De community ruimte is een vrije online ruimte (blog) waar vrijwilligers en organisaties hun opinies kunnen publiceren. De standpunten vermeld in deze community reflecteren niet noodzakelijk de redactionele lijn van DeWereldMorgen.be. De verantwoordelijkheid over de inhoud ligt bij de auteur.

Kuisen en keuvelen

Kuisen en keuvelen

woensdag 7 april 2010 22:07
Spread the love

Op de ‘Dag van de Dialoog‘, in september vorig jaar, praatte ik in Brussel met mensen uit allerlei culturen over manieren om je buren te leren kennen in een grote stad. Zeker op ‘t Noord is dat niet makkelijk, door het hoge tempo van komen en gaan van mijn buren. Bovendien, hoe Antwerps ik mij ook voel, ik ben niet opgegroeid in ‘t Stad en loop dus geen oude schoolvrienden of buren tegen het lijf in de straten van ‘t Noord. 

Mijn straat leent zich niet tot buurtfeestjes of speelstraten. Er rijdt een tram door (van gezellig straatje-afsluiten is dus geen sprake) en de voetpaden zijn wat aan de smalle kant voor nieuwjaarsdrinks. Een buurthuis of café hebben we ook niet. Maar misschien moet ik het contact met mijn buren niet zo ver zoeken. Eergisteren ontdekte ik de perfecte manier om elkaar te leren kennen: je ramen poetsen! Die aan de straatkant, évidemment. 

Koffiekoeken

Ik sta nog maar enkele minuten te schrobben, met één been balancerend op de vensterbank en het andere op een gammel trapladdertje, of de buurvrouw van nummer 24 passeert. Sympathieke madam, die toch al een jaar naast ons woont. Ze laat spontaan een “Goeiemorgen, buurvrouw! Al druk aan het poetsen?” vallen. Bekijkt haar eigen ramen en zucht: “Ik zou dat ook eens moeten doen…” 10 minuten keert ze terug met een grote zak van de warme bakker. Koffiekoeken? Mmmm…Haar huisgenoot mag zich gelukkig prijzen! 

In de tussentijd passeerde de man van nummer 16, dochtertje van een jaar of vijf aan de hand. Hij ziet me verwoed zwaaien met natte dweil, spons en vod. “Oei oei, pas op hé!”, waarschuwt hij -half lachend, half angstig. Mijn Oost-Europese buur heeft blijkbaar niet veel zin om nat te worden. Ik hou me even in tot de twee voorbijgelopen zijn. Dochtertje kijkt nog even om. Ik wuif, ze wuift terug. Ik krijg er een kinderglimlachje bij. 

De Allerhoogste

Twee oudere mannen spreken me zelf aan terwijl ik mijn ramen zeem. “Amai zeg, zo proper!”, zegt de meest spraakzame. Waarop hij meteen vervolgt met: “Denkt u soms wel eens na over de komst van de Allerhoogste?” Getuigen van Jehova. De man moet naar me opkijken, en daar helemaal bovenaan mijn ladder voel ik me zelf even de allerhoogste. Eén van de getuigen blijkt achter de hoek te wonen. Daar ben ik dus nog niet meteen vanaf…

De buurman van nummer 20 komt thuis en groet me genoegzaam. Ik heb de gepensioneerde man de dag voordien een deel van mijn paaschocoladevoorraad aangeboden en dat smaakte blijkbaar, want meestal blijft het bij een kort knikje (op goede dagen) of een wederzijds negeren (op slechte dagen). Ook zijn vrouw, die even later het hondje uitlaat, hebben de paaseitjes blijkbaar goed gesmaakt.

De getuige van Jehova passeert weer, deze keer alleen. “Allez meiske, zijt gij nu nog altijd bezig?” Hij knipoogt. 

Mijn ramen blinken nu dat het pijn doet aan de ogen. Maar misschien moet ik ze toch maar meer dan één keer per jaar poetsen. 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!