Bekladding standbeelden Piet Hein, Witte de With en consorten/Koloniale rovers, moordenaars en slavenhandelaren/Weg uit het straatbeeld!

Bekladding standbeelden Piet Hein, Witte de With en consorten/Koloniale rovers, moordenaars en slavenhandelaren/Weg uit het straatbeeld!

donderdag 25 juni 2020 02:35
Spread the love
BEKLADDING STANDBEELDEN/PIET HEIN, WITTE DE WITH EN CONSORTEN, KOLONIALE ROVERS, MOORDENAARS EN SLAVENHANDELAARS/WEG UIT HET STRAATBEELD!
ZIE OOK
HOOFDSTUKKENINDELING
VOORAF
HOOFDSTUK I
DE SCHURKEN
SCHURK PIET HEIN, DIEF EN MOORDENAAR:
HOOFDSTUK II
TWEEDE SCHURK, WITTE CORNELISZOON DE WITH, FOLTERAAR, DIEF, PLUNDERAAR EN MOORDENAAR
HOOFDSTUK III
DERDE SCHURK:
JAN PIETERSZOON COEN/KOLONIALE SCHURK EN MASSAMOORDENAAR
HOOFDSTUK IV
VIERDE KOLONIALE  ZEESCHURK
MICHIEL DE RUYTER, ZETBAAS VAN DE NEDERLANDSE SLAVERNIJ
HOOFDSTUK V
IN ZIJN TIJD ZIEN?/17E EN 18E EEUWSE DOMINEES IN VERZET!
HOOFDSTUK VI
IN ENGELAND/SLAVENHANDELAAR EDWARD COLSTON
HOOFDSTUK VII
MODERN TIMES
 
SIR WINSTON CHURCHILL EN PIM FORTUYN
 
EPILOOG
VOORAF
Beste lezers
U kunt het aan de kop van het artikel al zien:
Ik juich bekladding, vernieling enóf in het water of Noordzee smijten van standbeelden van koloniale schurken, rovers, plunderaars, moordenaars en folteraars van harte toe!
Ook de aan deze lijst toegevoegde vernieling van het standbeeld van Fortuyn en in Groot-Britannie, dat van Sir Winston Churchill. [1]
Van harte.
Op deze twee kom ik later terug.
Nu eerst de 17e en 18e eeuwse koloniale Schurken.
Al eerder zijn er standbeelden van koloniale Schurken beklad en liep er een actie voor het vervangen van naar hen genoemde straatnamen. [2]
Die Beweging is nooit weg geweest en wordt nu voortgezet door Actiegroep Helden van Nooit, die ik in dit verband een adhesiebetuiging heb gestuurd [3]
Helden van Nooit hebben recentelijk het standbeeld van koloniale Schurk Piet Hein beklad en de gevel op een gebouw aan de Witte de With straat met rode handen besmeurd als symbool voor het bloed aan de handen van schurk Witte de With. [4]
Ook in Groot-Britannie zijn Bewegingen actief, ”Topple the racists” [5], waarop beelden van racistische Schurken in kaart worden gebracht enonder andere  wordt gepleit voor het verplaatsen van dergelijke beelden naar musea. [6]
Ook goed.
Nu zijn er mensen, die ervoor pleiten, de standbeelden niet te vernielen of naar musea te sturen, maar juist te laten staan, maar dan met een extra bord met informatie over de schanddaden van dergelijke lieden.
Anderen weer delen de bezwaren tegen de beelden, maar vinden dat ze moeten blijven staan, omdat dat een stuk Nederlandse geschiedenis is.
Van beiden begrijp ik de argumenten:
Alleen:
Het probleem met een standbeeld is, dat het toch een eerbewijs is [ook al schrijf je erbij, dat deze persoon minder fraaie dingen gedaan heeft] en juist dat eerbewijs verdienen deze lieden, naar mijn mening en die van vele anderen, absoluut niet.
Daarom moeten ze weg, de Noordzee in of naar musea, beiden prima!
Om terug te komen op Groot Brittanie
Er gebeurt nog meer!
Onlangs is bij een grote anti racisme demonstratie het beeld van de Britse koloniale Schurk, slavenhandelaar Edward Colston, in Bristol het water in gesmeten. [7]
Leuke actie en precies de plek, waar het thuishoort!
HOOFDSTUK I
DE SCHURKEN
Maar nu meer over de Schurken.
Want men bekladt niet zomaar een beeld, voert acties om straatnamen te veranderen, smijt beelden in zee.
Hier zit diep historisch Onrecht achter.
Laten we beginnen
SCHURK PIET HEIN, DIEF EN MOORDENAAR:
Zeevaarder Piet Pieterszoon Hein [kortweg Piet Hein], u weet wel, van ”De Zilvervloot” [8] is zowel in dienst geweest van de VOC [Vereenigde Oost Indische Compagnie] als van de WIC [West Indische Compagnie], waarvan hij een van de commandanten was.
Zijn rang was hoog: luitenant admiraal.
Het bekendst is hij van zijn verovering, op de Spanjaarden [in 1628, bij de Slag in de Baai van Matanzas] van de ”Zilvervloot” [zie liedje onder noot 8], wat een gevalletje ”dief steelt van dief” was.[9]
De Spanjaarden hadden deze zilverschat buitgemaakt op de Indianen [Peru] en Piet Hein ”wiens naam klein is, maar zijn daden groot benne” [10] stal het weer van de Spanjaarden [11]
Dat Hein van koloniale dieven stal is geen Punt.
Maar door die ”Zilvervloot” te stelen EN te houden, deed hij indirect mee aan het bestelen en beroven van de door de Spanjaarden gekoloniseerde Indianen.
En dat is WEL een punt!
MOORDPARTIJ KAMPONG LEBETAKKE
Maar er is iets veel ernstigers met deze Hein aan de hand.
In 1607 trad hij in dienst van de VOC en werd stuurman op de Hollandia.
Dat schip de Hollanda vormde onderdeel van een vloot onder leiding van kapitein van de Admiraliteit Pieter Willemszoon Verhoeff, die naar de Banda eilanden [onderdeel van het huidige Indonesie] voer met een doel:
Het monopolie in handen zien te krijgen van de handel in nootmuskaat, onder worgvoorwaarden voor de plaatselijke bevolking, die dat natuurlijk niet aanvaardde.
Er ontstond onenigheid, drie Nederlandse ”onderhandelaars” [waarover? wat hadden ze daar uberhaupt te zoeken?] werden gedood, waarop door de Nederlanders de kampong Lebetakke geheel werd uitgemoord. [12]
Ten gevolge van deze massamoord verloren de Nederlanders circa 46 bemanningsleden en soldaten en werd een aantal zeelieden bevorderd, waaronder Hein, die in 1610 schipper van de Hollandia werd. [13]
Er is alle reden om aan te nemen, dat Hein niet alleen qua positie profiteerde bij die massamoord, maar dat hij er, als onderdeel van die Nederlandse vloot, een rol in gespeeld heeft.
Dat maakt hem tot moordenaar en zeker tot medeplichtige.
SLAVENHANDEL
Nu staat er een jankerig stukje op Wikipedia, impliciet ter verdediging van Piet Hein, waaruit zou  blijken, dat hij zo begaan zou zijn met Afrikaanse tot slaaf gemaakten:
Ik citeer
”Piet Hein werd geboren in 1577 in het bij Delft behorende Delfshaven als zoon van de schipper Pieter Corneliszoon Hein (-1623) en Neeltgen Claeszdochter. Van Piet Heins jeugd is weinig bekend, behalve dat hij kennelijk leerde lezen en schrijven en dat hij drie jongere broers had, Jacob, Simon en Cornelis, die allen koopman zouden worden. In 1598 raakte hij – samen met zijn vader – in Spaanse gevangenschap. Hein werd ingezet als een galeislaaf (roeier)[2] in de vloot van Ambrosio Spinola, gelegen bij Sluis.[3] Hij kwam pas vrij in 1602 bij een uitwisseling van gevangenen.

