Mensen schrappen van werkloosheid of het OCMW, wat is er aan de hand bij Groen?

Eerst was er Wouter van Besien, de voorzitter van Groen, die verklaarde dat men mensen die niet genoeg hun best doen om werk te vinden moet schrappen. Nu dient Groen Antwerpen een motie in om een wettelijk kader te creëeren om mensen hun leefloon te schrappen. Wat is er aan de hand?

donderdag 24 april 2014 18:12

Sommigen hebben na een jaar werkloosheid genoeg kansen gekregen voor een geschikte job, maar hebben die niet willen grijpen. Die mogen wat mij betreft na dat jaar geschrapt worden’, plukte De Standaard uit het boek van Wouter van Besien, de voorzitter van Groen. De verbaasde verontwaardiging van veel linksen was dan ook groot.  

Van Besien vond al die verontwaardiging maar electorale prietpraat en publiceerde op DeWereldMorgen.be het volledige hoofdstuk waaruit men het citaat had geplukt. “Hij laat zich wellicht met veel plezier misleiden door een krant (De Standaard), en trekt een passage uit mijn boek ‘Beter’ uit de context om te beweren dat ik de werklozen in de armoede wil duwen”, schreef Wouter over Dirk Van Duppen die uit verontwaardiging in zijn pen was gekropen. 

Maar ik denk dat het hoofdstuk op zich nog bezwarender is. Het schappen van werklozen en nu ook van leeflonen is het logische gevolg van de basisstelling die Van Besien ontwikkelt.  

Lees even mee:

“Karikaturaal geschetst heb je aan de rechterkant (recent) de Britse arts en schrijver Theodore Dalrymple, die ervan uitgaat dat de welvaartsstaat de werklozen en steuntrekkenden te veel pampert, waardoor ze te weinig impulsen krijgen om zich op te werken. Aan de andere kant is er de karikatuur van twintigste-eeuws klassiek links, dat enkel wijst op de noodzaak van structurele oplossingen: er moet gewoonweg werk worden gecreëerd voor iedereen en iedereen moet voldoende geschoold worden.”

Cruciale denkfout 

Ik denk dat Wouter Van Besien hier een cruciale denkfout maakt. Het recht op arbeid en het recht op onderwijs zijn immers basis- of grondrechten. Dat wil zeggen dat deze rechten moeten voldaan of vervuld zijn alvorens men het kan hebben over de individuele verantwoordelijk van mensen.  Die grondrechten maken deel uit van de Universele verklaring van de rechten van de mens.

Dat recht werd zelfs ingeschreven in de Belgische grondwet (artikel 23) 

Art. 23: Ieder heeft het recht een menswaardig leven te leiden.

Die rechten omvatten inzonderheid:

  1. het recht op arbeid en op de vrije keuze van beroepsarbeid in het raam van een algemeen werkgelegenheidsbeleid dat onder meer gericht is op het waarborgen van een zo hoog en stabiel mogelijk werkgelegenheidspeil, het recht op billijke arbeidsvoorwaarden en een billijke beloning, alsmede het recht op informatie, overleg en collectief onderhandelen;
  2. het recht op sociale zekerheid, bescherming van de gezondheid en sociale, geneeskundige en juridische bijstand;
  3. het recht op een behoorlijke huisvesting;
  4. het recht op de bescherming van een gezond leefmilieu;
  5. het recht op culturele en maatschappelijke ontplooiing.

Ik zal even de mensen van het straathoekwerk citeren over die grondrechten:

Sinds 1994 bevat de Belgische Grondwet het artikel 23 waarin een menswaardig leven wordt gegarandeerd via volgende sociale grondrechten: recht op arbeid en vrije beroepskeuze, recht op sociale zekerheid, bescherming van de gezondheid en sociale, geneeskundige en juridische bijstand, het recht op een behoorlijke huisvesting, recht op bescherming van een gezond leefmilieu en recht op culturele en maatschappelijke ontplooiing.Het straathoekwerk beschouwt deze rechten als onvoorwaardelijk en niet gekoppeld aan plichten.
http://www.straathoekwerk.be/Straathoekwerk/Dewerkvorm/Devisie/Socialegrondrechten/tabid/457/Default.aspx

Paard niet achter de kar spannen 

Met andere woorden: Voor we mensen aanspreken op hun individuele verantwoordelijkheid inzake werk, werkloosheid,… is het nodig dat er voldaan is aan de basis- of grondrechten, waaronder het recht op arbeid.

In een land waar er voor elke beschikbare vacature maar liefst 17 werkzoekenden zijn, kan je bezwaarlijk stellen dat het recht op “arbeid, op vrije keuze van beroep, op rechtmatige en gunstige arbeidsvoorwaarden” verzekerd is.  Het aantal werkende armen blijft toenemen, vandaag gaat het al om 1 werknemer op 25 waarvan het inkomen onder de armoedegrens ligt. 

