Wat is ‘maffia’ eigenlijk?

Wat is ‘maffia’ eigenlijk?

zondag 18 september 2011 23:51

‘Rundskop’ wordt ingezonden voor de Oscars en tegelijk verschijnt in DS weekend een fotoreportage over de Japanse Yakuza (DS weekend 17 september). In Rundskop gaat het over de hormonenmaffia in de vleesindustrie (zie de moord op veearts Karel Van Noppen in 1995). Bij de reportage over de Yakuza, leden van de Boryokudan, gaat het om het resultaat van een inleefperiode met fotoreportage van 2 jaar  door Antoon Kusters in wat de Japanse maffia genoemd wordt. Twee maal ‘maffia’ dus… zij het voor heel uiteenlopende realiteiten. Maar wat is ‘maffia’ eigenlijk? Waar staat dit voor?

Is maffia cliëntelisme?

“Maffieuze organisatie” en  “maffia”,  de termen verschijnen heel frequent.. Eigenlijk te pas en te onpas. Namelijk, overal waar men duistere praktijken vermoedt. Zo wordt van  sommige politieke partijen beweerd dat ze maffia praktijken beoefenen of beoefend hebben. In feite blijkt men dan daarmee “cliëntelisme” te bedoelen.  Zonder cliëntelisme te willen goed praten, is dat echter iets totaal anders dan maffia.

Bij cliëntelisme gaat het om het feit dat zich een duidelijk herkenbaar verticaal afhankelijkheidssysteem uitbouwt waarbij tewerkstelling gewaarborgd  wordt en politieke macht uitgebouwd wordt via relaties van vriendschap en/of verwantschap. Daar is het de maffiosi echter niet om te doen, al is enige vermenging in enkele gevallen mogelijk. De vermenging zit er dan in dat de politieke componente in de veelzijdige maffiastructuur zijn machtsbasis via cliëntelaire relaties kan uitbouwen of handhaven. 

Naast de traditionele maffia’s, spreekt men verder ook nog van “nieuwe maffia’s”, waarmee men bij ons meestal naar vergelijkbare groepen verwijst in Rusland, Bulgarije, Roemenië, Oekraïne. Het is duidelijk dat de term  “maffia” op heel verschillende realiteiten toegepast wordt, die altijd wel op enkele punten iets met mekaar gemeen hebben, maar die onderling zeer kunnen verschillen. Hier volgt een poging tot een meer precieze omschrijving.

Een prototype en daarnaast een enorme variëteit 

In de litteratuur wordt aangenomen dat het prototype van de maffia (volgens sommige auteurs staat de Arabische wortel van het woord voor: bescherming) de Cosa Nostra (of Onorata Società) is, van Siciliaanse en Siciliaans-Amerikaanse signatuur. Ook de Calabrese ndrangheta  (met wortel: “anèr/andros agathos”: eerbaar man) wordt op eenzelfde wijze “maffia” genoemd. In iets mindere mate ook de Camorra uit Campani (Napels), en in nog mindere mate de Sacra Corona Unita uit Puglia. 

Voor andere maffia’s verwijst men dan naar de triades uit China, de cartels uit Columbia, de maffia’s in Turkije, de Yakuza van de Boryokudan in Japan, en nog andere (bv. in Mexico, Pakistan, Nigeria,…), elk met een eigen profiel, dat in mindere of meerdere mate afwijkt van het prototype dat Cosa Nostra heet.

De Albanese clans – om maar iets te noemen – zijn voor veel auteurs eigenlijk al geen maffia’s meer, al worden ook zij vaak als maffia’s in de media ter sprake gebracht. Waarom geen maffia’s? Omdat het gaat om fysieke, niet op ingangsrituelen uitgebouwde families, het gaat om onderdelen van clans met specifieke algemene clan-spelregels. En de vermenging met het politieke is er  vaak – niet altijd – afwezig.

