Opinie

Op TikTok wil iedereen "even Chinees zijn": leuke trend of problematisch?

Afbeelding
Bewerkt beeld: Mia Olofsson, olenayeromenkophotos, Mauvries, via canva.com
Bewerkt beeld: Mia Olofsson, olenayeromenkophotos, Mauvries, via canva.com
'Chinamaxxing' is een nieuwe trend op sociale media waar mensen Chinese tradities of gewoontes overnemen als lifestyle. Bo Van Overstijns vraagt zich af wat die trend waard is in een tijd waarin sinofobie nog altijd mee het beeld bepaalt.

“You met me at a very Chinese time of my life.” Het zinnetje duikt overal op. Op TikTok, op Instagram, in reels (korte video's, nvdr) waarin mensen dampende dim sum eten, rijstkokers die zachtjes pruttelen, pu-erh thee drinken uit een gaiwan of dansen op ‘Ke Mu San’ in traditionele kledij. De hashtag #Chinamaxxing suggereert dat “meer Chinees worden” een vorm van zelfoptimalisatie is. Warm water drinken. Leven volgens de logica van de Traditionele Chinese Geneeskunde. Alsof “Chinees” ineens een lifestylefilter is dat je over je bestaan legt. 

De toon is luchtig, zelfbewust. Maar achter de humor en de virale dansjes schuilt een ongemakkelijke vraag: wat betekent het om “even heel Chinees” te zijn in een tijd waarin sinofobie wereldwijd nog altijd aanwezig is? En is het werkelijk zo onschuldig?

@tashanewcombe

Found out I was a Chinese baddie last night, thanks @sherry xxx

♬ original sound - Tasha Newcombe

De trend voelt voor sommigen als waardering. Een erkenning dat Chinese cultuur verfijnd, gezond en inspirerend kan zijn. Voor anderen is het een verpakking van clichés die al generaties lang aan Aziatische gemeenschappen kleven. Dezelfde rijstgeur die nu als gezond wordt gevierd, was ooit reden voor pesterijen op het schoolplein. Het warme water waar influencers mee pronken, werd jarenlang weggelachen als bijgeloof. Wat vandaag esthetiek is, was gisteren nog stigma.

Eeuwenoude Sinofobie 

De timing maakt het extra beladen. Sinds de uitbraak van COVID-19 nam anti-Aziatisch racisme wereldwijd toe. De slogan “Stop Asian Hate” werd een noodkreet. Tegelijk groeide het geopolitieke wantrouwen richting China: discussies over handelsconflicten, spionage, technologieverboden en een vermeende nieuwe koude oorlog. In dat klimaat is “Chinees” niet alleen cultureel, maar ook politiek geladen. 

Wie denkt dat die achterdocht nieuw is, vergist zich. Sinofobie heeft zich sinds de negentiende eeuw wereldwijd ontwikkeld in golven die samenhingen met migratie, kolonialisme en geopolitieke spanningen. In de Verenigde Staten leidde arbeidsmigratie tijdens de goudkoorts en de aanleg van spoorwegen tot geweld en uitsluitingswetten, met als culminatiepunt de Chinese Exclusion Act, die Chinese arbeiders expliciet verbood te immigreren en hen juridisch tot tweederangsburgers maakte. 

Chinezen werden voorgesteld als tegelijk inferieur en gevaarlijk, een paradox die uitsluiting legitimeerde

In Zuidoost-Azië, waar al eeuwen Chinese handelsgemeenschappen bestonden, escaleerden economische rivaliteit en koloniale verdeel-en-heerspolitiek in pogroms zoals het bloedbad van Batavia in 1740. In Australië werd met de White Australia Policy een raciaal immigratieregime ingevoerd dat Aziatische aanwezigheid systematisch beperkte. In Europa circuleerde het stereotype van de “Yellow Peril”: Chinezen werden voorgesteld als tegelijk inferieur en gevaarlijk, een paradox die uitsluiting legitimeerde. Ook in de twintigste eeuw bleven Chinese gemeenschappen doelwit van wantrouwen tijdens oorlogen en revoluties in Azië.

Grootmachten en kritiek

Dansen op ‘Ke Mu San’ kan gewoon leuk zijn. Dim sum eten is geen politieke daad. Culturen beïnvloeden elkaar al eeuwen: uitwisseling is geen misdaad, het is zelfs mooi. Het probleem ontstaat wanneer “Chinees” een kostuum wordt dat je aan- en uittrekt. Wanneer de grap belangrijker wordt dan de mensen zelf. Wanneer de esthetiek wordt gevierd, maar de gemeenschap genegeerd. 

Sinofobie beweegt zich precies in die spanning tussen fascinatie en afstand. Het is zelden alleen angst voor een land: het verschuift moeiteloos van staat naar straat, van geopolitiek naar gezichtskenmerk. Kritiek op de Volksrepubliek China is legitiem. Maar wanneer die kritiek overgaat in wantrouwen tegenover mensen met een Chinees uiterlijk of een Chinese naam, wordt politiek gereduceerd tot etniciteit. Dan wordt verschil erfelijk gemaakt.

Achter elk containerbegrip schuilen mensen met uiteenlopende verhalen, overtuigingen en ervaringen

Opvallend is hoe flexibel het stereotype is. In tijden van economische groei heet het discipline en doorzettingsvermogen. In tijden van crisis wordt hetzelfde gedrag gelezen als sluwheid of oneerlijke concurrentie. Het beeld past zich aan de angst van het moment aan. Discriminatie begint zelden met geweld maar met taal. Met herhaalde beelden en stereotypen. Met grapjes die steeds dezelfde groep raken. Met vragen die niet uit nieuwsgierigheid maar uit positionering worden gesteld. Het is die alledaagse herhaling die het verschil normaliseert. 

Misschien zegt #Chinamaxxing uiteindelijk meer over het Westen dan over China. In tijden van onzekerheid zoeken mensen houvast in routines, tradities, wellness. “Chinees” wordt dan een symbool voor balans, discipline, zorg. Maar symbolen zijn nooit leeg. Achter elk containerbegrip schuilen mensen met uiteenlopende verhalen, overtuigingen en ervaringen.

De vraag is dus niet alleen wat China doet, maar wat wij doen met ons beeld van China. Of we bereid zijn cultuur te waarderen zonder haar te reduceren. Of we het onderscheid kunnen bewaren tussen systeem en individu. Of we begrijpen dat de vrijheid om je “even heel Chinees” te voelen, een keuze is, terwijl anderen dagelijks worden geconfronteerd met een label dat zij niet kunnen afleggen. Vier het lentefeest. Eet je dumplings. Dans.
Maar vergeet niet wie er al generaties lang onder datzelfde woord leeft, niet als trend, maar als werkelijkheid.

Afbeelding
Word DWM Bondgenoot
Steun ons | De Wereld Morgen

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?