Opinie

Meer tralies, minder veiligheid: waarom ons gevangenissysteem faalt

Afbeelding
Foto: Deposit Photos.
Foto: Deposit Photos.
Sinds de jaren tachtig daalt de criminaliteit, terwijl het aantal gevangenen in België verdubbelde. Dit wrange contrast bewijst dat ons strafsysteem faalt en een radicale omslag naar sociale preventie onvermijdelijk is voor een werkelijk veilige samenleving.

In een opmerkelijke open brief luidt Mathilde Steenbergen, directrice-generaal van het gevangeniswezen, op moedige en glasheldere wijze de alarmbel over de onhoudbare toestand in onze gevangenissen. De ernst valt niet te ontkennen: noodmaatregelen zijn op korte termijn zowel onvermijdelijk als noodzakelijk. 

Maar zelfs als we de overbevolking wegwerken, tonen internationale studies dat opsluiting op zich geen structurele winst oplevert voor de maatschappelijke veiligheid. Intussen liggen er wél bewezen, beproefde alternatieven klaar die net bijdragen aan een duurzame versterking van onze collectieve veiligheid.

Wie het aantal gevangenen wil terugdringen, moet dat daarom doen binnen een brede strategie – met een preventief sociaal beleid als spil.

Afbeelding
.

De open brief ademt tegelijk menselijkheid én een pijnlijk gevoel van machteloosheid uit. Niet onlogisch, gezien de onverschilligheid van de regering tegenover zowel de aantoonbare ineffectiviteit van het strafbeleid als de arbeidsomstandigheden van het personeel – op een moment waarop het zelfs niet meer lukt om elke gedetineerde een bed te garanderen.

De bekendste mythe is dat de gevangenis veiligheid zou creëren

In een klimaat waarin verschillende ministers in het spoor van autoritaire leiders elders, actief een dehumaniserende retoriek verspreiden over gedetineerden en mensen zonder verblijfsvergunning, lijkt het weinig waarschijnlijk dat de Algemene Directie van het gevangeniswezen, laat staan de gevangenen, op 'kerstempathie' zullen kunnen rekenen.

Toch verplicht deze ‘crisis’ politiek en administratie tot zelfonderzoek. Ze is immers deels het gevolg van een bewuste keuze: korte straffen effectief laten uitvoeren in een context van chronische overbevolking.

Mythes en misvattingen

We steunen principieel de oproep om noodmaatregelen toe te passen. Maar de brief vertrekt ook van een aantal aannames over het strafbeleid die wij fundamenteel in vraag stellen. Zo klinkt het idee dat een gevangenisstraf veiligheid biedt als ze maar kort is en “van goede kwaliteit”.

Vandaag is die gevangenisstraf níét van goede kwaliteit door de overbevolking. En tegelijk worden straffen steeds langer, vooral om tegemoet te komen aan een publieke opinie die een lik-op-stukbeleid zou eisen. Volgens die redenering zouden net die twee factoren een doelgericht strafbeleid in de weg staan.

Daarbovenop circuleren hardnekkige mythes en misvattingen over detentie en criminaliteit, waarvan de bekendste misschien wel deze is: dat de gevangenis veiligheid creëert. 

Maar dat klopt niet. In België wordt het recidivepercentage geschat op zo’n 70 procent. En internationale studies tonen dat ongeveer 95 procent van de overtredingen nooit tot een veroordeling leidt, simpelweg omdat ze niet worden opgespoord of gemeld.

In België daalt de criminaliteit sinds de jaren tachtig terwijl het aantal gevangenen is verdubbeld 

Omgekeerd blijven tal van gedragingen en overtredingen die soms bijzonder schadelijk zijn voor de samenleving, nauwelijks of helemaal niet strafbaar. Denk maar aan belastingfraude in tijden van begrotingscrisis, of aan lucht- en milieuvervuiling.

Bovendien is er geen correlatie tussen criminaliteitscijfers en detentiecijfers. In België daalt de criminaliteit sinds de jaren tachtig, terwijl het aantal gevangenen is verdubbeld. Nederland doet het met ongeveer de helft. Finland schroefde zijn gevangenispopulatie al in de jaren vijftig terug, zonder dat dit tot meer criminaliteit leidde. Investeringen in preventie en sociaal beleid bleken daarbij cruciaal.

In de jaren vijftig was de publieke opinie ongetwijfeld anders, maar wij geloven dat een eerlijk discours, gebaseerd op beproefde maatregelen, ook vandaag op steun van de publieke opinie kan rekenen.

Daarom moet ook de mythe sneuvelen dat de gevangenis nu weliswaar niet efficiënt is, maar dat het vanzelf beter wordt zodra er een nieuw gebouw staat (zoals Haren), de overbevolking is opgelost of er genoeg personeel is.

Het uitgangspunt om ‘minder, korter maar beter op te sluiten’ is begrijpelijk als het enige alternatief ‘meer, langer en slechter opsluiten’ zou zijn. Maar het verliest zijn overtuigingskracht zodra je het afzet tegen maatregelen die oorzaken aanpakken in plaats van symptomen.

Een bestraffende, niet-wetenschappelijke benadering van criminaliteit houdt geen stand: niet tegenover de huidige en historische recidivecijfers, en evenmin tegenover de resultaten van een doordacht sociaal en gezondheidsbeleid.

