De community ruimte is een vrije online ruimte (blog) waar vrijwilligers en organisaties hun opinies kunnen publiceren. De standpunten vermeld in deze community reflecteren niet noodzakelijk de redactionele lijn van DeWereldMorgen.be. De verantwoordelijkheid over de inhoud ligt bij de auteur.

“Hoe we een klimaatramp kunnen vermijden” bespreekt technologische oplossingen, maar negeert de politieke en economische oorzaken van de klimaatcrisis

donderdag 18 maart 2021 16:27
Spread the love

Bill Gates houdt zich al een twintigtal jaren bezig met liefdadigheid. Zijn stichting, de Gates Foundation, was oorspronkelijk bedoeld om energiearmoede uit de wereld te helpen en iedereen toegang te geven tot elektriciteit. Hij werd echter geconfronteerd met de gevolgen van de klimaatcrisis die dreigde zijn inspanningen teniet te doen, en sindsdien is hij bij vele klimaatwetenschappers, uitvinders en ingenieurs te rade gegaan over hoe de klimaatcrisis aan te pakken.

Bill Gates is een zelfverklaarde techneut, en “How to avert a climate disaster” is dan ook een boek geworden met een voornamelijk technologische insteek. Voor de verschillende sectoren van de economie wordt bestudeerd hoe deze kunnen worden gedecarbonizeerd – elektriciteit, beton, staal, landbouw, transport, verwarming en verkoeling – waarvoor telkens de mogelijke oplossingen in kaart worden gebracht. Sommige zijn vandaag al beschikbaar, andere bestaan enkel nog maar op papier. In een aantal van deze technologieën heeft Gates trouwens ook zelf geïnvesteerd, waaronder nucleaire energie (via zijn bedrijf TerraPower), batterijen, direct air capture en geo-engineering.

Nuttige lessen uit “Hoe we een klimaatramp kunnen vermijden”

Bill Gates geeft een goed overzicht van de uitdagingen per sector, en van de beschikbare technologische oplossingen. Daarnaast maakt hij een aantal nuchtere en zeer terechte observaties. Ik noem er een aantal:

We moeten de CO2 emissies niet met enkele percenten doen dalen, we moeten naar een nuluitstoot. Een uitdaging van een heel andere orde. Dit vereist een diepe decarbonizatie van de economie: voor alle goederen en diensten die wij gebruiken moeten koolstofneutrale alternatieven gevonden worden.

Daarbij moeten we er rekening mee houden dat de mensen in het arme Zuiden dezelfde levensstijl nastreven als die in het rijke Westen. Je kan hen dit recht niet ontzeggen. Helaas, het mondiale energieverbruik zal dus nog sterk toenemen. We mogen niet blind zijn voor deze realiteit.

Vooral de elektriciteitssector zal sterk moeten uitbreiden. We moeten namelijk niet alleen de elektriciteit decarbonizeren, we moeten ook een aantal sectoren (zoals transport en verwarming) elektrificeren. Dat betekent dat de elektriciteitscapaciteit serieus zal moeten worden uitgebreid, wellicht verdubbelen.

We moeten ermee rekening houden dat een energietransitie tijd kost. Het systeem bevat veel inertie, omdat een energieinfrastructuur nu eenmaal wordt ontworpen om decennia mee te gaan. Een reden te meer om in de beslissingen van vandaag reeds rekening te houden met het doel van koolstofneutraliteit tegen 2050.

Gates legt ook zeer terecht de nadruk op cijfers. De mensheid stoot jaarlijks 51 miljard ton CO2eq uit. Deze uitstoot moet naar nul. Daarom moeten we ons bij elke maatregel of technologie de vragen stellen: Hoeveel ton CO2 kan je hiermee besparen? En: hoeveel zal dit kosten? (Ik had hier graag nog één vraag aan toegevoegd: “En wie gaat dit betalen?” Deze vraag – die eigenlijk gaat over sociale rechtvaardigheid – komt in het boek niet aan bod, maar mijns inziens is het de belangrijkste vraag in het klimaatdebat)

In ieder geval, Gates’ vragen zijn belangrijk en worden te weinig gesteld. Onduidelijkheid over de relatieve impact van verschillende klimaatmaatregelen wekt de indruk dat alle maatregelen evenwaardig zijn, en dat stelt de overheid dan weer in staat om de echt lastige kwesties uit de weg te gaan en te kiezen voor gemakkelijke acties die goed ogen in de media (zoals wat boompjes planten), maar die de CO2 uitstoot nauwelijks doen dalen. We moeten harde doelstellingen nastreven, in lijn met het akkoord van Parijs.

