De community ruimte is een vrije online ruimte (blog) waar vrijwilligers en organisaties hun opinies kunnen publiceren. De standpunten vermeld in deze community reflecteren niet noodzakelijk de redactionele lijn van DeWereldMorgen.be. De verantwoordelijkheid over de inhoud ligt bij de auteur.

De ‘wilde’ slag van Will Smith. Psychisch geweld mag niet langer onder de radar blijven.

dinsdag 29 maart 2022 07:34
Spread the love

Met update. De houding van de goegemeente die sinds enkele decennia altijd maar simplistisch de kant kiest van degene die verbaal geweld pleegt of tot subtiel pesten overgaat, ten koste van de persoon (man, jongen) die vanuit rechtvaardigheidsgevoel of zelfwaardebesef een tik uitdeelt, is toch bijzonder laf en ethisch niet vol te houden? Het is wellicht, en dat zeg ik als academicus die over de kwestie onderzoek heeft gedaan en heeft gepubliceerd, een kwalijk gevolg en bij-effect van de feminisering. Er schuilt toch absolute wijsheid in het oude Vlaamse volksgezegde ‘Wie niet horen wil, moet voelen’? Het model van de schaapachtige mens/man die zichzelf of zijn familieleden langere tijd laat vernederen en kwellen, en principieel nooit de kans zou grijpen om terug te slaan, dat kan je toch niet voorstaan? Is het niet de hoogste tijd dat wij meer alert worden en kritischer, bestraffender ook, naar psychisch geweld?

Update 16 uur: een deskundige psychologische visie op de destructiviteit van psychisch geweld

18 uur: persoonlijke jeugdherinneringen

 

Persoonlijk zal ik niet onder stoelen of banken steken dat ik sympathie heb voor Will en zijn spontane daad. De omstandigheden lijken mij ruimschoots de overgang van woord naar daad te justifiëren. Met de eer van je vrouw, met je waardigheid als man laat je niet eindeloos de spot drijven. In de aloude Vlaamse uitdrukking “Wie  niet horen wil, moet voelen”, schuilt toch heel wat wijsheid.

Hoe is het overigens mogelijk dat deze tijd dermate gevoelig is aan het kwalijke van Pesterijen, en dan bij het overduidelijk pesten vanwege presentator Rock, de reactie van Smith zou veroordelen? Het debat rond deze Oscar uitreiking raakt inderdaad aan dit over de pedagogische klets. Het is toch evident dat je oordeel over fysiek geweld moet doseren, dat je moet onderscheid maken en aanpassen? Dat er hemelsbreed verschil bestaat tussen ouders m/v die hun kinderen fysiek mishandelen, met de riem te lijf gaan om de vijf dagen zeg maar, en de ouder, leraar of jeugdwerker die pestende jongeren sporadisch een “oorvijg” uitdelen?

Mij lijkt dat de tijdsgeest sinds een jaar of veertig heel simplistisch en naïef heeft geoordeeld over de pedagogische tik, over goed en kwaad in het geval van verbale, mentale agressie en pesterij aan de ene en aan de andere kant fysiek ingrijpen. Ik begrijp dat van geen kanten, hoe de sympathie van de goegemeente volstrekt wegtrok van de lichamelijke verdediging, ten voordelen van het woord. Nogmaals, dat is toch een extreem simpele ethische analyse geweest? Wit-Zwart, zonder diepgang, zonder begrip voor de contexten. En zonder veel begrip voor de aard van de man, voor viriliteit, voor martialiteit. Wat doe je in zulke positie met de iconische figuur van de ridder van de koning die met het zwaard de verdrukte armen verdedigt en recht verleent tegen de brute, wrede roofridder of de lokale leenheer? Waar plaats je dan de iconische heiligen als Sint-Joris en Sint-Michiel die met de lans de draak verslaat, symbool van het kwaad? Zoals die onder meer staat te schitteren in goud op de top van het stadhuis van onze hoofdstad, zichtbaar van alle kanten van Brussel.

Een ander aspect lijkt mij dat je veel situaties zal moeten laten verzieken in de context van rivaliteit tussen jongens en mannen, als je altijd het standpunt van de vlotte prater, de wreedaard met woorden gaat kiezen. Het lijkt mij integendeel gezonde, wijze pedagogie om te aanvaarden dat rivaliteit door de Evolutie van de soorten  ingebakken zit in miljoenen soorten (zoog)dieren, en dat die bijgevolg erkenning verdient ten eeuwigen dage. Verder moet je dan aanvaarden dat spanningen tussen mannen en jongens die constant met elkaar (moeten) omgaan, bijvoorbeeld als leden van een expeditie, op een mooie dag beter kan “uitgevochten” worden, als het mogelijk is ongewapend, met de vuisten en in een (openlijke) worsteling. Ik kan iedereen aanraden de betreffende historie te herlezen in het sublieme werk “De glans van het echte. Impressies uit Centraal Azië en Siberië 1970-1995” van de Nederlander Chris van Orden die als kind tussen de (vreedzame) wilden in Indonesië opgroeide en tussen de dieren. Chris vertelt naast dat heilzame gevecht tussen leden van de expeditie, dat mooi de spanningen voor lange tijd heeft opgelost, ook over zijn ontmoeting met mannen in een dorp in Siberië, die na jaren gevangenschap uit een Goelag wisten te ontsnappen. Zij hebben op sluwe manier de uiterst wrede, brute en moorddadige kampleider, te vergelijken met Himmler of Heydrich, overvallen en uitgeschakeld en op die manier hun vrijheid en hun leven teruggewonnen en veilig gesteld. Het model van de schaapachtige mens/man die zichzelf langere tijd laat vernederen en kwellen, martelen zelfs, en principieel nooit de kans zou grijpen om terug te slaan, dat kan je toch niet voorstaan?