Ook de zogenaamde nieuwe maffia’s uit Oost-Europa beantwoorden eigenlijk niet geheel meer aan het begrip maffia, maar bevinden zich in de tussenzone tussen het Cosa Nostra prototype en het profiel van de goed georganiseerde criminele bendes. Daarom noemt men ze nieuwsoortige maffia-achtige organisaties en vaak hebben ze kernen uit voormalige veiligheidsdiensten als intern ciment. Wat echter ontbreekt is de interne, op een geschiedenis gebaseerde culturele  symboliek . De Turkse maffia’s zijn dan weer een mengeling van kleine Turkse families met vriendenverbanden en hebben meestal een heel tijdelijk bestaan.

Een octopous van vulgaire delinquentie (banditisme), economie en politiek, badend in een cultuur van omertà

Wat hebben de meeste maffia-achtige organisaties met mekaar gemeen? Meest typisch is de vermenging van een hiërarchisch gestructureerde criminele groep waarvan de top in contact is met mensen op strategische posities in het politieke en economische milieu. De top van de maffieuze, criminele kern is zo machtig dat hij de beslissingen van de betrokken mensen uit de politieke en economische sector in de richting kan beïnvloeden die de criminele organisatie wenst. Doel van die maffia: infiltratie in het economische, op een verborgen manier. (De Japanse Yakuza beantwoordt daar niet aan en is dus duidelijk al op dit vlak een organisatie die afwijkt van het normale maffieuze profiel .) .

De typische complexe structuur  in de echte maffia (- men spreekt van een octopous) bestaat uit een contactmoment tussen een topcrimineel, al dan niet via een luitenant, met een of meerdere mensen uit  de economische en een of meer mensen uit de politieke wereld, zonder dat dit geweten is, en waarbij het de crimineel is die zijn beslissingen oplegt aan de anderen. De actie mag nergens publiek aan de oppervlakte komen (zie: de “omertà”). Wèl is het zo dat de anderen, de ondernemer en de politicus, elk op hun niveau, door de crimineel beloond zullen worden voor bewezen diensten.

De typische bron van inkomen voor de maffioso ligt in het racketeren. Hij biedt tegen betaling bescherming aan tegen een onveiligheid die zijn eigen manschappen zelf in het leven roepen. Bij uitbreiding put de maffioso zijn inkomsten uit illegale activiteiten, waar hij zich als een ondernemer gedraagt, die eventueel na verloop van tijd een deel van zijn ondernemerschap tracht te legalizeren via dekmantel ondernemingen.

De terreinen (geografisch resp. qua activiteiten) worden onderling tussen “cosche” (groepen) van maffiosi verdeeld, zo niet wordt een verdeling afgedwongen, en dit speelt zich af binnen een onderlinge hiërarchie. (Op Sicilië wordt dit beslecht binnen een “cupola”). Een voorbeeld van een typisch werkterrein: zones die voorwerp zijn van embargo’s zijn altijd ideale werkterreinen voor maffiosi (bv. doordat het hen toelaat wapenhandel of drugshandel te organiseren). Uiteraard heeft de maffia er dan belang bij dat genoeg mensen bij politie, justitie, in de politiek en in de media de ogen dichtknijpen. Daarom de “octopous” structuur.

Extern maatschappelijk disfunctioneren in regelgeving versus interne rituelen als ciment

Wat hebben maffia’s en maffia-achtige organisaties verder nog met mekaar gemeen? Dat ze ontstaan en floreren waar een samenleving disfunctioneert, op vlak van zijn administratie, zijn regelgeving, zijn politie. Men stelt vast dat maffia’s ontstaan waar een maatschappij bestuurkundig en wettelijk belangrijke structurele disfuncties kent. In Sicilië is dit heel lange tijd het geval geweest. Daar heeft de maffia zich kunnen ontwikkelen vanaf de tweede helft van de negentiende eeuw… Vervolgens reikte Sicilië cultureel een prachtig ciment aan om maffia families aaneen te houden, namelijk de  symboliek van zijn hechte familiecultuur.

