een Syrisch verzetskunstenaar

een Syrisch verzetskunstenaar

maandag 17 augustus 2015 11:26

Na elf getuigenissen in deze reeks over ‘klassieke’ en ‘hedendaagse’ deserteurs, deze keer geen getuigenis maar een portret : Ahmed Zaino, de man die niet mee deed met de oorlogslogica in Syrië maar met pingpongballen en rode verf vocht voor de toekomst van zijn land.  Deze bijdrage maakt gebruik van enkele citaten uit het artikel van Elleke Bal over de acties van Zaino (“Man met Ballen” – TheOptimist.nl – Jan/Feb2014 – pp 34-38).  Zie voor meer achtergrond over WaanVlucht op www.desertie.be
 
een Syrisch verzetskunstenaar

Ahmed Zaino is een van de activisten over wie de documentaire Everyday Rebellion gaat.  Deze film werd onlangs tijdens het Internationale Documentaire Filmfestival Amsterdam vertoond en gaat over de wereldwijde opkomst van geweldloos verzet.  Tijdens het filmen hoorden de makers van het bestaan van een ondergrondse beweging in Syrië:  “We dachten dat geweldloos verzet niet genoeg tijd had gekregen om zich te ontwikkelen in Syrië,” zegt mederegisseur Arash Riahi, “totdat we Ahmed en zijn vrienden ontmoetten.”  –  “Mensen als Ahmed hebben een feilloos gevoel voor onrechtvaardigheid. Ze proberen er iets aan te doen, terwijl de kogels ze om de oren vliegen. Je moet daar echt sterk voor zijn. En vooral ook creatief.  Als het geen oorlog zou zijn, waren ze vast kunstenaars.”  Nu zijn het verzetskunstenaars en oorlogsweigeraars.




Op een oktoberavond in 2011 zijn de veiligheidstroepen van president Bashar al-Assad meer dan gewoonlijk aanwezig op straat.  Rusland en China hebben net hun veto gebruikt tegen een resolutie van de VN- veiligheidsraad die de Syrische overheid wilde dwingen geen geweld tegen burgers meer te gebruiken.  Die nacht kleuren de fonteinen van Damascus langzaam rood.  ’s Morgens stroomt er water als bloed uit de fonteinen. Mensen discussiëren : wat is er aan de hand ? – waarom rood ?  Ahmed Zaino, een 27-jarige architect, kan tevreden zijn.  De militairen van de veiligheidsdienst van Assad konden de fonteinen niet snel genoeg stilleggen.  Een week lang waren ze bezig met het verversen van het water.

Zaino kan zich de eerste keer dat hij in Damascus de straat op ging nog goed herinneren.  Het was maart 2011.  De Arabische Lente was aan de gang en een deel van de bevolking van Syrië kwam in opstand tegen de regering en tegen Bashar al-Assad.  Al tijdens de eerste protesten werden de demonstranten uiteengedreven door de politie.  Honderden betogers werden gedood.  Met een klein clubje vrienden vormde Zaino in 2011 en 2012 een geweldloze verzetsbeweging in Syrië.  Ze wisten het regeringsleger met humor te misleiden en de Syriërs moed in te spreken.  Maandenlang voerden ze actie.  Dagelijks demonstreerden ze en vonden nieuwe actievormen uit.  Maar 2011 werd toch het begin van een slepende burgeroorlog met alle consequenties van de oorlogslogica.  Inmiddels zijn meer dan 200000 mensen omgekomen. Volgens het Syrische Observatorium voor de Mensenrechten zijn daar zeer veel burgerslachtoffers bij.  Meer dan 3 miljoen Syriërs zijn naar de buurlanden gevlucht en zo’n 7 miljoen mensen zou afhankelijk van humanitaire hulp zijn.
Politicologe Erica Chenoweth onderzocht de geweldloze verzetsbeweging in Syrië en beweert dat ze een veel grotere rol speelt dan vaak wordt gedacht.  Chenoweth is verbonden aan de universiteiten van Denver en Oslo en onderzocht wereldwijd 323 geweldloze en gewelddadige verzetsbewegingen tussen 1900 tot 2006.  Ze schreef er het boek ‘Why civil resistance works: the strategic logic of nonviolent conflict’ en komt tot de conclusie dat geweldloos verzet twee keer zo effectief is als gewelddadig verzet.  Over Syrië en acties als die van Ahmed Zaino zegt ze : “Ik kan niet zeggen dat de oorlog niet was ontstaan als de oppositie geweldloos was gebleven, maar gebaseerd op onze data had het geweldloze verzet een veel betere kans om te winnen dan het gewapende verzet.”  (voor meer info over het onderzoek zie http://www.everydayrebellion.net/why-civil-resistance-works/




Over het belang van wat Ahmed Zaino deed, zegt Chenoweth dat men zich eerst de situatie in Damascus in de herfst van 2011 goed moet proberen voor te stellen : “Mensen waren bang en verward.  Ze hoorden alleen de retoriek van het regime en wisten niet meer wie ze moesten geloven.  Dan zie je ineens een fontein rood kleuren, en je gaat je afvragen wat er aan de hand is. Je merkt nog andere tekenen van verzet.  En ineens ben je bereid om voor de riskante optie te gaan en de oppositie te steunen, omdat je weet dat je niet alleen staat.”  

