Tieneridolen

Tieneridolen

dinsdag 28 september 2010 19:43

De dagelijkse bustocht naar Bethlehem zit vol verrassingen. Vorige week duurde de rit slechts vijftig minuten, vanmorgen bleek dit plots drie uur te zijn.

Mijn eerste bus van de dag werd door twee mannen in het blauw tegen gehouden en doorzocht. De tweede bus liep dan weer drie groentjes tegen het lijf die de bus een uurtje aan de kant zetten. Met een strak gezicht hield één van de drie militairen de nodige documenten van de passagiers op. Een bejaarde man die deze niet kon voorleggen wordt onder schot uit de bus geleid en op de knieën gedwongen. De man maakt van de knieval gebruik om een biddende beweging te maken waarop de mensen op de bus in een lachen uitbarsten. De militair richt zich kwaad naar de bus en achter zijn rug knipoogt en lacht de oude man zijn publiek toe. De soldaat laat de loop van zijn geweer zakken en geeft de opgehaalde paspoorten aan zijn twee collega’s die nauwkeurig de namen beginnen te noteren. Zichtbaar gegeneerd door de vele lachende blikken op de bus steekt de tienersoldaat een sigaret aan waarop er vijf mannen naar buiten hollen met de vraag of ze zijn vuurtje mogen gebruiken. Beleefd maar niet met volle zin staat hij dit toe en de rokende mannen gaan achter zijn collega’s gaan staan om ostentatief over hun schouder mee te kijken naar wat ze aan schrijven zijn. Dit wordt nog net getolereerd maar als ze opmerkingen over het werk van de controleurs beginnen te maken worden ze vriendelijk verzocht om iets verder te gaan staan. Stapje voor stapje komen de mannen terug dichter tot de derde controleur ze opnieuw naar de deur van de bus jaagt. Jong en oud genieten ten volle van dit geïmproviseerde mimespel dat de controleurs steeds meer en meer begint te irriteren. Na drie kwartier is de nodige informatie van onze paspoorten bijna genoteerd en de volgende bus wordt alvast ook aan de kant gezet. Op deze bus worden direct alle passagiers van de bus gehaald om in rij tegen een muur te gaan staan. Als ze van de muur wegmogen komen ze, om er de sfeer in te houden, onze bus uitbundig groeten. De oudere mannen en vrouwen vullen de vrije plaatsen op onze bus in en maken het met cake en snoep zo’n overdreven gezellige sfeer dat dit duidelijk het doel heeft de eenzaamheid van de controleurs in de verf te zetten. Met de passagiers van twee bussen op één bus trachten de militairen de paspoorten terug te geven maar niet zonder dat de oude mannen al lachend de teruggegeven paspoorten onder elkaar doorgeven, gaan klagen dat ze hun documenten nog niet terug gehad hebben, dat ze van bus willen veranderen, … Kattenkwaad van zestigers die er de landsdienende tieners het bloed mee van onder de nagels halen, psychologische oorlogsvoering met de nodige humor.

In volle zon liep Bethlehem vol met kinderen die blijkbaar identiek dezelfde interesses hebben als hun Belgische leeftijdsgenootjes. Wat jongetjes lopen te voetballen en degene die scoort roept luid: “RONALDO”. Anderen schooien falafel in een restaurant, stelen snoepjes van een kraam en vragen geld aan toeristen. De meisjes zingen en dansen op Justin Bieber, in gedachten zijn ze even zijn “Eenie meenie mo lover”. De verkopers van meubilair liggen languit in hun koopwaar te slapen, de eigenaar van mijn vast restaurant knikt goedendag en ik wandel naar een atelier waar ik door mijn collega’s Nidal en Bashir uitleg zal krijgen over hun educatieve houten spelen.

Nidal en Bashir leren eens per jaar nieuwe spelen maken in Frankrijk, leren deze aan enkele kinderen uit de vluchtelingenkampen en zij leren die spelen op hun beurt aan hun ganse omgeving. Overlopend van trots ging Bashir mij “the idea” van zijn project uitleggen. Bij bordspel één toont hij me het voorbeeld dat hij zelf gemaakt heeft en legt tot in detail iedere mogelijke regel en uitzondering op die regel uit. Ook de versies van de kinderen liggen in de kelder opgeslagen en kind één had alle blauwe vakjes groen gemaakt, de groene vakjes werden geel, de gele sloegen rood uit en … Kind twee had de blauwe vakjes verandert in eendjes, groen werd een koe, rood een geit,… Kind drie had geen gekleurde vakjes maar gaatjes in het hout geboord en deze gekleurd, daar hoorden bijpassende pionnetjes bij die perfect in de gaatjes pasten. Kind vier en vijf vulden het spel ook op eigen manier in en over naar bordspel twee. Bashir was fier als een pauw met het meesterwerkje dat hij hier van had gemaakt en natuurlijk volgden ook de versies van verschillende kinderen. Na vijftien minuten was het tijd voor spel drie. Ik liet vallen dat ik de versies van de kinderen wel eens later ging bekijken, bij ieder spel moesten tenslotte geen vele variaties getoond worden. “Volledig niet akkoord”: zei Bashir, ik ging “the idea” van zijn project nooit verstaan zonder dat hij mij zijn tweeënveertig spelen goed had uitgelegd. Na twintig minuten was het tijd voor spel vier.

Spel zes: ik begin al aardig te geeuwen en zelfs Nidal die er bij zit begint zich te vervelen.

Spel negen: ik vraag me af waarom de helft van het personeel uren knutselwerkjes zit te bekijken in een stoffige kelder.

Spel twaalf: niet moeilijk dat de milleniumdoelstellingen hier nooit zullen gehaald worden, in 2015 zitten we hier nog.

Spel zeventien: vuile gedachten gaan door mijn hoofd. Een man heeft dit om de hoeveel seconden?

Spel eenentwintig: wat zou ik gaan eten deze middag?

Spel vierentwintig: nee nog even geduld voor spel vierentwintig, tijd voor thee en sigaret! Er is toch geen haast?

Spel ik-weet-niet-meer-hoeveel en Bashir is uitgepraat. Nidal merkt subtiel op dat hij er zijn tijd voor genomen heeft en stelt voor om koffie te gaan drinken. Geen denken aan want ik had alle schriftjes van de kinderen nog niet gezien. De schriftjes stonden vol met schetsen van de gemaakte spelletjes om ze vanuit deze voorbeelden in de realiteit om te zetten. De kaften hangen vol met stickers van de tieneridolen die ik ‘s morgens al in miniatuurversies op de straat had zien lopen en van vele andere bekenden waarvoor ik wellicht te oud ben om ze nog te kennen.

Maar vlak voor het langverwachte vertrek toonde Bashir mij nog een schriftje van een jongen waar ook zijn idool op gekleefd is. Een pasfoto van zijn held, zijn overleden neef: zestien jaar, gestorven als martelaar.

T.T.

Deze reportage kwam tot stand met de steun van het Fonds Pascal Decroos:
 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!