Bewaken en bewapenen: de oorlogseconomie landt in de Gentse haven
In Evergem, op een industrieterrein in de Gentse haven, neemt Belgische dronebouwer Sol.One sinds kort een site van ongeveer 8.000 m² in gebruik. De eerste onderdelen zijn ter plaatse gearriveerd en de bedoeling is dat er tegen 2028 10.000 drones per jaar van de band rollen.
Het flagship-model is de Saboteur, een herbruikbare militaire drone met een spanwijdte van ongeveer vier meter en een gewicht van circa zestig kilogram. Het toestel combineert vier elektrische motoren voor verticaal opstijgen en landen met twee verbrandingsmotoren voor voortstuwing tijdens de vlucht. Volgens Sol.One bedraagt het bereik 400 tot 500 kilometer bij een kruissnelheid van ongeveer 120 kilometer per uur. Ze noemen het technisch gezien zelfs geen drone meer met zo’n omvang.
De Saboteur kan worden bewapend met één of twee 70 millimeter raketten van Thales FZ. Het vliegtuigje is geschikt zowel voor het onderscheppen van vijandelijke drones als voor aanvallen op logistieke doelwitten op de grond. De CEO, Filip Verhaeghe, verwijst expliciet naar de oorlog in Oekraïne. Hij vertelt bij engineeringnet.be dat hij feedback van het front krijgt, en dat de Saboteur o.m. bedoeld is om Shahed-drones te onderscheppen.
Daarnaast ontwikkelt Sol.One de Buzzkill, een kinetische onderscheppingsdrone met een opgegeven maximumsnelheid van 330 kilometer per uur en een bereik van 20 kilometer. De Hitchhiker gebruikt een straalmotor en zou snelheden tot 600 kilometer per uur kunnen bereiken. Met de Surveillant en Lifeline heeft het bedrijf ook varianten voor patrouilles en logistiek transport in het veld.
Deze productfamilie sluit aan bij een actuele uitdaging in de oorlogsvoering. Traditioneel worden dure onderscheppingsraketten gebruikt om veel goedkopere drones neer te halen. De vraag naar betaalbare interceptors en massaal produceerbare drones groeit daardoor. Sol.One wil om productiekosten te drukken principes uit de auto-industrie toepassen: modulaire componenten, gestandaardiseerde assemblage en productie in grote volumes.
Niet alleen drones verkrijgbaar
Sol.One heeft zijn wortels in (UN)MANNED, een bedrijf dat zich oorspronkelijk bezighield met veiligheidssoftware, boordcomputers en de automatisering van luchtvaartsystemen. Die technologische basis wordt vandaag ingezet voor de ontwikkeling van autonome militaire systemen.
De activiteiten van Sol.One reiken verder dan de productie van vliegende toestellen. Belangrijk is SolGCS (Sol Ground Control System), een grondcontrolestation waarmee operators onbemande systemen kunnen besturen. Volgens de CEO is Sol.one marktleider wat betreft militaire grondcontrolestations.
Het station combineert een 43-inch 4K-scherm, een 27-inch aanraakscherm, fysieke bedieningsknoppen en joysticks. De bijgeleverde software verwerkt camerabeelden, sensordata en vluchtinformatie, ondersteunt missieplanning en maakt communicatie met verschillende onbemande voertuigen mogelijk. Sol.One claimt dat één station maximaal 64 voertuigen kan besturen, duizend objecten kan monitoren en zwermen van tot 250 drones kan coördineren.
Opmerkelijk is dat SolGCS niet alleen voor navigatie dient. Sol.One vermeldt expliciet functies voor doelwitaanwijzing, vuurautorisatie en de aansturing van loitering munitions: onbemande wapensystemen die boven een gebied kunnen cirkelen voordat ze een doelwit aanvallen, en dus direct inzetbaar blijven.
De software is dus niet louter een ondersteunende technologie, maar een centraal onderdeel van de militaire operatie. AI-systemen kunnen navigatie, observatie en de coördinatie van grote aantallen drones gedeeltelijk automatiseren. De mate waarin mensen controle behouden over doelwitkeuze en wapengebruik hangt af van de configuratie en de operationele procedures.