In zijn latere leven heeft hij ook op verschillende momenten aangegeven dat hij medelijden voelde voor de tot slaaf gemaakte Afrikanen en inheemse Amerikanen, en was hij kritisch op de manier hoe zij door Europeanen werden behandeld. Waarschijnlijk zijn zijn ervaringen als galeislaaf van invloed geweest op zijn visie op slavernij. [4] Het verwijt dat Piet Hein verantwoordelijk gehouden kan worden voor slavernij kan daarom als onterecht gezien worden” [14]

ONTROEREND, HAHAHA…….

Nu is er ook niemand, die beweert, DAT Piet Hein verantwoordelijk is voor, de slavernij, of heeft deelgenomen aan de slavenhandel

In de Verklaring van Helden van Nooit is onder andere te lezen:

”Met Heins roofgoederen bekostigde de West-Indische Compagnie (WIC) in 1630 een vloot die Pernambuco in Noord-Brazilië overviel en in bezit nam: een bezetting die de Nederlandse mensenhandel in het Atlantische gebied op gang bracht. Om de reeds aanwezige werkkampen van suikerplantages en suikermolens (opgezet door de Portugezen) te bemannen, drongen de koloniale terroristen aan op een massale toevoer van tot slaaf gemaakte dwangarbeiders. Als gevolg gaf de WIC-directie vanuit Amsterdam de dehumaniserende opdracht om bij alle WIC-handelsposten langs de West-Afrikaanse kust tot slaaf gemaakte mensen als handelswaren in te kopen. Zo werd Nederland, in de periode van 1636 tot 1648, de grootste handelaar van tot slaaf gemaakte mensen in het Atlantische gebied. De verheerlijking van de rol die Hein heeft gespeeld als zeerover en als wegbereider voor de immense Nederlandse mensenhandel in tot slaaf gemaakte West-Afrikanen, spreekt boekdelen over de eurocentrische focus van de Nederlandse canon.” [15]

WEGBEREIDER DUS, vanwege zijn activiteiten voor de WIC [kom ik op terug]

Deelnemer aan de slavenhandel of verantwoordelijke voor de slavernij, staat hier niet.

Terecht wordt dan ook in een artikel in Trouw door historicus Siebe Tissen opgemerkt:

”Ja, hij was een meedogenloze vechter in zeeslagen, zegt Thissen. Maar hij was bijvoorbeeld niet betrokken bij handel in slaven. Hij overleed in 1629, enkele jaren voor de slavenhandel opbloeide” [16]

Dat klopt.

Ik heb het nog eens nagetrokken [onder andere op Wikipedia]

Piet Hein overleed in 1629 [17], terwijl de WIC [West Indische Compagnie, waarbij Piet Hein dus in dienst was] , terwijl in 1637 het Portugese slavenbolwerk St George d’Elmina veroverd werd, waarna [Nederland had al een flink deel van Portugees Brazilie veroverd] de ellende van de slavenhandel kon beginnen. [18]

Maar dat betekent nadrukkelijk NIET, dat Piet Hein geen blaam trof!

Immers, in dienst van de WIC [die zich aanvankelijk voornamelijk toelegde op kaapvaart, piraterij tegen de Spanjaarden, met wie de Republiek der Verenigde Nederlanden nog in oorlog was] [19], met als bedoeling de Spaanse [en Portugese] handel te frustreren en hun Zuid Amerikaanse veroveringen in te pikken.

En welke ”handel” bedreven de Spanjaarden en Portugezen naast het uitbuiten en bestelen van de onderworpen Indiaanse volkeren?

Juist, slavenhandel.

En zo’n verovering van de ”Zilvervloot” betekende grote inkomsten voor de Republiek [vanaf nu Nederland te noemen], waarmee weer de oorlog tegen Spanje en de op te zetten ”handel” kon worden gefinancierd. [20]

En dat zou Piet Hein niet door hebben gehad?

Terecht merkt Wikipedia op

”Feit blijft wel dat hij medeverantwoordelijk is geweest voor de grondlegging van de Republiek als een koloniale macht.” [21]

In die tijd en die termen:

Een handels en plundermacht, waarbij slavenhandel een rol zou spelen.

Vreemd dan, dat iemand, die ”medelijden voelde voor de tot slaaf gemaakte Afrikanen” [22], zo’n aparte keuze maakte, door voor de WIC te werken.