In maffia organisaties wordt dit een symbolische familie, waartoe het lid via initiatierituelen en een tutor-systeem toetreedt. Men wordt een “man van eer” door tot de organisatie toe te treden, dit wil zeggen dat men de interne erecode hoog houdt en ook bij de buitenwacht als superieur laat erkennen.  Tot het prototype van de maffia behoort de symboliek: het symbolisch clan- of familieverband en de onderlinge eervolle relaties.

Is de maffia gewelddadig? Als het niet hoeft, verkiest hij niet gewelddadig te zijn. Pietro Grasso, procureur te Palermo, spreekt over de “mafia silenziosa”. De Siciliaanse maffioso wenst geen aandacht. Als het moet, wordt hij echter super-gewelddadig: zonder gêne en drastisch. Men denke aan de aanslagen tegen Falcone en Borsellino, twee anti-maffia onderzoeksrechters uit Sicilië, in 1992 en 1993. (Zoek op via google.)  Hier ziet men grote verschillen met bv de nieuwsoortige maffia-achtige organisaties uit Oost-Europa: bij hen gaat het om het zelf innemen van belangrijke politieke posities en de zichtbare verrijking als toplui van een voetbal- of wielerclub, dus… iets meer vergelijkbaar met het profiel van de Japanse Yakuza. Geweld? Laten we zeggen dat de maffia zich het recht toe-eigent zelf geweld te mogen en moeten gebruiken zoals het haar het beste uitkomt.

Zijn er voorbeelden hiervan in België?

We proberen enkele toepassingen te maken op toestanden die men bij ons kent of gekend heeft? De moord op Karel Van Noppen… Hier is het initiatief niet uitgegaan van een groep professionele bandieten in de traditionele zin. Evenmin is er vermenging geweest met het politieke milieu. Het initiatief is vermoedelijk uitgegaan van ondernemers in de vleesindustrie. Maffia? In zeer afgeleide zin. De bende van Nijvel? Hier mag men een verwevenheid vermoeden van sommigen uit het extreem-rechtse politieke, enige deviante kernen van voormalige rijkswachters, en het banditisme. Ook mensen uit de ondernemerswereld? Ik beken er te weinig van af te weten…

Het is echter geen traditioneel maffia gebeuren geweest, al kan enige gelijkenis deels niet uitgesloten worden. Eigenlijk lijkt me het duidelijkste geval waar iets echt maffieus plaats gevonden heeft in België, met Belgische roots, de moord – eertijds – op oud-minister Cools.

Hier lijkt het toch wel om een verwevenheid gegaan te zijn van puur banditisme met tegelijk mensen met economische én politieke belangen. Toch denk ik dat het ook hier  niet echt een maffia act was, maar wel een act waarbij sommigen uit de politieke of economische sfeer zich van huurmoordenaars (het banditisme) uit een maffieus circuit bediend hebben, vierde-hands pionnen uit een traditioneel Siciliaans maffia circuit. (Er bestaat traditioneel een link tussen de westkust van Sicilië en Tunesië.)

Er lijken me tot op heden geen voorvallen geweest te zijn, in België én met Belgische roots, die men in volle, prototypische zin “maffieus” kan noemen bij ons. Natuurlijk zijn er wel al maffiosi  ‘net enige naam’ uit Sicilië opgemerkt geweest in Brussel en hebben er investeringen van Cosa Nostra plaats gevonden in België. Ook zijn er “second class” maffiosi actief (geweest) in de streek van Luik, Charleroi, Brussel, Limburg, in koppelbazerij en prostitutie. Maar dat is iets anders.

