrije wil. Terwijl het Syrische leger terrein won en zijn greep op het land verstevigde, werd Abdi door Syrische president, Ahmed AL Sharaa onder zware politieke en militaire druk tot een akkoord gedwongen. Het moment markeert echter geen doorbraak, maar een terugkeer naar een oude realiteit: Koerdisch zelfbestuur in Syrië bestaat alleen zolang de centrale staat verzwakt is.

Wat zich vandaag afspeelt in Noordoost-Syrië is bovendien geen geïsoleerd conflict, maar een herhaling van een structureel patroon. Zo kan de toekomst van de Syrische Koerden enkel worden begrepen door ze te plaatsen binnen het bredere verhaal van Koerdistan: een volk zonder staat, verdeeld over vier landen, met elk fundamenteel verschillende ervaringen van autonomie, repressie, en geringe internationale steun. 

Koerdistan: één volk, vier staten

Koerdistan is geen erkende politieke entiteit, maar een culturele en etnische regio die zich uitstrekt over Turkije, Syrië, Irak en Iran. Na de Eerste Wereldoorlog werd het Ottomaanse Rijk opgedeeld langs koloniale grenzen die geen rekening hielden met etnische realiteiten. De Koerden, nochtans met een eigen taal, cultuur en historische territoria, bleven, als resultaat hiervan, achter zonder eigen staat.

Afbeelding
Kaart Koerdistan: Washington Kurdish Institute
Kaart Koerdistan: Washington Kurdish Institute

Die verdeling bepaalt tot op de dag van vandaag hun lot. In elk van de vier landen worden Koerden geconfronteerd met een andere mix van repressie, beperkte rechten of - in één uitzonderlijk geval - erkende autonomie. Het Koerdische vraagstuk is daardoor geen nationaal probleem, maar een regionaal spanningsveld dat voortdurend raakt aan territoriale integriteit, staatsmacht en geopolitiek.

Het Iraakse model: autonomie met voorwaarden

Irak vormt de uitzondering. De Kurdistan Regional Government (KRG) beschikt over een officieel erkende autonome status, met een eigen parlement, veiligheidsdiensten en de Peshmerga als militaire macht. Die autonomie kwam er echter niet vanzelf. Ze is het resultaat van decennia van conflict, een genocide onder Saddam Hoessein en internationale interventie na 1991 en 2003.

Cruciaal hierbij is dat de Koerdische autonomie in Irak werd verankerd in een grondwettelijk kader, erkend is door de Iraakse regering én internationale spelers. Toch dient gezegd te worden dat ook hun autonomie kwetsbaar blijft: economische afhankelijkheid, interne politieke verdeeldheid en druk van buurlanden begrenzen haar manoeuvreerruimte. Autonomie bestaat hier, maar alleen zolang ze geen regionale destabilisatie veroorzaakt.

Syrië: autonomie zonder erkenning

In Syrië ligt de situatie echter fundamenteel anders. Het Koerdische zelfbestuur in Rojava ontstond niet uit onderhandelingen, maar uit een machtsvacuüm tijdens de burgeroorlog. Terwijl Damascus zijn troepen elders nodig had, bouwden Koerdische bewegingen lokale raden, veiligheidstroepen en sociale structuren uit.

Ondanks gedoogd, bleef dit voor de Syrische staat altijd onaanvaardbaar. Hun autonomie, in tegenstelling tot deze in Irak, werd nooit erkend en geldt in Damascus als een tijdelijke afwijking die moet worden teruggedraaid zodra de militaire balans dat toelaat. Elke toegeving aan de Koerden wordt gezien als een gevaarlijk precedent voor andere minderheden en regio’s. De hercentralisatie van de staat is dan ook hun streven en een ideologisch doel.

De prijs voor burgers

De gevolgen van dit eeuwenoude spanningsveld zijn nu erg tastbaar, en dit vooral voor de Koerdische bevolking in Syrië. Recente gevechten in en rond Qamishli en Aleppo leidden tot tientallen doden, honderden gewonden en duizenden ontheemden. Volgens humanitaire organisaties raakten scholen, ziekenhuizen en basisinfrastructuur beschadigd. Gezinnen sloegen opnieuw op de vlucht, vaak zonder te weten of terugkeer mogelijk zal zijn.

Rojava functioneert daardoor sindsdien als een politiek niemandsland: voldoende georganiseerd om bestuur te voeren, maar zonder garanties op bescherming. Autonomie bestaat er bij gratie van afwezigheid - en verdwijnt zodra de staat terugkeert.

