Het einde van instituten?
Tijdingen, Tijdingen oostende -

Het einde van instituten?

zaterdag 8 januari 2011 16:34
Spread the love

De Belgen, de inwoners van dit land, zouden nog maar voor 8% vertrouwen hebben in de Kerk. Dit wijt men aan de golf van pedofilie binnen de Kerk en de wijze waarop dit instituut daarmee omging.
Maar ook in vele andere instituten daalt het vertrouwen van de bevolking.
Men kan dit ook zien als stappen in de emancipatie van de mens. Geloven in iemand is een existentieel gegeven. Vooral als het gaat over iemand die men uit ervaring in het leven kent. Men kan ook geloven in idealen, in ideale doelstellingen.
Toch moet men voorzichtig zijn. Mensen worden dikwijls ook uit idealisme fanatiek en liefdeloos. Mensen verenigen zich ook om maatschappelijke doelstellingen te bereiken en zich samen voor iets in te zetten. Dat is allemaal gewoon en te verdedigen.
Maar mensen verenigen zich ook rond godsdienstige doelen die ook nog identiteit verlenen. Ook dat is te begrijpen en uit te leggen. Maar op vlak van godsdienst liggen fanatisme en vervreemding dichtbij. Men moet geen goedsdiensthistoricus zijn om in de loop van de tijden de vervreemding en het fanatisme in de godsdiensten te zien en te verklaren. Godsdiensten eisen te dikwijls volledige onderwerping. Dat is ook nog te begrijpen. Maar de gevaren van fanatisme en vervreemding liggen steeds dichtbij.
Het celibaat in de Roomse Kerk heeft twee wortels: enerzijds de angst voor bezoedeling in het zicht van de nagestreefde zuiverheid: het verloochenen van de alledaagse menselijkheid. De tweede wortel is de praktische strijd tegen het nepotisme: het misbruik waarbij de kinderen van de geestelijken maatschappelijk bevoorrecht werden. Vooral in de Roomse Kerk is de opsplitsing in geestelijken – vooral priesters en de hiërarchie – en het gewone volk een noodlottig gebeuren.
De Roomse Kerk zal zich moeten hervormen om seksualiteit een menselijke plaats te geven en op vele vlakken, onder andere het democratische, bij de wereld te horen.
Godsdienstige instituten hebben de neiging in naam van God te spreken. Dat is ongehoord. Alleen Jezus kon in naam van God spreken en gaf het bevel aan zijn volgelingen om de naastenliefde te beoefenen. Het is moeilijk om onder andere ketterverbranding als naastenliefde te verkopen. Of de hoge status van clerus en de kerkelijke hiërarchie.
Het is dus een bevrijding dat de mensen minder in instituten geloven. Alle instituten moeten nederig en dienstbaar zijn en de neiging vermijden om zichzelf te verheffen. Daar komen alleen vervreemdende vodden van.
De boom kent men aan de vruchten.
Ook het uiteengroeien van de menselijke rede en de godsdienstige theorieën (theologie) mag ongedaan gemaakt worden.
De opgave van de mens is het leven te verzoenen met de onzichtbare onkenbare God…
 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!