“Vrouwen sterven anoniem in het kraambed”

“Vrouwen sterven anoniem in het kraambed”

dinsdag 8 maart 2011 12:11

In haar strijd tegen de hoge moedersterfte groeide de Malawische vroedvrouw Dorothy Ngoma uit tot activist en vakbondsvrouw. De Belgische gynaecologe Marleen Temmerman blijft ook op dezelfde spijker hameren: moedersterfte is een onrecht dat moet bestreden worden.

Sinds 1990 is de moedersterfte wereldwijd met 34% verminderd. Dat is een goed resultaat, niet?

Dorothy Ngoma: Inderdaad, voor de westerse landen zijn die resultaten heel bemoedigend. Maar voor de arme landen in het Zuiden is de situatie niet goed. In Malawi sterven jaarlijks meer dan 500 moeders per 100.000 geboorten. Die vrouwen zijn iemands echtgenote, iemands moeder, en ze halen het niet omdat er geen dokter was! Hoe komt dat? Wij beschikken niet over voldoende goed opgeleid medisch personeel. We hebben onvoldoende geld om de nodige mensen op te leiden. En eens ze klaar zijn om aan de slag te gaan, trekken ze vaak naar het buitenland waar de voorwaarden veel beter zijn. De lonen liggen er hoger, ze kunnen extra opleidingen krijgen, de omgeving is veiliger, de uitrusting meer op punt, …

Marleen Temmerman: In Kenia valt dat nog redelijk mee maar in Mozambique is er duidelijk een tekort aan medisch personeel. Daar wordt nu ook meer in geinvesteerd. Slechts enkele Afrikaanse landen zijn in staat dit zelf aan te pakken zonder bijkomende steun. Wanneer een land van moedersterfte een prioriteit wil maken, dan moet het kunnen investeren. In navolging van de Abujaconferentie (2001), waar Afrikaanse landen beloofden 15% van het nationaal budget aan de volksgezondheid te besteden, zou je als donor bijvoorbeeld de afspraak kunnen maken ook x % van het BNP bij te dragen. Als een land werkelijk grote inspanningen wil doen, dan moet de internationale gemeenschap bijspringen want alleen is het moeilijk.

D.N.: De rijke landen moeten meer ondersteuning bieden aan de arme landen en het mag niet bij mooie beloften blijven. Ik weet niet of ik de G8 of zelfs secretaris-generaal Ban Ki-moon van de VN nog durf te geloven wanneer ze mooie beloften doen. Sterke uitspraken doen, kost niets maar je woord houden wel.

De gezondheidszorg gratis maken, is dat de oplossing? Zelfs in sommige landen met een hoog inkomen is er relatief veel moedersterfte. Hoe verklaart u dat?
M.T.: Moedersterfte heeft niet alleen te maken met armoede. Het politiek beleid speelt een grote rol. Landen met een restrictieve wetgeving rond abortus en toegang tot voorbehoedsmiddelen hebben vaak meer gevallen van moedersterfte.

In de eerste plaats moet een land duidelijk maken dat goede gezondheidszorg een prioriteit is. En die zorg dient dan goed te worden georganiseerd. Een ander punt is of vrouwen toegang hebben tot gezinsplanning. Afghanistan is het land met het hoogste sterftecijfer bij moeders. Dat heeft te maken met het feit dat vrouwen amper zonder begeleiding kunnen buitenkomen om naar een zorgcentrum te gaan.

Ook de bereikbaarheid van een zorgcentrum is essentieel. In Mozambique zijn de afstanden erg groot. En er zijn weinig gezondheidscentra. Een tijdje geleden besliste de regering daarom ‘shelters’ of een soort wachtzalen te voorzien voor moeders die te ver wonen en die tegen het einde van de zwangerschap naar daar kunnen gaan. De shelter bouwen is één ding, dan heb je een bakstenen gebouwtje, maar er is ook geld nodig om het te doen draaien. Wij gaan dat nu proberen met beperkte middelen van de Belgische Nationale Loterij. Geld en politiek beleid spelen zeker een rol maar je moet ook kunnen beschikken over gezondheidszorg. Als er geen zorgcentra zijn, lost gratis zorg weinig op.