Eenmaal je die basis- en grondrechten niet meer beschouwt als basis- en grondrechten kom je op een soort hellend vlak.  Het hellend vlak waarop Patrick Janssens en Monica De Coninck zich bevinden met hun “Voor wat hoort wat” discours dat nu in een soort light versie opduikt bij Van Besien.

Dan kom je tot uitspraken als: “Sommigen hebben na een jaar werkloosheid genoeg kansen gekregen voor een geschikte job, maar hebben die niet willen grijpen. Die mogen wat mij betreft na dat jaar geschrapt worden.”

Dan kom je ertoe om moties in te dienen die een wettelijk kader scheppen om mensen hun leefloon af te pakken als ze drie keer afwezig zijn in de Nederlandse les.

Dergelijke uitspraken en moties zijn immers niets meer of minder dan de consequentie van de basisidee die van Besien in zijn boek ontwikkelt.  

De strijd voor basis- en grond-rechten zijn voor Van Besien immers verworden tot  “de karikatuur van twintigste-eeuws klassiek links, dat enkel wijst op de noodzaak van structurele oplossingen: er moet gewoonweg werk worden gecreëerd voor iedereen en iedereen moet voldoende geschoold worden.

Eerst perspectief bieden

Het is een vergissing te denken dat links enkel wijst op de noodzaak van structurele oplossingen.  Links wijst er op dat er structurele oplossingen nodig zijn om iedereen te voorzien van die basis- en grondrechten en wil bovendien dat die rechten afdwingbaar worden gemaakt.  Links vindt dat men mensen pas mag aanspreken op hun individuele verantwoordelijkheid als er wordt voldaan aan hun basis- en grondrechten. Links vindt het vooral problematisch dat die grondrechten veelal dode letter blijven en in onze samenleving niet afdwingbaar zijn.

Links zegt trouwens niet dat je de mensen niet mag aanspreken als blijkt dat ze geen inspanning doen om Nederlands te leren of werk te vinden.  Maar links doet dat door perspectief te bieden op een betere toekomst en niet door hen te ontzien van hun grondrechten. Want wie denkt dat je veel toekomst kan bouwen met een leefloon kan best zelf eens een paar maanden met zo’n leefloon proberen rond te komen.  

Eigenlijk is het een beetje vreemd dat enkel links nog een dergelijk standpunt inneemt, want het is eigenlijk niets meer of minder dan artikel 1 en 2 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens.

Artikel 1
Alle mensen worden vrij en gelijk in waardigheid en rechten geboren. Zij zijn begiftigd met verstand en geweten, en behoren zich jegens elkander in een geest van broederschap te gedragen.

Artikel 2
Een ieder heeft aanspraak op alle rechten en vrijheden, in deze Verklaring opgesomd, zonder enig onderscheid van welke aard ook, zoals ras, kleur, geslacht, taal, godsdienst, politieke of andere overtuiging, nationale of maatschappelijke afkomst, eigendom, geboorte of andere status.

Het is natuurlijk waar dat de Universele Verklaring van de Rechten van de mens dateert uit een andere eeuw.  Maar sta me toe niet alle verworvenheden uit het verleden bij het schroothoop van de geschiedenis te willen zetten.

Geld en belangen van de 1% ondermijnen basisrechten 

Je kan je natuurlijk afvragen waarom die rechten dan steeds weer onder druk komen te staan en voor een groot deel van de wereldbevolking dode letter blijven, ook in België trouwens.  Het belangrijkste probleem is dat die basisrechten geld kosten. Het probleem is niet zozeer dat dat geld er niet zou zijn, het probleem is dat de 1% dat geld liever voor zichzelf houdt.

Maatregelen tegen de sociale zekerheid, zoals werkloosheidsuitkeringen in de tijd beperken, hebben vooral tot doel om de lonen naar beneden te halen.  Wie immers niet meer kan genieten van degelijke uitkering die wordt verplicht om om het even welk werk aan om het even welk loon te aanvaarden.

In België zijn vandaag 4% van de werknemers werkende armen, ‘working poor’. Dat wil zeggen: ze werken, maar ze verdienen minder dan de armoedegrens.  In Duitsland gaat het om 1,3 miljoen werknemers.  Dat kan natuurlijk enkel als men eerst de sociale zekerheid uitholt zodat werknemers verplicht worden om onderbetaald werk te aanvaarden. 

Dat liberale partijen als de VLD en N-VA steeds maar leuteren over te hoge uitkeringen, … en pleiten voor een “Voor wat hoort wat” beleid, mag ons niet verbazen.  Zij zeggen immers open en bloot de partijen te zijn die de 1% vertegenwoordigen. 

Dat de sociaal-democratie meestapt in dit verhaal verbaast ons ook allang niet meer. Die toeteren al een paar decenia uit volle borst mee met de liberale fanfare.

Dat Groen nu ook op de tonen van de liberale fanfare begint mee te blazen verbaast ons dan weer wel (of mij toch alleszins).

—–Han Soete is hoofdredacteur van Solidair.org en hij is op #VK14 lijstduwer op Europese lijst van PVDA+

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!