Theater aan Zee (8)

Theater aan Zee (8)

dinsdag 6 augustus 2013 12:14

Met de Roovers als centrale gast van Theater aan Zee ligt de nadruk meer dan ooit op locatietheater. Dat heeft zo zijn voor- en zijn nadelen. De locaties maken meestal een deel van de charme uit, maar de akoestiek durft wel eens tegen te vallen. Je zit er minder comfortabel en je kunt er minder goed sommige storende omgevingsfactoren camoufleren.

  Zo zag ik gisteravond ‘Bog’ van Lisa Verbelen, Judith de Joode, Benjamin Moen en Sanne Vanderbruggen in een zaaltje van de Kunstacademie, ergens ver buiten het toeristische centrum van Oostende. Toen de voorstelling van start ging, begon het plots hevig te regenen wat nogal lawaai maakte op het dak en zo de verstaanbaarheid van de vier acteurs in het gedrang bracht. Gelukkig duurde de plensbui niet zo lang en was het meteen duidelijk wat ze in petto hadden: via woorden en korte zinnetjes de levensloop van een mens reconstrueren.

Van de geboorte tot de laatste snik, alles passeerde de revue. Aanvankelijk vrij chronologisch, maar na verloop van tijd werd met die consequentie toch een loopje genomen. Ze deden dat uitstekend. Het is altijd prettig kijken naar mooie jonge mensen, zelfs als ze niéts te vertellen hebben, maar als ze dan zo speels, zo grappig, zo vertederend, zo explosief omgaan met een onderwerp dat zo herkenbaar is voor iedereen, dan word je daar warm van. Dat was welkom, want ik had net daarvoor een desastreuse theaterervaring meegemaakt, waarover ik het straks zal hebben.

Eén jonge kerel uit het publiek was zelfs zo enthousiast over het viertal dat hij spontaan begon te applaudisseren, waardoor de vier acteurs danig uit hun lood geslagen werden dat ze de voorstelling heel even moesten stilleggen. Dat gebeurde evenwel op zo’n sympathieke manier, met opmerkingen die geheel in de stijl van de tekst lagen, dat dit oponthoud niet eens storend werkte. Misschien moeten ze het er een volgende keer zélf inlassen, want af en toe brengt zo’n opsomming van zaken die in elk leven gebeuren je wel eens in ademnood. Ik had ook wat meer afwisseling in het gebruik van de scène verkozen. Tijdens het grootste deel van de voorstelling staan ze vooraan met vier op een rij. Naar het einde toe stallen ze allerlei voorwerpen uit op de vloer, memorabilia uit het leven van een mens. Toen dacht ik: hebben ze op de toneelschool dan niet geleerd dat je zoiets moet doen op een plaats die voor het publiek zichtbaar is? Achteraan op de scène bijvoorbeeld?

Maar afgezien daarvan heb ik heel erg genoten van ‘Bog’. Ik was zoals gezegd nogal depri geworden van het bijzonder zwakke ‘Ballast’ van De 3e Colonne dat ik een uur ervoor gezien had. Een zogenaamde ‘huiskamertheatervoorstelling’. Achttien Oostendenaars hadden voor dit project hun huiskamer ter beschikking gesteld, dus wordt er iedere keer op een andere locatie gespeeld.

Ik was te gast in een dakappartement met uitzicht op het Leopoldpark en bij uitbreiding op heel Oostende. Een prachtapparement, een schitterende locatie. Maar bij het binnenkomen voelde ik al dat er iets loos was. We bevonden ons wel in een huiskamer, maar de stoelen waren zo geschikt dat het wel een theater leek. Vooraan stond een tafeltje waarop een muziekinstallatie stond, met daarachter een stoel.

Eerst kregen we een inleiding van Dirk Pauwels die wat uitleg gaf over De 3e Colonne. Het is de bedoeling van dit nieuwe ‘theatercollectief’ om bij mensen thuis te gaan spelen, zonder techniek of decor. En de stukken zouden nooit elders opgevoerd worden.

De actrice, Ann Saelens, kwam op, begon te vertellen (zonder het publiek aan te kijken) en ging na vijf minuten zitten waardoor je al heel wat moeite moest doen om haar te zien. Ze zou daar de volgende vijftig minuten blijven zitten en haar uit het hoofd geleerde tekst afratelen. Een zwakke tekst waarin de clichés elkaar verdrongen. Ze begon met enkele opmerkingen over haar zwaarlijvigheid, waarna ze een poging deed om die rationeel te verklaren. Op z’n Flairs.

Ze sprong van de hak op de tak, combineerde anekdotiek met keukenfilosofietjes, en had ook een totaal gebrek aan inlevingsvermogen. Dit was geen theater, maar een voordracht van dagboekfragmenten. Kortom, een miskleun van jewelste. Dat ze achteraf nog zoveel applaus kreeg, verwonderde me. Medelijden? Dat ik hier niet van genoten had, kwam, volgens enkele vrouwen die ik achteraf sprak, doordat ik een man was. Larie, dit was gewoonweg geen goed theater en zéker niet goed genoeg voor een ambitieus theaterfestival als TAZ.

MISSELYk  

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!