Een hijgerige schreeuw om verandering

Een hijgerige schreeuw om verandering

zaterdag 8 mei 2010 15:12

Stijn Meuris heeft schoon genoeg van stembusslagen en ander democratisch gedoe, ik kan er net geen genoeg van krijgen. Enkele woorden over de Engelse verkiezingen 2010.

De BBC had het huisorkest een nieuwe, heerlijk bombastische tune laten inspelen voor wat historische verkiezingen beloofde te worden. In de intro zat een hele rits prime ministers, maar Margaret Thatcher en Tony Blair werden met beeld en geluid aangehaald. De twee meest legendarische machtswissels uit de recente geschiedenis. Het was de BBC al een hele tijd duidelijk waarom deze verkiezingen precies historische zouden worden: Gordon Brown ging gigantisch op zijn donder krijgen en dertien jaar Labour zou worden afgestraft met een nederlaag van heb ik jou daar. At last.

Met die gedachten ging Engeland de campagne in. Een campagne die maar niet kon beginnen omdat Brown weigerde de exacte verkiezingsdatum vrij te geven. Eén van de talloze aanwijzingen dat Labour op de grond lag en David Cameron er met het grootste gemak overheen zou kunnen gaan. Ja, Brown zou binnenkort uit Downing Street verdwijnen. En maar goed ook, want niemand had er ooit echt voor gekozen. Iedereen kon zich opmaken voor een nieuwe, frisse prime minister. Sommigen vonden Cameron zelfs gevoel voor humor hebben. Charisma godbetert.

De campagne begon en het eerste wat duidelijk werd was dat de wedstrijd hoegenaamd nog niet gelopen was. Cameron probeerde de big society te lanceren – een term die zelfs politieke journalisten nooit echt duidelijk is geworden -, maar bleef hangen bij een hijgerige schreeuw om verandering. Om change. Dat viel nog te begrijpen, de situatie leek velen zodanig hopeloos dat niemand Cameron ervan durfde beschuldigen het succes van Obama dunnetjes over te willen doen, maar iedereen had er het raden naar wat precies veranderen zou. En het werd er voor Cameron niet makkelijker op toen Nick Clegg tijdens het eerste teeveedebat zijn officieuze intrede maakte in de Engelse politiek. Er bleek plots ook een perfecte schoonzoon mee te dingen naar het hoogste ambt.

Over Nick Clegg is de afgelopen weken veel geschreven. Heel veel. Het zag er naar uit dat zijn partij het politieke spel definitief zou veranderen. Misschien gebeurt dat ook nog wel, maar de beloofde monsterscore is uitgebleven. De peilingen zaten er collectief naast – in tegenstelling tot de bizar correcte exit poll van donderdagavond – en de Liberal Democrats hebben geen doorbraak weten te forceren. Met nog één zetel onbeslist, gaat de partij er vijf zetels op achteruit. Het valt te hopen dat dit resultaat onthouden blijft vooraleer iedereen zich weer massaal op peilingen en andere mumbo jumbo gooit.

Het zag er dus tijdens de campagne naar uit dat David Cameron zijn historische overwinning door de neus geboord kreeg omdat Nick Clegg hem stokken in de wielen had kunnen steken. Met de resultaten in de hand, kan iedereen zien dat dat niet waar is. Het effect Clegg is nihil gebleken. Toch is Cameron er niet in geslaagd een overall majority te halen en moet hij waarschijnlijk een compromis sluiten met Clegg. Ondanks het wanbeleid van Labour. Ondanks de onkunde van Brown. Ondanks een sociaaleconomische crisis en een enorm overheidstekort.

Het volk – voor één keertje mag dat – gunt partijen in Engeland heel zelden een vierde termijn. Het stond in de sterren geschreven dat Labour deze verkiezingen zou verliezen, en dat is niet per se een slechte zaak voor een gezonde democratie. Dat maakt het belangrijkste feit van election night dat Cameron er niet in geslaagd is een duidelijke meerderheid te halen. Als iemand donderdag gefaald heeft, is het David Cameron. Hij is geen Tony Blair, hij is geen Margaret Thatcher. Vooralsnog is hij zelfs geen prime minister.

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!