Opinie

Wie dacht “dat er nog tijd was”?

Afbeelding
Een bosbrand. Foto: Kara Capaldo via canva.com
Een bosbrand. Foto: Kara Capaldo via canva.com
Een gebied dat voor veel Belgen synoniem is met stilte, mist en natte grond, staat in brand. In de Hoge Venen ging in enkele dagen meer dan 3.000 hectare natuur verloren. Voor sommigen wordt nu pas duidelijk dat België zich moet aanpassen aan klimaatverandering, terwijl anderen daar al jaren voor waarschuwen.

De brand wordt omschreven als de grootste natuurbrand uit de Belgische geschiedenis. Honderden mensen moesten worden geëvacueerd; brandweerploegen uit binnen- en buitenland werden ingezet. De oorzaak van de brand wordt nog onderzocht. Maar dat de Hoge Venen na een hete, droge periode bijzonder kwetsbaar waren, was geen geheim. De Standaard berichtte dat “iedereen wist dat het veen kurkdroog was”. 

Je kon er lopen, kijken, zwijgen, op adem komen

Voor wie er woont of er vaak kwam, gaat dit niet alleen over een natuurgebied en een dramatisch cijfer. Het gaat over een vertrouwd landschap dat plots een ander landschap is geworden. Over vaste wandelingen, over een plek om met kinderen of kleinkinderen naartoe te gaan, over uren waarin je niets moest kopen, presteren of produceren. Je kon er lopen, kijken, zwijgen, op adem komen. Herinneringen hechten zich aan plaatsen. Aan een pad door het veen. Aan de geur van nat mos. Aan een uitzicht dat in alle seizoenen anders was. Aan de stilte die er nog werkelijk stilte mocht zijn. 

Als zo’n gebied brandt, verdwijnen niet alleen vegetatie, dieren en koolstofopslag. Er verdwijnt ook iets uit het leven van mensen. Iets dat niet in een schadebegroting past. Een landschap kan rust geven, maar ook een gevoel van plaats: het besef dat je ergens deel van uitmaakt zonder er eigenaar van te zijn.

'Ecologische rouw' heet dat. Onderzoekers gebruiken die term voor het verdriet om het verlies van soorten, ecosystemen en vertrouwde landschappen. Het gaat niet alleen om angst voor wat nog komt. Het gaat ook om rouw om wat zichtbaar en dichtbij al verdwijnt. Ashlee Cunsolo en Neville Ellis beschrijven ecologische rouw als een reactie op reële of verwachte verliezen door klimaatverandering.

Niet iedereen dacht dat er nog vijftien jaar was

De Australische filosoof Glenn Albrecht noemde het 'solastalgia' de ontregeling die ontstaat wanneer een plek die vertrouwd was, geen troost meer biedt omdat zij onherkenbaar verandert: een bos dat gekapt is, een beek die droogvalt, een horizon die door loodsen wordt dichtgebouwd. Of een hoogveen dat in vlammen is opgegaan. Een brand als deze maakt die rouw onontkoombaar: we verliezen een stuk van onze leefwereld.

Wie is iedereen?

Toch is dit geen uitnodiging voor collectieve rouw, waarop iedereen recht zou hebben. Alsof er geen kwaad of keuze mee gemoeid is? Karel Verhoeven schrijft in zijn opiniestuk in De Standaard: “Iedereen dacht dat ons land nog tijd had.”  Maar niet “iedereen” heeft in dezelfde mate bijgedragen aan de omstandigheden waarin uitgedroogd hoogveen een kruitvat kon worden. Niet iedereen besliste over ontwatering, ruimtelijke ordening, fossiele investeringen, bedrijfsvoordelen of klimaatbeleid. En niet iedereen dacht dat er nog vijftien jaar was.

Afbeelding
Screenshot uit De Standaard opinie Karel Verhoeven (16 augustus 2026)
Screenshot uit De Standaard, opinie Karel Verhoeven (16 augustus 2026).

Er is al decennialang gewaarschuwd: door klimaatwetenschappers, natuurbeheerders, mensen die met water, bodem, bos en landbouw werken, door jongeren en actieve burgers op straat en door bewoners die overstromingen, droogte of hitte aan den lijve ondervinden. Hun stemmen waren niet te stil: in rapporten, grafieken en protesten. 

De alarmerende en tragische waterbom van juli 2021 in Wallonië ligt nog nauwelijks achter ons: minstens 39 mensen kwamen om het leven. Hele wijken, woningen en infrastructuur werden verwoest; veel bewoners waren jarenlang bezig met herstel. Het KMI beschrijft de neerslag van toen als uitzonderlijk en plaatst zulke overstromingen in de context van een klimaat dat steeds meer extreme regen kan produceren. Ook het CERAC gaf vorig jaar al aan in een rapport dat er dringend meer investeringen nodig waren naar aanleiding van meer branden. Hoezo dacht “iedereen” dat “er nog tijd genoeg is”? We hebben de toekomst al zien binnenvallen, net “door” politieke keuzes, of het gebrek eraan. 

