Kunst: zwanger van zijn

Kunst: zwanger van zijn

donderdag 13 november 2014 14:40

Een leven lang worden we achtervolgd door vragen: wat wil je later worden? Naar welke school ga je? Wat ga je studeren? Wat ga je daar dan mee doen? Wat doe je nu? Veel vragen en te weinig woorden om daar een functioneel en verzadigend antwoord op te bieden. Als kind wou ik elektriciën worden, creatieve oplossingen vinden, met mijn handen fijnzinnig bezig zijn en mensen helpen. Toch duwde de maatschappij mij in een meer theoretische scholing van oud Grieks en Latijn, van de basis van onze beschaving, de bakermat van cultuur en taal, maar ook van filosofie. De liefde voor wijsheid, het zoeken naar begrijpen heeft mij toen gegrepen.

Dat zoeken komt nergens uitdrukkelijker tot uitdrukking dan in de kunst, kunst is volgens mij het enige antwoord op vele onbeantwoorde vragen, een open antwoord weliswaar. Een visie van weleer, een schreeuw, een klankbord, een spiegel, een vangnet, een spreekballon, de meest omvangrijke vorm van hoop. En zo kom je bij Kunstwetenschappen terecht, voor mij een contradictio in terminis, want ik hou van kunst en ik heb een afschuw voor alles waar het woord ‘wetenschappen’ aan kleeft; een vereniging van mijn grootste liefde en haat in één woord. Het is de adrenaline die filosofie mij geeft, die mij naar deze wetenschap van de kunst bracht. De twee moeders van de kennis der aarde, de vragenstellers en hartenbrekers, met één groot verschil: onder filosofie valt de aarde in vraagtekens uiteen, kunst plakt deze samen tot een troostend geheel. Het helpt het verdragen van al wat ons leven ondragelijk maakt, het grijpt het ongrijpbare en houdt vast wat we al lang verloren zijn, geeft vorm aan ons verdriet en brengt kalmte in onze rusteloosheid. We zoeken allemaal elk voor zich onze kunst in het leven, al is het in het herstellen van een gloeilamp, het breien van een wintertrui of het snoeien van een haag. We proberen onze perfectiedrang tot uiting te brengen in onze omgeving en zoals er een tijd is dat mensen beseffen hoe belangrijk bomen zijn, zo komt er misschien ook een tijd dat mensen beseffen hoe belangrijk brandhaarden voor artistieke bezigheden zijn. Kunst is de zuurstof voor een samenleving, de lijm voor diverse groepen. Kunst brengt mensen zoals niets anders op een vredige manier samen in hun zoektocht naar zingeving. Geen concurrentie om de beste formule, geen berekenbaarheid, enkel intuïtie in de zuiverste vorm. Ik heb er absoluut geen aanleg voor om dingen te berekenen, misschien deels uit een soort koppigheid omdat ik denk dat ieder mens en zo ook het leven in zijn geheel een rekensom is van op- en aftellen zonder oplossing. Oneindige vragen over eindig geluk.

Schilderijen en sculpturen halen ons weg uit de realiteit en drukken ons tegelijk dubbel zo hard met het gezicht in de aarde. Als er niets meer overblijft behalve leegte en stilte, dan zullen we kunst blijven maken. Al is het maar om te lachen om de dwaasheid van het leven, om de woede van onze vijand te vergeten in oorlogstijden, om onze honger te vergeten in armoede. Ook dan zullen we kunst blijven maken. We dansen en maken muziek om te vergeten, om te vergeten en tegelijk meer dan ooit te weten en te winnen. Kunst is vechten naar vrijheid, praten van de hak op de tak en kraken als het koud is, het is angst en kleine kneepjes om hulp, dromen van het onmogelijke en humor voor het absurde. Chaotisch zijn in alles wat je bent, accepteren van het grenzeloze en schaamteloos strijden voor wat onbereikbaar is.

Iets moois dat je niet kan delen, verliest de helft van zijn schoonheid en gratie. Kunst is een eindeloos liefhebben zonder dat iemand het ziet. Het is een vasthouden van wat iedereen wil vergeten, maar niemand kan. Je zou kunnen stellen dat er drie soorten mensen zijn. De politici en wetenschappers schrijven recepten voor in smaken en kleuren om die wensen om te woelen, te verdraaien en te bedrijven volgens de regels van voorschrift. De bevolking kiest naar genoegen, goedgelovig wachtend op verbetering. En dan zijn er de gekken. Zij filosoferen, strijken hun pijnstreken uit in verf of kladden woorden rijkelijk van onbegrip gevuld. Ze zingen van deugd of dansen van verdriet, zich behendig bewegend tussen idealisme en intellectualisme door. Een surrealistische verschijning van mensendracht, zwanger van zijn. In alle schoonheid plooien ze hun nietigheid om in iets wat enkel de natuur ten volle vatten kan. Misschien is dat wel de zin van het leven, ernaar streven een moment te bevriezen in de tijd dat zo mooi is dat niemand zich zorgen maakt om de stilte ervan.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!