Venezolanen keren terug naar hun land

Venezolanen keren terug naar hun land

zondag 2 februari 2020 16:55

Eind januari kwam de Venezolaanse volksvertegenwoordiger Juan Guaído naar Europa ondanks het reisverbod dat de regering hem oplegde. Guaído riep zich een tijd tevoren uit tot interim-president naast de officiële president Nicolás Maduro. Het was al de tweede reis die hij maakte in Europa. De Europese Unie behoort tot het kamp van de landen (een goede 50 in totaal) die Guaído steunen, omdat ze zich keren tegen de regering van Maduro. De Europese Unie treedt tevens in de sporen van de VS die harde politieke, diplomatieke en vooral economische sancties opleggen aan de wettelijke regering van Venezuela. Toch moet gezegd dat zelfverklaarde president Guaído deze keer in Brussel tamelijk koel ontvangen werd. De Europese Unie hield zich opmerkelijk op de vlakte tegenover hem als persoon. De sociaaldemocratische regering van Spanje ging wel een eindje met hem mee door te stellen dat het probleem in Venezuela moet aangepakt worden verkiezingen. Maar ook met dialoog. Van dat laatste heeft Guaidó kennelijk geen kaas gegeten.

Twee maten, twee gewichten

Het wordt stilaan een mantra, maar het is er niet minder waar om. De West-Europese media, de VS op kop, berichten over Latijns-Amerika zo niet fake nieuws (daar weet Trump alles over) dan toch eenzijdig nieuws, door bepaalde situaties uitvergroot weer te geven en andere dood te zwijgen.

De krant De Morgen publiceerde op 7 januari een artikel van journalist Ernesto Rodríguez Amari die Guaído interviewde. Daarin laat Rodríguez hem zeggen: ‘Wat voor andere mensen ter wereld doodnormale dagen zijn, namelijk door op te staan, zich te wassen, ontbijten, te gaan werken en ‘s avonds een avondmaal klaar te maken, is voor vele Venezolanen een droom geworden. Er is geen drinkbaar water, geen fruit, geen groenten, geen rijst, niets.’

Zulke uitspraak kan alleen maar uit de mond komen van iemand die gewoon is om te gaan met miljoenen dollars. Die ontvangt hij trouwens ter ondersteuning, onder meer van USAID, het Amerikaanse Agentschap voor Internationale Ontwikkeling. (Volgens HispanTV Nexo Latino op 28 januari 2020: ‘vanaf 2017 tot december 2019  654 miljoen dollar’).

Wat meer is, het artikel in De Morgen draagt een titel in olifanten van letters verdeeld in drie regels onder elkaar (Als je het omkadert krijg je een rechthoek van 7,5cm hoog op 20 cm. breed): ‘Maduro helpt drugskartels en steunt terreur.‘ Kan wel zijn. Maar ik lees nooit eens in close-up dat die drugs wel degelijk vanuit Colombia komen. Ik lees nooit eens met dezelfde olifantenletters dat de Colombiaanse staat de grootste wereldproducent van cocaïne is. Een trouwe bondgenoot van de VS overigens. En van terreur gesproken. Ik vind nergens met zoveel – soms in rood en apart gedrukte – woorden dat een flinke portie terreur vanuit Colombia geëxporteerd wordt. Hier bij ons is het in het algemeen niet geweten dat Colombiaanse paramilitairen de grens met Venezuela permanent onveilig maken en oversteken. Ik lees ook niet in een liefst opgeklopt artikel dat in Colombia haast dagelijks mensenrechtenactivisten afgeslacht worden. Heeft dat zedig (of eerder politiek) stilzwijgen soms te maken met het feit dat Colombia sinds 2018 ‘mondiale partner’ van de NAVO geworden is? En dat de Amerikaanse bondgenoot er een aantal militaire basissen geïnstalleerd hebben?

Het gras is altijd groener bij de buren

Sinds enkele jaren organiseert de Venezolaanse regering een programma om uitgeweken landgenoten de kans te geven terug te keren. Kijk, dat is nog zoiets dat in de westerse media nergens bestaat. Nochtans keren groepen Venezolanen langzamerhand terug. Eind januari verspreidde het ‘Venezolaans TVkanaal’ het nieuws over het vertrek van een nieuw contingent van 250 landgenoten vanuit Peru. Een van hen was Emanuel Negro. Samen met zijn vrouw Julimar Rivero en zijn dochtertje van twee stond hij na een verblijf van een jaar in Peru weer op vaderlandse bodem.

‘Met het geld dat binnenkwam konden we het niet aan. Er kon geen extraatje af, zelfs geen ijsje, alleen de huur en het eten. In Peru leefden we in een kleine kamer, bovendien heel duur. We hadden geen bed en geen teevee, enkel een matras op de grond. Het enige wat we hadden was een keukentje en een gasfles,’ vertelde hij. Hij riep de Venezolanen die er aan denken te emigreren naar Peru op dat ze goed zouden nadenken.

‘De realiteit is anders, het is er niet wat men denkt noch wat ze ons wijs maken. Mij zegden ze dat er goed geld te verdienen is en voldoende, maar dat is gelogen. Vertrek niet!’

Maria Garcia Rivero, een deskundige in informatica en administratie, leefde twee jaar in Peru. Ze verklapte dat een van haar motieven om terug te keren haar emotionele situatie was.

‘Alleen in een land waar ik geen familie hebt, deed me emotioneel ineenstorten. Ik maakte een stressperiode mee waarbij mijn gezondheid eronder doorging. De steun van de familie is fundamenteel. Tijdens die momenten schoten heel wat nare dingen door mijn hoofd. Ik dacht dat ik ging sterven ver van mijn familie en ver van mijn land,’ voegde ze eraan toe.

Ook zij had het moeilijk in Peru. Migranten als zij zoeken samen met anderen iets te huren om toch iets te kunnen sparen.

Sinds de opstarting in 2018 van het regeringsprogramma ‘Plan Terugkeer naar het Vaderland’ zetten 16000 Venezolanen weer voet op eigen bodem. Ze kwamen van Brazilië, Peru, Ecuador, Colombia, Dominicaanse Republiek, Argentinië, Chili, Panama en Uruguay.

Creative Commons

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!