En wie is die kortzichtige mens?

Verhoeven schrijft ook over “menselijke kortzichtigheid”. Maar wie is die “kortzichtige mens”? Wie besliste dat hoogveen moest worden drooggelegd? Wie trok de grachten waardoor water uit het landschap verdween? Wie maakte van water, bodem en open ruimte vooral een middel voor productie, ontginning en rendement? Tweehonderd jaar lang werd veen op verschillende plaatsen ontwaterd. Een gezond, nat veengebied houdt water vast en vormt een buffer tegen droogte. Maar wanneer het uitdroogt, wordt het bij langdurige warmte brandstof. 

Waarschijnlijk is dit veel te trage proces van herstel ook de schuld van Greta Thunberg?

Natuurherstel heeft geprobeerd die schade terug te dringen, met vernatting en aangepast beheer, maar het moest opboksen tegen een veel langere geschiedenis van drooglegging, versnippering en economische uitbating. De Nederlandse krant NRC beschreef hoe vernatting en meer gevarieerde aanplanting het gebied weerbaarder moesten maken, terwijl jaren herstelwerk nu zwaar zijn getroffen. Waarschijnlijk is dit veel te trage proces van herstel ook de schuld van Greta Thunberg? 

Daarom volstaat het niet om te spreken over 'de mensheid' die haar grenzen niet zag. Niet iedereen heeft in dezelfde mate beslist, uitgestoten of geprofiteerd. De klimaatcrisis is verbonden met een economisch systeem dat fossiele groei, goedkope grondstoffen en winst belangrijker heeft gemaakt dan herstel, zorg en de grenzen van een leefbare planeet. 

De woorden en de dingen 

Die politieke keuze en machtsconstellatie wordt politiek in de stellingen gezet via 'taal en geld'. Bart De Wever zei in 2019 tegen klimaatspijbelende jongeren dat zij niet moesten geloven in “een apocalyps” of “doemverhalen”. Theo Francken stelde eerder de vraag of de menselijke invloed op de opwarming niet “het nieuwe politiek correcte dogma” was.

Alsof leven niets te maken heeft met een koel huis tijdens een hittegolf

Dat soort uitspraken maakt diegenen die waarschuwen “voor wat komt” verdacht. Wie aandringt op stevig beleid wordt voorgesteld als een moralist, een paniekzaaier of iemand die niet begrijpt dat mensen ook nog moeten kunnen leven. Alsof leven niets te maken heeft met een koel huis tijdens een hittegolf, met betaalbaar voedsel, met een verzekerbare woning of met natuur die niet in rook opgaat. Meer zelfs, in de pers beschuldigen sommigen nu klimaatactivisten zoals Greta Thunberg: ze hebben vermeden dat we ons konden aanpassen. 

Nog duidelijker worden de keuzes wanneer men naar "het geld" kijkt. België heeft een officiële inventaris van subsidies voor fossiele brandstoffen. Daarin staan onder meer belastingvoordelen voor bedrijfswagens. De indirecte fossiele subsidies bedroegen volgens de federale inventaris 0,4 procent van het bbp.  Tegelijk krijgen energie-intensieve bedrijven voordelen via gratis emissierechten, compensaties voor CO₂-kosten en gunstige tarieven of vrijstellingen. Greenpeace schatte de jaarlijkse steun aan de Belgische industrie via zulke mechanismen tussen 2022 en 2024 op 5,7 tot 7,4 miljard euro.  

Dit gaat over politieke keuzes, in het belang van sommigen en in het nadeel van velen

En terwijl verlieslatende regionale luchthavens onder tafel via een dading garantie op overheidssteun krijgen tot 2028, blijven middelen om ecologische buffers te herstellen achter. Waarom blijft vervuiling zo vaak goedkoper dan bescherming van onze natuurlijke buffers?

Kortom, “iedereen” functioneert tegen die achtergrond als een alibi. Een aanpassing zonder een andere economische richting leidt tot een herhaling van hetzelfde. Het IPCC waarschuwt dat de klimaatrisico’s voor Europa verder toenemen en dat bestaande aanpassingsmaatregelen vaak onvoldoende zullen zijn om de resterende schade te vermijden.

Niet iedereen dacht dat er nog tijd was. En niet “iedereen” wentelt zich in een toestand van onwetendheid en kortzichtigheid. Dit gaat over politieke keuzes, in het belang van sommigen die winst opstrijken, in het nadeel van velen die de natuur gebruiken als publiek goed en terecht rouwen om wat “we” verliezen.

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?