Denis Do’s ‘Funan’: Een persoonlijk Rode Khmer-verhaal
Interview, Politiek, Cultuur -

Denis Do’s ‘Funan’: Een persoonlijk Rode Khmer-verhaal

Met zijn debuutfilm 'Funan' won de Franse cineast Denis Do de prijs voor beste langspeelfilm op het vermaarde Franse animatiefilmfilmfestival Annecy. Do vertelt in deze Belgische co-productie een persoonlijk verhaal van gezinsleden die gescheiden worden van elkaar wanneer het regime van Pol Pot in 1975 met harde hand regeert in Cambodja. Een moeder start daarop een lange zoektocht naar haar zoon. De Rode Khmer komen in beeld maar deze realistische 2D-animatiefilm focust vooral op de lijdensweg van de Cambodjanen en de schoonheid van hun land.

woensdag 24 april 2019 10:19

De Rode Khmer, de militaire tak van de Communistische Partij van Democratisch Kampuchea, schreven tussen 1975 en 1979 met de uitroeiing van ongeveer 1,7 tot 2 miljoen mensen bijzonder bloedige bladzijden van de Cambodjaanse geschiedenis. Na het Oscarbekroonde The Killing Fields (Roland Joffé) uit 1984 belichtten nog een aantal films deze donkere periode. Rithy Panh maakte drie sterke films – One Evening After the War (1998), S21: The Khmer Rouge Killing Machine (2003) en The Missing Picture (2013) – terwijl de Nederlandse filmmakers Jan van den Berg en Willem van de Put de documentaire Deacon of Death (2004) draaide en Hollywoodster Angelina Jolie met het biografische First They Killed My Father (2017) het gelijknamig boek van Loung Ung verfilmde.



Funan: Beklijvend debuut van Denis Do

Nu is er dus de in Annecy bekroonde animatiefilm, en publieksprijswinnaar van Anima, Funan van Denis Do (° 1985). Deze in Parijs geboren zoon van Cambodjaanse ouders koos er, ondanks de Rode Khmer gruwel, voor om geen aanklacht te maken maar een familiale geschiedenis te vertellen. Een fraai debuut van de animatiefilmer die na zijn afstudeerfilm Le Ruban enkel als tekenaar betrokken was bij enkele projecten (Zombillénium,Tout en haut du monde, Titeuf le film). We spraken met Denis Do tijdens Film Fest Gent.



Funan: Animatieparel met een persoonlijk verhaal

Hoe uit het leven gegrepen is je debuut Funan?

Denis Do: “Het idee achter Funan was het verhaal te vertellen van een moeder die tijdens het Rode Khmer regime in Cambodja tracht haar zoon terug te vinden. Een gegeven dat sterk geïnspireerd was op wat mijn eigen moeder heeft meegemaakt. Toen ze mijn oudere broer zocht heeft ze een min of meer gelijkaardig parcours doorlopen. Waarbij ze hem uiteindelijk terugvond. Om er een film van te maken hebben we natuurlijk bepaalde keuzes moeten maken. Zo hebben we zaken weggelaten die niet in het verhaal pasten en weer andere zaken toegevoegd. Dat waren dingen die ik las in autobiografieën of zag in films. Niet noodzakelijk zaken gelinkt met de Rode Khmers maar meer algemeen met het ‘mens zijn’ of met personages die in extreme omstandigheden leven.

Hoe groot het persoonlijke aandeel is valt moeilijk te zeggen omdat de meeste dingen mijn moeder wel zijn overkomen maar doordat we ze getransformeerd hebben, soms heel grondig met toevoeging van nieuwe personages, is het niet exact haar verhaal geworden. Maar aan de basis ligt wèl dat sterke verlangen om een kind terug te vinden. Haar zoektocht liep over vier jaar, met ups en downs, met periodes dat er niets gebeurde, en we hebben het uiteraard uit dramatische overwegingen gecomprimeerd. De cruciale keuze die ik maakte was dicht bij de personages te blijven, het verhaal vanuit een intiem en menselijk oogpunt te vertellen.”



Funan: prijswinnaar Annecy en Anima

Een beproefde familie

Alles draait in Funan wel om het concept ‘familie’.

“Dat is een belangrijk concept, familie is de basis van de samenleving. De Rode Khmer hebben getracht de familie te vernietigen maar dat is hun niet gelukt. Het is ook via de verhalen van mijn moeder en mijn grootouders dat mijn interesse in Cambodja is gegroeid. Toen ik in Frankrijk school liep was ik altijd gefascineerd als klasgenootjes zeiden dat ze in het weekend naar hun grootouders trokken. Zoiets had ik graag zelf beleefd en dat prikkelde mijn fantasie. Ook al omdat mijn moeder zei ‘wanneer je grootvader hier was zou je zijn lieveling zijn’. Dat stimuleerde me om meer te willen weten over hen, over hun leven en het land waar zij opgroeiden.

