Drijft onze manier van goed leven ons echt naar een Globale Catastrofe? Over baby’s, bedelaars, bladblazers en biologen

Drijft onze manier van goed leven ons echt naar een Globale Catastrofe? Over baby’s, bedelaars, bladblazers en biologen

donderdag 27 december 2018 14:42

Deze diepste wintertijd nodigt uit stil te staan en te reflecteren. Bij die oefening werd het bioloog en Knack journalist Dirk Draulans even allemaal te veel. Hij schreef een reflectie op zijn Facebook pagina, een uitgebreide lijst van toestanden is het geworden die fout lopen, in eigen land en de wereld, in de mentaliteit en in het handelen van de mens en van ons allemaal. Hij zegt met zoveel woorden dat hij het niet meer goed ziet komen. Het is een Interessant stukje, want de schrijver brengt vele bekende feiten samen in onderling verband. Mijn eerste reactie was een van afkeer en afkeuring, want het geboden beeld biedt weinig hoop, het lijkt niet meer dan een onheilsprofetie, een vloek waar je niet mee verder kan. Dat soort Boodschap lijkt me vaak een symptoom van een persoonlijk vastzitten van de schrijver. Maar dat is bijkomstig. Mensen hebben deugd aan een analyse die steek houdt, in deze ingewikkelde tijden. Zowat duizend mensen hebben de tekst al gedeeld, meer dan tweehonderd hebben een reactie geschreven. De verwoording van een bepaalde pijn eigen aan ieder van ons als tijdgenoot slaat aan. De donkere boodschap blijkt herkenbaar. Is ze ook waar? Ik geloof van wel. Zoals ik gewoon ben, doe ik echter een poging een nog wat diepere duiding bij de toestand en het gevaar te geven, maar ook om licht te werpen op een uitweg. Want rust roest, en kankeren is ongezond. In levenslust onderhouden en mensenzorg beoefenen ligt altijd nog een pad naar heil en geluk.

Wordt de gang naar een nieuwe Wereld Catastrofe onvermijdelijk? Wat blijft er in elk geval goed en betekenisvol om te doen?

In de grond deel ik de apocalyptische voorspelling van de bioloog-schrijver. Het goede leven zoals wij dat na de nooit geziene rampen van de jaren veertig van vorige eeuw collectief hebben nagestreefd, is geen groot succes geworden, ook al moet je iets dieper graven om de symptomen van de ziekte te zien. Juist het comfort en het gemak, de grote doelstelling na de ontberingen van de oorlogen, lijkt mij de menselijke ziel op den duur niet meer te voldoen, te vervelen, te verstikken, te wurgen. En voor velen is het toch leven om te werken geblazen, dat houd je hart en ziel niet vol.

Draulans zette zelf een week eerder een nogal zeemzoet bericht op zijn Facebook profiel, over hoe fijn hij het heeft bij de redactie van Knack, waar hij dertig jaar geleden begon. Ik lees hem al die tijd, en ik stel vast dat de stukjes van de journalist in de eerste tien jaren meer sprankelden dan die van de laatste twintig jaar. In zijn begintijd studeerde de man niet alleen, hij ging ook naar Congo, als een soort oorlogsjournalist. De precariteit, de lastige kanten van het bestaan op de onrustige redactie én tijdens de gevaarlijke reizen, dat boorde blijkbaar diepe bronnen aan die sprankelende stukjes opleverden.

In de grond ben ik het eens met de pijnlijk dramatische voorspelling, met het visionair schetsen van een apocalyptisch scenario, dat de reporter bij vorige gelegenheden de afgelopen jaren al heeft gemaakt: wij stevenen in ons continent en in de wereld na zeventig jaar traag maar zeker, opnieuw af op een scenario van oorlog, van breed en gelegitimeerd, hard en vernietigend geweld. Wie goed toekijkt, ziet de tekenen op vele plaatsen materialiseren. Sofie De Schaepdrijver, een van de historici wereldwijd die het beste vertrouwd zijn met de situatie die tot de eerste wereldoorlog zou leiden, schrijfster van het indringende en wetenschappelijk verantwoorde verhaal over De Groote Oorlog in België, liet onlangs weten dat zij verontrust is. “De situatie vandaag lijkt in onthutsend grote mate op die van toen”.