Grappig was ook, wat ik las over Hein’s zogenaamde ”begaanheid” met de Indianen in Zuid-Amerika:

Ik citeer ik wederom uit het artikel in Trouw, waar onder andere historicus Thissen aan het woord is:

”Ja, hij was een meedogenloze vechter in zeeslagen, zegt Thissen. Maar hij was bijvoorbeeld niet betrokken bij handel in slaven. Hij overleed in 1629, enkele jaren voor de slavenhandel opbloeide. En Hein heeft in brieven zelfs zijn medeleven betoond met de behandeling van tot slaaf gemaakte indianen in de Mexicaanse zilvermijnen. Op de plaquette zou daaruit geciteerd worden: ‘Is het een wonder dat de indiaan zijn leed op ons wil wreken?” [23]

Die Hein uitspraak  klopt zeker.

Maar zijn zogenaamd ”medeleven” met de beroofde en uitgebuite Indiaan was nogal goedkoop, niet?

Want ondertussen had hij WEL in opdracht van Nederland de ”Zilvervloot” van de Indianen gestolen

bezittingen, op de Spanjaarden [eveneens dieven en uitbuiters] buitgemaakt en wie kreeg het in handen?

Die Indianen, met wie Hein zo meeleefde?

Of de koloniale uitbuiter, Nederland?

Het antwoord kent u, het is in bovenstaande reeds gegeven.

Het zal voor ieder weldenkend mens duidelijk zijn:

Deze Piet Hein is geen ”held” of ”mededoger” met tot slaaf gemaakte Afrikanen en uitgebuite en door het kolonialisme geknechte Indianen, maar een dief, een moordenaar [weet u nog, die kampong Lebetakke] en een wegbereider van de slavenhandel en Nederland als koloniale grootmacht.

Hij is een Held van Nooit!

HOOFDSTUK II

TWEEDE SCHURK, WITTE CORNELISZOON DE WITH, FOLTERAAR, DIEF, PLUNDERAAR EN MOORDENAAR

De tweede koloniale Schurk, die een terecht doelwit is geworden van Actiegroep Helden van Nooit [weet u nog, de gevel van een gebouw aan de Witte de Withstraat in Rotterdam werd met rode verf  besmeurd] [24], is de Nederlandse vlootvoogd Witte Corneliszoon de With [vanaf hier Witte de With genoemd]

Net zo’n fraai heerschap als zijn zee collega Piet Hein.

Hij begon zijn carriere direct mooi.

Nauwelijks was hij in dienst getreden bij de VOC [in 1616], of hij nam deel aan de [ik citeer Wikipedia]

”scherpe ondervraging van de muiters van de West Friesland” [25]

Dat het hier om folteringen ging, blijkt uit de daarop volgende zin op Wikipedia

Er is wel gesuggereerd dat het deelnemen aan de martelingen van invloed geweest is op zijn karakter, evenals het aanschouwen van de terechtstelling, onder andere door vierendelen en radbraken, van de veroordeelden na de aankomst bij Bantam op 13 november” [26]

Dit maakt onze koene vaderlandse Held dus tot folteraar.
En hierbij ging het nog niet eens om tot slaaf gemaakten of Indianen, maar witte mensen, jongens, die hadden deelgenomen aan een muiterij.  Natuurlijk is dat bekend:
Ook de witte ”onderlaag” van de samenleving werd te grazen genomen.
Hij was een dief, plunderaar en moordenaar
Want nadat hij in 1617 hofmeester en lijfknecht was geworden van Jan Pieterszoon Coen [27], koopman en gouverneur Generaal over de ”bezittingen” van de VOC, ook een koloniale Bloedjas waarover straks meer, maakte hij [Witte de With] in 1618 het beleg van het fort van Jakarta mee en nam deel aan de verwoesting van de stad. [28]
Lekkere jongen
Daarnaast heeft hij als vlaggenkapitein [nog in dienst van de VOC] naar hartelust zogenaamde Spaanse bezittingen in Zuid Amerika belaagd [29] uiteraard met het oogmerk van zijn broodheren, die gebieden zelf in de palmen/de Spaanse ”handel” over te nemen en heeft hij, nadat hij in 1628 in dienst trad bij de WIC en werd hij vlaggenkapitein bij zeeschurk Piet Hein en nam in die hoedanigheid deel aan het veroveren van de ‘Zilvervloot” [30]
Kortom samengevat:
Dief, folteraar, plunderaar en moordenaar, een van de grondleggers van Nederland als koloniale en slaven Grootmacht.
Een Held van Nooit!
We gaan door naar de volgende Schurk, die zijn vorige collegae in de schaduw stelt met zijn bijna uitroeiing van de Bandanezen:
LEES!
 
