“Zin en onzin van de onderwijshervorming”

“Zin en onzin van de onderwijshervorming”

dinsdag 4 juni 2013 11:40

Als vader van 2 opgroeiende kinderen stel ik me ernstige vragen over de onderwijshervorming die men probeert door te duwen. Ons algemeen secondair onderwijs behoort tot de betere in Europa, het is op zijn minst vreemd dat men hieraan begint te morrelen in plaats van de echte problemen aan te pakken.

Gisteren nog haalde Mieke Van Hecke in terzake uit naar de criticasters, ze hebben zich onvoldoende geinformeerd en oorden op basis van quotes en oneliners. Helaas is het ontwerp van decreet niet beschikbaar voor inzage voor het publiek, wat de perceptie van achterkamerpolitiek en gebrek aan transparantie bevestigt. Men kan de betrokkenen dat ook niet verwijten te oordelen op basis van de beschikbare informatie.

Gelukker was er Kris Peeters om de betrokkenen gerust te stellen : eenmaal alles beslist is, mogen ze ook hun woordje doen. Cynisme ten top.

Laten we een poging wagen en beginnen bij de probleemstelling : het technisch en beroepsonderwijs kampen met een imagoprobleem en een probleem van doorstroming.

Waar het schoentje vooral knelt, is bij de perceptie van technisch en beroepsonderwijs. In de ogen van velen worden beiden onterecht als minderwaardig aanzien, zodat kinderen pas instromen in technische richtingen als ASO onhaalbaar lijkt. Het watervalsysteem is ons bekend : door slechte schoolervaringen is de motivatie bij velen al beperkt nog voor men in deze richtingen instapt.

De basis van oplossing die men daartegenoverstelt is een brede eerste graad. Daarbij zal het niveau van de theoretische vakken onvermijdelijk lager liggen dan in het huidige ASO, dat kan geen mens ontkennen.

Men lijkt de diversiteit te willen ontkennen of wegmoffelen, eerder dan er positieve kracht uit te halen.-> Leerlingen met theoretische kwaliteiten zullen in deze eerste graad dan ook minder geprikkeld en gestimuleerd worden, met demotivering en achterstand als gevolg.

-> Leerlingen die praktischer en technische kwaliteiten, zullen deze minder kunnen ontplooien, en meer dan nu worstelen met theoretische vakken, daar waar ze nu vaak opgelucht zijn om zich op 12 jaar verder te kunnen richten op hun kwaliteiten.Het imago moet verbeterd worden, door te wijzen om de doorstroming naar de arbeidsmarkt.
Finaal moet het onderwijs als doel hebben om iedere jongere de kans te geven om zijn talenten te ontplooien.
Het is me een compleet raadsel hoe een brede eerste graad hiertoe gaat bijdragen. Waarom dan ? Sommige politici zijn blijkbaar bevreesd op het einde van de legislatuur in 2014 geconfronteerd te worden met de kritiek om niets verwezenlijkt te hebben. Men zal dan ook ten allen prijze bewijzen symbool te staan voor verandering, en ook deze verandering wordt gekenmerkt door “design thinking”. 

Eerder dan problemen te analyseren wordt alles in vraag gesteld : probleemoplossen denken maakt plaats voor design thinking, conform de trend in onze samenleving.Dat deze verandering (ook electoraal) meer schade kan berokkenen dan stilstand wordt over het hoofd gezien.

Het is voor iedereen compleet gissen naar het draagvlak voor de voorstellen. Een bevraging bij ouders en leerkrachten zou één en ander duidelijk maken, onze Vlaamse ministrs zouden zo tenminste de INDRUK kunnen wekken dat de stakeholders inspraak krijgen.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!