Staatshervorming 2010. Hoe verder?
Politiek, België -

Staatshervorming 2010. Hoe verder?

maandag 21 juni 2010 15:01

Het is te gek voor woorden dat er een staatshervorming moet komen omdat onze politici in Noord en Zuid niet genoeg vertrouwen meer hebben in elkaar!

Zo ver liet de politiek het komen in ons land. Een historisch overzicht zou hier te veel tijd vragen.

Wel, hebben de laatste staatshervormingen voor een bijzonder onoverzichtelijk en ingewikkeld kluwen gezorgd in ons land. Een kat vindt er, bij wijze van spreken, haar jongen niet meer.

De laatste decennia werd onmiddellijk na een herinrichting van de staat, de roep om een nieuwe hervorming, bepleit in de media.

Van die herhaalde waanzin moeten we af.

Het kost te veel tijd en energie.

De politiek dient andere prioriteiten te hebben, dan bezig te zijn zichzelf te organiseren.

Bijvoorbeeld, zouden ze zich kunnen bekommeren om algemener belang, sociale zekerheid, werkgelegenheid, economie, budget enz.

Het is één voor twaalf.

Nu is in ons land een win-win-win hervorming nodig die ca 20 jaar vertrouwen brengt op federaal vlak, anders is goed bestuur onmogelijk.

De laatste drie jaar hebben overvloedig bewezen, wat de gevolgen zijn van non-beleid.

Zelfs op niveau van de gewesten of van Brussel werd ‘goed bestuur’ gedeeltelijk verhinderd, onder meer omdat er een gebrek is aan homogene bevoegdheden, maar vooral door gebrek aan geloofwaardigheid tussen politici.

Het is pas na een staatshervorming met visie dat de politiek opnieuw tot echt beleid in het belang van alle inwoners, kan komen.

Wat de kersverse Europese president ook mocht beweren voor de verkiezingen (om electorale redenen?), het prestige van België in het buitenland is tanend. Op zowat alle tabellen viel ons land in de laatste jaren terug, behalve die dan van het aantal wanhoopsdaden.

Niettemin dient de financieel economische situatie niet gedramatiseerd te worden. Het is wel één voor twaalf.

Na drie jaar, rust er ook een immense financiële hypotheek op alle kinderen en kleinkinderen!

Bovendien, sinds het begin van deze eeuw werd niet zorgvuldig genoeg omgegaan met ons staatsbudget. In de relatief goede periode, nog vóór de crisis, groeide de staatsschuld met 10 miljard euro of 40 miljard BF.

Niettemin blokletterden de media zowat dagelijks dat de staatschuld zakte. In werkelijkheid nam de staatschuld (op één jaar na) telkens toe, maar premier Verhofstadt suggereerde iets anders.

Hij kon blijkbaar bijzonder goed met cijfers goochelen.

Dat de nalatigheid in de eerste jaren van deze eeuw ons ooit zuur zou opbreken, stond in de sterren geschreven. De crisis kwam.

De banken werden gered met belastingsgeld en daarna nogal eenvoudig verkocht aan het buitenland. Ondertussen bleven de CEO’s zich bedienen van bonussen, ondanks het feit dat ze miljarden aan verliezen veroorzaakt hadden. De burger werd opgezadeld met hun gigantische put.

Minstens 25 miljard was het overheidstekort in 2009 of duizend miljard BF. Is dat goed beleid?

Wie naar onze put van meer dan 300 miljard Euro in de staatskas kijkt, krijgt hoogtevrees, niet?

Om zich echter te verantwoorden tegenover de burger hebben zowat alle politici (ook elders in Europa) een nieuwe oogverblinder gevonden: “Hoe kan ik door eindeloos zoeken en vergelijken van Europese cijfers, het zo voorstellen dat we zelf nog goed bezig zijn?”

Men zou beter niet vergelijken, maar vooruitkijken!

Terug naar de recente problemen in ons land.