Telkens als ik bij mijn familieleden informeerde, kwamen we uit bij de Rode Khmer. Tijdens mijn adolescentie verrichte ik historisch onderzoek over hun bewind in de periode 1975 – 1979. Toen ik jonger was sprak mijn moeder, in tegenstelling tot veel familieleden, vlot over de Rode Khmer. Ze praatte telkens over mannen gekleed in zwarte pyjama’s en zo werden ze in mijn levendige verbeelding zwarte monsters.

Maar toen ik tijdens mijn research naar Pol Pot en de Khmer foto’s keek zagen ze er heel menselijk uit, absoluut geen monsters. Beetje bij beetje begon ik te beseffen dat de erfenis die mijn moeder me via haar verhalen doorgaf er een was van kleine, normale mensen in een specifieke context en niet die van gigantische monsters. Toen ik naar de Parijse animatieschool Gobelins École d’Image ging werd het me door gesprekken met kameraden duidelijk dat heel deze problematiek geschikt was om in een animatiefilm te gieten.”



Funan: Schoonheid en wreedheid

Je hebt er nooit aan gedacht om hier een documentaire over te draaien?

“Nee, geen documentaire, dat is mijn ding niet. Ik wou een discussie op gang brengen maar via een op reële feiten gebaseerde fictie. Waarom? Om iets heel tastbaar te hebben en de kijker samen met de personages onder te dompelen in een situatie, een sfeer, een tijdsgeest. Wat mezelf betreft: het laat me toe de situaties die mijn moeder vertelde te beschrijven én te beleven. Met mijn co-scenariste Magali Pouzol heb ik de banden tussen de personages uitvergroot. Het repressieve regime dat de Khmer waren levert een context, een kader dat de relaties en de karaktertrekken van de protagonisten benadrukt.”

Sterke emoties, sterke contrasten

Er is visueel ook een groot contrast tussen de immense ruimtes en de claustrofobie van de situatie, tussen het landschap en de Rode Khmer, tussen schoonheid en wreedheid.

“Daarom kozen we voor een breed beeldkader. Dat laat toe om het contrast te benadrukken en ook de personages dicht en groot in beeld te brengen. Het schept inderdaad ook een gevoel van claustrofobie. Het immense landschap drukt de kleine personages haast plat. Bovendien is Cambodja een heel mooi land en wou ik van Funan ook een uitnodigende reis maken, een land laten zien dat in het Westen vaak enkel verbonden wordt met de ‘donkere’ Khmer-periode. Terwijl Cambodja een gevarieerd, kleurrijk land is met immense luchten. En schitterende, warme mensen.



Denis Do’s Funan: Cambodjaanse tragedie

Tegelijk geeft het me ook de kans het universele karakter van het verhaal te benadrukken: we zijn allemaal kleine, fragiele mensen die geconfronteerd worden met een grootschalige geschiedenis. We zijn zandkorrels in een groot geheel. Daarom las ik het beeld in van de mieren die een doelloze keten vormen, dat symboliseert de keten van mensen die naar de dood gevoerd worden.”

Het is een eindeloze reis ...

“… naar de wanhoop. Van een animatiefilm verwacht men dat het ofwel een sprookje, ofwel iets heel grappig is of een poëtische blik op jeugd, maar ik wou iets heel anders. Niet dat ik met Funan zogenaamd ‘volwassen animatie’ wou maken. Dat soort vragen stel je je niet wanneer je aan een animatiefilm begint.”

Films zoals Persepolis en Waltz with Bashir richten zich wel nadrukkelijk op een ander, ouder, publiek.

Waltz with Bashir is met de invalshoek van de getuigenis een documentaire en Persepolis blijft het verhaal van een adolescente, terwijl ik het standpunt van een volwassene wou innemen met Funan. Het feit dat mijn moeder aan haar zoektocht begon als volwassene dwong me daartoe want ik wou niet het gezichtspunt van iemand anders innemen. Daarom bekijk ik het ook niet vanuit het standpunt van het weggevoerde kind en schets ik zijn belevenissen niet. Ik toon hem met hetzelfde gezicht omdat hij zo is blijven leven in de herinnering van de moeder: hij is gegroeid maar ze heeft hem niet zien groeien. Ze herkent haar kind maar de vraag blijft of ze elkaar gaan aanvaarden.”



Funan: Belgische co-productie met een persoonlijk kantje

De vergeten genocide

Hoe moeilijk was het om dit project gefinancierd te krijgen? Het verhaal en de gruwel van de Rode Khmer, die we in het Westen onder meer ontdekten via The Killing Fields van Roland Joffé uit 1984, is ondertussen vrijwel vergeten.

