De community ruimte is een vrije online ruimte (blog) waar vrijwilligers en organisaties hun opinies kunnen publiceren. De standpunten vermeld in deze community reflecteren niet noodzakelijk de redactionele lijn van DeWereldMorgen.be. De verantwoordelijkheid over de inhoud ligt bij de auteur.

Havel ter inspiratie.

zaterdag 31 juli 2021 10:25
Spread the love

Uit Politiek en geweten.
Dankrede bij de uitreiking van het eredoctoraat aan de universiteit van Toulouse, februari 1984.
Vertaald door Peggy van der Leeuw.
(Dit is een verkorte weergave, hier en daar lichtjes gewijzigd om de leesbaarheid  te bevorderen.)

1
De natuurlijke wereld draagt de veronderstelling in zich van het absolute dat haar grondvest, afbakent, bezielt en leidt, zonder hetwelk zij ondenkbaar zou zijn en wat wij alleen maar stil kunnen eerbiedigen; iedere poging het absolute te versmaden, het de baas te worden of te vervangen door iets anders blijkt een uiting van hoogmoed te zijn waarvoor mensen een hoge prijs moeten betalen.

Het is het symbool van een tijdperk waarin men de beslissende betekenis van persoonlijke ervaring ontkent en in plaats van het persoonlijk ervaren absolute als maat voor de wereld, een nieuw absolute stelt: een dat door mensen gemaakt is en waarvan het mysterie ontbreekt, dat vrij is van ‘grillen’ en van onze subjectiviteit en als zodanig onpersoonlijk en onmenselijk is.

Het is heel paradoxaal: de mens in dit tijdperk van wetenschap en techniek leeft in de overtuiging dat hij zijn leven kan verbeteren omdat hij de complexiteit van de natuur en de algemene wetten van haar functioneren kan begrijpen en gebruiken. En toch zijn het juist deze wetten die de mens tragisch genoeg uiteindelijk weer inhalen en te slim af zijn. De mens dacht dat hij de natuur kon verklaren en beheersen, maar het resultaat is dat hij de natuur vernield heeft en buiten de natuur om begon te leven.

De mens heeft de absolute horizon van datgene waartoe hij zich verhoudt afgeschaft, hij heeft zijn persoonlijke ‘pre-objectieve’ ervaring van de wereld ontkend, terwijl hij zijn persoonlijke geweten en bewustzijn ergens naar de badkamer van zijn woning verbannen heeft als iets dat zo privé is dat het niemand iets aangaat. Hij heeft zijn persoonlijke verantwoordelijkheid niet willen dragen en schiep in plaats daarvan een nieuwe illusie die van alle illusies de gevaarlijkste is: de fictie van een objectiviteit die vrij is van alles wat concreet menselijk is.
Als toppunt van dit alles schiep de mens de illusie van een wetenschappelijk te berekenen en zuiver technisch  te verwezenlijken ‘welzijn voor allen’, dat slechts in instituten voor wetenschappelijk onderzoek uitgedacht hoeft te worden terwijl industriële en bureaucratische fabrieken het in werkelijkheid omzetten.

2
Zoals de moderne wetenschapper de mens zelf tussen haakjes zet als het subject van de persoonlijke ervaring van de wereld, zo zetten de moderne staat en de moderne politiek de mens evenzeer tussen haakjes.
Dit proces van anonimisering en depersonalisatie van de macht en het terugbrengen ervan tot niet veel meer dan een techniek van het besturen en manipuleren, heeft duizend en één gezichten, varianten en uitingsvormen.

De beroepsleider is zo een ‘onschuldig’ instrument van een ‘onschuldige’ anonieme macht die gerechtvaardigd wordt door de wetenschap, de cybernetica, de ideologie, de wetgeving, de abstractie en de objectiviteit – dat wil zeggen: door alles behalve door de eigen verantwoordelijkheid ten opzichte van de mens als persoon en als naaste.

Het systeem, de ideologie en het apparaat hebben de mensen – de heersers zowel als de overheersten – onteigend van hun geweten.
En macht is bij voorbaat onschuldig omdat zij niet uit een wereld stamt waarin woorden als schuld en onschuld nog een inhoud hebben.
Deze onpersoonlijke macht vindt haar volmaaktste uitdrukking in het totalitaire systeem.
Ik geloof dat er geen groter vergissing gemaakt kan worden dan dat het totalitaire systeem niet gezien wordt voor wat het in uiterste instantie is:  een bolle spiegel van de gehele moderne civilisatie en een harde oproep tot een algemene herziening van haar zelfbeeld.

De schoorsteen die de ‘hemel bevuilt’ is niet zo maar een technisch te verbeteren ontwerpfout of een tol die we moeten betalen voor een betere toekomst als consument, maar een symbool van een civilisatie die het absolute verloochent, de natuurlijke wereld ontkent en haar imperatieven minacht. Het totalitaire systeem waarschuwt dus voor iets veel ernstiger dan het Westerse rationalisme bereid is toe te geven. Het is de bolle spiegel waarin de onvermijdelijke gevolgen van het rationalisme weerspiegeld worden, de extremistische uitloper van zijn eigen ontwikkeling en het onheilspellende product van zijn eigen expansie; een uiterst informatieve weerspiegeling van zijn eigen crisis, dat zij aanschouwelijk maakt waartoe de ‘eschatologie’ van het onpersoonlijke kan leiden.