Ik weet niet of ik in staat ben een scenario te geven dat deze ramp kan afwenden. Los van de vraag of je voldoende mensen op tijd mee krijgt in het anders gaan leven volgens zulke visie. In elk geval heb ik een paar ideeën over de onderliggende mechanismen en over een manier van leven die de afgrond kan laten vermijden. En wat de geloofwaardigheid van mijn alternatieve paden misschien versterkt, ik blijk uit te komen bij remedies die onthechte analisten reeds in lang vervlogen tijdperken maakten. Niets nieuws onder de zon. De mens verandert ten diepste niet veel op een paar duizend jaar tijd.

In een notendop lijkt me de analyse van de bekende profetische stemmen, de krachtige spirituele moralisten terecht. Van Socrates tot Zau Ziang of Jezus. Is het niet zo, telkens weer gaat de wereld ten onder aan vormen van persoonlijke hoogmoed, geslotenheid, egoïsme en egocentrisme, aan luiheid in spirituele en emotionele zin. We willen wel hard werken, de handen uit de mouwen steken of berekeningen maken, maar werken met het hart, dat stoot nog vaak af. Of dat lijkt niet belangrijk. Op die manier laten we anderen sudderen in de kookpan van hun lijden. Volgens mij worden we daar over gestraft. Dat zit zo in de structuur van de werkelijkheid gebakken. Dat leg ik verder uit. Dat werkt bijvoorbeeld zo, dat we door egocentrisch te zijn, kansen ontlopen op zelfkennis, op het vinden van dieper inzicht over wie wij zijn en wat de menselijke existentie is. Ik ga zelfs meer zeggen: zo ontglipt ons juist een leven met vele hoogtepunten van Voldoening gevende momenten en van diepe Vreugde.

De mens die geregeld contact toelaat met medemensen die het zelf heel hard te verduren hebben, die krijgt immers achteraf, na het lastige moment dat kan bestaan in plaatsvervangende schaamte, of pijnlijk medeleven, een bonus.

Je ziel krijgt vleugels door het leveren van een bepaalde vorm van emotionele inzet. Dat mocht ik persoonlijk super helder ondervinden als vrijwilliger in de palliatieve zorg eenheid De Brug in het jaar 2001. Ik vloog op bepaalde dagen met Engelenvleugels over de stoepen van de stad terug naar huis, nadat ik met succes vriendelijke nabijheid had mogen bieden aan een stervende dame. Wat een euforie ook, nadat je een gesprek met een kandidaat zelfdoder goed hebt afgerond, iets wat me af en toe overkwam als medewerker van de telefonische hulplijn Tele-Onthaal. Ook minder spannende situaties waarbij je aan zelfontlediging doet, blijken niet alleen het leven voor die andere weer wat dragelijker te maken, maar ook jezelf ten diepste te verfrissen, je ziel te voeden.

Dichter bij huis, in minder gezochte situaties, speelt die Wet van de bonus bij het actief sociaal omgaan in het menselijke Universum ook. Zouden velen er geen baat bij hebben, niet de zoveelste maal de zaterdag of de avond door te brengen met zichzelf “te entertainen” door tv te kijken of te drinken, maar een eenzame wandeling in de grote natuur te maken? Op die manier “jezelf tegen te komen” is wat de grote morele figuren noemen “het smalle pad”. Wat je dan meemaakt is niet altijd fijn of leuk. Dat zal vaak een vorm betekenen van verrassing, van schrik, en van gêne. Door daar niet van weg te lopen, maar erdoor heen te gaan, met de nodige dapperheid, neem je echter kansen waar jezelf opnieuw uit te vinden. Dat soort activiteiten lijkt bij uitstek wat ons kan behoeden voor wat traditioneel heet, het zwart worden van de gal, zeg maar het verdorren van de ziel. Het kwijt raken van de levenslust. Het verzakken in depressie of burn out. Een goede remedie tegen die kwalen is en blijft natuurlijk het opgaan in de liefde. Die wondere houding zoals ze mooi is bezongen door Gabriel Belot in het poëtische manifest dat ik als uitgangspunt nam voor de vorige blog.

