Steun jij DeWereldMorgen.be al?

Deze nieuwssite is niet-commercieel, onafhankelijk en 100% gratis voor iedereen.
Dat is enkel mogelijk door de steun van onze lezers.
Wij hebben jouw steun hard nodig!

Ja, ik wil steunen

Sluit dit venster

about
Toon menu

“Facebook, Twitter en Google bepalen wat wij mogen zien”

Het incident met de foto van het napalmmeisje is volgens Glenn Greenwald het tipje van de ijsberg. “Facebook, Twitter en Google worden arbiters van wat wij wel of niet mogen zien”. Facebook gaat nog een stap verder en overlegt met de regering van Israël om berichten op de sociale media over de bezetting van Palestina en de apartheid in Israël te censureren.
dinsdag 13 september 2016

Vindt u dit artikel de moeite? Geef ons dan uw fair share.

Nauwelijks is het protest gaan liggen over de censurering door Facebook van de iconische foto van het napalmmeisje in de Vietnamoorlog of Facebook zet een stap verder in de selectieve censuur van wat mag verschijnen. Blijkbaar pleegt de directie van Facebook al enige tijd overleg met vertegenwoordigers van de Israëlische regering over Facebookberichten die de bezetting van Palestina aanklagen.

Bij meerdere van deze ontmoetingen was minister van justitie Ayelet Shaked aanwezig. Zij is een extreem-rechtse politica die openlijk het recht op bestaan van een Palestijnse staat ontkent. Over de samenwerking met Facebook blijkt ze zeer tevreden te zijn: “Over de voorbije vier maanden heeft Israël 158 verzoeken gericht tot Facebook om berichten te verwijderen, in 95 procent van deze gevallen heeft Facebook ons verzoek ingewilligd.”

De regering in Tel Aviv is al enige tijd bezig met het aanhouden van Palestijnen die berichten posten over de bezetting. De sociale media zijn al lang tegelijk een zegen en een vloek voor de Palestijnse activisten. Enerzijds maken de sociale media het mogelijk om binnen een aantal uren al acties te ondernemen tegen de bezetting, anderzijds is het voor Israël gemakkelijk om Palestijnen te monitoren die op sociale media actief zijn.

Selectieve censuur

In 2014 plaatsten duizenden Israëli's oproepen tot moord op Palestijnen. Toen in 2015 een Israëlische soldaat een gewonde, ongewapende en uitgeschakelde Palestijn op de grond door het hoofd schoot, verspreiden andere soldaten de video van deze standrechterlijke executie op Facebook om dit geweld te loven en goed te praten, met grote aantal positieve commentaren van andere Israëli's.

Minister van justitie Shaked heeft zelf meermaals extreem bedreigende berichten op Facebook geplaatst met oproepen om Palestijnen te vermoorden. Ook eerste minister Benjamin Netanyahu en meerdere van zijn andere ministers hebben dat al gedaan.

Journalist Glenn Greenwald wijst er tevens op dat ook algemene oproepen tot geweld vanuit Europa en de VS tegen moslims en moslimlanden ongecensureerd blijven: “Is het zelfs maar mogelijk om je in te beelden dat Facebook de berichten zou verwijderen van Europeanen die oproepen tot agressieve oorlogen en andere vormen van geweld tegen moslimlanden of tegen critici van het Westen? De vraag stellen is ze beantwoorden”. (zie twee voorbeelden van oproepen tot geweld die ongecensureerd bleven)


 

Glenn Greenwald heeft vijf vragen gericht aan Facebook, waarop hij nog geen antwoord heeft gekregen:

  1. Heeft Facebook ooit samengezeten met Palestijnse leiders om berichten te identificeren en te verwijderen van Israëli's die aanzetten tot geweld? Heeft Facebook plannen om dat te doen?
  2. Als een Israëli oproept Palestijnen aan te vallen en/of te bombarderen, zouden deze berichten de richtlijnen van Facebook overtreden en worden verwijderd? Zijn er al ooit dergelijke berichten verwijderd?
  3. Welke rol speelt de Israëlische regering om Facebook te helpen berichten te identificeren die zouden moeten worden verwijderd?
  4. Facebook deelt mee dat “95 procent van de verzoeken” van Israël om inhoud te verwijderen werden ingewilligd. Welk percentage van verzoeken door Palestijnen om inhoud te verwijderen werd ingewilligd?
  5. Als iemand zegt dat de bezetting door Israël onwettig is en dat men er zich met alle middelen met tegen verzetten, zou dat toegestaan worden?