Economisch is deze besturingslaag minstens zo belangrijk als de drones zelf. Een toestel wordt geproduceerd en verkocht, terwijl software, integratie, onderhoud en verdere ontwikkeling gedurende langere tijd inkomsten kunnen genereren. Bovendien kan Sol.One zijn grondstations aanbieden voor systemen van andere fabrikanten. Daardoor is deze activiteit niet volledig afhankelijk van het succes van de eigen Saboteur-productie.
ScioTeq en de internationale militair-industriële keten
Voor de grondcontrolestations werkt Sol.One samen met het Kortrijkse ScioTeq, dat geharde beeldschermen levert voor gebruik in militaire voertuigen. Die zijn ontworpen om betrouwbaar te functioneren onder extreme temperaturen, trillingen en dergelijke meer.
ScioTeq heeft een gevestigde positie in de internationale militaire industrie. De website vermeldt onder meer gebruik in de Israëlische Hermes-dronefamilie, de Britse Watchkeeper en de Amerikaanse Predator-, Reaper- en Gray Eagle-systemen.
Tussen 2018 en 2022 werkten ScioTeq en (UN)MANNED — de voorganger van Sol.One — samen aan IMBALS, een Europees onderzoeksproject rond automatische vliegtuiglanding op basis van camerabeelden. Ook KU Leuven en het Portugese Tekever namen deel, met Airbus als industriële projectbegeleider. (UN)MANNED ontwikkelde hierbij beeldverwerkingssoftware en werkte met zijn eigen SolAero-boordcomputer. Het project had een totaalbudget van ongeveer €2,51 miljoen, waarvan circa 1,92 miljoen euro uit Europese financiering kwam.
IMBALS was geen militair, maar een civiel luchtvaartproject; wat illustreert hoe technologieën voor beeldherkenning, veilige besturingssoftware en autonome navigatie een bredere industriële basis kunnen vormen die later ook militaire toepassingen krijgt. De grens tussen civiele en militaire innovatie blijkt hier niet zozeer een technische scheidingslijn te zijn, maar vooral een kwestie van toepasbaarheid, financiering en eindgebruik.
Publieke fondsen als fundament van de private wapenindustrie
Ook de huidige ontwikkeling van Sol.One wordt ondersteund door Europese en Belgische defensieprogramma’s. Binnen iMUGS, een Europees project van in totaal 32,6 miljoen euro, werkte Sol.One aan commandovoeringssystemen voor onbemande grondvoertuigen. Aan het project werkten onder meer Milrem Robotics, Diehl Defence, Krauss-Maffei Wegmann en Safran mee.
RAVN / DEFRA is een Belgisch project van 2.677.000 euro, waarvan 1.999.000 euro afkomstig uit de overheid via RHID. Sol.One CEO Filip Verhaeghe is de projectcoördinator. Andere partners zijn Intersoft Electronics, Agilica, en de Koninklijke Militaire School. Het onderzoek gaat onder meer over radar, autonome coördinatiedrones en micro-interceptors die vijandelijke drones door botsing neutraliseren.
Dit zijn consortiumbudgetten, geen bedragen die integraal naar Sol.One vloeien. Maar ze illustreren wel het belang van publieke onderzoeksprogramma’s voor de ontwikkeling van militaire technologie.
Daarbovenop ontving Sol.One bijna 1 miljoen euro uit het Europees Defensiefonds voor het iMEDCAP project, waarbij het technologie bijdroeg voor boordcomputers, datamanagement en GCS’s, 358.000 euro van de Belgische Defensie voor R&D in 2025, en 404.000 euro Vlaamse subsidie in het kader van VLAIO.
Binnen een keynesiaanse economische logica kan de overheid via uitgaven en investeringen de economische activiteit stimuleren. Bij militair keynesianisme gebeurt dat via defensiebudgetten, militaire onderzoeksprogramma’s en overheidsopdrachten. De overheid is daarbij niet alleen de eindklant, maar helpt ook de voorwaarden te creëren waaronder de private industrie kan groeien: door onderzoek te financieren, technische risico’s te delen en toekomstige afzetmarkten te ondersteunen.