HOOFDSTUK III
DERDE SCHURK:
JAN PIETERSZOON COEN/KOLONIALE SCHURK EN MASSAMOORDENAAR
May I present to you J.P. Coen, massmurder and criminal to humanity…..
De gehele geschiedenis van deze koloniale gangster is te lezen op
Wikipedia, zowel een Nederlandse als een Engelse. [31]
In het kort:
Geboren in Hoorn in 1587 als zoon van Pieter Willemsz, een
koopman [32], heeft hij ”carriere” gemaakt als koopman, boekhouder-generaal (1613), directeur-generaal (1614) en vanaf 1617 Gouverneur Generaal
in dienst van de in 1602 opgerichte V.O.C. [Vereenigde Oostindische
Compagnie] [33]
Daarbij had hij maar een opdracht en Doel:
Met alle middelen,
 ervoor zorgen, dat de VOC een monopolie-
positie kreeg in de specerijenhandel met ”Indie” [34]
Als ik schrijf: ”Met alle middelen”, heb ik het over de meest
agressief militaire en barbaarse middelen, namelijk een bloedige
oorlog tegen een weerloze burgerbevolking!
Tegen het ”verbod” van de VOC in om nootmuskaat te verkopen aan
de Portugezen en de Engelsen [nota bene in hun EIGEN LAND], deden
de bewoners van de Banda eilanden dat natuurlijk toch.
Daarop kwam J.P. Coen in actie:
Met een expeditieleger van 2000 soldaten viel hij de Banda
eilanden aan [nootmuskaat kwam namelijk alleen daar voor] en richtte
een massamoord aan onder meer dan 15 000 Bandanezen.
In feite kwam vrijwel de hele bevolking om.
Zo kwam moordenaar Coen aan zijn bijnaam ”De Slachter van Banda” [35]
Over zijn misdadige optreden schreef hij zelf:
” ‘De inboorlingen sijn meest allen door den oorloch, armoede ende gebreck vergaen. Zeer weynich isse op de omliggende eilanden ontcomen.’ [36]
VOLKERENMOORD en GENOCIDE dus.
Zie ook een commentaar, dat ik plaatste op
de website van ”Binnenlands Bestuur”
Sneu genoeg is mijn reactie verwijderd [maar wel
door mij opgeslagen hahahahaha], wat alleen
maar mijn gelijk bevestigt! [37]
De weinigen, die het wel overleefden [ongeveer 500], werden als slaaf
naar Batavia gedeporteerd. [38]
De uitgemoorde bewoners werden vervangen door ”betrouwbare onderdanen”
uit andere delen van de Indonesische Archipel [39]
MAAR:
Gingen deze misdaden van J.P. Coen dan helemaal zonder protest voorbij?
Neen, er was wel degelijk kritiek, opmerkelijk in een tijd, toen foltering [ook in Nederland, zoals we ook al zagen bij Witte de With’s participatie bij de foltering van de muiters van het schip De West-Friesland] [40], slavenhandel en slavernij ”standaard” waren geworden  [hoewel niet bij iedereen, zoals we aanstonds zullen zien]:
Kritiek, in het geval van Coen, zowel van zijn eigen officieren, die die massamoord op de Bandanezen moesten uitvoeren, maar ook van de VOC zelf, die van mening was [ook al kwam Coen’s misdadige optreden hen prima uit] ”dat het wel wat minder had gekund. [41]
Aan het woord laat ik ook een VOC officier, die opmerkte [ik citeer hem]
”“De mensen stierven zonder ook maar één geluid te laten horen, behalve één die Nederlands sprak. Die zei: ‘Heeren, heeft dan niemand van U medelijden?’ Alles wat gebeurde was zo afschuwelijk dat we erdoor verstomd waren. Alleen God weet wie gelijk heeft. Wij allen, als praktizerende Christenen, waren vervuld met afschuw over de manier waarop deze zaak werd afgehandeld en we hadden geen plezier in dergelijke aangelegenheden.” [42]
Snoeiharde kritiek dus, ook in die Tijd.
Tot zover Coen.
HOOFDSTUK IV
VIERDE KOLONIALE  ZEESCHURK
MICHIEL DE RUYTER, ZETBAAS VAN DE NEDERLANDSE SLAVERNIJ
Met Piet Hein [zijn naam is klein] [43] zijn er weinig Nederlandse koloniale Schurken zo verheerlijkt als Michiel Adriaenszoon de Ruyter, in de geschiedenis bekend geworden als Michiel de Ruyter. [44]
Hij is bezongen in liedjes [In een blauwgeruite kiel] [45] en enkele jaren geleden is er een over geromantiseerde film over zijn leven gemaakt [46], waarop geheel terecht, pittige kritiek is gekomen, omdat zijn minder fraaie kant [daarover zo[ niet aan bod kwam. [47]
Het spreekt dan ook wel tot de verbeelding:
Een nogal weerbarstige en onhandelbare jongen [volgens zijn biografen dan] [48] uit een eenvoudig milieu, die begint als matroos [de laagste rang aan boord van een schip] [49] en het schopt tot Admiraal in dienst van de Republiek der Vereenigde Nederlanden. [50]
Wie wil hem NIET kennen!
Dan ook nog eens ”eeuwige roem” te hebben vergaard in de drie Engelse oorlogen waarin hij een van de bevelhebbers was [Tweede en Derde eindigden met een beslissende Nederlandse overwinning, de Vierde werd pas uitgevochten in de 18e eeuw, waarbij de eens zo machtige Republiek als grote handelsmacht ten onder was gegaan] [51], die niets anders waren dan de strijd tussen twee opkomende koloniale machten [52], die de macht en [koloniale] hegemonie van Spanje en Portugal wilden breken.
Dat is zoals de Ruyter werd gepresenteerd.
Een succescarriere, een groot militair bevelhebber [dat was waar], een ”man van stavast” [53]
ZETBAAS VAN DE SLAVENHANDEL
Wat echter in dit romantische plaatje ontbreekt, is dat een belangrijk deel van de werkelijkheid verre van fraai is:
WANT:
Deze ”dappere zeeheld” was zetbaas van en dus betrokken bij die misdaad tegen de menselijkheid:
De slavenhandel.
En dat bepaald niet als ondergeschikte klerk, maar als admiraal, de hoogste militaire functie ter zee in die dagen.
In dienst van de Republiek der Verenigde Nederlanden veroverde
Michiel de Ruyter tussen en tijdens de zogenaamde ”heroische”
strijd tegen de Engelsen, de eerder op de Nederlanders buitgemaakte
slavenforten en dat bepaald NIET om de slaven te bevrijden, maar om
de slavenhandel weer in Nederlandse handen te brengen. [54],
waarmee hij voor de komende eeuwen de Nederlandse slavenhandel
en daaruit voortkomende slavernij veilig stelde. [55]
Een misdaad tegen de menselijkheid dus. [56]
En niet alleen in Afrika was De Ruyter actief voor de slavenhandel:
Ook heeft hij, in opdracht van de WIC, diverse tochten ondernomen naar het Caraibisch gebied, waar hij Europese ”zakelijke concurrenten”, betrokken bij slavenhandel en slavernij, uitschakelde en ook vervoerde hij producten, nodig voor de slavernij.
De historicus Alex van Stipriaan schrijft hierover onder andere:
”Meerdere keren werd op verzoek van de WIC, door de Staten Generaal een beroep gedaan op admiraal de Ruijter om bedreigde belangen te beschermen of te heroveren op de Europese concurrenten. Van deze tochten is nog weinig bekend. In ieder geval weten we over De Ruijters actieve aanwezigheid in het Atlantisch gebied met zekerheid het volgende:  In 1640 werd De Ruijter kapitein op het koopvaardijschip Vlissinge en maakte daarmee verschillende tochten naar het Caraïbisch gebied, of West Indië zoals het toen genoemd werd. Dit had alles met slavernij te maken, want de koloniën in dat gebied draaiden volledig op slavenarbeid. De producten die ernaartoe werden vervoerd waren merendeels bedoeld voor de slavenplantages en hun eigenaars en in retour werd de met slavenarbeid geproduceerde suiker, siroop, tabak en katoen ingeladen  Ook tussen 1644 en 1651, toen De Ruijter met zijn eigen schip De Salamander, voor eigen rekening ging varen, maakte hij een aantal retourtochten naar de slavenkolonies in het Caraïbisch gebied.”
Einde citaat Alex van Stipriaan [57]
Maar er was meer!
Want Michiel de Ruyter, die ”man van stavast” heeft ook zelf slaven verkocht!
Zo  veroverde hij op 17 september 1655 veroverde hij een kaperschip uit Tétouan, bemand door twintig Moren. De kapitein liet hij ophangen, waarna het kapersschip én de gevangen bemanning in Malaga verkocht werden.” [58]
Verdedigers van de Ruyter voeren vaak aan, dat hij niets van doen gehad zou hebben met de slavernij en slavenhandel[wat aangetoond onzin is] of dat je het ”genuanceerder” moet zien, omdat hij slaven zou hebben bevrijd. [59]
Nu is dat is inderdaad waar en op zijn ”positieve” conto te schrijven.
Maar dat waren christenslaven, die hij met geld van de Kerken , of onder de burgerij ingezameld geld vrijkocht. [60]
Prima natuurlijk, maar hij speelde wel een belangrijke rol in het bevorderen van de handel in Afrikaanse slaven, en verkocht zelfs slaven, zoals bovengenoemde Moorse kapers. [61]
En dan voeren de apologeten nog een -nogal onzinnig- argument aan om te ”bewijzen”, dat de Ruyter niets tegen zwarte mensen had en niet zou hebben geparticipeerd in slavenhandel en slavernij:
Namelijk zijn vriendschap met de Afrikaan Jan Compagnie, die hij in zijn jeugd gekend had en hij later ontmoette, tijdens een strafexpeditie tegen de Engelsen. [62]
Is dat niet ontroerend?
De propagandistische Michiel de Ruyter Stichting schrijft hierover:
Het was op deze reis, dat de Ruyter op de wal begroet werd in onvervalst Vlissings dialect door de lokale hoofdman. Het bleek dat die als kind als verstekeling a/b van een  VOC-schip naar Vlissingen was meegenomen,  waar hij als leeftijdgenoot van de jonge Michiel met hem op school had gezeten. Hij was later teruggekeerd naar zijn eigen land en was er koning o.i.d. geworden. Hij was destijds in Vlissingen Jan Compagnie genoemd. Deze oude schoolvriend werd door de Ruyter a.b. van zijn vlaggenschip genodigd en gefêteerd” [63]
Met hierop volgend de sarcastische zin
”Niet bepaald de manier waarop je met “handelswaar” omgaat. (bron: overlevering & scheepsjournaal) [64]
Overigens zou Jan Compagnie nu zetbaas voor de WIC zijn…..[65]
Nu trekt historicus Alex van Stipriaan deze ontroerende vriendschap in twijfel. [66]
Maar laten we er even vanuit gaan, dat de Ruyter inderdaad een Afrikaanse jeugdvriend had, wat zegt dat verder over hem?
Helemaal niets.
Het is heel goed mogelijk, dat hij-als er al een vriendschap was- persoonlijk erg op Jan Compagnie gesteld was, dat hij blij was om hem te zien, dat het hem ontroerde.
Maar dat staat los van de rol, die de Ruyter speelde in het bevorderen van slavenhandel en slavernij.
Want feiten blijven feiten:
Michiel de Ruyter, alias de Rover [67], heeft een destructieve rol gespeeld in het handelen, tot slaaf maken en dehumaniseren van zwarte mensen.
En daarom verdient hij geen eerbewijs, maar minachting en het neerhalen van al zijn standbeelden!
HOOFDSTUK V
IN ZIJN TIJD ZIEN?/17e EN 18e EEUWSE DOMINEES IN VERZET!
Nu zijn er mensen, die beweren-en dat zijn er meer dan je denkt- dat de misdaden van kolonialisme en vooral slavernij ”in zijn tijd” gezien moeten worden.
Met andere woorden:
Dat het natuurlijk niet deugt, maar dat er in die tijd nu eenmaal heel anders tegenaan gekeken werd, dat het algemeen geaccepteerd was en dat wij met een moderne blik naar vroegere [mis]toestanden kijken.
Dit werd in 2016 als volgt verwoord door premier Rutte in het programma ”Zomergasten”:
”””Spijt en excuses en sorry zijn voor mij hetzelfde”
[Interviewer] ”Maar waarom is het voor Nederland dan zo moeilijk om bijvoorbeeld over het slavernijverleden om, om een excuus te maken?”
”Het slavernijverleden, daarvan is mijn punt altijd geweest:
Dat is 150 jaar geleden.I
k vind het….ik heb het altijd gratuit gevonden om te zeggen over iets wat 150 jaar is geleden is gebeurd in die context, in die totaal andere situatie om daarvoor excuses te maken dus te zeggen, ja, de mensen toen hebben het fout gedaan,dat vind ik van een, dat vind ik, vanwege dat grote tijdsverschil en het feit dat je die context van 150 jaar geleden nooit zo kunt wegen, vind ik onjuist.”” [68]
De werkelijkheid ligt echter veel genuanceerder.
Want ook in die voorbije ”slavernijhoudende” eeuwen kwam er kritiek los en niet zo mals ook, met name in de 17e eeuw, naast de ons reeds bekendere kritiek [daarover straks meer]
De fundamentele kritiek die we zo gaan bespreken, speelde ook een rol in de beginfase van de WIC [West Indische Compagnie], die vooral was gericht op de kaapvaart, wat zoals we aan de ”Zilvervloot” acties van Zeeschurk Piet Hein gezien hebben [69] neerkwam op piraterij [hier tegen Spanjaarden, met wie de Tachtigjarige Oorlog nog werd uitgevochten] als oorlogswapen [70]
De discussie-slavenhandel wel, niet, wel, niet] dook ook daarop maar in de beginfase der compagnie werd die slavenhandel nog verworpen op calvinistisch-theologische gronden [71]
Johannes Menne Postma schrijft in zijn boek ”The Dutch in the Atlantic Slave Trade 1600-1815 [72] in het hoofdstuk ”Foundations of the slave trade”:
”This attitude prevailed until 1621, when the Dutch West India Company (West Indische Compagnie, hereafter referred to as WIC), came into being.
Some of the shareholders suggested participation in the slave trade:however, after consultations with theologians the directors agreed that the trade in human beings was morally not justified and should therefore not be practiced by the company.” [73]
Daar zou later verandering in komen, zoals wij weten.
Ook moet gezegd worden, dat dergelijke anti slavernij standpunten onder calvinistische dominees in de minderheid waren.
De meesten keurden de slavernij wel goed.
 