In het interview met The Optimist zegt Zaino hierover : “Mijn vrienden zeiden tegen me dat ik naïef was.  En dat begrijp ik.”  Natuurlijk wist hij van de vele burgerdoden in de steden als  Al-Rastan en Houla, en kon hij zijn vrienden wel begrijpen die uit woede met geweren de straat opgingen. Maar omdat je ‘met een wapen niet kan praten’, wilde Zaino iets anders doen.  Eerst bleef het nog bij protesteren.  Dat werd steeds moeilijker, toen het leger het bedwelmende lachgas ging gebruiken.  Zaino vond op YouTube een instructiefilmpje over hoe je gasmaskers maakt van colablikjes gevuld met koolstof.  Samen met een groepje vrienden maakten ze er driehonderd, zodat verzet op straat mogelijk bleef.

Een boek van de Amerikaanse politicoloog Gene Sharp, inspirator van vele geweldloze verzetsbewegingen, bracht een ommekeer.  Sharp beschrijft 198 geweldloze actievormen (http://www.everydayrebellion.net/198-methods-of-nonviolent-action/).  De groep rond Zaino besloot tachtig megafoons te verzamelen waaraan ze een versterker, een luidspreker, een alarmklok en een radio met tape vastplakten.  Die werden in het geheim over heel Damascus verspreid.  Op een nacht in december schrok de hele stad wakker van een oud lied over het moederland Syrië, dat onder Assad niet gezongen mocht worden.  Daarna volgde een speech : “Wij zijn het volk !  Het is niet nodig dat er mensen sterven !  We moeten ophouden met elkaar te vermoorden.”

De reacties waren overweldigend, de inwoners van Damascus liepen met tranen in hun ogen naar buiten.  De militairen velden een boom om de onbereikbare megafoon zo snel mogelijk uit te schakelen.  Zaino werd opgepakt, maar weer vrijgelaten.  Samen met vier vrienden ging hij door.   Voor sommige acties werkten ze samen met andere geweldloze activisten uit Damascus, bijvoorbeeld met een groep jongeren die in een regeringsgebouw alle deuren vastlijmden, zodat niemand er nog in of uit kon.  Ze filmden hun acties en projecteerden ze op openbare plekken ; honderden jongeren deden mee aan het oplaten van ballonnen met kaartjes waarop hoopvolle teksten voor de Syrische bevolking stonden geschreven ; ze verzamelden zich ’s nachts op de daken van Damascus en riepen “vrijheid voor Syrië !”

Bekend is ook de actie waarbij Zaino met zijn vrienden oranje pingpongballetjes door de straten van Damascus gooiden met daarop moedgevende teksten of ‘jij en ik: nog steeds broeders’ of gewoon ‘Hurriyah!’ (vrijheid!).  De balletjes waren bedoeld voor de militairen van het regeringsleger, om te proberen ze tot overlopen te verleiden.  Het subversieve van de actie bleek al snel, toen mannen in uniform en met geweren jachtig achter de balletjes aan gingen.  “Als je niet met wapens wil praten, moet je een andere taal spreken”, is de filosofie van Zaino en hij wilde zo zijn landgenoten aan het denken zetten.  

Zaino studeerde architectuur aan de Al-Baath Universiteit in Homs.  Nadat hij voor de tweede keer was gearresteerd, is hij via Jordanië gevlucht.  Hij verliet Syrië in de zomer van 2012, nadat het hoofd van de veiligheidsdienst hem persoonlijk bedreigde : “Kom nooit terug naar Syrië, of ik vermoord je.”  Ziano woont inmiddels in een klein appartementje in Parijs.  Hij heeft asiel aangevraagd en kan niet reizen buiten de Europese Unie zolang hij geen visum heeft.  Hij werkt onder meer als adviseur voor organisaties als Besmet Amal die aan de heropbouw van Syrië willen werken.

Chenoweth zegt dat geweldloze burger bewegingen nog steeds een grote rol kunnen spelen in Syrië.  “Ze kunnen de situatie veiliger maken, en een beter leven voor de Syriërs creëren door voedsel, onderdak, objectieve informatie en medische hulp te leveren.  Dát is ook een belangrijke geweldloze bijdrage.’”  De geweldloze strijd heeft niet gewonnen, maar de gewelddadige ook niet.  Er zijn alleen verliezers in de oorlog.  Chenoweth noemt de bijdrage van Zaino en zijn beweging een ‘cognitieve bevrijding’, een bevrijding die plaatsvindt als mensen ineens inzien dat ze geen slachtoffers zijn van een politieke situatie, maar een keuze hebben om anders te gaan denken over het heersende regime, en in actie te komen voor hun vrijheid.




De film Everyday Rebellion  is gemaakt door Arman en Arash Riahi, twee Iraanse broers die in Oostenrijk opgroeiden.  Zij begonnen te filmen tijdens de golf van protest in hun geboorteland rond de verkiezingen in 2009.   Ze raakten gei?nspireerd door activisten die geweldloos verzet plegen, tijdens oorlogen, of om te protesteren tegen economische of sociale ongelijkheid.  De Riahi’s onderhouden de website www.everdayrebellion.com, waar ze een online ontmoetingsplek voor geweldloze verzetsactivisten creëren.  Op de site zijn methoden en handleidingen voor geweldloos verzet te vinden, interviews met activisten en experts, en ook wetenschappelijke artikelen van de politicologe Erica Chenoweth over de effectiviteit van geweldloos verzet.

De krachtigste acties van Zaino en zijn vrienden draaiden om humor, zegt Chenoweth.  “Door hun campagnes beseften mensen dat hun overtuigingen over het regime wel eens op leugens gebaseerd konden zijn.  Daardoor kregen ze zelfvertrouwen over hun mogelijke eigen rol in de verzetsbeweging.  Ik denk dat veel mensen zo op andere gedachten zijn gekomen door het geweldloos verzet, en dat kan wel eens de belangrijkste vorm van bevrijding zijn.”

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!