Hoeveel is Charlie ons waard?

Hoeveel is Charlie ons waard?

donderdag 22 januari 2015 18:37
Spread the love

Vorige week leidde de slachtpartij in het
redactielokaal van Charlie Hebdo tot
een ongeziene lofzang op de persvrijheid en de vrije meningsuiting. Politici
verdrongen elkaar om de terreurdaad te bestempelen als een aanslag op de media.
Mensen kwamen massaal op straat, het potlood in de hand, een bordje met ‘Je suis
Charlie’ op het hart. Facebook en andere sociale media kleurden zwart van de
verontwaardiging. De pers werd heel even opnieuw de kern van de democratie, de
erfgenaam en vertolker van de vrijheid van denken, spreken en
schrijven.

Veel tijd voor reflectie was er niet, zeker
niet met de nieuwste ontwikkelingen in het terreur- en radicaliseringsdossier.
Eén van de vele vragen in het Charlie-debat is hoeveel die vrije pers
ons werkelijk waard is, zeker in deze tijden waarin nieuwsmedia en journalisten
het zo moeilijk hebben. Wat te denken van die honderdduizenden sympathisanten,
die er nooit aan dachten om zich te abonneren op Charlie Hebdo of op welke krant of
informatieweekblad dan ook. De waarheid is dat de meeste nieuwsconsumenten niet
of nauwelijks wensen te betalen voor informatie. Voor heel wat burgers die
persvrijheid nu hoog in het vaandel dragen, is nieuws als lucht:
levensnoodzakelijk, onuitputtelijk, vrij én gratis. Nieuwsmedia worstelen
intussen met de vraag hoe ze mensen aan zich kunnen binden en hoe ze hen ook
kunnen laten betalen voor hun diensten.

Eenzelfde hypocrisie kenmerkt de politieke
klasse, waarvan een deel mee op de barricade stond ter bescherming van
mediapluralisme en persvrijheid. Cruciaal in de bescherming daarvan is
overheidssteun, zeker in Vlaanderen, een markt met een bevolking van amper de
helft van de Parijse agglomeratie. Indien vrije onafhankelijke informatie en
pluralisme zo belangrijk zijn, is het moeilijk te begrijpen waarom die
overheidssteun zo beperkt blijft en zelfs in gevaar komt. Eén van die
initiatieven is de steun aan het Fonds Pascal Decroos. Het budget van dit fonds
ter bevordering van kwaliteits- en onderzoeksjournalistiek in Vlaanderen ligt
dermate laag dat het enkel kleine werkbudgetten kan uitdelen, dat het nauwelijks
break-even draait en dat het voortdurend op zoek moet naar alternatieve
financieringsmechanismen. Het Vlaams Audiovisueel Fonds, dat een klein deel van
zijn budget vrijhoudt voor onafhankelijke documentaire, kreeg door de nieuwe
regering een ernstige besparing opgelegd, waardoor minder projecten kunnen
worden goedgekeurd. Hetzelfde geldt voor de VRT, die zich genoodzaakt voelt om
haar aanbod nieuws en duiding gevoelig te herbekijken.

Nog erger is het gesteld met informatie over
religie en levensbeschouwing, een dezer dagen uiterst gevoelige materie die
nauwelijks aan bod komt in de media. In België beschikken we over
levensbeschouwelijke ‘derden’ op radio en televisie, maar ook dit systeem werd
getroffen door een zware budgetverlaging in 2015 en dreigt zelfs helemaal te
verdwijnen in 2016. Volgens de Beleidsnota Media zou het huidige systeem waarin
zes levensbeschouwelijke ‘derden’ op een doorgaans degelijke en
niet-aanstootgevende manier hun visie op de samenleving bieden, worden
opgedoekt. De Beleidsnota voorziet in een uitdoofscenario voor dit unieke
systeem van pluralistische informatie en stelt dat levensbeschouwing moet worden
opgenomen in de nieuwe beheersovereenkomst met de publieke omroep. Hoe dit
precies moet gebeuren blijft onduidelijk maar gevreesd wordt dat in naam van
besparingen het kind met het badwater zou worden weggegooid en dat
pluralistische informatie over levensbeschouwing en religie zal verwateren
binnen het VRT-aanbod. Zelfs binnen de openbare omroep stellen sommigen zich de
vraag of het wel een goed idee is om zich te begeven op zo een delicaat terrein
als religie en levensbeschouwing.  

Al deze maatregelen, die niet direct van aard
zijn de vierde macht en mediapluralisme te versterken, komen bovenop de ernstige
crisis in de mediasector, waar herstructureringen en besparingen hard aankomen,
vooral op de loon- en werkingskosten van redacties. Intussen wordt de werkdruk
voor nieuwsredacties groter, verlaten steeds meer journalisten het beroep, en
wordt het speelveld voor freelancers,  onafhankelijke fotografen of
documentairemakers steeds kleiner. Zoveel is Charlie ons dus niet waard.

Daniël Biltereyst is gewoon hoogleraar
mediastudies aan de Universiteit Gent, verbonden aan het Centre for Cinema and Media Studies
(CIMS).

Dit opiniestuk verscheen eerder in De Standaard van 21 januari 2015.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!