Het huidige simplistische, onwetenschappelijke en ideologisch discours voedt een gevaarlijke populistische dynamiek

Het staat buiten kijf dat de publieke opinie het strafrechtbeleid beïnvloedt. Maar vandaag beschikken burgers nauwelijks over kritische, onafhankelijke informatie: over wat strafbeleid werkelijk doet voor de veiligheid, over de neveneffecten in andere maatschappelijke domeinen, en over de structurele oorzaken van detentie en de overbevolking in gevangenissen.

Het huidige simplistische, onwetenschappelijke en vaak ideologisch gedreven discours over criminaliteit en veiligheid, in combinatie met toenemende ongelijkheid en de normalisering van autoritaire denkpatronen, voedt een gevaarlijke populistische dynamiek. 

Overbevolking

Terug naar de overbevolking. België is een van de Europese koplopers om mensen in voorhechtenis te houden. Velen komen niet in de gevangenis terecht vanwege de ernst van de gepleegde misdrijven maar vanwege hun sociale status: mensen zonder papieren of zonder vaste woonplaats. 

De gevangenis wordt grotendeels ‘overbevolkt’ door mensen die in armoede leven en mensen met psychische stoornissen. Bijna de helft van de gedetineerden zit vast voor drugsdelicten, vaak is er tegelijk ook sprake van verslavingsproblematiek. 

De toename, samenstelling en de selectie van problemen in de gevangenis vloeien voort uit een (toenemende) sociale ongelijkheid met bijhorende repressieve aanpak. De ongelijkheid is op zijn beurt ook bepalend voor de levensomstandigheden in de armere wijken, de dynamiek binnen gezinnen en het gedrag van individuen. 

Zo is bijvoorbeeld bekend dat mensen die tijdens hun jeugd getuige of slachtoffer zijn geweest van geweld, een verhoogd risico lopen op gewelddadig gedrag of problematisch drugsgebruik op volwassen leeftijd. 

De gevangenisstraf versterkt de criminogene cirkel, ook op het individuele niveau

Armoede vormt een risicofactor voor intra familiaal geweld, dakloosheid verhoogt het risico op problematisch drugsgebruik en de combinatie van beide verhoogt sterk het risico op (straat)criminaliteit en op detentie als maatregel. Juridisering en de gecreëerde noodsituatie leiden de aandacht af van sociale oorzaken van criminaliteit en dus ook van een preventieve aanpak.

We weten dat de gevangenisstraf op zijn beurt een negatief effect heeft op armoede en familierelaties. Dit effect zet zich bovendien over generaties heen voort en is ook actief wanneer er geen sprake is van overbevolking. De gevangenisstraf versterkt de criminogene cirkel, ook op het individuele niveau. 

Alternatieve vormen van rechtspraak maken internationaal een opmars: restauratieve en transformatieve justitie [1] kijken verder dan het individu en blijken effectiever te zijn dan strafrecht als het gaat om recidive. Mede om die reden zijn slachtoffers hier vaak voorstander van, ook bij ernstige misdrijven.

Er bestaat een duidelijke hiërarchie in wat criminaliteit echt voorkomt, vergelijkbaar met die in de volksgezondheid: hoe hoger het interventieniveau, hoe groter de maatschappelijke impact. Structurele ingrepen zoals armoedebestrijding, degelijke huisvesting en toegang tot gezondheidszorg werken aantoonbaar beter dan individuele maatregelen die mikken op gedragsverandering, gevangenisstraf inbegrepen.

Noodmaatregelen zijn een gemakkelijke opdracht. Structurele maatregelen, dat vraagt politieke moed

Natuurlijk zal een beleid dat inzet op preventie in plaats van bestraffing niet van vandaag op morgen alle overtredingen doen verdwijnen. En in de tussentijd zullen sommige mensen tijdelijk van de samenleving moeten worden afgezonderd omdat ze een acuut veiligheidsrisico vormen.

Maar het debat herleiden tot louter overbevolking – en de dramatische, veelzeggende gevolgen daarvan – kan, bewust of onbewust, een helder en correct begrip van de oorzaken, uitdagingen en omvang van de gevangenisproblematiek blokkeren, zeker in tijden van toenemende sociale ongelijkheid.

Noodmaatregelen zijn een gemakkelijke opdracht. Structurele maatregelen, dat vraagt politieke moed. 

 

Het Internationaal Gevangenisobservatorium, Belgische afdeling (OIP) is een Belgische vereniging met als missie om de administratieve en gerechtelijke instanties, de media, de publieke opinie en alle betrokken verenigingen te waarschuwen wanneer de mensenrechten niet worden gerespecteerd in de penitentiaire instellingen. 

 

Note: 

[1] Restauratieve justitie (herstelrecht) vertrekt van de schade die een misdrijf veroorzaakt. Ze brengt dader, slachtoffer en eventueel de gemeenschap samen (vrijwillig en begeleid) om erkenning, verantwoordelijkheid en herstel mogelijk te maken: excuses, vergoeding, afspraken om schade te herstellen en herhaling te voorkomen.

Transformatieve justitie gaat een stap verder. Naast herstel voor het individuele conflict wil ze ook de onderliggende oorzaken en machtsstructuren aanpakken die geweld of schade mogelijk maken (bv. armoede, racisme, uitsluiting, afhankelijkheid). Doel is niet alleen “herstellen wat stuk is”, maar ook de omstandigheden veranderen zodat het minder waarschijnlijk opnieuw gebeurt, vaak met nadruk op gemeenschap, zorg en structurele verandering.

Afbeelding
Word DWM Bondgenoot
Steun ons

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?