Een centraal concept in het boek is de “Green Premium”. Opdat klimaatvriendelijke technologieën de markt zouden kunnen veroveren moeten ze even goedkoop worden als hun fossiele tegenhanger. De huidige meerprijs noemt Gates de green premium. Door doorgedreven R&D moeten we ernaar streven om de green premiums zo laag mogelijk te krijgen.

Kritiek op “Hoe we een klimaatramp kunnen vermijden”

Green premiums

Gates heeft gelijk: het prijsverschil tussen schone en vervuilende oplossingen is cruciaal als je wil dat schone oplossingen niet alleen in labos ontwikkeld worden, maar ook op wereldwijde schaal zullen worden uitgerold.

Dit prijsverschil wordt echter niet alleen bepaald door de stand van de technologie, maar ook door de economische randvoorwaarden. Fossiele brandstoffen zijn goedkoop omdat de sociale kost van koolstof – dus de schade die wordt toegebracht aan de planeet – niet in de eindprijs verrekend is. Fossiele brandstofbedrijven strijken zo extra inkomsten op ten bedrage van 5 biljoen dollar per jaar, en de factuur wordt afgeschoven op de burger. Laat de vervuilers betalen door een CO2 taks(*) in te voeren, en de Green Premium voor de meeste klimaatvriendelijke technologieën is nu al 0 of negatief.

(*) Een CO2 taks kan op een sociaal rechtvaardige manier worden ingevoerd, door de inkomsten van deze taks als Klimaatinkomen te distribueren naar de bevolking.

Toegegeven, Gates vermeldt de CO2 taks wel degelijk als mogelijk overheidsbeleid, maar bij hem speelt deze taks geen cruciale rol. Hij houdt er bij de berekening van de Green Premiums alleszins geen rekening mee.

Conceptueel is er niet veel verschil of je de CO2 taks verrekent in de Green Premium of niet. In beide gevallen tracht je om de Green Premium zo laag mogelijk te krijgen, liefst zelfs negatief. Maar de twee voorstellingswijzen leveren wel een heel andere houding op: In de wereld van Bill Gates moet de redding komen van technologische mirakeloplossingen. Als gewone burger kan je alleen maar afwachten en hopen dat deze technologieën ergens in de toekomst beschikbaar worden. Klimaatactivisme is dus redelijk zinloos.

Als je het klimaatprobleem echter beschouwt als een onrecht – dat moet worden rechtgezet door vervuilers te laten betalen voor de schade die ze veroorzaken, en de kost niet langer af te wentelen op de gewone mensen – dan is de conclusie heel anders: In dat geval zijn 95% van de technologieën noodzakelijk voor wereldwijde decarbonisatie reeds beschikbaar. Wat ontbreekt is een rechtvaardig economisch beleid. Hierin is ook een veel actievere en cruciale rol voor de burger weggelegd: we moeten een brede tegenbeweging vormen tegen machtige industriële lobbies, en van onze beleidsmakers een ambitieus klimaatbeleid eisen.

Hoe rationeel Gates de klimaatcrisis ook lijkt te benaderen, in feite tracht hij een race te lopen waarvan de spelregels in zijn nadeel zijn opgesteld. Een waarbij zijn benen zijn samengebonden en die van zijn tegenstrever niet. En dat is allerminst rationeel. Je kan dan nog uitgebreide research doen naar het best mogelijke trainingsschema, de optimale voeding en de meest geavanceerde loopschoenen, maar onze prioriteit zou moeten zijn om dit oneerlijke nadeel te elimineren. Het is ten slotte de race van ons leven. Er staat teveel op het spel.

Techno-optimisme of techno-naïviteit ?

Technologische innovaties zijn cruciaal om de klimaatcrisis op te lossen. Maar je mag in je hoop op een oplossing niet vervallen in techno-naïviteit. Gates heeft de neiging om het potentieel van nieuwe technologieën te overdrijven en de risicos te minimaliseren.

Zo hebben de ingenieurs van zijn nucleaire bedrijf TerraPower via computersimulaties een nieuw soort kernreactor ontworpen die veiliger en goedkoper zou zijn en minder kernafval zou produceren. Opvallend is dat Gates zijn eigen vragen niet stelt: hoeveel ton CO2 kan deze oplossing uitsparen tegen wanneer, en tegen welke kost kan de elektriciteit geproduceerd worden ?

Momenteel bestaat deze reactor enkel nog maar als computersimulatie. De vragen die spontaan bij mij opkomen: Wanneer kan de eerste proefreactor gebouwd worden ? Wanneer de eerste commerciële reactor ? En wanneer zullen er genoeg van deze nieuwe reactoren beschikbaar zijn om een zichtbare deuk in de CO2 kurve te maken? Het zou mij sterk verbazen als dat voor 2050 was. Vreemd genoeg worden deze vragen in het geheel niet behandeld.

