Het klad

Het klad

zondag 15 juli 2018 11:03

In mijn straat woont een wat oudere man. Lang, wit dun haar in de nek en iets op de bovenlip. Hij zit regelmatig op een vouwstoeltje in zijn deuropening verscholen. Ik kan niet zeggen dat hij het verkeer gadeslaat noch dat hij de voorbijgangers in het oog houdt, want vaak lijkt het wel of hij zijn ogen gewoon gesloten houdt. Het hoofd gebogen. Ik kan ook niet zeggen wat hij dan wel doet, behalve dan in zijn vouwstoeltje zitten. En roken. Ja dat wel, want die witte snor neigt toch wel heel sterk naar het geel. Maar verder doet hij niets. En hij zit er ganse dagen. Zeker als het mooi weer is. Maar ook bij regenweer zit hij op zijn vouwstoeltje in de deuropening. Ik zei het al, verscholen. Gemakshalve ga ik er van uit dat hij geen vlieg kwaad doet. Bij nader inzien kan ik ook niet zeggen dat ik hem ooit al iets heb weten doen, maar ik val in herhaling. Het is zelfs al gebeurd dat hij na één van mijn nachtelijke escapades nog steeds daar in dat stoeltje zit. Dat zie ik dan aan het oranjerood opgloeiend stompje in de deuropening. Een trek aan de sigaret.

In al die tijd heb ik hem welgeteld één keer uit zijn stoeltje weten komen. Eigenlijk niet zo heel lang geleden. Het was een zaterdagochtend. Luid geblaf vestigde mijn aandacht op een aan de hand zijnde onenigheid tussen twee zogenoemde mensenvrienden, maar het bassen werd nog overstemd door een duidelijk in paniek verkerende jonge vrouwenstem. Ze riep, ze gilde, ze krijste dat het geen naam had. Ik kon niet meteen uitmaken welke van de twee geluiden, het bassen of het krijsen, mij het meeste schrik aanjoeg. Ik vermande mijzelf en waagde het om door het vensterglas de straat op te kijken. Te spieden is een betere omschrijving. Alsof ik mij hoorde te schamen voor mijn nieuwsgierigheid en mijn angst. Want dit is wel degelijk wat het was.

Het gillen was afkomstig van een jonge vrouw. Zij ondernam allerlei pogingen om haar hond, die ze aan een leiband hield, weg te houden van een andere hond die losliep. Ze trok daarbij eerst aan de leiband en sprong vervolgens ogenschijnlijk vreesloos tussen beiden in. Pardoes. Dat herhaalde zich enkele keren waardoor het leek of er een soort rondedans gaande was. Een of ander bezwerend ritueel. Maar het was duidelijk dat haar hond belaagd werd door een loslopend exemplaar. De honden, beiden van het Duitse herder-type en er nogal robuust uitziend om niet te zeggen kampend met overgewicht, veegden de dweil aan met de jonge vrouw. Voor zover ik iets weet over honden natuurlijk. Het voorval duurde wel een hele tijd. Of toch zeker een hele minuut, en mensen in nood weten hoe lang zo een minuut duren kan.

In dit geval duurde het tot de oudere man tevoorschijn kwam gelopen. In slow motion leek het wel. “Hier! Hier!”, riep hij daarbij. Waarbij meteen duidelijk werd dat de andere hond bij hem hoorde. Zijn hond had geen leiband en ik meen ook te zeggen geen halsband, al was dat van achter mijn troebel vensterglas niet meteen zichtbaar. In elk geval, de oudere man had zijn hond bij het nekvel de deuropening binnengesleept en de rust herstelde zich weer in de straat waarna de jonge vrouw haar weg verder kon zetten. Niets gebeurd.

Toch trilde het nog menige momenten verder in mijn lijf. Het schouwspel liet mij niet onberoerd. Was het de vrees? Was het de opwinding? Of was het gewoon de energie van de lafheid die ik voelde? Want waarom kon ik niet inspringen? Letterlijk dan, de dans overnemen? En waarom kon ik niet (na het voorval) de oudere man op zijn verantwoordelijkheid wijzen? Een hond hoort aan een leiband bijvoorbeeld. Achteraf gezien spelen er verzachtende omstandigheden natuurlijk. Langs beide zijden wel te verstaan. Wie ben ik bijvoorbeeld en tja, de hond is nogal onverwacht op straat komen lopen bij het zien van zijn/haar soortgenoot..

Maar goed, dat moet zo het meest schrikwekkende voorval geweest zijn dat zich hier in de straat heeft afgespeeld de laatste jaren. Totdat natuurlijk recent de horlogemaker die overvaller van zijn bromfiets knalde alsof het een videospelletje betrof. Ik hoorde het donderen in Keulen. Want zoals dat gaat met de online-community worden snel-snel de platitudes weer van stal gehaald. Eigen schuld, dikke bult enzoverder. Dat we in een het verleden beslisten standrechtelijke executies te bannen omwille van een zekere onwelvoeglijkheid of dat, om maar iets te zeggen, het gewicht van een doodsvonnis in menselijke termen in wezen ondraaglijk is, laat staan dat we misschien wel eens een verkeerde beslissing zouden kunnen treffen, wordt enigszins gevoelsmatig in twijfel getrokken. Net als het feit dat misdaad zo haar oorsprong heeft uiteraard. Iets van een tekortschietend samenlevingsmodel bijvoorbeeld, daar willen we niet van weten. Er zijn vrij eenvoudige paralellen te trekken met andere ‘hete’ sociale hangijzers, van boerkini’s tot Turkse taallessen in Gentse scholen, maar dat brengt ons niet verder. Want kijk, de ene fout lokt de andere uit en de verzachtende omstandigheden die men uitroept over/voor de klokkenmaker gelden niet (meer) voor de overvaller. Ook dat is een vorm van lafheid. De lafheid van het klad.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!