Voor goed beleid was zoals gezegd, nauwelijks nog plaats omdat er geen vertrouwen meer was tussen Noord en Zuid en omdat Brussel in ernstige crisis verkeert, voor wie de werkelijkheid onder ogen durft te zien.

Jette is een concentratiekamp van vreemdelingen geworden. Amper 10% van de bevolking bestaat er nog uit oorspronkelijke bewoners.

Op andere plaatsen in de hoofdstad werden scholen tijdelijk gesloten omdat het er te gevaarlijk was om op straat te komen. Ondertussen werden massaal nieuwe regularisaties doorgevoerd die zwaar op het staatsbudget wegen.

Asielzoekers werden in hotels ondergebracht. Dit gaf een bijkomend aanzuigeffect vanuit het buitenland.

Bij wijze van spreken waren de reisbureaus in die landen, het slachtoffer van oneerlijke concurrentie, omdat de hotels hier gratis aangeboden werden. Meedogenloze mensenhandelaren maken daar handig gebruik van.

Om kortzichtige redenen werden (vooral Franstalige?) asielzoekers toegelaten in ons land.

Niettemin, asielrecht dient overeind te blijven, maar in verhouding tot de huidige draagkracht van onze maatschappij.

Korte termijn denken.

Aan de vele vormen van korte-termijn-denken, ging ons land ten onder. Machtstrijd en mediabekendheid, prestige en postjes najagen kwam op de eerste plaats.

Ons land geraakte in moeilijkheden. Dat was onnodig indien er beleid met visie was gevoerd in plaats van jarenlange loodgieterij.

Door de tegenstelling tussen Walen en Vlamingen verkeerde de politiek zowat permanent in stress. Reeds aan het eind van de vorige eeuw was in de politieke wandelgangen van de hoofdstad te horen dat er geen enkel onderwerp meer was, hoe klein ook, waar de spanning Zuid en Noord niet tot een blokkade leidde.

Teveel eigengereide politici keken niet verder dan hun neus lang is. Sommige partijen waren door dezelfde ziekte besmet.

Politiek werd verkocht als zeep door allerlei zogenaamde communicatiebureaus. In werkelijkheid kwam het neer op manipulatie van de bevolking.

Eerlijke informatie, objectiviteit en ethiek geraakten op de achtergrond. Niemand zag het gebrek aan effectief beleid, omdat het spook van de staatshervorming permanent, als het zwaard van Damocles, boven ons hoofd ging.

Sommige politici liepen weg met ideeën van een ander, om zo snel mogelijk te scoren in de media, maar zonder die gedachten grondig na te zien. Dat zorgde voor steeds meer verwarring en voor de ffeitelijke ‘onmogelijkheid om te regeren.’

Is onze politiek niet één gigantische communicatiestoring?

In elk geval is de geloofwaardigheid van onze instellingen nog nooit zo laag geweest. Uit protest gingen sommige mensen zelfs niet meer stemmen en waren liever burgerlijk ongehoorzaam.

Hebben de media daar dan geen aandeel in?

Ongetwijfeld werkten ze mee aan misplaatste politieke marketing. Bovendien kan een van de oorzaken van de verwijdering tussen Noord en Zuid in ons land bij hen gezocht worden, maar wat is de kip en wat het ei:

Van zodra BRT en RTBF werden gesplitst ontstond langzaam een andere berichtgeving in Noord en Zuid. Dat liep zo ver uit de hand dat sommige journalisten in de laatste jaren schaamteloos ‘die van over de taalgrens’ schoffeerden.

In een dergelijk klimaat was een staatshervorming met visie onmogelijk.

Pas recent hebben VRT en RTBF ingezien, dat ze in aanloop naar de verkiezingen beter dienden te informeren over de taalgrens heen.

Het is dat, ofwel de rechte lijn naar het separatisme. Toch gebeurde die tweetalige informatie slechts met mondjesmaat… omdat sommige politici dat niet wilden.

Iedereen weet welke partij vooral, obstructie pleegde.

Veel politieke onkunde werd ook ondersteund door sommige journalisten, die het spelletje ‘verdeel en heerst’ tot in het absurde toepasten. Ze aarzelden vaak niet de woorden van politici uit te vergroten of uit verband te trekken, bij hun vraagstelling aan andere politici.

