Taalgrens
Antwerpen-Noord, Talen, Taalgrens -

Taalgrens

vrijdag 23 april 2010 13:24

Het meisje aan de kassa van de kruidenier kijkt me alleen even vluchtig aan om af te rekenen. Voor de rest babbelt ze honderduit tegen haar vriendin, die tegen de toonbank leunt. Hun nationaliteit of afkomst staat niet op hun gezicht te lezen, maar ik gok dat ze Oost-Europese of Midden-Oosterse roots hebben. De tienermeisjes ratelen en lachen en ratelen lustig verder. Ik prop er een “dank u” en “tot ziens” tussen, maar ze merken het niet eens op. 

Een bevriende jonge vrouw uit de Dambruggestraat geeft lessen dictie. Enkele van haar vaste klanten: een politieagent van Zone City, gestationeerd in de Handelsstraat, die zijn sappige maar platte Antwerps accent wat meer wil ombuigen tot neutraal en beschaafd Nederlands. En een Russische vrouw die al heel wat uurtjes in de Nederlandse les spendeerde, maar die niet wil dat haar zoontje de taal leert spreken met een Oost-Europees accent. 

Oost-Europese beer

Vorige week heb ik mijn bescheiden binnenkoertje opgekuist. Geveegd, geschrobd, plantjes een plek gegeven, radijsjes en basilicum gezaaid. De terrasstoelen verlost van hun laagje winters vuil. Dankzij het goede lenteweertje heb ik thuis nu weer een zonnig plekje om lekker uit te rusten. 

Maar dat is buiten mijn Oost-Europese buren gerekend. Ze wonen ergens verderop in de straat, het blijft me een raadsel waar precies. Bij de eerste deugddoende zonnestralen verhuist de ganse familie naar buiten. Ze lachen, discussiëren, eten, de peuter huilt,ze vloeken en genieten van het leven. Buiten. Vooral één bepaalde buurman, met een indrukwekkend luide stem, kan mijn zomerse rust ongewild maar danig verstoren. In mijn fantasie is hij het strenge gezinshoofd, heeft hij een indrukwekkende postuur en borstkas én een onontbeerlijke Russische snor. Een beer van een vent. 

Het stoort me niet dat mijn onbekende buren zich amuseren (tenzij ze het tot 2 uur ‘s nachts volhouden, wat wel eens gebeurt). Wat me vooral dwarszit, is dat ik hen niet begrijp. Geen enkel woord uit dat taaltje kan ik begrijpen, geen enkel stuk van hun geanimeerde gesprekken kan ik reconstrueren. Wat voor de buren een gezellige conversatie is, wordt voor mij herleid tot burenlawaai. 

Bange blanke Belg

Er leven mensen van 165 nationaliteiten in Antwerpen, en van elke nationaliteit woont er wel minstens eentje op ‘t Noord. Taalgrenzen lopen kriskras door de buurt. Geen drie wannabe-kieskringen, maar tientallen talen. B-H-V wordt hier Bengaals-Hongaars-Vlaams, of Bulgaars-Hebreeuws-Vietnamees. Talen die je elke dag hoort in de supermarkt en op de speelplaats van ‘t Atheneum, op de markt en in het stadskantoor. Ze maken het leven op ‘t Noord rijker, maar ook moeilijker. De ene keer geniet ik van de exotische klanken rondom mij op straat en voel ik me net op vakantie. De andere keer sta ik in de supermarkt aan te schuiven terwijl ik binnen een straal van 10 meter geen woord Nederlands hoor, en vraag ik me af of dit nog “thuis” is. 

Sappig

Natuurlijk is het thuis, de beste thuis die ik me kan wensen zelfs. Maar ik kan me soms wel inleven in de bange blanke man of vrouw, die al dat onbegrijpelijke gebrabbel wat angstaanjagend vindt. Net zo goed geniet ik ervan wanneer ik stiekem kan meeluisteren naar het ongeremde geroddel van twee Spaanstalige vrouwen in een café, omdat die niet verwachten dat ik hun taal begrijp.

Onze meer dan 165 verschillende talen zorgen soms voor conflicten, ze doen ons fronsen en botsen op grenzen. Maar er is gelukkig één instrument waarmee we de taalgrens kunnen overschrijden: ons eigenste, sappige Antwerps. Of het nu met een Marokkaans, Russisch, Zuid-Amerikaans of Vlaams accent is. 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!