Regionale blokkades

De Syrische Koerden staan bovendien niet alleen in strijd met Damascus. Ook Turkije beschouwt elke vorm van Koerdische autonomie aan zijn zuidgrens als een existentiële dreiging. Ankara ziet de SDF en haar politieke structuren als verlengstukken van de PKK (Koerdische Arbeiderspartij, hoofdzakelijk actief in Turkije) en heeft herhaaldelijk militair ingegrepen in Noord-Syrië om die structuren te verzwakken.

Ook Iran vreest een spill-overeffect. Autonome Koerden in Syrië zouden de eigen Koerdische minderheid in het westen van Iran kunnen inspireren. Zelfs Irak, ondanks zijn eigen Koerdische autonomie, heeft weinig belang bij een sterke Koerdische entiteit net over de grens die regionale spanningen kan aanwakkeren. Zo ontstaat een zeldzame consensus: vier staten met onderling conflicterende belangen zijn het opvallend eens over één punt: Koerdische autonomie mag niet verder uitbreiden.

Staten in de regio zijn het opvallend eens over één punt: Koerdische autonomie mag niet verder uitbreiden

De Koerdische Syriërs kijken vanuit hun kant dan weer naar hun Koerdische buren en de Verenigde Staten. De Verenigde Staten speelden zo jarenlang een cruciale militaire rol aan Koerdische zijde in de strijd tegen IS, maar die steun bleef bewust tactisch en tijdelijk: Washington bewapende de Koerden als bondgenoot op het slagveld, niet als politieke partner met recht op zelfbeschikking.

Een grootschalige militaire tussenkomst van de Iraaks-Koerdische Peshmerga in Syrië ligt voorlopig ook niet voor de hand. Ondanks etnische en historische solidariteit opereert de Peshmerga binnen de grenzen van de Iraakse staat en onder toezicht van de KRG. Openlijke steun aan Syrische Koerden zou Bagdad onder druk zetten, relaties met Turkije verslechteren en de eigen autonomie van de KRG in gevaar brengen.

Escalatie en regionale gevolgen

Met andere woorden: als het huidige conflict verder escaleert, dan dreigt snelle regionalisering. Turkije zou militair ingrijpen onder het mom van grensveiligheid. Iran en Rusland zouden Damascus blijven ondersteunen om hun invloed veilig te stellen.

De Verenigde Staten zijn dan weer terughoudend. Deze houding is niet toevallig, maar het resultaat van bewuste geopolitieke keuzes. De Koerden zijn namelijk door Washington benaderd als een instrument, niet als een actor met eigen politieke rechten. Tijdens de strijd tegen IS waren Koerdische milities militair onmisbaar, maar zodra hun aanwezigheid het regionale machtsevenwicht begon te verstoren - en met name de belangen van Turkije en Israël raakte - verdween elke bereidheid om Koerdische autonomie politiek te verankeren.

 De Koerden worden zo opnieuw ingezet als tijdelijke bondgenoot

De logica is klassiek: een sterke, autonome Koerdische entiteit zou bestaande staten verzwakken, grenzen ter discussie stellen en nieuwe allianties afdwingen. Voor de Verenigde Staten weegt regionale stabiliteit, zelfs autoritaire stabiliteit, zwaarder dan zelfbeschikking. Israël deelt die analyse: zolang Koerdische autonomie geen directe strategische meerwaarde biedt, blijft openlijke steun uit. De Koerden worden zo opnieuw ingezet als tijdelijke bondgenoot - en even snel weer losgelaten zodra hun aspiraties botsen met het grotere geopolitieke spel.

Een lokale confrontatie kan zo dus uitgroeien tot een nieuwe breuklijn in het Midden-Oosten, met de Koerden opnieuw als inzet in een conflict dat hen overstijgt.

Een fragiele toekomst

De toekomstscenario’s zijn weinig hoopgevend. Herintegratie in de Syrische staat lijkt waarschijnlijk, maar dan met beperkte culturele of lokale garanties. Internationale bescherming blijft voorlopig tactisch en tijdelijk. Een erkende Koerdische entiteit in Syrië is ondenkbaar zolang Damascus en Ankara hun rode lijnen bewaken.

Wat resteert is een pijnlijke paradox: terwijl Koerdische autonomie in Irak bewijst dat zelfbestuur mogelijk is wanneer het past binnen internationale belangen, toont Syrië hoe snel diezelfde droom verdampt zodra ze botst met regionale machtslogica. Zonder staat, zonder bindende garanties en zonder betrouwbare bondgenoten blijft autonomie een tijdelijk experiment - met de Koerden opnieuw als inzet van een spel dat elders wordt gespeeld, en zelden in hun voordeel eindigt.

Afbeelding
STEUNOPROEP
Steun ons | De Wereld Morgen

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?