Analyse

N-VA: de mythes doorprikt

Teaser fallback community afbeelding
N-VA stelde vorige week vrijdag haar economisch programma voor. De Wever & co mochten het hoe en waarom van dat programma uitvoerig uit te doeken doen in menige krant en televisiestudio. Wat tijdens die media-interventies opviel was dat er bepaalde spontane aannames steeds terugkeerden. Aannames die voorgesteld worden als voldongen feiten maar in feite meer mythes zijn. In deze bijdrage worden vier van dergelijke mythes doorprikt.

Mythe 1: De sociale zekerheid is louter verzekering

In de retoriek van N-VA wordt de sociale zekerheid steeds opgevat als een verzekering.i Bemerk nochtans dat er een essentieel verschil bestaat tussen de woorden 'verzekering' en 'zekerheid'. Dat wij onze sociale zekerheid een 'zekerheid' noemen, heeft te maken met de principes die achter die sociale zekerheid schuilgaan.

De sociale zekerheid is ontworpen om alle burgers een minimale vorm van zekerheid te bieden tegen persoonlijke, economische en sociale tegenslagen. Het soort tegenslagen waar we allemaal mogelijks mee geconfronteerd worden. Net omdat we allemaal kunnen te maken krijgen met dergelijke tegenslagen werd een systeem ontworpen dat iedere burger een minimale zekerheid garandeert.

Er zit een onvoorwaardelijk element in het idee van sociale zekerheid. Voor iedere burger moeten bepaalde fundamentele rechten gewaarborgd blijven. Net daarom kan een zekerheid nooit verengd worden tot een verzekering. Een verzekering werkt volgens een 'voor-wat-hoort-wat' principe: je krijgt naarmate je bijdraagt. De zekerheid van de sociale zekerheid is dat zelfs diegene die niet kunnen bijdragen toch aan boord blijven.

Zekerheid reduceren tot verzekering is een aanval op de onvoorwaardelijke principes waarop de sociale zekerheid rust. En het is die aanval die N-VA heel doelbewust en nauwgezet inzet. Voorbeelden? Werkloosheidsuitkering wordt beperkt in de tijd, leefloon wordt afhankelijk gemaakt van de bereidheid om vrijwilligerswerk te doen. Fundamentele rechten en zekerheden worden voorwaardelijk gemaakt. Onzekerheid komt in de plaats.

Mythe 2: Activering door beperken uitkeringen

Het vertoog van de N-VA is een vertoog dat angst inzet als overtuigingsmiddel. Er wordt voortdurend een beeld opgehangen van een sociaal model dat op de rand van de afgrond staat. De apocalyptische voorspellingen moeten toekomstige kiezers overtuigen van de juistheid en dringendheid van N-VA's economisch programma.

Voor N-VA kan de apocalyps als volgt vermeden worden: er moet meer bijgedragen worden aan het systeem van de sociale zekerheid. Dat betekent concreet: meer werken, minder verteren. De denkfout die hier gemaakt wordt is dat bijdragen een kwestie van pure vrijwilligheid zou zijn. Alsof mensen ervoor kiezen om niet bij te dragen en werkloos te zijn.

De waarheid is eerder andersom natuurlijk. Vele mensen willen niets liever dan werken, gezond zijn en actief bijdragen door middel van arbeid. Het idee dat werk vinden slechts een kwestie van wilskracht is, is nonsens. Recent nog getuigde een blogster op deze site hoe voor een betrekking van één (!) maand zich honderd mensen kandidaat stelden. Dat is de realiteit van de arbeidsmarkt vandaag: er zijn meer werkzoekenden dan vacatures.

In tijden van toenemende werkloosheid en minder openstaande vacatures is het net belangrijk dat de sociale zekerheid in tact blijft. Het is op dat moment dat ons sociaal systeem zijn werk hoort te doen. Daarvoor dient het.

Maar daar denkt N-VA duidelijk anders over. Net nu zoveel (jonge) mensen op zoek zijn naar werk, wordt de werkloosheidsuitkering verder beperkt in de tijd. N-VA pleit ervoor om een uitkering tot twee jaar te beperken. Daarna val je terug op een leefloon. En wie op een leefloon terugvalt die mag 'vrijwilligerswerk' gaan uitvoeren. En wie zonder leefloon valt, krijgt nada.