Persoonlijk herinner ik mij  als was het gisteren hoe ik rond 1976 op school in de humaniora in Leuven, in een school met repressieve stijl, waar de jongens (zonder meisjes in de klassen) geregeld erg balorig op reageerden, op een dag na weken en maanden gepest en geviseerd te worden, na het lezen van Karl May over zijn integere held Old Shatterhand die harde vuisten had en dapperheid in de omgang, mijzelf duurzaam vrijgevochten heb van deze beklemming, door op de speelplaats een paar jongens, waaronder een zekere Wim B. en Roel P, de vuist in het gezicht te ploffen.

Neen, voor mij is de goegemeente hier op laffe manier decennia lang in de fout gegaan. Het kost natuurlijk moeite, de rivaliteit en strijd tussen jongens of mannen van nabij te bekijken en te onderzoeken, om een wijs en juist oordeel te vellen. Het is zoveel gemakkelijker op een simpel criterium voort te gaan. Neen, voor mij zien wij hier een ondoordachte en ethisch niet vol te houden standpunt dat met de Feminisering heeft te maken, zelf wellicht een van de allergrootste maatschappelijke stromingen sinds 1945. In het degelijke weekblad Tertio is al een jaar of vijftien geleden een analyse verschenen van de toestand in scholen; onder invloed van de talrijke meisjes en de vrouwelijke leraressen, is duidelijk de eerlijke beoordeling opzij geschoven over de fysieke kanten, van onrust, beweeglijkheid, en vechten van de jongens, naar de kant van de psychologie van de meisjes. Die begaan ook kwaad en wreedheid, natuurlijk, die zijn verbaal vaak heel pesterig en venijnig, maar dat ziet de leraar van op zijn pupiter veel lastiger. Die microcosmos van de schoolklas laat zich zonder veel moeite transponeren, zo lijkt mij, naar het universum van de volwassenen, als je tenminste over diepgaande kennis beschikt van de natuur van man- en vrouw(elijke dieren) en over een fijn ethisch kompas en dito rechtvaardigheidsgevoel. Op het vlak van de maatschappij kan het alleenrecht op fysiek geweld voor politie en leger zijn belang  en waarde hebben; maar laten wij alstublieft tevens oog hebben voor de context wanneer volwassen mannen elkaar een klap uitdelen. Zeker als zij getergd werden en de waardigheid of de leefbaarheid van zichzelf en hun familieleden verdedigen.

 

“Psychisch geweld kan veel destructiever zijn dan fysiek geweld”

In dialoog naar aanleiding van dit stukje met psychologen op sociale media, kon ik in extenso bijkomende redeneringen geven. Zoals deze: de onderschatting van verbaal geweld en met name vernedering en moedwillige kwelling door woorden wordt toch vaak te mild, te veronachtzamend behandeld?
Mensen kunnen zonder één klap te krijgen voor een jaar in psychose gaan.. uitgeschakeld en aan psychiatrische opname en veel therapie toe zijn wanneer een vijandig gezind persoon tien verkeerde woorden formuleert.
Woorden zijn doorgaans onschuldiger dan la gifle; maar in bepaalde gevallen zijn zij veel vernietigender dan eender welke vuistslag. De deskundigen hebben mij dit bevestigd.
 

Excursus “Fysieke bestraffing in de jaren zeventig. Pakkende Jeugdherinneringen”

Will Smith heeft mijn sympathie. Psychisch geweld kan immers meer destructief zijn dan fysiek geweld.
Maar toch…
In onze lagere school kregen scholieren in het Leuvense geregeld een bordveger naar het hoofd geworpen. In het derde leerjaar in de Rijksmiddenschool te Heverlee kneep de onderwijzer als ik druk was geweest, knedend in mijn oorlellen. Zo fel dat de tranen van pijn in mijn ogen sprongen. Toen Van Doren dit zag, vroeg hij, waarom die tranen? Ik: omdat het zo een pijn doet, meester. Hij, laconiek “Het is daarom dat ik het doe!” Maar na die keer heeft hij die behandeling niet meer toegepast…
Ik kreeg in die tijd, de zes jaar voor 1974, persoonlijk slechts een tweetal keer een oorvijg van onderwijzer of studieleraar. Men was al voorzichtig met lijfstraffen. Mijn broer trof het veel minder. Onderwijzer Poleunis van het vierde of derde leerjaar deed hem en andere leerlingen geregeld een half uur op de knietjes zitten in de hoek; met een zwaar boek in de handen boven het hoofd. Op een dag verloor een studiemeester in het Atheneum internaat de zelfcontrole; hoewel andere jongens het gerucht hadden gemaakt aan tafel, nam de rosharige man mijn broer Patrick mee naar de aanpalende kamer, het bureau van de econoom. Daar hoorden wij vreselijke geluiden. Mijn broer kreeg slagen en viel op de grond, waar hij verder werd geschopt…. Hij zag er niet uit daarna. Ik voelde mij als oudere broer tekort schieten en schuldig en beschaamd. Ik had immers aan de ouders beloofd, altijd een beschermend oog op mijn twee jaar jongere broertje te houden…

Creative Commons

take down
the paywall
steun ons nu!