Bovendien, veel meer dan in het buitenland, werden jongeren met een politieke familienaam door de pers over het paard getild; ook sommige BV’s. De kiezer slikte dat alles en applaudisseerde zelfs voor een halfdronken minister die ons land zwaar in de verlegenheid bracht.

Anno 2010 is door het een en het ander, goed beleid voor ons land en zijn onderdelen niet meer mogelijk.

Na de opeenvolgende ‘onafgewerkte’ staatshervormingen, sinds de eerste van 1970 onder Gaston Eyskens, is er ook geen weg meer terug.

Dus dient er iets nieuws gevonden te worden.

Een zogenaamde confederale structuur maar die dan wel doorzichtig en uniek zal zijn in Europa en die voor harmonie kan zorgen tussen de inwoners van dit land.

Het zal een bijzonder grote uitdaging zijn, maar het is een must.

De juiste prioriteit.

In verkiezingsdebatten hoorde men, vooral aan Franstalige kant: “We hebben dringend beleid nodig”.

Hierbij verschoof men graag BHV en de staatshervorming naar later.

Men beperkt zich op korte termijn liever tot vage kaderafspraken.

Aan Vlaamse zijde beweerden sommigen: “Eerst BHV oplossen en dan overgaan tot beleid”.

Hierbij wilden zij ook de staatshervorming naar later verschuiven.

Beide voorstellen zijn waanzin.

Heeft men dan uit de drie jaar non-beleid geen lessen getrokken?

Bovendien zijn het vooral de mensen met lage inkomens die de rekening kregen van dit gebrek aan bestuur. Diegenen die slapend rijk worden, ‘kopen’ zich immers overal uit; soms zelfs uit rechtvaardige belastingen. Linkse partijen en bewegingen zouden daarover best eens goed nadenken. Door de sociale zekerheid niet ‘zinvol’ te laten evolueren, zouden ze wel eens in eigen voet kunnen schieten. Of moet het krampachtig vasthouden aan een grote achterban soms compenseren voor het gebrek aan vaardigheid bij het onderhandelen?

 

Na deze verkiezing hebben we een van de laatste kansen voor een minnelijke regeling van de staat.

Als we die laten voorbij gaan, zouden er wel eens brokken kunnen van komen en lonkt het separatisme.

Dat heeft ondergetekende ook reeds voor de verkiezingen geschreven, onafhankelijk welke uitslag de stembusgang van 13 juni ook zou opleveren.

Bovendien stond er toen ook: “Vele politici, aan de beide kanten van de taalgrens, beseffen nu dat ze in eigen voet geschoten hebben. Om dat echter toe te geven, zou enige bescheidenheid nodig zijn.”

Na 13 juni werden we als het ware wakker in een nieuw land. Wat tot voor enkele weken onmogelijk werd gehouden, is plots wel mogelijk. Vooral Wallonië lijkt eieren te kiezen voor haar geld.

Toch was in de verkiezingcampagne steeds duidelijker geworden dat het verhaal over de onwillige Franstaligen en hun herhaalde ‘non’ niet zo maar een fabeltje was. Ook voor Vlaanderen was echter de grens bereikt.

BHV uit deze ruimere context halen was echter waanzin.

Immers, als je BHV vóór alles zou oplossen, dan zou het kluwen en de loodgieterij in dit land helemaal in de war komen.

Niemand zou nog klaar zien, hoe en waar er nog water (lees beleid) door de buizen kan stromen. Sommige buizen veroorzaken nu al een gesloten circuit en dragen dus niets bij aan doorstroming en beleid. Andere buizen leiden naar nergens. Nog andere lopen gewoon leeg, zoals olie in de oceaan.

In die zin faalde de missie van J.L. Dehaene nog voor ze begon. BHV is immers een onderdeel van de staatshervorming.

Een nieuwe staatsstructuur vraagt transparantie en eenvoud.

KISS: keep it simple and short.