Maar nu laten we een aantal calvinistische dominees de revu passeren, die zich verzetten tegen de slavernij en niet zo’n beetje ook!
En de stemmen van die minderheid verhieven zich op niet malse wijze!
Predikanten, die de slavenhandel [en daarmee natuurlijk de slavernij] afwezen waren onder andere Brakel, de Teellincks, Smijtegelt, Poudroyen, De Raad en Voetius en Jacobus Hondius. [74]
Laatstgenoemde zou de meest prominente zijn.
Overigens triest maar waar:
De slavernij zou in een door hem geschreven dissertatie in de 18e eeuw worden verdedigd door een dominee Capitein, zelf een tot slaaf gemaakte, die op elfjarige leeftijd naar Nederland kwam [in de Republiek bestond slavernij juridisch niet, waardoor slaven vaak bedienden werden, al bleef hun status vaak een grijs gebied] [75]], de gelegenheid kreeg om theologie te studeren en in zijn oratie op 10 maart 1742 de slavernij verdedigde. [76]
Zijn dissertatie luidde:
Dissertatio politico-theologica de servitute, libertati christianæ non contraria.” [77]
[Vertaling Astrid Essed:
Politiek theologische dissertatie over de slavernij, die niet in strijd is met de christelijke vrijheid]
Later keerde hij als zendeling terug naar Afrika
Zie zijn levensloop op Wikipedia [78]
 