“De moeilijkheid om financiën te vinden voor Funan was niet zozeer verbonden met de inhoud van de film. Europese filmproducenten en televisieketens zien animatie als iets voor zeer jonge kinderen en een harde film gericht op adolescenten en volwassenen lijkt voor hen weinig commercieel. Dat begrijp ik in zekere zin. Kinderen brengen hun ouders mee naar de bioscoop, dat levert extra klanten op, terwijl dat niet het geval is bij Funan.

Er was dus een zekere terughoudendheid maar die had niets te maken met het politieke aspect van het Rode Khmer gegeven. Toch wil ik niet te negatief klinken. Ik denk dat dit soort projecten alleen in Europa mogelijk is. Er zijn hier regionale ondersteuningsmaatregelen plus producenten in verschillende landen die gevoelig zijn voor de diversiteit van de menselijke beleving. Mensen die open staan voor andere verhalen dan de geformatteerde comics en manga’s die elders van de productieband rollen.”



Funan: Op zoek naar de verloren zoon

Je focust vooral op het intieme, persoonlijke verhaal en minder op de politiek-economische toestand.

“Dat was een bewuste keuze. Mijn hoofddoel was dat mensen het persoonlijke verhaal van die familie zouden begrijpen. Mijn co-scenariste Magali Pouzol kende niets van Cambodja of de Rode Khmer en dat was prima om te beletten dat ik me te zeer zou verliezen in details die totaal onbegrijpbaar zouden zijn voor het grote publiek. De context wou ik lichtjes schetsen maar ik had geen ideologie te verdedigen of aan te vallen. Ik wou voorkomen dat Funan een aanklacht tegen of een verdediging van de Rode Khmer werd.

De bedoeling was het neutraal en waarachtig te houden. Emotioneel vooral, de gevoelens van mensen belichtend. Regimes en politieke werkelijkheden veranderen maar emoties blijven. Ze reageren en passen zich aan aan wat ons overkomt en variëren met de individuen. Daarom toon ik ook verschillende personages, met verschillend gedrag en verschillende reacties. Heel bewust belicht ik nuances, verschillen bij de Rode Khmer. Ik wou er absoluut geen monolitische slechteriken van maken. Het zijn geen bloeddorstige doders ook al werd er gedood.

Bovendien wou ik laten zien dat een familielid bij de Rode Khmer was, want dat was de realiteit. Ook al rust er een taboe op. Ik begrijp die terughoudendheid, gezien de wonden die geslagen zijn, maar het is iets dat we moeten durven erkennen. In ons geval ging het om twijfels over iemand, er was geen zekerheid over het feit dat hij bij de Rode Khmer had gezeten. Wat ik wou laten zien in Funan is dat de Rode Khmer Cambodjanen, met familieleden, waren. Het waren geen wezens van een andere planeet.”



Funan: In de greep van de Rode Khmer

De look van een realistische tragedie

Hoe heb je de visuele stijl van het in 2D gemaakte Funan ontwikkeld?

“Art director Michael Crouzat, een studiegenoot en iemand met wie ik op dezelfde golflengte zit in onze voorliefde voor Japanse animatie en het realisme dat daarmee verbonden is, en ik kozen voor een realistische stijl omdat we mensen wilden tonen en geen stripfiguren. We trachten de grens tussen animatie en live action op te zoeken maar toch bij animatie te blijven. Realisme past ook bij het historische aspect van het gegeven en bij ons opzet om de kijker emotioneel te laten meeleven met de mensen in de film.”

Opmerkelijk is hoe je via details personages en situaties toelicht: de rijst op de borden, de varkens in de tempel, …

“Details hebben een symboolwaarde en verwijzen vaak naar de notie van het leven. De mieren op de eindeloze weg die leidt naar de dood, de varkens in de boeddhistische tempel die wijzen op het contrast tussen de helse omgeving en het licht dat verbonden is met de geboorte van varkens, … Ik wil heel nadrukkelijk spelen met contrast in de film. Stiltes, momenten van stilstand, de bevroren blik van personages die voor zich uit staren zonder dat de kijker weet wat ze zien. Er is iets dat altijd buiten beeld blijft en dat gevoel hebben we versterkt door te werken met geluiden. We laten dingen zien maar suggereren ook veel. De camera fungeert als een venster dat ons laat kijken via de personages en via objecten.”



Funan: Verloren in Pol Pots Cambodga

Geweld zonder voyeurisme

Maar ook via geweld.