De absolute prioriteit is niet BHV, maar een win-win-win staatshervorming is dat wel, zoals ondergetekende al sinds vorige eeuw beweerde. Het moet dit land opnieuw overzichtelijke structuren en homogene bevoegdheidspakketten geven voor een bijzonder lange periode.

Dat zou het vertrouwen tussen politici in Zuid en Noord kunnen herstellen en dat is prioritair. Zonder vertrouwen in elkaar geen goed beleid, of enkel wanbeleid.

Sinds enkele jaren lijkt het bovendien ook nodig om het vertrouwen te herstellen tussen vele inwoners in Noord en Zuid. Zoals gezegd, de verschillen aan informatie in de diverse media zijn zo groot geworden dat er een kloof gaapt en dat emotionaliteit de bovenhand nam van gezond verstand of zelfs van objectiviteit en visie op termijn.

Al hoor je hier en daar aan beide kanten van de taalgrens reeds enige kentering.

De demissionaire regering moet op de winkel letten, terwijl men de staatshervorming bespreekt.

Dit is waarschijnlijk de enige mogelijkheid om zonder Vlaamse haast maar ook zonder Waals talmen tot een staatshervorming te komen met visie.

In dit klimaat van wantrouwen is bij het onderhandelen, het uitspreken van een termijn waarbinnen de zaken moeten geregeld worden, vaak bijzonder nefast gebleken.

Het alternatieve voorstel met een termijn ‘waarbij de vorige regering nog op de winkel past’ is niet vaststaand in de tijd, maar brengt wel genoeg druk mee om niet eindeloos te talmen bij het onderhandelen over de staatshervorming.

Trouwens, als de politici na deze verkiezingsuitslag nog niet wakker zijn, dan is een ramp zeer nabij.

Het gevaar komt echter ook van allerlei drukkingsgroepen die menen zich te moeten moeien met beleid. In plaats daarvan zouden ze beter voor eigen deur vegen.

Een voorbeeld: Een vakbond meende zich rechtstreeks met de verkiezingen te moeten moeien.

Ze schoot daarbij in eigen voet en in die van de bevriende partij. Blijkbaar had die vakbond nog nooit gehoord van de these der verlaten doelstellingen.

Bovendien kan men zich de vraag stellen of de werkgevers en werknemers stilaan niet verenigd zijn in een verbond van a-sociale partners. Immers de regelingen die men onder meer bij Opel en bij Carrefour getroffen heeft, stuiten velen tegen de borst.

Nadat men zowat tien jaar sprak over het verhogen van de pensioenleeftijd werd hier de onrechtvaardigheid gelegaliseerd. Toch blijven geloofwaardige vakbonden nodig.

Dus tijd voor een totaal ander beleid, waarin geloofwaardigheid terug centraal staat.

In het andere geval en zonder eerst een win-win-win staatshervorming wordt het opnieuw twee, drie of vier jaar aanmodderen. Het zou ons land (en Europa?) wel eens aan de rand van de afgrond kunnen brengen.

Dat de modale burger daar als eerste de rekening van zou betalen is voor iedereen nu duidelijk… behalve misschien voor de a-sociale partners.

Even toch ook enkele illusies wegnemen.

Net voor de val van de regering was er niet een bijna akkoord, wat sommige partijen uit electorale redenen ook mogen beweerd hebben.

Meer zelfs, de Franstaligen lijken nu pas te beseffen dat ze een brug te ver zijn gegaan met de vertragingsmanoeuvres. Toch kan ik hun strategie begrijpen, maar enkel vanuit korte termijn denken.

Vaak beweert Wallonië dat er ooit omgekeerde transfers bestonden.

Sommige studies toonden aan dat dit vermoedelijk een illusie is, al verdient een en ander nog grondiger onderzoek.

Vlaanderen wordt niet rijker van zijn transfers. Wel werd destijds een bepaald deel van Wallonië rijk door Vlaamse arbeiders en boeren te werk te stellen in de steenkool en staalindustrie… die het vanzelfsprekend vonden om zich aan de streektaal aan te passen.