Mythe 3: Ondernemers creëren jobs

De N-VA pleit niet alleen voor een besparing in de sociale zekerheid. Ook werkende mensen zullen door de zure appel moeten heen bijten. De indexsprong die N-VA voorstelt zorgt ervoor dat het leven van werkende mensen duurder zal worden. Het loon zal immers niet meestijgen met de prijzen waardoor de koopkracht daalt. Dit komt neer op een loonverlies van gemiddeld 1050 euro bruto.

Maar maatregelen zoals de indexsprong of het snoeien in de sociale zekerheid dienen een hoger doel volgens N-VA. Deze pijnlijke ingrepen dienen om onze economie opnieuw op het spoor te krijgen. Het zal de competitiviteit van bedrijven verhogen en op die manier jobs scheppen. Kortweg gezegd: ondernemers creëren jobs, dus moeten die ondernemers verwend worden.

Ondernemers creëren dus jobs. Het is de mythe die als sluitsteen dient voor het hele economische programma van N-VA. Maar het blijft een mythe. Dat ondernemers jobs creëren klopt eigenlijk niet. Voor een ondernemer is iedere werknemer een kost en kosten dienen vermeden in een context van winstmaximalisatie. Competitieve bedrijven streven ernaar om zo weinig mogelijk mensen als werknemer aan te nemen. In die zin kan je zeggen dat ondernemers evengoed jobvernietigers zijn.

Hoe worden jobs dan wel gecreëerd? Door het stimuleren van de koopkracht. Een onderneming zal slechts mensen te werk stellen als ze moet antwoorden op een toegenomen vraag vanuit de consumenten. Om een voorbeeld te geven: de cafébaas die zijn klantenaantal plots ziet verdubbelen zal noodgedwongen extra krachten achter de bar zetten. Is het de cafébaas die jobs creëert? Nee, het zijn de klanten die genoeg geld hebben om op café te gaan die de extra jobs creëren. Om preciezer te zijn: dankzij het geld – de koopkracht – van de klant ontstaan er nieuwe jobs.

De koopkracht van de consument wordt onder andere gestimuleerd door herverdelingsmechanismen, collectief sector-overschrijdend overleg omtrent lonen en het indexmechanisme. Maar het zijn nu net die zaken die N-VA in naam van jobcreatie wil in de prullenmand werpen.

Mythe 4: De warme en sociale N-VA samenleving

De Wever benadrukte het nogmaals in Reyers politiek: de N-VA staat voor een warme gemeenschap waarin natuurlijke en spontane verbanden tussen de leden van de gemeenschap het individu op het rechte pad houden. Gemeenschap is dus belangrijk voor N-VA. In die lijn moet ook de suggestie gelezen worden van Zuhal Demir in De Morgen die stelt dat niemand gebaat is met de aanwakkering van het conflict tussen arbeid en kapitaal.Maar de paradox is dat het N-VA programma alles in het werk stelt om het aloude conflict tussen arbeid en kapitaal te verscherpen. Haast alle commentatoren en specialisten beamen dat N-VA's economisch programma neerkomt op een gunstregime voor ondernemers en vermogenden, terwijl de werkenden en uitkeringsgerechtigden de prijs betalen. Lasten en lusten worden verdeeld langsheen de scheidingslijn tussen arbeid en kapitaal. De lusten komen ten goede aan het kapitaal.

Het is hoogst twijfelachtig of we op die manier tot de warme en solidaire samenleving zullen komen die N-VA wil scheppen. Het tegendeel zal eerder het geval zijn. Ongelijkheid zal verder toenemen, sociale conflicten zullen intenser worden en de zeden zullen verharden. De samenleving zal een gespleten samenleving zijn, nog meer dan nu. Een samenleving ook waarin individuen en groepen wel degelijk uit de boot zullen vallen en die mensen tegen elkaar opzet.

Wat De Wever & co niet beseffen is dat hun economisch programma de snelste weg is naar het complete tegendeel van een spontane en solidaire gemeenschap.

iCf. het recente opiniestuk van Zuhal Demir in De Morgen. Ze hanteert verzekering en zekerheid als inwisselbare begrippen

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?