1 jaar regering-De Wever verdient geen feest
Een jaar geleden trad de nieuwe federale regering aan. Het moment voor verschillende media om terug te blikken.
De VRT pakt uit met de vijf beste momenten van Bart De Wever. De Standaard en Het Nieuwsblad pakken uit met vier citaten van de eerste minister. HLN en VTM komen met een peiling waaruit blijkt dat het vertrouwen in de premier erg groot is en De Morgen komt met een analyse van hoe De Wever tot een staatsman lijkt te zijn verveld.
Twee zaken vallen op. Ten eerste: al deze terugblikken focussen sterk op de figuur De Wever. Ten tweede: de evaluatie is overal overwegend positief. De Wever wordt vooral geportretteerd als een sterke leider.
De grote Bart De Wever-show
Hoe komt het dat media die bij uitstek een kritische rol te vervullen hebben, zich lijken te gedragen als supporters van de machtigste man van het land?
Een belangrijke tendens die hieraan ten grondslag ligt, is dat politieke berichtgeving in een poging om neutraal te zijn, ontdaan wordt van ideologie. “Je kan voor of tegen de ideeën van De Wever zijn, maar iedereen moet toch erkennen dat hij het goed doet als eerste minister”, zo klinkt het dan. Maar of iemand het goed doet als premier is altijd een politieke en dus ideologische kwestie, die onmogelijk neutraal beantwoord kan worden.
Politieke berichtgeving lijkt steeds meer op sportverslaggeving
Door politieke berichtgeving te ontdoen van ideologie, wordt de berichtgeving gemodelleerd naar die van een sportwedstrijd. Uit elke peiling of onderhandeling komen dan ‘winnaars’ en ‘verliezers’. De winnaars zijn daarbij steeds die politici die de meeste macht naar zich toetrekken. In plaats van de macht te bevragen, beperkt de journalistiek zich er op die manier toe om achter de macht aan te lopen. En zo verwordt wat ooit het publieke debat had moeten zijn, steeds meer tot de grote Bart De Wever-show.
Hot topic in die show is nu de vraag of De Wever een even ‘grote staatsman’ is als dat Jean-Luc Dehaene was. Die vraag wordt op precies dezelfde manier gesteld als in sportprogramma’s de vraag of wielrenner Remco Evenepoel ooit Eddy Merckx zou kunnen benaderen. Dehaene zou al meer bewezen hebben en grotere cols bedwongen hebben, maar de omstandigheden waarin De Wever de oefening doet, zouden moeilijker zijn.
In de sport is zo'n discussie eigenlijk al weinig zinvol, maar in de politiek is ze totaal ongepast. De essentie van het politieke debat zou niet mogen zijn wie het hardste kan trappen. Het zou moeten gaan over welke richting we (moeten) uitgaan. De essentie van democratie is dat we het daarover altijd oneens kunnen blijven.
Los van het feit dat de berichtgeving die focust op het vermeende staatsmanschap van de eerste minister het woord 'duiding' oneer aandoet, schuilt het gevaar ook in het zelfvervullende karakter van zulke analyses. Hoe vaker je herhaalt dat De Wever een winnaar is, alsof dat een neutrale vaststelling is, hoe groter de kans dat hij als winnaar gezien wordt door het publiek en hoe groter de kans dat hij de verkiezingen ook wint.
Op die manier zijn journalisten die verklaren dat je ‘los van ideologie’ moet erkennen dat De Wever wel ‘sterk hervormt’ of ‘veel voor elkaar krijgt’ mee verantwoordelijk voor de verrechtsing van onze samenleving.
Een jaar van verzet en alternatieven
Waar grote media zich steeds meer beperkten tot achter de macht aanlopen, blijft het verhaal van de tegenmachten in de samenleving onverteld. Nochtans zijn die er wel.
Vandaag, op de verjaardag van de federale regering, voerden de vakbonden van de non-profitsector actie omdat ze nog steeds wachten op een sociaal akkoord dat betere loon- en werkvoorwaarden mogelijk maakt. Het is niet de eerste sociale actie en het zal ook niet de laatste zijn.
Er bestaat een groot draagvlak voor een vermogensbelasting
Een jaar regering-De Wever betekent ook een jaar verzet. Er leeft grote onvrede over de pensioenhervorming die de regering wil doorduwen en de ongelijke verdeling van begrotingsinspanningen. Zo bestaat er een groot draagvlak voor een vermogensbelasting, maar weigert de regering dat in te voeren.
Ondanks massaal grote protesten weigert de regering ook nog steeds om Palestina te erkennen. Armoedeorganisaties, milieubewegingen en vredesbewegingen hebben niet alleen luide kritiek op de regering, maar komen ook met alternatieven voor hoe het anders zou kunnen. In een democratische samenleving verdienen die kritieken en die alternatieven aandacht.
Daarom begonnen we een jaar geleden, bij het aantreden van de federale regering, samen met activisten, syndicalisten en vertegenwoordigers van deze middenveldsorganisaties aan een dossier over de plannen van de regering-De Wever. In dat dossier geven we niet alleen een overzicht van de maatregelen die ons te wachten staan. We leggen ook uit waar ze vandaan komen en waarom er ondanks alle besparingen bij elke begrotingscontrole weer een tekort zal zijn. En we gaan op zoek naar alternatieven.
Wie op zoek is naar analyses die niet gefocust zijn op het Instagramaccount van de kat van de eerste minister kan het dossier hier lezen.