Tot slot van deze paragraaf, nog een laatste belangrijke illusie wegnemen over de taalgrens:

“Die moet verlegd worden”: zegt mevrouw J. Milquet.

Het is ernstig te overwegen zou Gaston Eyskens zeggen vanuit zijn idee dat “andere meningen, vaak even juiste meningen zijn”, maar…

Dan dient men terug te gaan naar de oorsprong van die taalgrens en zou men de bestaande procedures over alarmbel en diverse belangenconflicten dienen af te schaffen.

Bij het opheffen van de taalgrensakkoorden zou het federaal parlement kunnen stemmen per gewone meerderheid. Is het dat wat mevrouw J. Milquet of de heer O. Maingain willen?

“Wie aan de taalgrens morrelt, opent de doos van Pandora en brengt het einde van België nabij”: schreef ondergetekende reeds aan het begin van deze eeuw.

Verder nog een woord over de mogelijke splijtzwam van ons land, namelijk Brussel.

Noch Wallonië, noch Vlaanderen zullen of kunnen Brussel loslaten.

Of duidelijker gezegd:

De Franstaligen zullen de Franssprekende inwoners van Brussel niet loslaten (droit de la personne of recht van mensen).

De Vlamingen zullen het grondgebied niet loslaten(droit du sol, of het grondrecht).

Beide hebben ze gelijk.

Dus de opgave na de verkiezingen is: “Zoek voor Brussel naar een oplossing waarmee én Vlamingen én Franstaligen vrede kunnen nemen en terug samenwerken aan goed beleid en in vertrouwen”.

Een van de weinige oplossingen die ondergetekende in de vorige eeuw zag, is om van Brussel een stadstaat, district of ondergewest (what’s in a name?) te maken met autonome bevoegdheden.

Waarom ‘ondergewest’? Omdat minstens één van de bevoegdheden dient uitgesloten te worden, namelijk dat Brussel samen met Wallonië een 2/3e positie zou kunnen innemen, waarmee Vlaanderen soms in de minderheid zou kunnen worden gesteld.

Vandaar dus, dat Brussel hoe dan ook, geen evenwaardig gewest mag worden ‘à part entière’.

Als men dat wel zou toelaten, dan zouden er nieuwe alarmbelprocedures en nieuwe bijkomende onzinnige belangconflicten moeten uitgevonden worden. Daardoor zou het nu al vrij absurde buizenstel ‘België’ wel eens overbelast kunnen worden, met alle gevolgen van dien.

Geen enkele persoon kan nu nog met zekerheid zeggen waar al die Belgische loodgieterij toe dient. Zelfs zowat alle grondwetspecialisten spreken elkaar regelmatig tegen.

Waanzin.

Een goede staatsstructuur dient eenvoudig te zijn en uitgelegd kunnen worden in scholen en in het buitenland. Anders is er iets mis of was er een gebrek aan visie op lange termijn.

Om het verhaal Brussel kort te houden, nog een voorbeeld van win-win-win bevoegdheidsverdeling.

Brussel dient autonoom bestuurd worden door haar inwoners, voor stedelijke aangelegenheden. Voor b.v. defensie zou ze door een samenwerking van Noord en Zuid in dit land worden bestuurd. Tenslotte, voor wat betreft Europese belangen zou Europa bij het overleg betrokken worden.

Uiteraard zullen rechtmatige rechten van de Vlaamse minderheid gevrijwaard dienen te blijven in Brussel, maar dat geldt evenzeer voor de rechten van de oorspronkelijke bevolking, ook Franstaligen, tegenover al het ‘vreemde geweld’.

Dit voorstel over Brussel zou Walen en Vlamingen tot meer overleg en samenwerking aanzetten, in tegenstelling tot wat we zagen. Goed bestuur van het gehele land is immers het einddoel.

Onderweg zijn is daarbij belangrijker dan aankomen.

Ons land, zijn onderdelen en zijn inwoners hebben transparante structuren nodig.

De Noord-Zuid transfers dienen niet onmiddellijk afgeschaft te worden.