Waar de menselijke wereld altijd weer aan lijdt, en dreigt aan ten onder te gaan, is voor mij toch haar Liefdeloosheid

Naastenliefde is daarom iets met universele anti gif kwaliteiten. En ook Erotiek. In de krant las ik het onlangs nog op lapidaire manier uitgedrukt: “Als je zo leeft dat je geregeld samen seks kan hebben, dan ben je al beveiligd tegen veel onheil en verval van lichaam en geest”. Erotiek beleven is ook juist voeding bieden aan de ziel. Dat beseffen de meeste tijdgenoten intussen wel. De foute opvattingen van de spirituele klasse in onze cultuurkring heeft de ogen voor die Waarheid onrechtstreeks wijd geopend. En natuurlijk het bevrijdende werk van menswetenschappers als Sigmund Freud.

Emotional labor

Wat er telkens weer lijkt fout te gaan in ons samenlevingsmodel, dat gebaseerd is als nooit te voren in de menselijke geschiedenis op betaalde professionele arbeid, is dat een bepaald soort contact en een bepaald soort arbeid vergeten is geraakt. Dat werk benoem ik graag met de Engelse term “emotional labor”. Wij hebben geen denkschema’s meer om dat te zien, te benoemen of te waarderen. We zijn er op sluipende manier sinds een paar generaties meer en meer van uitgegaan dat wat niets kost of niets opbrengt, ook niets waard kan zijn. De velen die actief zijn als vrijwilligers zijn marginale maar betekenisvolle uitzonderingen op die regel.

Een paar voorbeelden wil ik geven in dit korte bestek. Iets dat iedereen dagelijks kan vaststellen is dat de burger jong en oud, sinds de komst van de televisie binnenshuis en de auto in de publieke ruimte, en later met de persoonlijke toestellen met interactieve schermpjes, meer dan in de drie miljoen jaar voordien, dat de menselijke persoon naar binnen is gekeerd, weg van het gewone, authentieke contact met wie naast jou opduikt in de magische ruimte van het hier en nu. Op straat komen weinig tijdgenoten tot Kleine Ontmoetingen. De oortjes ingestoken, de blik op de smartfoon gericht, zo raken we heelhuids thuis van werk of school. Dat zo doen, spoort met iconische ‘idealen’ van deze tijd: efficiënt gebruik maken van je tijd, je werk doen, (“Ik moet Voort Doen”), je met je eigen zaken bezighouden, vrede laten waar vrede is, “ieder mens is verantwoordelijk voor het eigen leven en het eigen geluk”. “Wie het niet goed heeft, is een loser”, eigen schuld, dikke bult.

Terwijl het gewone menselijke contact de gastvrijheid van de ontmoeting, waar bij de ene mens de andere aankijkt, naar het verhaal luistert, tot gesprek komt, een handje toesteekt, vriendelijke aanwezigheid biedt, voor een model van samen–leven staat dat het menselijke wezen toch ten diepste vermag te regenereren. De meest magische kracht schuilt in het meest gewone en natuurlijke.  Als je het tenminste met volle aandacht en liefde doet.

Want dat is liefde juist: het cultiveren van en vorm geven aan je verlangen naar de andere.

Voorbeeld twee. Tijdens een info vergadering in het universitaire ziekenhuis Gasthuisberg van de KU Leuven leerde ik het verbijsterende feit kennen dat de verpleegkundigen in dit zeer grote hospitaal onder elkaar gaan opmerken: “Wij maken geen oogcontact meer met de zieken”. Waarom niet? Omdat uit oogcontact ook een gesprekje zou kunnen geboren worden. En daar is geen tijd meer voor. Dat mag niet. Dat zou de effectiviteit in de weg staan. Tijd is geld. Time is Money. Charlie Chaplin en zijn profetische parodie op onze tijd “Modern Times” is nooit ver weg als je wil weten wat vandaag gebeurt en waar we naar op weg zijn.

In het ziekenhuis van vandaag is de zorg voor het lichaam, voor het bed dat op tijd opgemaakt dient, voor het eten dat wordt aangedragen, zo centraal komen te staan, dat de zorg voor de ziel en het hart van de mens is ge-eclipseerd geraakt, verduisterd. Dat is een iconische voorbeeld situatie, in de rest van de maatschappij speelt hetzelfde effect  mutatis mutandis.

