De Duitse militarisering is een gevaar voor de hele Europese bevolking
Zeitenwende is een van die nagenoeg onmogelijk te vertalen termen in het Duitse politieke jargon. Het woord werd uitgevonden – of althans gepopulariseerd – door de voormalige bondskanselier Olaf Scholz kort na de Russische invasie in Oekraïne op 24 februari 2022.
Met Zeitenwende bedoelde Scholz zoiets als “kantelpunt in de geschiedenis,” namelijk het einde van de pacifistische traditie sinds de Tweede Wereldoorlog en massale herinvestering in defensie. Ook het woord Sondervermögen is sindsdien gemeengoed geworden in de Duitse politieke woordenschat: een speciaal fonds van 100 miljard euro om de vermeende verwaarlozing van de Bundeswehr ongedaan te maken.
Innere Zeitenwende
Maar behalve in politiek-economische zin heeft Zeitenwende de Duitse samenleving ook nog op een andere manier grondig veranderd: de Zeitenwende is doorgedrongen tot de hearts and minds van de Duitsers. Het idee van een imminente Russische dreiging en vandaar de noodzaak tot massale uitgaven voor militarisering heeft bezitgenomen van de geesten.
Dat is wat de Duitse schrijver en journalist Ingar Solty de Innere Zeitenwende noemt. In een 118 pagina’s tellend pamflet onder die titel legt hij uit hoe dat niet geheel spontaan is gebeurd, maar het resultaat is van een niet aflatende campagne van deze en vorige regering onder leiding van Merz en Scholz, daarbij geholpen door wat je een Duitse variant zou kunnen noemen van het militair-industrieel complex met woordvoerders en actieve propagandisten in de meeste politieke partijen met speciale vermelding voor de Groenen.
De oorlog in Oekraïne was de geschikte aanleiding om te doen wat centrumpartijen, opiniemakers en stichtingen onvermijdelijk achtten
De Zeitenwende heeft een precieze startdatum: 27 februari 2022, drie dagen na de Russische illegale inval in Oekraïne, toen Scholz zijn historische toespraak tot de Bundestag hield, maar het idee van hermilitarisering van Duitsland deed al langer opgeld.
De oorlog in Oekraïne was niet de oorzaak maar de geschikte aanleiding om in de praktijk te brengen wat politici uit de centrumpartijen, opiniemakers, stichtingen, think tanks, media en niet het minst de militaire industrie onvermijdelijk achtten: het beeld bijstellen van Duitsland als “industriële reus en militaire dwerg".
Al in 1994 pleitte Wolfgang Schäuble, toen fractievoorzitter van de CDU in de Bundestag, voor een nieuwe Duitse Ostpolitik, waarbij Duitsland na de val van de Sovjetunie de leiding zou nemen van een slagvaardig "Kern-Europa" waarin de "landen van Centraal Oost-Europa zouden worden opgenomen".
De deelname eind jaren 1990 van Duitsland aan de NAVO-oorlog tegen Servië en Montenegro doorbrak definitief het taboe op de inzet van dat Duitse troepen in het buitenland. Onder het ministerschap van de Groene Joshka Fischer op Defensie kwam het voormalige Joegoslavië voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog weer onder Duitse bommen te liggen.
“Samen met de defensie-industrie pleitte rond deze tijd het gros van de pundits in buitenlandse politiek voor het einde van het ouderwetse ‘Genscherisme' waarmee de ontspanningspolitiek van Willy Brandt en minister van Buitenlandse Zaken Dietrich Genscher onder Helmut Schmidt wordt bedoeld.
Niet alleen werd met deelname aan de oorlog in het voormalige Joegoslavië schoon schip gemaakt met het grondwettelijk verbod van de inzet van Duitse troepen in het buitenland, de nieuwe marsrichting in de Duitse buitenlandse politiek werd verantwoord met de “nationale belangen in afzet-en grondstoffenmarkten”.
In een regeringsdocument Neue Macht - Neue Verantwortung heette het dat “Duitsland bovenmate geglobaliseerd is”, dat “zijn bedrijven op alle continenten actief zijn” en dat daarom “het overkoepelende strategische doel van Duitsland (…) het behoud en de verdere ontwikkeling van deze (…) orde moest zijn.”
Duitsland zou “in de toekomst meer moeten doen dan nu om deze voor het land gunstige status quo te behouden.” Dat was onder andere de motivatie voor deelname in 2016 van de Bundeswehr aan militaire maneuvers in de Aziatisch-Pacifische regio. Daarmee maakte de bondsregering duidelijk dat “in het geval van een gewapende escalatie in het conflict tussen de VS en China de Bundeswehr aan de zijde van de VS zou staan”.
Einde van de 'gelukzucht'
Dat alles moest het einde inluiden van het tijdperk van Duits pacifisme. Het Duitse volk was volgens Bondspresident Joachim Gauck (2012-2017) tot dan te zeer 'glückssüchtig' en moest van die aandoening genezen worden. Het begrip 'offerbereidheid' dat in Nazi-Duitsland een grote rol speelde moest in ere worden hersteld. Het probleem, aldus de historicus Egon Flaig, is “de onwilligheid van ouders om hun kinderen als soldaten te zien, dat wil zeggen als leden van de gemeenschap die eventueel voor die gemeenschap geofferd kunnen worden.” Daarom is volgens deze historicus “de culturele herprogrammering nodig van een verregaand gedepolitiseerde, door velen ‘post-heroïsch’ genoemde samenleving”.