Hoe vaak Vlaanderen dat ook beweert, zelfs bij monde van Bart De Wever, hoe meer de Waalse media de Vlaming onverdraagzaamheid en gebrek aan solidariteit aanwrijven.

Dit onware beeld werd zelfs verspreid tot in het buitenland.

De oorzaak daarvan kan ook liggen bij een radicale Vlaamse partij, die al decennia lang de rechtmatige eisen van Vlamingen verbonden had met racisme.

Dit alles was bijzonder jammer en zelfs onrechtvaardig, want Vlamingen behoren door hun transfers al jarenlang tot de meest solidaire Europese onderdanen.

Immers, Vlaanderen eiste nog nooit het geld van de transfers terug, terwijl andere Europese landen er nu op rekenen dat het geld voor Griekenland snel zal teruggestort worden.

Voor de buitenlandse of Waalse pers, de Vlaming verder blijven schofferen, zou het goed zijn over het voorgaande even na te denken.

Of mag Vlaanderen voor zijn geld geen transparantie vragen, net zoals Europa dat nu eist?

Verder is het te gek voor woorden, dat Wallonië nu internationaal propageert dat er nog ruime industriegrond ter beschikking is en dat de streek zo mooi en groen is… terwijl een Franstalige elite zich ondanks alles in Vlaanderen wil komen vestigen, waar ruimte ontbreekt.

Ze doen dat vaak zonder de taal te (willen) leren. Waarom gingen die Franstaligen niet in Waals Brabant wonen?

Wie het antwoord hierop, openhartig kan verklaren, haalt de BHV-angel uit de Belgische voet.

Niettemin, hoe meer wij beiden elkaars taal spreken, hoe beter we elkaar zullen begrijpen.

Geen vrijheid zonder verantwoordelijkheid.

Bovendien kan er ‘voor de verandering’ best eens, een Franstalige premier komen.

Een premier in ons land, regeert immers ‘per compensatie van toegevingen aan het andere landsdeel’, zoals ondergetekende in 2007 stelde in een nota aan diverse politici in ons land.

Besluit

Veel politieke nonsens en illusies dienen opgeruimd te worden in ons land, zowel in het noorden, het zuiden als het centrum.

Pas in dat geval, zullen politici opnieuw met enig vertrouwen kunnen samenwerken.

Het is enkel nà een grondige staatshervorming in win-win-win, die zo veel mogelijk homogene bevoegdheden op het juiste niveau zou leggen, dat ons land een kans op ernstig sociaal economisch beleid zal krijgen.

Dan zal tegelijk het probleem BHV tot zijn ware proportie verschrompelen en snel opgelost geraken.

Hopelijk ook, wordt de staatshervorming geen coco (complex compromis). Liever ontstaat er een covisie of een consensus met visie op lange termijn en gericht op onderling herstel van vertrouwen.

Het land heeft nood aan structuren die men in binnen- en buitenland begrijpt. Dit is in die mate belangrijk, dat het zelfs een voorbeeld zou kunnen vormen voor andere spanningshaarden in Europa.

Pas dan zullen alle inwoners van dit land, hun kinderen en kleinkinderen nog een hoopvolle toekomst hebben. In dat geval zal bovendien het toewijzen van de diverse budgetten voor het bestuur als het ware vanzelf kunnen gebeuren.

Met deze bijdrage beschouwt ondergetekende zijn inbreng in dit dossier voorlopig als afgerond. Hij is het beu om zich sinds tien jaar, vruchteloos en grotendeels te herhalen.

De nota is op vandaag naar waarheid en kennis geschreven. Ondergetekende wil vermijden dat de lezer of zijn leefomgeving te kort gedaan wordt, of op een dwaalspoor gebracht.

Mochten er toch foute informaties of redeneringen in geslopen zijn, dan hoort of leest hij het graag.

Philippe Deleu, licentiaat economie, filosoof van inborst.

6 jaar actief in de politiek, maar er uit gestapt omdat de geloofwaardigheid alsmaar dieper zakte.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!