Hartverscheurende baby

Een gelijkaardig verhaal zie je bijvoorbeeld aan het prille begin van het leven van het menselijke wezen. Veel baby’s worden rond zeven uur ’s morgens, door vader en moeder met de auto op weg, afgegeven aan de deur van de crèche. Niet weinig moeders getuigen hoe die daad hun hart wel degelijk verscheurt, maar dat zij er toch mee doorgaan. Praktische bezwaren en doelstellingen staan de gewone liefde, het samen zijn en blijven in de weg. Terwijl door statistieken en onderzoek intussen wel meer en meer doordringt dat de warme binding tussen moeder en klein kind, die wonderlijk tot stand komt via doodgewoon maar langdurig lichaamscontact, levenslang voor bescherming tegen ongeluksgevoelens en ook voor bescherming tegen allerlei ziekten van het brein en het gevoelsleven zorgt.

Als we overigens beter zouden begrijpen en aanvaarden dat onze verbondenheid met de dieren heel reëel is, zouden we allicht ons gedrag vlotter aanpassen. Hoe zeer zijn wij verwant aan de andere mensapen! Als een baby Gorilla wordt geboren in een zoo, tonen de kranten de vertederende foto’s en merken de journalisten terecht op: “Nu gaat die baby de eerste zes maanden niet weg uit het lichaamscontact met de moeder. Pas na die tijd gaat het jong voor het eerst een paar meter op verkenning”. Warmte komt eerst. In het bestaan is Emotie is belangrijker dan het Woord. Hoe zeer dat woord voor de volwassen mens ook onmisbaar is. Van de gestandaardiseerde communicatie van de vluchtleiders van luchthavens tot in de gedichten van een Levi Weemoedt, die zo mooi de pijn van het zijn lichter maken en het de krul van de lach bezorgen.

Ons post religieuze en zeer industriële, druk doende maatschappij model is groot geworden door een bepaald realisme en een zekere nuchterheid. We hebben het denken van de religie, met zijn schijnbaar wollige uitspraken en al te verheven adviezen, afgewezen. Zoals Madonna het op iconische wijze onder woorden bracht in haar vroege song Like a Virgin: “I am a material girl in a material world!”. Maar we lijken daarbij te zijn doorgeschoten. Dat materialisme in onze mensvisie wreekt zich. Omdat de ziel niet altijd zo zichtbaar is met de vijf gewone zintuigen, is de zorg ervoor verwaarloosd geraakt. Idem voor het hart. Niet de spier, daar zijn meer dan genoeg chirurgen voor beschikbaar, maar het hart als figuurlijke zetel van het gevoel, de liefde en de goede bedoelingen.

Kapitaal vervormd

‘Geld maakt niet gelukkig’, dat woord zegt al iets, velen herkauwen het. Maar er is meer aan de hand: geld zet de mens in feite grondig op een verkeerd spoor. Het kleine handelen dat op een wonderbare manier van levensbelang wordt voor het welbevinden van iedere mens, is uit het oog geraakt. Omdat het nu eenmaal niet vlot meetbaar is. Niet te betalen is in geld.

De georganiseerde arbeid heeft veel mogelijk gemaakt, maar heeft ook miljoenen zielen laten verkwijnen en verschrompelen. De bediende die een groot deel van zijn levenstijd op een stoel tussen vier muren doorbrengt, laaft zijn menselijke behoefte aan avontuur en lichte bedreiging intussen vaak aan een brede waaier van horror films en fantasy verhalen. Of aan internet naakt. Eerder dan zijn ziel echt in stelling te brengen, zich als persoon écht te riskeren door bijvoorbeeld de hand te schudden van een dakloze m/v, of in de ogen van een vluchteling te kijken en er een gesprek mee aan te gaan. Wat hier gaande is, is ten diepste een proces van vervalsing van menselijke relaties. We gaan daar een hoge prijs voor betalen. Tegen cultuur oproepen als “Leave Internet now!” en “Back to Nature!” moeten we in die zin begrijpen. Dat is geen banale nostalgie. Dat is de Menselijke Ziel zelf, die zonder veel nadenken een kreet lanceert die haar moet toelaten in leven te blijven.