Militaire uitgaven concurreren met andere publieke bestedingen om middelen, arbeidskracht en technische kennis. Hun economische effect hangt bovendien af van importafhankelijkheid, productiecapaciteit, werkgelegenheid en de mate waarin kennis ook buiten de defensiesector wordt benut.
Het Europees Defensiefonds beschikt voor 2021-2027 over bijna 8 miljard euro. Met ReArm Europe/Readiness 2030 wil de Europese Commissie bovendien ongeveer 800 miljard euro aan bijkomende militaire investeringen mogelijk maken.
Financiële waardering
De bedrijfsgeschiedenis van Sol.One laat zien hoe de hoge verwachtingen rond deze high-tech wapenmarkt financieel worden ingelost.
De oorspronkelijke Sol.One NV werd in december 2022 nog failliet verklaard. Enkele maanden eerder was al een nieuwe vennootschap, Sol1 BV, opgericht. Verschillende octrooirechten van de oude onderneming werden later op naam van de nieuwe BV geregistreerd.
In augustus 2026 kondigde Sol.One een financieringsronde van 2 miljoen euro aan, bij een ondernemingswaardering van 750 miljoen euro. Dat staat in opvallend contrast met de jaarrekening van 2025, waarin een balanstotaal van ongeveer 1,2 miljoen euro, een eigen vermogen van circa 120.000 euro en een nettowinst van slechts 92.000 euro werden gerapporteerd.
In september werd bovendien een industriële overeenkomst met Franse sectorgenoot Drone Volt aangekondigd. Sol.One verbindt zich ertoe gedurende over 5 jaar voor minstens 50 miljoen euro aan onderdelen bij Drone Volt aan te kopen. De bedrijven namen daarnaast voor 2,5 miljoen euro deel in elkaars kapitaal. Het maakt duidelijk hoe sterk de financiële verwachtingen vooruitlopen op de publiekelijk gedocumenteerde omvang van het bedrijf.
Nieuw veiligheidsbegrip in de Gentse haven
De North Sea Port is een strategisch knooppunt voor logistiek, energie en industriële productie. De waarde van die infrastructuur ligt niet alleen in wat er wordt geproduceerd, maar ook in de snelheid en continuïteit waarmee goederen kunnen circuleren. De komst van Sol.One voegt aan die bestaande infrastructuur een nieuwe militaire activiteit toe.
Tegelijkertijd groeit de aandacht voor de beveiliging van de haven. Plan Argos is een programma met 65 acties tegen georganiseerde drugscriminaliteit. Naast betere informatie-uitwisseling en toegangscontrole voorziet het plan in een verdere uitbouw van technologische beveiliging. In de plannen voor een digitaal beveiligingsschild worden onder meer vaste en mobiele camera's, sensoren en mogelijke dronebewaking genoemd.
Dat betekent niet dat Sol.One betrokken is bij Plan Argos. Voor een concrete samenwerking, aanbesteding of levering bestaat momenteel geen publiek bewijs. De betekenis van de samenloop ligt dan ook niet in een bewezen contract, maar in de toenemende verwevenheid van militaire en civiele veiligheidsmarkten.
Technologie die wordt ontwikkeld voor militaire doeleinden kan ook worden aangeboden voor industriële bewaking en vice versa. Software waarmee meerdere drones worden gecoördineerd, wordt ook toegepast bij inspecties, patrouilles of de bescherming van infrastructuur.
“Argos was in de Griekse mythologie een reus met honderd ogen die nooit allemaal tegelijk sliepen. Dat is precies wat Plan Argos wil bereiken voor North Sea Port”, staat te lezen in de statement van North Sea Port.
Dit roept ook vragen op over de positie van werknemers. Technologie die kan worden ingezet om infrastructuur en personeel tegen crimineel geweld te beschermen, kan tegelijk nieuwe mogelijkheden voor toezicht op arbeid creëren. De maatschappelijke gevolgen hangen af van de eigendomsstructuur, het beheer van gegevens en de mate waarin werknemers en hun vertegenwoordigers inspraak krijgen.
Een veilige haven is meer dan een plek waar geen container onopgemerkt kan bewegen. Het moet een plaats zijn waar mensen veilig kunnen werken, hun rechten kunnen uitoefenen en zeggenschap kunnen hebben over de technologie die hun omgeving verandert.