Glenn Greenwald: “Een van de eerste beloftes van het internet en mogelijkerwijze een van de voornaamste voordelen van internet is dat het ongelijkheden kon uitschakelen, omdat het de machtelozen de mogelijkheid geeft even vrij en krachtig te communiceren als de machtigen der aarde. Het is moeilijk om enig scenario in te beelden dat meer tegen deze belofte van het internet ingaat dan de bazen van Facebook die samenzitten met de regering van Israël om te beslissen wat Palestijnen al dan niet mogen zeggen.”

Bron: Facebook Is Collaborating With the Israeli Government to Determine What Should Be Censored

reageer

5 reacties

  • door Red Heskimo op woensdag 14 september 2016

    Het internet is een uit de hand gelopen militair communicatie back up plan.

    Is het zo verbazend dat de dat "men" deze terug onder controle wilt krijgen?

    Of het "hen" gaat lukken is een andere vraag :-)

    • door Jean Van den Bosch op vrijdag 16 september 2016

      Ergens vind ik jouw reactie terecht maar ook grappig. Internet is inderdaad een afdankertje van het Amerikaans leger, hadden het opgegeven in 1967 trouwens. Waarschijnlijk hadden zij, toen, al iets beter op het oog. Communicatie via de "Van Halen gordel"? Wie weet. Wat je het Amerikaans leger moeilijk kan verwijten, is dat zij stom zijn. Wie zegt dat er geen achterpoortjes (backdoors) in het systeem zitten? Die hun net toelaten alles te lezen? Vergeet niet dat het Chinees leger, en de hele Chinese industrie in navolging, in hun Copy-Paste woede alles stelen-inpikken-gebruiken. Het Chinees leger is volledig overgeschakeld op TOR. Bij mijn weten draait TOR nog steeds op "het" internet. Waarbij opnieuw mijn vraag, wie leest wie? Nog niet zo stom van die Amerikanen.

  • door antond op vrijdag 16 september 2016

    Elke eigenaar van een communicatiemedium (krant, tijdschrift, TV station) bepaalt wat er wel en wat niet wordt gepubliceerd in zijn medium.

    Niemand is verplicht van Twitter, Google of Facebook gebruik te maken. Het staat u altijd vrij om elk van deze media links te laten liggen. U kunt bijvoorbeeld een andere zoekmachine gebruiken en afzien van sociale media. Er is altijd een manier, het kost een beetje moeite natuurlijk, om boodschappen te versleutelen en niemand inzage te geven in uw communicatie.

    Wat u lijkt te ergeren is niet wat u moet lezen, u hoeft dat tenslotte niet. U bent geïrriteerd over wat anderen te lezen krijgen. Die andere beslissen nochtans zèlf waar ze wel en niet aan deelnemen.

    Het lijkt me een goed idee als u actie neemt en zelf bepaalt wat er bij u binnenkomt, in plaats van te klagen en anderen overal de schuld van te geven. Facebook komt alvast bij mij niet naar binnen. Maar laat anderen, die het wél willen, hun gang gaan!

  • door Hannelore De Schuyteneer op donderdag 22 september 2016

    Ik snap wat er bedoelt wordt met dit artikel; echter ik wil hier een kleine toevoeging aan doen. Laat ons niet vergeten dat dankzij het internet een zeer grote wereld voor velen van ons is open gegaan. Informatie is op een vingerklik afstand van iedereen verwijderd. (Zolang je een pc hebt... en een bib heeft ook altijd een pc tegenwoordig.) Het zorgde voor meer mogelijkheden, meer kansen voor iedereen.

    Het tegenhouden van bepaalde nieuwsfeiten, en het opvoeren van de censuur, is reeds al langer bezig en zeer zichtbaar binnen alle mediakanalen.. waaronder ondertussen ook de sociale media valt, nl. Facebook, Twitter en Google.

  • door Ben Luider op vrijdag 23 september 2016

    Er zijn nochtans goede alternatieven voor Google. Duckduckgo is er eentje van. Niemand is verplicht om Google te gebruiken. Sociale media trekken dan weer gefrustreerden aan als vliegen. Daar kan men zich beter helemaal van onthouden.

Lees alle reacties