Het begrip 'offerbereidheid' dat in Nazi-Duitsland een grote rol speelde moest in ere worden hersteld
Deze herprogrammering nam een hoge vlucht tijdens de zogenaamde Ampel Regierung (verkeerslichtregering) de rood-geel-groene coalitie van 2021 tot 2025 onder Olaf Scholz. Ze zorgde voor een heel eigen vocabularium met verhullende woorden als Zeitenwende voor bewapening, Sondervermögen voor schulden, Bürgergeld voor armoede en Freiheitsenergie voor schaliegas.
Niet te verbazen dus dat in een Orwelliaanse twist herbewapening pacifisme werd genoemd. “Pacifisme heet voortaan bewapenen” zei de voormalige minister-president van Baden-Württemberg Wilfried Kretschmann op de zender ZDF. Dat is wat Ingar Solty de Innere Zeitenwende noemt: niet alleen infrastructuur en logistiek oorlogsbereid (kriegstüchtig) maken, niet alleen onderwijs, civiele bescherming en andere instellingen op oorlog voorbereiden maar vooral de Zeitenwende “in het hoofd en de ziel van de mensen inplanten”.
Eén van de middelen daartoe is het onderscheid vervagen tussen oorlog en vrede. Zoals in de uitspraak van bondskanselier Friedrich Merz dat “Duitsland zich nog niet in een toestand van oorlog bevindt maar ook niet meer in die van vrede”. Of wanneer defensieminister Boris Pistorius zegt dat “Duitse soldaten in een ernstig geval bereid moeten zijn om Russische soldaten te doden”.
Je zou eraan toe kunnen voegen dat de “herprogrammering” haar doel heeft bereikt als in de Duitse en internationale pers nauwelijks beroering ontstaat wanneer een journalist van de respectabele Frankfurter Allgemeine Zeitung op een persconferentie de Oekraïense president Zelenski vraagt “wat Europa kan doen om meer Russen – ik bedoel Russische soldaten – te doden”.
Popcorn eten voor oorlog
De creativiteit waarmee het idee van doorgedreven militarisering in de hoofden van de Duitsers wordt geramd is grenzeloos. In de bioscopen gaan films geschikt voor twaalf- en zelfs zesjarigen gepaard met reclame voor de Bundeswehr, ondersteund met popcorn geserveerd in bekers in camouflagekleuren, gratis ter beschikking gesteld en betaald door de belastingbetaler.
De Duitser die een pizza bestelt of brood koopt krijgt er ongevraagd militaire propaganda bij op pizzadozen en broodzakken. Bakkerijen en pizzatenten krijgen het verpakkingsmateriaal gratis geleverd. Deze doorgedreven campagne is nodig omdat de bereidheid van de Duitser om halsoverkop ten oorlog te trekken ondanks alle propaganda gering is.
Ja, er is toestemming om geld in bewapening te steken maar als het erop aan komt persoonlijk lijf en leden ter beschikking te stellen van das Militär is het enthousiasme ver te zoeken. Dat blijkt vooral bij de Groenen die weliswaar vurig pleiten voor meer wapens maar waar minder dan 10 procent van hun kiezers ook bereid is met die wapens in de hand te sterven voor het vaderland.
Daarom dus moet de campagne een versnelling hoger schakelen in Orwelliaans taalgebruik. “Legerdienst is Vrijheidsdienst” heet het in de campagne van een Groene politicus. Oorlog is vrede. “Wij zijn de sterkste vredesbeweging van Duitsland” luidt een van de slogans waarmee de Bundeswehr op rekruten aast. Te lezen op metrostations, bushaltes en trams. “Het leger biedt een perspectief tot actie voor mensen die verlamd zijn door oorlogsangst” is een andere.
AI-gegenereerd beeld
Zelfs de allerkleinsten zijn niet veilig voor de oorlogspropaganda. De voormalige federale minister voor onderwijs Bettina Stark-Watzinger vond dat kinderen een “ongedwongen houding ten aanzien van de Bundeswehr ” moest worden bijgebracht en ter bevordering van "onze weerbaarheid, samen met soldaten van de Bundeswehr moeten oefenen voor het geval van oorlog”.
Jeugdofficieren van de Bundeswehr worden op de scholen losgelaten als 'loopbaanadviseurs'
Zij werd hierin gesteund door de toenmalige oppositieleider, nu bondskanselier, Friedrich Merz, die tegen de kranten van de mediagroep Bayern zei: “De Bundeswehr moet weer een plaats in het midden van de samenleving innemen en daar hoort ook een onbelemmerde toegang tot de scholen bij”.
