New York

New York

vrijdag 19 januari 2018 18:48

Ik zit in New York. Een paar gasten met hoed snookeren alsof hun leven ervan afhangt. Aan een tafeltje verderop zitten meisjes ietwat onnozel wijn te slurpen. Eén ervan heeft een bloemenkroontje. Ze wordt allicht meerderjarig.  Stevie Wonder heeft dat ook gezien en jaagt daarom zijn Happy Birthday door de boxen. Iedereen lacht. De jarige snijdt de taart aan. Er is een kaarsjestekort  zo te zien.

Neen!  Ik zit niet in New York. Ik zit in Addis Ababa. Of toch: ik zit in Café New York. De straten zijn hier genoemd naar landen. De bars zeggen je dan weer dat je in Parijs bent en Hamburg ligt hier net naast Praag.   De feestende meisjes laten in alle onverschilligheid zien dat de mooiste vrouwelijke exemplaren wel degelijk uit deze regio komen. Onze Lieve Heer heeft hier ooit zijn kribbe gezet en dat werkt zo te zien tot op vandaag door. Jammer dat grensoverschrijdend gedrag hier nog niet in de mode is. Ze zouden anders wat meemaken!

Het is drie jaar geleden dat ik nog eens in Ethiopië was. Toen al was mij opgevallen hoe snel alles veranderde. Tien jaar geleden deed Addis zijn best om te lijken op het beeld dat Peter Verlinden van Afrika ophangt. Nu ligt het vol twee- en drievaksbanen en viaducten.  Waar ik nog niet zo lang geleden diep in de nacht in de veilige straten verdwaalde, loopt nu een trambaan.  De enorme infrastructuurwerken worden hier sneller voltooid dan dat er in België een actiecomité bijeen kan getrommeld worden.

Ik kijk vanuit New York naar buiten.  Ze zijn er nog. De blauwe Lada’s die als taxi dienst doen. Je mag zeggen van de Russen wat je wil maar auto’s maken konden ze. De Lada’s waren  misschien niet marktbestendig maar laat een bom vallen: een Lada start bij het eerste contact. En nu rijden ze nog rond in Addis. De auto’s zijn ouder dan mezelf. Ze doen me denken aan mijn jeugdjaren toen een nonkel zo’n wagen had. En hij was daar heel content van. Ik zie in Addis waarom. Misschien heb ik daarnet wel terug eens in de zijne gezeten.

Er is een massa mensen op weg en ze stappen snel. Zo te zien  moeten ze dringend ergens zijn. De viervaksbaan staat stil en niemand toetert. Zijn wij wel in Afrika? Ha neen, het zijn Lada’s: alleen de motor werkt.  Mensen zijn gehaast, de wagens staan stil. Dat heet vooruitgang.

 Ik zie veel torengebouwen. Veel afgewerkt, nog meer in aanbouw. Opvallend: er staan kranen naast de werven. Lach maar en vind dit maar normaal. Ik herinner me nog dat ik een opinie in een lokale krant schreef dat ik het schandalig vond dat op elke werf veel mooie jonge vrouwen als metserdienster werkten en stenen en cement op gammele ladders naar de zesde verdieping moesten sleuren. Ik zie ze niet meer en hoop maar dat ik niet bijgedragen heb tot hun jobverlies.

Er zijn een paar jongens bij het groepje feestvierders gekomen. Het zijn wildemannen die met de raarste danskronkels een glas doen sneuvelen en mij dwingen een tafeltje verderop te gaan zitten. Zij denken zo indruk te maken op die schoonheden. Aan de zwoele bewonderende blikken te zien  doen ze dat verdorie ook nog. Zelfs die parel met  hoofddoek giet in één teug haar glas rode wijn binnen en knipoogt. Niet naar mij maar naar een knul die – tenzij hij zich recent geschoren heeft – nog niet eens overal haar heeft .

Weet je wat ik denk? Het is de jeugd van tegenwoordig!

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!