 
TERUG NAAR DE KRITISCHE DOMINEES:
 De Middelburgse dominee Smijtegelt noemde het „grove dieverij” om een mens te stelen
Ik citeer de goede man:
. „Dat soort van dieverij wordt begaan in den slavenhandel; die enen mens steelt, zegt God, zal zekerlijk gedood worden. Ex. 21:16. Is dat niet droevig, daar hebben de Christenen een negotie van gemaakt. Ach! mochten die menschen die zoo verkogt, vervoert, en dikwils daarom vermoort worden, eens spreken; zouden ze niet zeggen, als eertyds Joseph: ik ben dieffelyk ontstoolen uit myn land?”  [79]
Interessant is, wat in die tijd niet vaak gebeurde, dat Smijtegelt in de huid kroop van de tot slaafgemaakten [zie zijn citaat], want welgevoeglijk wordt vaak vergeten, dat de absoluut felste tegenstanders van de slavernij natuurlijk de tot slaaf gemaakten zelf waren!
Meestal worden alleen de Europese tegenstanders genoemd.
Historicus Peter Sijnke pleitte
 voor een plaquette ter ere van Smijtegelt [18 eeuw] vanwege zijn stellingname tegen de slavernij. [80]
Daar kan ik wel in meegaan, ja
Maar dan moet die nog fellere bestrijder van deze misdaad tegen de menselijkheid, dominee Jacobus Hondius [81] er ook een krijgen
Over Hondius straks meer
Kritische dominees als Smijgetelt werden  gesteund door de classisvergaderingen [kerkelijke vergaderingen] [82] in Amsterdam en op Walcheren, die reeds in 1628 schreven ”dat het „niet christelyck was lyffeygene te hebben” [83]
Behalve dominee Smijtegelt kwamen er [zie boven] meer dominees en anderen met een kerkelijke functies in het geweer tegen de slavenhandel:
Zo wordt over Justus Vermeer, ouderling te Utrecht, het volgende vermeld:
””Ook Justus Vermeer verwees naar Exodus 21:16, toen hij schreef over „den onbehoorlijken slavenhandel, in vreemde landen; als men daar mensen (met ons uit enen bloede) als beesten drijft, koopt en verkoopt, daarover de ongunste Gods zeer te vrezen is.” [84]
Dan was er de Zierikzeese predikant Udemans, die weliswaar de slavernij niet geheel afwees, maar er pittige vraagtekens bij zette:
Zo stelde hij in ”’t Geestelyck roer van ’t coopmans schip” (1638) –handboek voor de christen-koopman-zeevaarder– dat slaven mochten weglopen.
Ook noemde hij de mogelijkheid,  om slaven na een bepaalde tijd vrij te laten: zeven jaar nadat ze zich tot het christelijk geloof hadden bekeerd. [85]
Voor die Tijd al heel wat, want daar gaat je handel!
Poudroyen, een  felle anti slavernij dominee fulmineerde:
”dat het den christenen niet en betaemt haer in desen rouwen, onsekeren, verwarden, periculeusen ende onbillicken handel te steken, ende daerdoor yemant sijn quaet vermeerderen ende executeur te zijn van yemants quellinge ende ellende.” [86]
Zeventiende eeuwse dominee Festus Hommius uit Leiden schreef, in 1617 dat slavenhandel een grove zonde was. Omdat je mensen daarmee ’berooft van hun kostbaarste goed: de vrijheid’. [87]
En het mooiste verwoord vond ik het nog door de Zeeuwse predikant Georgius de Raad, die in 1665 schreef:
 ’Men lokt ze in onze schepen, rooft ze, voert ze tegen hun wil weg, scheidt de ouders van de kinderen, de kinderen van de ouders, de mannen van de vrouwen, de vrouwen van de mannen’, schreef hij. ’Ik zwijg nog maar van de ongehoorde en heidense wreedheid die de christenen plegen tegenover de heidense slaven in de schepen, en van de manier waarop de slaven op onze plantages worden ontvangen.’ [88]
En hij besluit met
”’Ons land is aan het zinken, en de zonden die dagelijks in de slavenhandel worden gepleegd, zouden wel eens de zwaarste ballast kunnen wezen, die het schip ten gronde doet gaan.’ [89]
Van belang is, trouwens, dat men zich realiseert, dat er ook in ”Nederlands Oost Indie” [huidige Indonesie] door de VOC bedreven slavenhandel bestond! [90]
En daartegen heeft een man als Justus Heurnius, zendeling en arts [91], zich fel verzet.
En het  argument van de slavenhandelaren dat in de tropen de slavenarbeid gewettigd is, verklaart Heurnius ongegrond. Hij getuigt dat door de zondeval ieder mens, donker of blank, in het zweet zijns aanschijns zijn brood eet (Genesis 3:19). De slaven zijn er niet om de vieze en de zware arbeid van anderen te verrichten. „Zij zijn uw gelijken en medemensen”, zegt Heurnius. [92]
Opmerkelijk strijdbare taal uit een Eeuw, die the concept of race heeft voortgebracht! [93]
HONDIUS, JACOBUS HONDIUS!
Jacob de Hond, beter bekend als Jacobus Hondius, was een felle man, die als gereformeerd predikant in Hoorn jarenlang tegen de slavernij heeft gefulmineerd.
Weet u nog:
Hoorn, de stad, die massamoordenaar Jan Pieterszoon Coen heeft voortgebracht [94], mag trots zijn op deze strijder tegen die misdaad tegen de menselijkheid!
Twee keer per zondag preekte hij [95] en nam daarbij geen blad voor zijn mond!
En hij schreef!
Hij schreef het ”Swart Register van duysent sonden” (1679)
[96], waarin hij alle zonden opsomde waarvan een kerkganger zich verre diende te houden en daarbij hoorde ook de slavenhandel. [97]
Dat andere volkeren zich hier wel mee bezighielden, was voor hem geen argument. ’Leden van onze kerk horen zich niet te besmetten met zulke onbarmhartige handel’, waarschuwde hij. Zij begaan een grove zonde als ze ’slaven kopen om weer te verkopen en met die ongelukkige mensen handel te drijven, net als met andere waren en goederen, alsof het maar beesten waren.’ Want, schreef hij, ’Het zijn immers mensen van een en dezelfde aard als zij zelf zijn’.  [98]
Felle, duidelijke en moedige taal in die Dagen, waarin-en dat moet vermeld” het merendeel van de dominees zich prima konden vinden in slavenhandel en slavernij. [99]
Dit is  een greep uit het aantal kritische dominees.
Er waren er meer en ze bleven in hun tijd een luidruchtige en felle minderheid.Waarmee dan direct het Fabeltje wordt ontkracht ”dat je de slavernij in zijn Tijd moet zien”
 