Nog iets anders is, dat men er vermoedelijk mag van uitgaan dat zoals er grensoverschrijdende activiteiten bestaan voor elke ondernemer die het wil, dit uiteraard ook  zal bestaan voor maffieuze ondernemers uit het buitenland in België (waar trouwens veel internationale instellingen gevestigd zijn), en persoonlijk twijfel ik er evenmin aan dat er contacten hebben bestaan of nog steeds bestaan tussen .nieuwsoortige maffia-achtige types uit Oost-Europa en instanties in België. Men denke aan de visa trafieken waarover ik ooit geschreven heb.  Maar dat is dan weer een ander verhaal. Wèl denk ik dat we van de activiteiten van die Oost-Europese maffia-achtige types bij ons het laatste nog niet gezien hebben…

Pleidooi voor preciezere omschrijvingen

Het ogenblik is wellicht aangebroken dat men er bij ons goed zou aan doen om de verschillende mogelijke  types maffia-achtige organisaties en hun mogelijke afwijkingen tegenover en eventuele relaties met de prototypische maffia zelf bij ons eens goed in kaart te brengen en uit mekaar te halen.

Want het is duidelijk dat met de toenemende integratie van sommige Oost-Europese landen, enige klaarheid hierin meer dan wenselijk zal worden. Men mag verwachten dat enkele kernen zich zullen specialiseren bijvoorbeeld in het overbrengen van Roma groepen uit allerlei Oost-Europese landen en het exploiteren ervan (Bulgarije, Slowakije,…) of in het overbrengen van allerlei namaak-produkten. Waarschijnlijk doen we er goed aan om dan niet van alles een groot amalgaam te maken. Of waartoe het indienen  van een film als Rundskop voor de Oscars zoal een aanleiding zou kunnen zijn….

P.S. En de Yakuza?

In DS weekblad 17 september staat op de cover “Twee jaar bij de Japanse maffia”, met enkele foto’s en commentaar op blz. 26-33. Ik heb de Yakuza van de Boryokudan nooit bestudeerd, maar wat ik ervan lees in DS weekblad doet absoluut niet denken aan het prototype dat de Siciliaanse Cosa Nostra is, maar eerder aan het systeem van de zogenaamde oude sovjet goelag maffia (de “vori zakoni”), zoals beschreven in het boek van Federico Varese over de oude Russische maffia-achtige structuur die in de goelags in de sovjet tijd de toon zette.

Het was een instelling die anti-esablishment was, een alternatief maatschappijbeeld propageerde en sterk met symbolen (tatoeages e.d.) werkte. Er werd een eigen rechtssysteem ontworpen en een eigen systeem van geweldcontrole en gewelduitoefening.

Bij de Yakuza zien we dat er  geen omertà heerst, en evenmin kan men de oorsprong ervan zien in een voorafgaand disfunctioneren van de rechtsregels en/of van de administratie in Japan. De Boryokudan lijkt  eerder een geperverteerde voortzetting te zijn van een vroeger kaste-achtig onderdeel .van de traditionele Japanse samenleving (- de samoerai?), zoals ook de huidige triades dit zijn in China (maar die laatste waren geheime genootschappen). 

Eigenlijk is dit weerom een argument om een lexicon te ontwikkelen dat preciezer aangeeft wat men met bepaalde woorden  en realiteiten bedoelt. Het zou gemakkelijker toelaten om in Europees verband de verschillende criminaliteitstypes te onderscheiden en erop te anticiperen. Het neemt ondertussen niet weg, in dit concrete geval van de Yakuza fotoreportage, dat het een hele prestatie is dat betrokken fotograaf de toelating bekomen heeft om fragmenten van de Yakuza in beeld te mogen brengen, al is dit al meermaals gebeurd in het verleden.

Zoiets lijkt ondoenbaar in de Cosa Nostra, of in de ndrangheta, of in de Camorra. De enigste uitzondering daarop is tot op heden Salvatore Giuliano geweest (van Montelepre op Sicilië) die zich eertijds ooit liet interviewen en fotograferen, en waarvan de foto’s verschenen in de jaren 50   o.a. in de toenmalige “Zondagsvriend”. Kort nadien was Giuliano dood. De reden van de moord op hem was echter niet de reportage.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!