Waarom schieten op Jef Geeraerts toch een beetje verachtelijk blijft

dinsdag 7 juli 2020 06:53
Spread the love
Na de nacht, opgestaan met in het hoofd een bedenking bij een notitie van een ervaren recensent die het in een aankondigend woord op zijn profiel even over Jef Geeraerts had. De man van wie velen nu blijkbaar ‘gretig en ‘gregarious’ een soort “Geeraert de Duivel” (vgl. reeks Nero van Marc Sleen) willen maken. Voor ieder die nog over betrokkene van plan is te schrijven, standpunten in te nemen, heb ik deze suggestie.
 
Laten wij de man toch in zijn complexiteit zien. En zoals ooit iemand schreef in een totaal andere context: laten wij de complexiteit omarmen.
 
“Mijn misschien wel doortastend argument daartoe is vooral dit: Jef Geeraerts is toch de pionier, de protagonist, de voorhoedevechter geweest die heeft gemaakt dat wij als volkje en masse hebben leren van seksualiteit genieten zonder op onze nek dat lastig gevoel van schaamte en schuld.”
 
Toch niet min, me dunkt, als prestatie, in een Vlaamse en Belgische populatie waar de geest grondig ver-kerk-erd was. Ik geloof zelfs meer: dat Jef een dapper man was van historische allure; die niet alleen (zie de roman/reisverslagen “Jagen met Jef Geeraerts) de Kodiakbeer in Alaska onbevreesd te lijf ging, maar dus inderdaad ook ‘onze’ massieve vooroordelen over een bevrijd, deftig bezield en belichaamd erotisch bestaan. Geeraerts hief de ban op, samen met enkele anderen, de dwang die de clerici op deze spie levenslustig leven legden, een vloek die als een molensteen om onze nek hing, in de kerk van de natuurlijke wereld.
 
Boutade-gewijze bedenking: bij ieder heerlijk, revitaliserend beleefd orgasme zouden Belgen in 2020 een kruisteken mogen slaan in dankbaarheid, aan Jef Geeraerts gericht.
Ik geloof dat iemand als Nadia Nsayi, die ik al een jaar of dertig mag kennen en volgen, die redenering wel zal kunnen volgen. (Haar oordeel over de schrijver in DS Letteren van 27 juni  is wijselijk genuanceerd. ) Ook al is onze Vlaamse seksuele bevrijding voor een deel uitgezweet, betaald op de mooie rug van de iconische Congolezen.
 
Verder lijkt het mij niet zonder betekenis in dit verhaal, dat Jef in zijn laatste twintig levensjaren duidelijk afstand had genomen van zijn dolle jaren in de tenten in Afrika en van zijn helder schrijven over die erotische avonturen. “Die ziekte heb ik achter mij gelaten”, zegde hij daarover in een interview een vijftiental jaar voor zijn overlijden. Hij had een fijne en zeer tedere relatie met zijn vrouw, waar hij ook in zijn allerlaatste jaren prachtige woorden over meegaf in een interview, ik geloof dat het in De Morgen was. Laten we niet vergeten dat wanneer wij een gestorvene veroordelen, wij zijn hele persoon veroordelen, in dit geval dus een mens die meer dan tachtig jaar in ontwikkeling is geweest.
Zulke houding doet mij toch wat te veel denken, eerlijk gezegd, aan bepaalde pastoors (alvast in Heverlee, waar mijn familie aan moeders kant opgroeide) in de naoorlogse jaren de mensen voor een bagatel, zoals een flirt of een wulpse wip, met het zware blok “dit betekent voor jou eeuwige Doodzonde!” opzadelden. Een klericalistische mannengroep waar dan uitgerekend de meest ontwikkelden geregeld een rijp meisje trachtten tot erotische omhelzingen te verlijden, zoals ik persoonlijk van ooggetuigen meekreeg. We weten vandaag misschien toch vaak veel te weinig waar we collectief vandaan komen. Geschiedenis leren, het zou velen deugd doen.
 
Als ik tot slot op mijn beurt even de rol van moralist mag opnemen, zou ik dit zeggen aan de huidige scherpschutters: schieten op wie je Herder is geweest, dat lijkt mij nog meer verachtelijk dan schieten op een beer in een desolaat landschap waar de lokale berenpopulatie dit ecologisch gezien best wel toelaat.
Portret: Jef Geeraerts gezien door de lens van Oliver King.

Creative Commons

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!