Overspel met machines

In de parken zijn intussen de tuinmannen druk doende met zogenaamde bladblazers. Een symptoom van wat onze tijd volgens vele critici al te vaak doet, technologie omarmen zonder dieper na te denken. Die tuigen zorgen voor stress bij velen in de stad, door het brutale lawaai. Ze verbruiken bovendien aardolie, een eindige bron die ook nog eens de lucht bezoedelt. Terwijl het hanteren van de rijf gemaakt uit takken, zoals de tuinman traditioneel doet, een hele rij voordelen zou bieden. Zoals de stilte rond het tafereel, de meditatieve waarde van de arbeid, het ecologisch op meerdere manieren onschuldige, duurzame en onschadelijke. Burgerlijke normen en mode trends hebben vaak het gezond verstand uit het verleden, dat nog meer met de natuur was verbonden, vervangen. In een gesprek met een tuinman in dienst van de stad Leuven vernam ik dat de ploegbazen er op staan dat niet alleen op de paden, maar ook tussen de struiken en de bomen de bladeren “netjes” worden weggeblazen; op die manier verdwijnt echter ook de levensnoodzakelijke laag humus.

                        Machines gaven de mens veel en snelle macht.

                        Fouten en schade worden op die manier ook groter.

                        Met een technische handleiding alleen komen we er niet.

                        Liefdevolle zorg, ethiek, is wat vaak achterwege blijft.

                        De modieuze hang naar effectiviteit gaat ten koste van

                        affectiviteit en duurzaamheid.

In die zin is ons denken, organiseren en handelen nog veel te weinig “vrouwelijk”. Empathie en zorgzame aandacht, elke man kan dat leren, maar de meeste vrouwen hebben daar een natuurlijk talent voor. Ik las tests waaruit blijkt dat talent voor empathie drie keer meer voorkomt bij vrouwen, en vrac gesproken. Wie goed om zich heen kijkt, ziet daar alle dagen illustraties van, hoewel er ook mooie uitzonderingen voorkomen, van fijnzinnige, emotioneel verstandige, gevoelige mannen.

In die zin had Jesjoea-Jezus zoals wij hem kunnen leren kennen in de vier evangelies ook alweer tweehonderd procent het gelijk aan zijn kant. Alleen daar waar velen kiezen voor een existentie waarbij afzondering in de stilte en met geregelde innerlijke dialoog zich afwisselt met broos en gratuit engagement in nauw contact met verdwaalde mensenzielen, kan voor mens en maatschappij op de langere termijn de hoop blijven bestaan de ondergang te vermijden.

Wat rest er dan te doen voor ieder die niet bereid is of niet in staat die harde, Spartaans sobere, dappere en verstandige maar oergezonde weg op te gaan? Die rest niets anders dan verder te genieten van zijn of haar comfortzone. Maar doe dat dan ook met heel je hart. Zoals de heren en dames die tijdens het zinken van de Titanic besloten gewoon nog even bij de muzikanten te blijven en aandachtig naar de noten te luisteren. Dat is een legitieme keuze. Zeker als je elkaars hand vasthoudt en knuffelt. Vele problemen zijn gewoon te groot voor het ik en het jij.

De Kleine Goedheid beleven,

dat is en blijft bij uitstek waarin onze beste bijdrage kan liggen

aan een kosmos

waar het allemaal goed komt.

Niet alleen hard werken, denken of problemen oplossen is essentieel om goed te leven. Minstens even belangrijk is dat we het vuur in onze ziel en ons lijf brandend houden, en dat wij die warmte genereus en heel aandachtig met elkaar delen.

Ik koester er weinig twijfel over: als we de collectieve ziel van de mens niet tijdig met inzet van de kracht van Tederheid en Wijsheid voldoende troost bieden en voor haar de toegang tot ware vreugde open houden, dan zal de Mens zich opnieuw, zoals al zo vaak in het verleden, geërgerd, getergd, blind en destructief als Lemmingen gaan gedragen.

 Wie ten diepste wanhopig is, die vindt altijd een afgrond.

Levenslust onderhouden, het is geen luxe.

Het is een existentiële must.

De prijs lijkt wel hoog.

Je levert in aan centen, vrijheid, macht…

Wat mag het vermijden van de Grote Donkere Dood je kosten?

Stef Hublou

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!