Het is de totale heerschappij van de opgeblazen, anonieme bureaucratische macht die gebaseerd is op de alomtegenwoordige ideologische fictie dat alles gerationaliseerd kan worden zonder ooit aan de waarheid te hoeven raken. De macht als het alomtegenwoordige monopolie van de controle, van de onderdrukking en van de angst; de macht die het denken, de moraal en de privacy tot een staatsaangelegenheid maakt en op die manier ontmenselijkt.

Geen enkel kwaad werd ooit uitgeroeid door de symptomen ervan weg te nemen. Men moet de oorzaak zelf aanpakken.

3
Zullen wij erin slagen om de natuurlijke wereld weer tot het enig ware terrein van de politiek te maken, de persoonlijke ervaring van de mensen weer als maatgevend uitgangspunt voor de dingen te beschouwen, de moraal boven de politiek te stellen en verantwoordelijkheid boven onze eigen verlangens?

Als we het menselijke in ons weten te verdedigen is er – misschien – een soort hoop dat we ook zinvollere manieren zullen vinden om onze natuurlijke aanspraken op economische medezeggenschap en op een sociaal menswaardige status in evenwicht te brengen met wat de drijfkracht van iedere arbeid is gebleken: menselijke ondernemingsgeest.
Maar zolang we het menselijke in ons niet weten te verdedigen, zullen we ook niet gered worden door een of andere technische of organisatorische truc die alleen maar uitgedacht werd om de economie beter te laten draaien, net zomin een filter op de schoorsteen van een fabriek ooit het algehele proces van ontmenselijking kan voorkomen.

Als we de twee belangrijkste politieke alternatieven waartussen Westerse intellectuelen op dit moment heen en weer geslingerd worden (kapitalisme/communisme), dan wordt duidelijk dat het slechts twee verschillende manieren zijn om één en hetzelfde spel te spelen, aangereikt door de anonimiteit van de macht, en als zodanig slechts twee verschillende soorten wegen zijn die tot één en hetzelfde allesomvattende totalitarisme leiden.

4
De beste manier om het totalitarisme te bestrijden is het uit onze zielen verdrijven, uit onze eigen omgeving, uit de mensen van nu. Het telkens opnieuw de nadruk leggen op menselijke verantwoordelijkheid is de natuurlijkste barrière tegen iedere vorm van onverantwoordelijkheid.

Het is beslist zinniger actief bezig te zijn op het niveau van de oorzaken dan alleen maar passief te reageren op de gevolgen: dat gebeurt tenslotte meestal met dezelfde – dus ook immorele – middelen.

Ik ben voor politiek als in praktijk gebrachte ethiek, als dienst aan de waarheid, als wezenlijk menselijke en naar menselijke maatstaven gemeten zorg voor onze naasten.

5
Maar het wordt langzamerhand wel duidelijk – en ik geloof dat dit een ervaring is van wezenlijk universeel belang – dat één enkel persoon, die als individu schijnbaar machteloos is maar die hardop een woord van waarheid durft uit te spreken en er met zijn eigen persoon en zijn eigen leven achter durft te staan, die bereid is een zeer hoge prijs te betalen, verrassend genoeg méér macht heeft dan duizenden anonieme kiezers. Het wordt langzamerhand duidelijk dat het mogelijk is de persoonlijke ervaring en de natuurlijke wereld tegenover de ‘onschuldige’ macht te stellen en haar zo te ontmaskeren en haar schuld aan te tonen.

Ja, ‘anti-politieke politiek’ is mogelijk. Politiek ‘van onderaf’. Politiek van mensen, niet van het apparaat. Politiek die uit het hart voortkomt, niet uit een these. Het is niet toevallig dat deze hoopvolle ervaring juist hier opgedaan moet worden, onder de ‘heerschappij van alledag’ moeten we helemaal tot op de bodem van de put afdalen voordat we de sterren kunnen zien.

Toen Jan Patocka  over Charta 77 schreef, gebruikte hij de term ‘solidariteit van de geschokten’. Hij had daarbij mensen in gedachten die zich durfden te verzetten tegen de onpersoonlijke macht en er het enige dat zij tot hun beschikking hadden tegenover durfden te stellen: hun eigen menselijkheid.
Hangt het perspectief op een betere toekomst van deze wereld immers niet af van iets als een internationale gemeenschap van geschokten die, zonder acht te slaan op landsgrenzen, politieke systemen en machtsblokken en zonder aanspraak te maken op functies en secretariaten, een werkelijke politieke macht zal proberen te maken van een fenomeen dat door de technologen van de macht zo dikwijls belachelijk is gemaakt – het menselijk geweten?

 

Bron: Václav Havel, Naar alle windstreken, 1990 (Ned. vert.), Uitgeverij de Prom, Baarn

Creative Commons

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!