Als u de situatie van vrouwen in Afrika en Europa vergelijkt, wat zijn dan uw conclusies?
M.T.: Alles is zeker nog niet bereikt, zelfs al staan we in Europa vrij ver, behalve dan voor migranten, asielzoekers, mensen zonder papieren, vrouwen van zwakke sociaaleconomische groepen,… Ook in onze maatschappij zijn er kwetsbare groepen waarvan het rechtenverhaal niet in orde is. Maar algemeen gezien kunnen we ons zelf toch 8 op 10 geven voor het vrouwenrecht op gezondheid, terwijl dat in Afrika slechts 4 op 10 is.

Moedersterfte is de Millenniumdoelstelling die het minste vooruitgang boekte. Het is een gevoelig onderwerp: geen enkele regering wil graag hoge sterftecijfers hebben want die parameter wijst op een gebrek aan politieke wil. De rapportering over moedersterfte is zeker niet betrouwbaar. Bovendien is dit geen puur technisch probleem. Bij malariabestrijding kan je zorgen voor geneesmiddelen, muskietennetten en andere technische ingrepen. Bij moedersterfte zit je op het domein van de vrouwenrechten: recht op gezondheid, op familiale planning, seksuele en reproductieve rechten… Daar komt dus veel meer bij kijken.

Is moedersterfte een kwestie van gender, denkt u?
D.N.: Daar ben ik zeker van. Vrouwen hebben te weinig macht en worden niet genoeg gehoord. Elke dag sterven in mijn land 14 vrouwen anoniem. Niemand ligt er wakker van, ze halen de pers niet. Als er in Afghanistan 1 Brits soldaat sneuvelt, is dat wereldnieuws. Iedereen kent zijn naam. Indien in Malawi dagelijks 14 soldaten zouden omkomen, verklaarden wij de oorlog! Onze regering zou dat in geen geval dulden. Maar 14 arme vrouwen, daar kijk je gemakkelijk over. Ik zie geen regering die de oorlog verklaart aan de moedersterfte, terwijl ze weet hoe die strijd moet gevoerd worden en welke oplossingen voorhanden zijn. Er is gewoon geen politieke wil.

M.T.: Vrouwen moeten absoluut meer op de voorgrond treden. We moeten zorgen dat er rolmodellen zijn voor vrouwen; in Europa is dat al meer het geval. In Afrika is dat net zo belangrijk, maar het gaat er trager. In alle belangrijke instellingen en organisaties moeten voldoende vrouwen aanwezig zijn zodat ze goed vertegenwoordigd worden. Je hoort vaak: ‘We vinden geen straffe madammen’, maar dat klopt niet. Die kritische massa is zeker aanwezig en ze kan het verschil maken. Wanneer meisjes en vrouwen meer toegang hebben tot onderwijs, verandert dat in enkele jaren de wereld!

Chantal Nijssen

Meer info over Dorothy Ngoma en Marleen Temmerman:

  • Dorothy Ngoma (57) is directrice van de Nationale vakbond voor verplegend personeel en vroedvrouwen (NONM) in Malawi. Zij is moeder van twee kinderen en was 33 jaar actief als vroedvrouw, lector aan de universiteit, vakbondsvrouw en lobbyiste. Ze richtte kleine centra op voor gezinsplanning en gezondheidszorg. NONM is een Oxfam-partner en Dorothy Gnoma is lid van de W8, een groep van vrouwen die wereldwijd ijveren voor toegang tot onderwijs en gezondheid voor iedereen.
  • Marleen Temmerman (57) is gewoon hoogleraar aan de Universiteit Gent, wetenschapper en hoofd van de afdeling verloskunde aan dezelfde universiteit. Zij is moeder van een zoon en leidt het ICRH, een internationale onderzoekseenheid, erkend door de Wereldgezondheidsorganisatie. Als wetenschapper en arts leidde zij 5 jaar een onderzoekseenheid over aids aan de Universiteit van Naïrobi (Kenia). Zij is nog steeds actief betrokken bij meerdere projecten rond seksualiteit en reproductieve rechten in enkele Afrikaanse landen.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!