Dat wordt ook ontkracht door de onverbloemde en felle kritiek van VOC tijdgenoten van Jan Pieterszoon Coen op zijn massamoord op de Banda-eilanden
Weer aangehaald wat een VOC officier daarover opmerkte:
 
“De mensen stierven zonder ook maar één geluid te laten horen, behalve één die Nederlands sprak. Die zei: ‘Heeren, heeft dan niemand van U medelijden?’ Alles wat gebeurde was zo afschuwelijk dat we erdoor verstomd waren. Alleen God weet wie gelijk heeft. Wij allen, als praktizerende Christenen, waren vervuld met afschuw over de manier waarop deze zaak werd afgehandeld en we hadden geen plezier in dergelijke aangelegenheden.” [100]
Ook moet niet worden vergeten, dat religieuze groeperingen als de Quakers, Baptisten en Methodisten van meet af aan principiele tegenstanders van de slavernij geweest zijn,
Maar dat was vooral in Engeland en de Verenigde Staten [101]
HOOFDSTUK VI
IN ENGELAND:
SLAVENHANDELAAR EDWARD COLSTON
Reeds noemde ik het in het water gooien van het standbeeld van een Britse slavenhandelaar, Edward Colston, in diens geboorteplaats Bristol. [102]
Een geweldig goede actie, uiteraard.
Nu is het opvallend, dat er nogal wat eerbetoon aan deze ouwe ellendeling is gewijd [103] en dat heeft veel te maken met zijn latere rol als 
”filantroop” [104]
Hij steunde financieel scholen, kerken, ziekenhuizen, armenhuizen en wat dies meer zij [105]
Allemaal goed en wel, maar overeind blijft staan, dat hij zijn rijkdom te danken heeft aan menselijke ellende.
Daarom horen er geen eerbewijzen aan hem thuis in de openbare ruimte, en zeker geen standbeeld!
 
HOOFDSTUK VII
 
 
MODERN TIMES
 
SIR WINSTON CHURCHILL EN PIM FORTUYN
 
Goed dus, dat standbeelden van 17e, 18e, 19e en ook nog 20 ste eeuwse koloniale Schurken [ik denk hierbij aan het standbeeld voor de koloniale massamoordenaar Van Heutsz J.B. van Heutsz, het ”van Heutsz monument] [106] worden aangepakt.
Want standbeelden zijn, hoe je het ook wendt of keert, een eerbewijs, een blijk van waardering.
In de Noordzee, rivier, Atlantische Oceaan etc ermee en anders opgeborgen in een museum, als het dappere activisten niet bij tijds lukt, de standbeelden te ”pakken”
Hetzelfde geldt voor straatnamen:
Verander die en wel heel gauw! [107]
 
Maar ook standbeelden van ”moderne” Schurken zijn onlangs te grazen genomen, wat ik een goede zaak vind.
Betreft hier het standbeeld van de extreem-rechtse politicus Pim Fortuyn en van een man, die ten onrechte als een voorbeeld wordt gezien:
Sir Winston Churchill. [108]
 
PIM FORTUYN
 
Zijn standbeeld moest het dus recentelijk ontgelden. [109]
Prima:
Want in de tijdsperiode, dat Fortuyn politiek opereerde, begin van deze Eeuw, heeft hij zich laten kennen als iemand met Islamofobe en racistische opvattingen en als vluchtelingenhater.
Iemand, die extreem-rechts gedachtegoed promootte, iemand, die aanzette tot haat. [110]
Een zeer gevaarlijk politicus. [111]
 
SIR WINSTON CHURCHILL
 
TAPIJTBOMBARDEMENTEN
 
Nu zul je, met enig heen en weer gepraat mensen, die zich niet laten leiden door anti vluchtelingensentimenten, Islamofobie en racisme, nog wel kunnen overtuigen, dat Fortuyn op zijn zachtst gezegd, een zeer omstreden figuur was, moeilijker gaat dat bij Sir Winston Churchill, een van de Geallieerde leiders, aan wiens bijdrage, geestkracht en fighting spirit, het onder meer te danken is, dat het Nazi Beest is verslagen. [112]
En dat blijft overeind.
 