Andere technologieën die besproken worden zijn carbon capture and storage (het opvangen van CO2 uitstoot op het punt waar ze wordt uitgestoten, bijvoorbeeld aan de schouw van een steenkoolcentrale), en direct air capture (het filteren van CO2 moleculen uit de lucht, wat veel moeilijker en duurder is, aangezien de CO2 veel meer verdund is). Gates meent zelf dat DAC veel te immatuur is om wezenlijk bij te dragen aan de klimaatoplossing. Maar hij vermeldt ook dat volgens een studie door de National Academy of Sciences we tegen 2050 10 miljard ton CO2 per jaar zullen moeten verwijderen door DAC, en tegen 20 miljard ton per jaar tegen het einde van de eeuw.

Ook geo-engineering is volgens Gates het overwegen waard, als een soort van uiterste noodoplossing. Een mogelijkheid is reflecterende deeltjes in de atmosfeer brengen om de hoeveelheid zonlicht die het aardoppervlak bereikt te reduceren. De gevolgen voor het lokale klimaat zijn hoogst onzeker. Researchers die zich met geoengineering bezig houden zeggen dat ze hopen dat hun onderzoek nooit in praktijk zal worden gebracht. Het is Russische roulette spelen met de planeet als inzet.

Politieke machtsverhoudingen

De laatste kritiek die ik heb op het boek van Gates is wat er niet in staat. Gates rept met geen woord over de fundamentele reden waarom we na dertig jaar nog steeds geen ambitieus klimaatbeleid hebben.

De fossiele brandstofindustrie is de grootste en machtigste industrie ter wereld, en is historisch sterk verweven met de overheid. Vanaf het eerste moment dat de antropogene oorzaken van de klimaatopwarming duidelijk werden heeft de fossiele industrie er alles aan gedaan om klimaatactie tegen te houden: door twijfel te zaaien over de klimaatverandering, door klimaatontkennende think tanks te financieren, door te lobbyen tegen klimaatwetten, door verkiezingen te beïnvloeden, door misinformatie te verspreiden op sociale media, en door onenigheid te zaaien binnen de klimaatbeweging zelf. Tot nu toe hebben deze acties precies bereikt wat ze beoogden: jaar na jaar blijft het fossiele brandstofverbruik toenemen en blijven wereldwijde CO2 emissies stijgen.

Je moet er niet aan twijfelen dat de fossiele industrie zijn campagnes zal blijven verderzetten. Ze vechten tenslotte een existentiële strijd uit – een strijd om hun eigen voortbestaan. En wij vechten een al even existentiële strijd voor de leefbaarheid van de planeet. Als je deze strijd niet erkent, dan heb je bij voorbaat verloren.

In het licht van deze realiteit is het vreemd te zien hoe Gates de klimaatcrisis aanvliegt als een eenvoudig rekenkundig probleem: gooi een hoop R&D in de strijd om de Green Premiums te minimaliseren. Hij ziet het nut niet in van Fridays for Future en de divestment beweging. De politieke strijd die er gaande is met de democratie als inzet – met de brede burgerbeweging die overheden ertoe wil aanzetten om het algemeen belang boven private belangen te stellen – deze strijd schijnt volledig aan hem voorbij te gaan.

In een boek dat pretendeert een concreet en uitgewerkt recept te bieden voor het stoppen van de klimaatverandering komt mij dit zeer bizar voor.

Conclusie

Het boek van Bill Gates is zeker het lezen waard, en het is nuttig te weten welke technologische innovaties er in de pipeline zitten om onze economie te decarboniseren. Maar helaas negeert het boek de politieke en economische oorzaken van de klimaatcrisis: de cruciale machtsstrijd tussen de fossiele brandstofindustrie en de brede burgerbeweging voor het klimaat, en het huidige economische kader dat klimaatvriendelijke oplossingen benadeelt (ten bedrage van 5 biljoen dollar per jaar). Als deze issues niet worden opgelost zal geen enkele technologie ons kunnen redden.

Daarom vrees ik dat de lezers van “Hoe we een klimaatramp kunnen vermijden” op het verkeerde been gezet worden. Het is verleidelijk om de hele klimaatcrisis te reduceren tot een technologisch probleem – wat de mensen meteen van alle verantwoordelijkheid verlost om in actie te komen – en tevergeefs te blijven wachten tot de mirakeloplossing zich aandient.

Creative Commons

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!