Welkom in de rode regen

Welkom in de rode regen

vrijdag 1 april 2011 01:31

Auteur: Pablo Eppelin LA Ruta

In november 2009 realiseerden we het eerste deel van LA Ruta km2015, we reden in allerlei verschillende soorten autobussen over de Pan-Amerikaanse snelweg van Mexico naar Panama. Tijdens die reis kwamen we veel mensen tegen met verhalen die ik nooit meer zal vergeten. We bezochten afgelegen gemeenschappen met universele verhalen. We schreven artikelen, blogs en video’s over hun strijd tegen armoede en repressie, over hun angsten en dromen . Panama was ons eindpunt in Midden-Amerika, de verhalen uit de regio bleven in ons geheugen. Gelukkig liep LA Ruta daar niet ten einde.

Op 6 maart zijn mijn collega’s Marjolein en Adrien, en ik aangekomen in Campo Grande, de hoofdstad van Mato Grosso do Sul, Brazilië. Terwijl we de trappen van het vliegtuig afkwamen, bood een volkomen doorweekte man de passagiers een paraplu aan. Geen overbodige luxe, want het korte stukje van het vliegtuig naar de kleine vlieghaven is genoeg om net zo doorweekt te raken als de man met de paraplu’s.
Op de vlieghaven worden we ontvangen door Almario, de man van ons hotelletje, die ons snel uit de chaotische ontvangsthal haalt en ons in z’n opzichtige sportwagen met geblindeerde ramen en krachtige stereo laat plaatsnemen. Deze snelle actie, ik had eerder een tropische kalmte verwacht, is bedoeld om ons zo droog mogelijk in de auto te krijgen. Toen we eenmaal in de auto zaten vertelde Almario dat het al vijf dagen achtereen, dag en nacht, onophoudelijk regent. Je hoeft alleen maar om je heen te kijken om te weten dat het waar is wat hij zegt. De wateroverlast is overal zichtbaar.

Hij vertelt ons dat deze regen ongekend is, dat het niet altijd zo regent en dat de temperatuur normaal gesproken tussen de 35 en 45 graden schommelt in plaats van rond 22 graden. We kunnen er daarom maar beter van genieten, aldus Almario. Eigenlijk dacht ik dat het in Mato Grosso extreem warm zou zijn want wat zou je anders verwachten zo dicht bij de evenaar.

Almario vertelt ons dat hij, naast het feit dat hij werkt voor het pension waar we naar op weg zijn, ook gids is in de Pantanal, een van de gebieden met de grootste biodiversiteit van Brazilië. Hij zegt dat de regen van de afgelopen dagen het gevolg is van el Niño die de regio teistert.

Het is zondag die dag en het ondergelopen Campo Grande is net een spookstad. Almario zegt dat de mensen hier niet graag op zondag werken, daarom is alles simpelweg gesloten. Ik verwachtte een Brazilië ondergedompeld in carnaval, maar ik kan het niemand aanbevelen naar Campo Grande te gaan tijdens carnaval. Wie komt er naar Campo Grande om carnaval te vieren? Niemand. Niet eens de eigen inwoners, zij vieren wel ergens anders carnaval.
We verlaten ons pension direct weer om ergens een hapje te gaan eten. Terwijl we wandelen laten we de regen van el Niño rustig op ons neerdalen want die lijkt niet van plan te stoppen. De straten zijn veranderd in rivieren die de rode aarde die deze regio bedekt, mee sleuren.