“Met geweld spring ik meer suggestief dan expliciet om. Ik ben niet verder gegaan omdat ik niet wou dat het voyeuristisch werd. Toen mijn moeder me haar verhaal vertelde, betrapte ik mezelf dat ik uit voyeuristisch oogpunt om details vroeg. Dat trachtte ik bij Funan te vermijden. Ik wou de creativiteit van de Rode Khmer op het vlak van wreedheden, zoals het doorsnijden van kelen met palmbladen, niet tonen omdat de kijker zich dan enkel de choquerende scènes zou herinneren. Daarom koos ik voor suggestie, voor de omweg van het geluid.

Bovendien is dit geen film over geweld zoals het geen film over de Rode Khmer is. Het is een film over een familie. Ik beschouw Funan als een deur die open gaat. Wanneer mensen geïnteresseerd zijn, staat het hen vrij zich verder te informeren. De enige expliciet gewelddadige scène uit de film is de scène met het mes. Een scène waarin een slachtoffer zich wreekt. Dat de Rode Khmer geweld plegen, is al vaak getoond maar het geweld van de slachtoffers niet. Het geweld van de wraak, van goede mensen is interessant omdat het toont hoe diep de pijn en het trauma zitten. Ik toon het niet om een zogezegd evenwicht te creëren, om te stellen dat beide partijen geweld gebruikten, maar juist om aan te geven hoe sterk de impact van het geweld was.”



Funan: Kleurrijke, realistische tragedie

De erfenis van een traumatisch verleden

Hoe zie je het einde van de film, wanneer de protagonisten de grens bereiken?

“Voor mij is dat de start van de notie van ballingschap. Funan gaat over mensen die in hun land met problemen te kampen hebben en hun thuis moeten verlaten. Het einde signaleert het begin van immigratie, van overlevers die hun land ontvluchten. Het eindshot met het gras en de lucht is heel bewust samengesteld met 50 procent lucht en 50 procent land en kleine personages. De boodschap is dat er tussen de hemel en de aarde het leven is. Het is het beeld van de hoop voor alle personages. De gruwel was reëel, maar het leven gaat door.”

Het land blijft wel beschadigd achter.

“De schade die werd aangericht is enorm, de mensen zijn veerkrachtig, maar er is heel veel kapot gemaakt en de democratie is nog erg wankel. Ik heb schrik voor de politieke en economische invloed van bepaalde Aziatische landen die heel erg aanwezig zijn in Cambodja. Bovendien klopt het toeristisch cliché niet dat de mensen in de miserie leven, maar altijd lachen en gelukkig zijn. Ze zijn zoals wij, soms gelukkig en soms ongelukkig. Het verschil is dat ze vol dromen en enthousiasme zitten en dat is volgens mij belangrijker dan gelijk welke materiële rijkdom. In Frankrijk zitten we met een jeugd die veel depressiever en angstiger is. Helaas vergeten we in het Westen nogal vlug dat het niet gaat om wat je bezit, maar om hoe je in het leven en tegenover je medemens staat.”



Funan: Animatie made in Belgium

 

 

Een beetje ‘made in Belgium

Funan werd gedeeltelijk in België gemaakt bij de Gentse animatiestudio StudioLumière verbonden met productiehuis Lunanime.

“Aanvankelijk was het niet de bedoeling, maar toen ik het ging uitrekenen, stelde ik vast dat zo’n 40 procent van de film in België is gemaakt. Eerst was het opzet om enkel animatie in de Gentse studio van Lunanime te doen, maar daar zijn layout en decors bijgekomen. Lunanime heeft hier een formidabele ploeg samengesteld.

Een film zoals Funan kan alleen gemaakt worden als een internationale co-productie en naast het Belgische Lunanime was er het Luxemburgse Juliette Films, het Cambodjaanse ithinkasia en de Franse productiehuizen Les Films d’Ici, Bac Cinema, WebSpider Productions en Epuar. Het gevolg was dat ik tijdens de productie vanop afstand zes studio’s moest begeleiden. Dat is verrassend goed gegaan. Het was een unieke ervaring en ik ben ontzettend blij met het eindresultaat. En trots op de positieve reacties van het publiek. Dat geeft energie om verder te werken, om verhalen te blijven vertellen.”

 

Interview Film Fest Gent, 12 oktober 2018

 

FUNAN: Denis Do, F-Lux-B – 2018 – 84′; met Bérénice Bejo, Louis Garrel, Colette Kieffer; scenario Denis Pouzol & Elise Trinh; art director Miahel Crouzat; muziek Thibault Agyeman; productie Sébatien Onomo, David Grumbach, Annemie Degryse, Louise Génis Cosserat & Justin Stewart; dis. Lumière, release 24 april 2019.



Funan: Cambodjaanse Odyssee

 

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!