Nog geen vijfhonderd kilometer hier vandaan
Democratisch deficit, Belgische politieke toestand, Democratische beslissingsprocessen -

Nog geen vijfhonderd kilometer hier vandaan

zondag 2 mei 2010 17:40

De burger heeft er genoeg van. De mensen keren zich af van het wansmakelijke schouwspel in de Wetstraat. Om van de man in de straat nog maar te zwijgen. Als het aan de kranten ligt, heeft de ganse bevolking mooi genoeg van het hele politieke bestel.

Mijns inziens zijn daar pertinente redenen voor te verzinnen. De discrepantie tussen mondiaal georganiseerde bedrijven en nationale overheden heeft die laatste aan substantiële macht doen inboeten. Zeker in een tijd waarin de overheid geacht wordt zoveel als mogelijk over te laten aan de private sector. De huidige regeringscrisis en het conflict rond Brussel-Halle-Vilvoorde gebruiken als aankondiging voor de apathische burger, lijkt mij dan weer gênant onjuist.

Het is niet omdat iets onwaar is, dat journalisten er geen bewijs voor kunnen vinden. De Standaard deed een verdienstelijke poging. Woensdag publiceerde die krant enkele gesprekjes met studenten politieke wetenschappen over de lopende impasse. Keuterboerenpolitiek stond boven dat artikel. En inderdaad, de ene is het beu, de andere noemt het een conflict door politici gecreëerd en nog een andere vindt – die zien we binnenkort op een lijst verschijnen – dat politici het over de problemen van de mensen moeten hebben. Nu wil het geval dat alle ondervraagde studenten internationale politiek volgden. Er zat er geen enkele tussen die Belgische deed, om het misplaatste kosmopolitisme van de anderen te counteren. Wie aan jongens en meisjes die denken de hele dag bezig te zijn met wereldproblemen, vraagt naar een lokale crisis, kan zich natuurlijk aan zo een kinderlijk simplistisch antwoord verwachten.

Yves Desmet heeft zelfs geen studenten nodig om zijn gelijk aan te tonen. Die heeft aan zijn beste pen genoeg. In zijn essay van deze week werkt hij een opmerkelijke redenering uit. Vroeger kwamen duizenden mensen op straat om te protesteren tegen de splitsing van een arrondissement of de aanhechting van een kanton hier of ginder. Daar werd om gevochten. Dat is nu geenszins het geval, wat het volgens Desmet net veel erger maakt. Mensen zijn niet meer geïnteresseerd, hebben zich afgekeerd van de politieke klasse, willen er niets meer mee te maken hebben. Politiek apathisch zijn ze geworden, terwijl een democratie net nood heeft aan participerende burgers. De lezer blijft, geheel lamgeslagen door dit doodsvonnis, achter met de simpele vraag wat Desmet gaat schrijven wanneer alsnog volksmeutes op straat komen om hun ongenoegen over Brussel-Halle-Vilvoorde te uiten. Zal hij dan schrijven dat het een verbetering is tegenover de situatie heden ten dage? Ach wat zal het, verderop schrijft de goede man alweer dat de politieke versplintering en verschuiving, net veroorzaakt door mobiele en inventieve kiezers, de doodsteek hebben betekend voor het huidige model. Hij probeer ook zo maar wat uit.

Of de mensen het nu willen of niet, volgens de gazetten zien ze de politiek niet meer zitten. Volgens Luc van der Kelen had zijn vrouw er zelfs schoon genoeg van. En dan waren er nog de mensen die hem in de supermarkt aanklampten. Oftewel zijn het verzinsels van moegestreden journalisten, oftewel leeft er werkelijk wat onder de mensen, maar vaststaat dat sommigen de laatste jaren blijkbaar zodanig verwend zijn geraakt, dat ze geen crisis meer aan kunnen. Bij de minste onpasselijkheid wordt er moord en brand geschreeuwd. Dat zal toch niet de schuld van paars zijn.

Het maakt dan ook op mij geen enkele indruk dat nu ook leden van de elite uitroepen dat we in een bananenrepubliek leven. Wie dat zegt, behoort simpelweg niet tot de (Belgische) elite. Onder deze lieden heeft blijkbaar een beeld postgevat van een liberale democratie waar alles op rolletjes loopt en het besluitvormingsproces niet meer is dan een fluitje van een cent. Ik weet niet precies wie met deze waanbeelden is komen aanzetten, maar het zal wel weer wat te maken hebben met die verdomde vermarkting. Een overheid moet worden geleid als een bedrijf, en als dat niet lukt heeft die overheid afgedaan en kan ze beter opgeschorst. Daarbij wordt gemakshalve vergeten dat winstmaximalisatie een ietwat makkelijker target is dan het verzekeren van een duurzaam democratisch proces.

