Een jaar cel zonder aanklacht: het lot van Gaza’s laatste kinderarts
Meer dan een jaar na zijn arrestatie zit de Palestijnse kinderarts Dr. Hussam Abu Safiya nog steeds in een Israëlische gevangenis. De dokter zit vast zonder aanklacht, zonder proces en zonder minimale garanties voor een eerlijk proces. Hij leeft er onder omstandigheden die door internationale mensenrechtenorganisaties als onmenselijk worden veroordeeld.
Straffeloosheid
Abu Safiya, directeur van het Kamal Adwan-ziekenhuis in Beit Lahia, in het noorden van Gaza, werd gearresteerd na de laatste aanval op de kliniek eind december 2024. De raid maakte deel uit van een groter Israëlisch offensief dat het ziekenhuis buiten gebruik stelde en de algemene gezondheidszorg in de Gazastrook nog verder vernietigde. Zijn zaak is geen vergissing of anomalie: ze staat symbool voor de systematische vervolging van Palestijnse gezondheidswerkers en voor de opzettelijke vernietiging van elke humanitaire bescherming in Gaza.
Zijn zaak staat symbool voor de systematische vervolging van Palestijnse gezondheidswerkers
Volgens Amnesty International (internationale niet-gouvernementele mensenrechtenorganisatie), Front Line Defenders (internationale organisatie voor de bescherming van mensenrechtenverdedigers), Al Mezan Center for Human Rights (Palestijnse mensenrechtenorganisatie gevestigd in Gaza) en MENA Rights Group (juridische mensenrechtenorganisatie voor het Midden-Oosten en Noord-Afrika) blijft Dr. Abu Safiya gevangengehouden op grond van de zogenaamde Unlawful Combatants Law. Die wet creëert een Israëlisch ‘wettelijk kader’ dat langdurige detentie toestaat op basis van geheime dossiers zonder inzagerecht voor de verdediging.
Wekenlang werd hij geïsoleerd vastgehouden, zonder toegang tot advocaten of zijn familie. Amnesty International maakt melding van ernstig gewichtsverlies, mishandeling, extreme beperkingen op het gebied van voedsel, hygiëne en medische zorg, en van een voortschrijdende algemene verslechtering van zijn fysieke en psychische gezondheid. Al Jazeera (internationaal nieuwsnetwerk, gevestigd in Qatar) bevestigde op 27 december 2025 dat Abu Safiya, precies een jaar na zijn arrestatie, nog steeds zonder aanklacht gevangen zat.
De zaak werd formeel in behandeling genomen door instellingen van de Verenigde Naties. In januari 2025 bestempelden onafhankelijke deskundigen van de VN – waaronder Francesca Albanese, speciaal rapporteur van de Verenigde Naties voor de mensenrechtensituatie in de bezette Palestijnse gebieden – de detentie van dr. Abu Safiya als willekeurig. Zij veroordeelden Israël omdat het land het internationaal humanitair recht en het recht op gezondheid systematisch negeert.
Het Bureau van de Hoge Commissaris voor de Mensenrechten van de Verenigde Naties bevestigt de cijfers van het ministerie van Volksgezondheid van de Staat Palestina (Palestijnse gezondheidsautoriteit): in Gaza werden sinds 7 oktober 2023 meer dan 1.500 gezondheidswerkers gedood. De meest recente cijfers (september 2025) van het Bureau voor de coördinatie van humanitaire aangelegenheden van de Verenigde Naties brengen dat aantal op meer dan 1.700. Daarnaast zijn er nog honderden gezondheidswerkers die worden vastgehouden, ondervraagd en gevangengezet.
Deskundigen van de VN noemen de detentie van dr. Abu Safiya willekeurig
Dit alles gebeurt niet in een vacuüm. De onbepaalde detentie van dr. Abu Safiya maakt deel uit van een regime van bijna absolute straffeloosheid, waarvan de staat Israël geniet.
Israël negeert systematisch de resoluties van de Verenigde Naties, de uitspraken van het Internationaal Gerechtshof, de oproepen van het Internationale Comité van het Rode Kruis en de waarschuwingen van internationale medische organisaties. Onder de regering van Benjamin Netanyahu worden ernstige schendingen van de mensenrechten – aanvallen op ziekenhuizen, moorden op burgers, collectieve straffen, gedwongen verplaatsingen en willekeurige detenties – niet alleen voortgezet, maar ook genormaliseerd als staatsbeleid. Israël krijgt daarbij de goedkeuring en de onbeperkte steun van Washington.
Deze straffeloosheid geldt niet alleen voor Israël. Het gaat hier om een gedeelde straffeloosheid. Elke veto van de Verenigde Staten in de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties, elke wapenlevering, elke verklaring die het internationaal recht relativeert, versterkt de verwoestende boodschap dat levens er niet toe doen, dat misdaden ongestraft mogen blijven en dat artsen gevangen kunnen worden gezet, omdat ze hun eed nakomen.
Het medeplichtige zwijgen van een groot deel van de zogenaamde ‘internationale orde’, maakt van deze schendingen een misdaad die verder reikt dan Gaza. Het treft de hele mensheid.
Dr. Hussam Abu Safiya is geen strijder. Hij is kinderarts. Tijdens de meest intense maanden van bombardementen weigerde hij het Kamal Adwan-ziekenhuis te verlaten. Hij bleef bij zijn patiënten en zijn medisch team, zelfs onder vuur, zonder elektriciteit, zonder voorraden en ondanks de militaire belegering. Hij kwam zijn eed van Hippocrates na toen de wereld hem in de steek liet.
Vanwege die integriteit, vanwege die moed, zit hij tot vandaag gevangen. Het doet pijn om dit nieuwe jaar in te zetten met een arts die opgesloten zit in de donkere en onmenselijke gevangenissen van Israël. Het veroorzaakt een diep verdriet. Het kwetst omdat het pijnlijk illustreert hoe ver het mondiale morele geweten ondertussen is uitgehold.
In het licht van extreme onrechtvaardigheid is neutraliteit onmogelijk
Deze tekst is activistische journalistiek, omdat er geen neutraliteit mogelijk is in het licht van extreme onrechtvaardigheid. Spreken namens Dr. Abu Safiya is spreken namens alle vervolgde artsen, alle verwoeste ziekenhuizen, alle levens die gered hadden kunnen worden maar dat niet zijn. Het is belangrijk dat hij onmiddellijk en onvoorwaardelijk wordt vrijgelaten. Dat er garanties zijn voor zijn leven en voor zijn integriteit. Dat er een einde komt aan de vervolging van alle Palestijnse gezondheidswerkers.
Dit is niet alleen een oproep voor één man: het is een oproep voor menselijke waardigheid, voor vrede en voor het ethisch voortbestaan van onze eigen menselijkheid.
Dit artikel verscheen eerder op Pressenza. De vertaling is van Jan Reyniers.