Uiteraard is het met deze regen en zonder carnavalvierders onmogelijk een plek te vinden waar we iets kunnen eten. En dat in een stad met een miljoen inwoners. We ontdekken een enorme meubelzaak met kitsch-fauteuils (let wel, voor ons kitsch, maar voor de lokale bevolking zijn het gewoon fauteuils). Binnenin de zaak zit de verkoper te slapen in een van z’n eigen fauteuils. De spookstad heeft een meubelzaak en drie straten verderop een gigantische schoenenzaak met veel personeel en geen enkele klant. We gaan naar binnen om voor de regen te schuilen en en passant kopen we sandalen voor de regen.
Uiteindelijk ontdekken we een restaurant en op een paar vervelende dronkenlappen na zijn we de enige klanten. Daar worden we ontvangen door Jorge, laten we zeggen, een ober die, ondanks het rampzalige weer, zijn gevoel voor humor heeft bewaard en het carnaval in ere houdt. Hij bedient ons en een tijdje later brengt hij ons een krant: Boca do Povo (Mond van de Armen). Op de eerste pagina staat een foto, genomen in een ziekenhuis, met daarop zieken die op de gang liggen en met de titel HU: Ziekenhuis op wielen.

Jorge wijst ons erop aan dat hij vier dagen in het Universitair Ziekenhuis (HU) heeft doorgebracht om een reportage te maken. Jorge is niet alleen eigenaar van het volkse restaurant, hij is ook journalist en infiltreert undercover in ziekenhuizen om reportages te maken.
Hij vertelt ons met geestdrift over zijn undercover-ervaring in dat ziekenhuis dat patiënten behandelt van de SUS, de gezondheidszorginstelling en verzekering voor de armste mensen van het land. Hij vertelt ons tot in detail over zijn vierdaagse ervaring in de gang met de hangmatten.

De patiënten komen binnen in een rolstoel, maar omdat geen personeel aanwezig is, moeten ze dagen wachten. Dat doen ze in een rolstoel, als ze geluk hebben. Of na enkele dagen, kunnen ze een brancard met wielen scoren in de gang. Ja, alles bij de eerste hulp gebeurt in de gangen, de ambulances mogen niet weigeren zieke patiënten te vervoeren en hun brancards moeten ze daar in de gang achterlaten.

Er is een te kort aan kamers, bedden (een gewoon bemachtigen bed is vrijwel onmogelijk). Met abnormale bezetting, gebrek aan medicijnen, gebrek aan verpleegsters is het derde ziekenhuis van Matto Grosso do Sul het slechtste van de regio. Jorge vertelt dat bij een patiënt met een gebroken been, pas na vier dagen het been in het gips is gezet wegens gebrek aan gips. Gekerm in de gangen is normaal voor het gestreste personeel dat zich met improviseren moet behelpen.

Jorge vertelt dat de deelstaat Matto Grosso geld ontvangt om de SUS te implementeren, maar dat al het geld in de zakken verdwijnt van de corrupte politici die de staat besturen. Zij behoren tot de oppositie van de presidentiële regering.

Jorge onthult ons dat er ’s avonds toch een soort van carnaval wordt gevierd in Campo Grande, dat hij ons vergezelt, maar vraagt of we daarvóór eerst naar zijn restaurant komen om te eten. Dit doet me denken aan Almario, toen we hem vertelden dat we de volgende dag wilden vertrekken naar Corumba, bij de grens met Bolivia, zei hij dat de grens gesloten was vanwege protesterende bolivianen. Wij waren verbaasd en dachten dat de protesten wellicht te maken zouden hebben met een ijzermijn die geëxploiteerd wordt door de internationale India Jindale, in de Boliviaanse grensstad Puerto Suarez.

We gingen juist naar Corumba en Puerto Suarez om een reportage te maken over de mijn. Almario stelt voor om niet naar de grens te reizen en zegt dat we beter kunnen blijven om een tour naar Pantanal te maken. Terug in het hotel kijken we de Boliviaanse regionale kranten er op na. Geen enkele protestactie, leuk bedacht van Almario.
Na die eerste dag in Brazilië vangt onze tocht naar Bolivia en Peru aan, hier beginnen onze 2015 kilometers door de tropen, de laagvlakte, de hoogvlakte, de regen en de zon. Met hun fascinerende mensen met bijzondere verhalen. Deze ontvangst maakt me zonder twijfel gelukkig. De mensen leven en ik heb zin in deze Ruta!

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!