Maar Churchill had andere, minder fraaie kanten.
Er is nog steeds weinig, te weinig kritiek op een militair aspect in zijn bestrijding van Nazi Duitsland:
Namelijk de tapijtbombardementen op Duitse steden, die aan honderdduizenden Duitse burgers het leven hebben gekost. [113]
In strijd met het Landoorlogsreglement uit die dagen [114], maar vooral ook moreel en humanitair gezien totaal fout en-want het waren bewust gekozen aanvallen op burgerdoelen-misdadig.
Nu komen staatslieden voor dergelijke wandaden voor het ICC [Internationaal Strafhof], tenzij het machtige Westerse landen betreft natuurlijk.
Toen waren zij de overwinnaars, dus wie zou hen berechten?
 
Te weinig is hier nog over geschreven en gezegd, dus dat gaat uw Wreker van het Onrecht binnenkort doen!
 
GIFGASFANAAT
 
Daarnaast, en veel minder mensen weten dat, was Sir Winston Churchill
een warm voorstander van het gebruik van gifgasaanvallen op burgerdoelen.
U gelooft mij niet?
Ik citeer Sir Winston Churchill himself:
””I am strongly in favour of using poisoned gas against uncivilised tribes. The moral effect should be so good that the loss of life should be reduced to a minimum. It is not necessary to use only the most deadly gasses: gasses can be used which cause great inconvenience and would spread a lively terror and yet would leave no serious permanent effects on most of those affected.” [115]’
Weinigen weten wederom, dat hij deze gifgasaanvallen daadwerkelijk heeft laten plegen op een aantal Russische steden, na de Russische Revolutie. [116]
AARTSKOLONIALIST EN RACIST
 
I am strongly in favour of using poisoned gas against uncivilised tribes……”
[117]
Deze uitspraak van Churchill was een van de voorbeelden van zijn racistische superioriteitswaan en zijn kolonialistische racisme.
Toegegeven, dat denken kwam in die tijd vaker voor, maar Churchill spande de kroon.
Want ondanks het feit, dat vrijheidsstrijder Mahatma Gandhi ontvangen was door de Britse koning George V [toen nog de titel voerend ”Keizer van India], bleef Churchill tegen Gandhi fulmineren en noemde hem ”een halfnaakte Fakir” [118]
 
Ook was hij een fel tegenstander -hoe kan het ook anders- van de onafhankelijkheid van India [119] -en andere Britse kolonies-en eiste de ontbinding van het ”Indian National Congress” [beter bekend als   Congress Party] [120] en eiste, dat haar leiders zouden worden gedeporteerd. [121]
 
Dat was even een schets om te laten zien, wat voor een man Churchill was.
Met als dieptepunten zijn obsessie met het gebruik van gifgas en de tapijtbombardementen op Duitse steden, waarbij in totaal tussen de 420.000 en 570.000 mensen om het leven kwamen. [122]
Zo’n historisch figuur eer je niet met een standbeeld
EPILOOG:
Goed zo en inspirerend, die acties waarbij standbeelden van koloniale Schurken kanalen, rivieren, zeeen of oceanen in gesmeten worden, beklad, of op straat belanden.
In wat ik hierboven heb geschreven is aangetoond, dat lieden, die zonder blikken of blozen massamoorden gepleegd hebben, koloniale strafexpedities hebben geleid, steden en dorpen hebben platgebrand of gebombardeerd [Winston Churchill] en hun racistisch gif hebben verspreid, in voorbije eeuwen of recenter [Pim Fortuyn en Churchill, bijvoorbeeld], geen standbeeld verdienen, maar de publieke minachting.
En zelfs het Fabeltje van apologeten Gekkies, dat je de misdaden van deze lieden ”in zijn Tijd moet zien”, is een Fabeltje.
Ook in de zeventiende Eeuw waren er al dominees en anderen, die zich fel verzetten tegen slavenhandel en slavernij!
KUDOS dus, die moedige activisten, die de straat opgaan om hetzij beelden neer te halen of bekladden, hetzij straatnamen etc te bekladden,hetzij die beelden naar een museum transporteren, of ze nu ”Helden van Nooit”, ”Bloed aan hun Handen Collectief”, ”Grauwe Eeuw”,”Topple the racists” [123] of hoe dan ook heten.
EN DE STRIJD GAAT DOOR!
Want recentelijk heeft ”Bloed aan hun Handen Collectief” straatnaamborden van koloniale Schurken in de Admiralenbuurt en de Baarsjes, beklad met rode verf. [124]
Vasco da Gama straat/Vasco da Gama, ontdekkingsreiziger en moordenaar, die islamitische pelgrims levend liet verbranden. [125]
Witte de With straat/Witte de With, folteraar, dief, plunderaar en moordenaar [126]
Hudson straat/Hudson, zetbaas van VOC en een van de grondleggers van de Nederlandse kolonisatie van ”Oost Indie”, dief en plunderaar van Indianendorpen [van Native Americans dus] in wat later de VS zou worden. [127]
Cabralstraat/Cabral, massamoordenaar in naam van de koloniale handel [128]
Want nogmaals, lezers:
Handel moet vrijwillig zijn en met wederzijds voordeel, maar deze Schurken dwongen een voor Europeanen voordelige eenzijdige handel met massamoord, etnische zuiveringen en genocide [J.P. Coen, een andere koloniale misdadiger] [129] af!
Heb ik mijzelf vaker herhaald, lezers?
Misdaden van koloniale Schurken, die nog heden ten dage  vereerd worden
in de vorm van standbeelden, straatnamen etc, kunnen niet genoeg herhaald worden.
Totdat de laatste der Schurken uit het straatbeeld is verdwenen!
TSJA
Creative Commons

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!