Jeugdofficieren van de Bundeswehr worden op de scholen losgelaten als 'loopbaanadviseurs'. Dat het niet altijd helpt bewijzen de acties van scholieren en studenten tegen de “vrijwillige legerdienst” die onvermijdelijk tot dienstplicht (gedwongen rekrutering) zal leiden. Op 5 december vorig jaar bijvoorbeeld kwamen meer dan 40000 scholieren en studenten in 80 Duitse steden op straat tegen een toekomst als kanonnenvoer.
Het bedrijf Kinder Events uit Sehnde produceert springkastelen in de vorm van tanks, die organisatoren van grote kinderevenementen kunnen huren. In het Zwabische Kellmütz kunnen ouders zes- tot twaalfjarigen tijdens de zomervakantie meteen helemaal bij de Bundeswehr afgeven, voor een „tweedaags Bundeswehr-recreatieprogramma in de plaatselijke basisschool“.
Het stadhuis van Kellmütz organiseert dit recreatieaanbod in samenwerking met de gevechtsstaf van de nabijgelegen kazerne van het NAVO-commando van de Bundseswehr. Het aantal voorbeelden is eindeloos.
Het grootste conventionele leger van Europa
De natte droom van Bondskanselier Merz: Duitsland het grootste conventionele leger van Europa bezorgen. Dat dit nare herinneringen kan oproepen lijkt niemand in Europa bovenmate te verontrusten behalve misschien de Franse wapenmakers die vrezen dat de Duitse concurrent een deel van de wereldmarkt van hen zal afsnoepen.
Voor Rheinmetall en Co is het intussen Bonanza. Sinds het begin van de oorlog in Oekraïne zijn de aandelen van de Duitse wapenindustrie als een raket omhooggeschoten. Het aandeel Rheinmetall ging tussen februari 2022 en einde januari 2026 van 96,44 tot 1816,50 Euro – een stijging van maar liefst 1884 procent. Armin Papperger, de chef van het bedrijf kan zijn geluk niet op. “Soms,” zo werd hij eind 2025 in de media geciteerd, “zie ik die cijfers en ik voel me als het ware in wonderland”.
Ook de vakbladen voor aandeelhouders waren euforisch over de fantastische beurskoersen van de wapenindustrie. Toen er op een moment sprake was van vredesonderhandelingen om de oorlog in Oekraïne te beëindigen sloeg de euforie om in paniek. Het plan van Trump zorgde in de woorden van de Börsen-Express voor “Vredesangst”, nog zo een geniaal neologisme dat Orwell niet beter had kunnen bedenken.
Slechts 3 procent van de Duitse bevolking haalt een inkomen uit aandelen van beursgenoteerde bedrijven
Ook in onze pers was er een echo van waar te nemen toen Dominique Minten in De Standaard het vredesplan van Trump “het grootste gevaar voor Oekraïne” noemde dat “gelukkig was afgewend” door de sabotage van de Europese Unie.
Waar komt het manna van de beursgenoteerde bedrijven vandaan? Van de belastingbetaler, dus buitenproportioneel van de loontrekkende. Slechts 3 procent van de Duitse bevolking haalt een inkomen uit aandelen van beursgenoteerde bedrijven. De wapenindustrie is volgens Solty daarom een schoolvoorbeeld van de herverdeling van inkomen en welvaart van onder naar boven.
Het is in de Duitse context ook een herverdeling van Oost naar West. Het is geen geheim dat het verzet tegen de onbeperkte steun in geld en wapens aan Oekraïne vooral in de deelstaten van de voormalige Duitse Democratische Republiek (DDR, Oost-Duitsland) het grootst is. Begin 2025 zeiden 60 procent van de Oost-Duitsers in een opiniepeiling dat ze daar tegen zijn en 31 procent voor. In het Westen waren slechts 40 procent tegen.
Readiness Europe betekent meer en langer werken voor minder loon en minder pensioen
Het recente verkiezingsresultaat in Sachsen Anhalt, Berlijn en Mecklenburg-Vorpommern bevestigt dat ook al wordt dat aspect van de overwinning van de anti-systeempartijen in de meeste media nauwelijks in de analyse opgenomen.
Innere Zeitenwende gaat in de eerste plaats over Duitsland, maar het gaat ook over ons. Niet alleen is Duitsland de leidende industriële macht in Europa, de Duitse voormalige defensieminster Ursula von der Leyen heeft het Duitse model van militarisering voor heel de Europese Unie uitgerold.
Readiness Europe (voorheen Rearm Europe) zal voor alle Europeanen betekenen wat de Zeitenwende voor de Duitsers betekent: meer en langer werken voor minder loon en minder pensioen, een reusachtige transfer van welvaart en bezit van arm naar rijk en een groeiende kloof tussen Oost en West, of op Europese schaal tussen Noord en Zuid. De kiezers in Duitsland geven aan dat ze dit niet zomaar laten passeren. Het woord is nu ook aan de rest van ons Europeanen.
Deze boekrecensie werd overgenomen van het Salon van Sisyphus.
Ingar Solty. Innere Zeitenwende - Die Militarisierung von Deutschlands Gesellschaft und Alltagskultur. VSA Verlag, Hamburg, 2026, 120 pp. ISBN 978-3-96488-259-2