De mannen van de bananenrepubliek zien nog meer dingen niet. Ze stellen het steeds voor alsof België een politiek moeras is in verder een zee van piekfijne democratieën. Een uitermate provinciale ingekeerde blik op de wereld is dat. Laat ons eerst even kijken naar de twee buurlanden waar binnenkort ook mag worden gestemd. In Engeland staat Labour momenteel op de derde plaats in de polls. Een nogal onbetekenend gegeven is dat, ware het niet dat zij bij diezelfde polls desondanks de meeste zetels weten te veroveren. In Engeland kan de derde grootste partij in percenten de onbetwistbare leider in regeringsonderhandelingen worden. Een democratisch deficit van heb ik jou daar. De Liberal Democrats voeren een campagne tegen dit aftandse systeem dat berekend is op twee partijen en geen enkele ruimte laat voor politieke nuancering. Nick Clegg pleit voor een proportioneel systeem, waarmee hij de politieke versplintering die Yves Desmet bestrijdt ruim baan wil geven. Dat gebeurt as we speak, nog geen vijfhonderd kilometer hier vandaan.

In Nederland vertellen journalisten hetzelfde als hun Belgische collega´s. Ook daar zou de politieke klasse uitgeteld op de grond liggen. Als er al wat aan de hand is, is het geen exclusief Belgisch probleem. Sorry, Bart. Krek dezelfde oplossingen worden in Nederland voorgesteld. De christendemocraten willen een kiesdrempel instellen, meer om kleinere concurrenten uit te schakelen dan wat anders. Andere stemmen willen een tweepartijensysteem, net zoals het in België wordt bepleit en in Engeland bestreden. Veruit de bovenhand haalt echter een roep om meer leiderschap. Blijkbaar zitten veel Nederlanders te wachten op een sterke leider die hen de weg wijst. Men kan zich voorstellen hoe desperaat je moet zijn om daarnaar te verlangen. De perceptie van de parlementaire democratie is in Nederland net dezelfde als hier, en zij hebben daar geen communautaire breuklijn voor nodig.

Drie landen die worstelen met een vermeend democratisch deficit. België valt in dat rijtje amper op. Daarnaast zijn er nog andere Europese landen waar de democratie, me dunkt, weldegelijk een probleem heeft. Denemarken, Italië en Hongarije met name. Allemaal bananenrepublieken, jongens? Denemarken wordt al geruime tijd geleid door een centrumrechts minderheidskabinet dat in het parlement gesteund wordt door de extreemrechtse Volkspartij. Dat werkt prima, maar door deze constellatie heeft een radicale partij buitenproportioneel veel macht en invloed. Elk voorstel staat of valt uiteindelijk bij de steun van de Volkspartij. En dat is er aan te merken. Enkel wat Europese zaken betreft laat de partij toe dat de coalitie soms een akkoord sluit met een andere fractie. Politiek opportunisme van liberalen en conservatieven zorgen voor een serieuze scheeftrekking van het politieke bestel in Denemarken. De Italiaanse casus is genoegzaam bekend. Een politiek entrepreneur kan zijn gang gaan aangezien hij over een monopolie van teeveezenders, kranten en andere media beschikt. De scheiding der machten is ver te zoeken, laat staan het goede bestuur. Hij wordt dan wel verkozen, maar van eerlijke verkiezingen is eigenlijk geen sprake meer. Die waren er nog wel in Hongarije een tijdje geleden, waar het extreemrechtse Jobbik ruim vijftien procent van de stemmen haalde. Op zich niets mis mee, maar deze partij stuurt militaire stoottroepen de straat op. Vooral zigeuners en holebi´s moeten oppassen, in de zin dat de gewelddadige incidenten niet meer op één hand zijn te tellen. Om maar te zeggen dat meerderheden en minderheden vaker in de clinch gaan.

Dit zijn allemaal landen die al dan niet met overtuiging lid zijn van de Europese Unie. Geen Afrikaanse of Zuid-Amerikaanse prille democratieën, geen Oekraïense vechtassemblee. Alle Westerse liberale democratieën worstelen met hun eigen organisatie. Momenteel, maar eigenlijk al vanaf hun ontstaan. Het is simpelweg aartsmoeilijk een land te leiden op een manier die billijk oogt voor op zijn minst een meerderheid van de bevolking. Neem ook maar de Verenigde Staten erbij. Daar werd een president verkozen deels omdat hij een revolutionaire hervormingsplan voor de gezondheidszorg voorstelde. Ruim een jaar na zijn aanstelling werd een sterk afgezwakt wetsvoorstel goedgekeurd in Kamer en Senaat. Ook daar schort iets aan, hoewel de Verenigde Staten vaak worden aangehaald als baken van verlichting voor alle liberale democratieën. België leidt onder een democratisch deficit en dient dringend te worden hervormd, maar het hysterische gejoel alsof dit land op instorten zou staan, is op zijn zachtst gezegd misplaatst. Dat is enkel nuttig voor degenen die er hun core business van hebben gemaakt. Hun volste recht, maar het wordt hoogtijd dat alle anderen partij kiezen en weer nuchter worden.

Overigens. Wie houdt van geoliede democratieën, heeft dezer dagen een aardige brok aan Duitsland. Angela Merkel heeft begrepen dat een meerderheid van haar bevolking tegen een steunplan voor Griekenland is, en blokkeert de Europese Unie om een effectief beleid te voeren. Geen cent naar Griekenland omdat de Duitse bevolking niet wil begrijpen dat niets doen rampzalige gevolgen kan hebben voor de hele muntunie. En de leiders hebben enkel te doen wat het volk wil. Het water loopt me werkelijk in de mond.

take down
the paywall
steun ons nu!