De community ruimte is een vrije online ruimte (blog) waar vrijwilligers en organisaties hun opinies kunnen publiceren. De standpunten vermeld in deze community reflecteren niet noodzakelijk de redactionele lijn van DeWereldMorgen.be. De verantwoordelijkheid over de inhoud ligt bij de auteur.

77 jaar geleden de bevrijding van het Nazi-rijk, nu van Covid. Altijd wel onder leiding van een elite.

maandag 21 juni 2021 10:44
Spread the love

Gisteren las ik in het historische verslag door Churchill van de Tweede Wereldoorlog, “Triumph and Tragedy”, de passage over hoe de geallieerde troepen Parijs bevrijdden op 25 augustus 1944. Brussel en Leuven werd enkele weken later bevrijd, Antwerpen nog even later. Binnenkort vieren we die verjaardagen, in volle zomer. In een ander werk kom ik bijgaande afbeelding tegen: een ‘artist’s impression’ van die momenten van enthousiasme en ontlading in Parijs. De mensen zijn blij en gelukkig, ze ademen weer vrij. Een beetje sfeer zoals nu dus, uitgelatenheid hangt lichtjes in de lucht nu de legioenen van de covid-virussen stilaan gedecimeerd raken. (Het kleurige beeld staat in een van de meest fijnzinnige strips die ik ken: “Le vol du corbeau – Elke raaf pikt” van J.-P. Gibrat.) Bij deze gelegenheid gingen de radertjes in de bovenkamer aan het draaien. De geschiedenis steekt vol interessante stof voor wie het heden wil begrijpen en beter wil  handelen en leven. De rol van de elite en van “de gewone piot” is zo een perspectief dat altijd actueel lijkt te blijven. Een terrein is dit helaas, waar het mensbeeld van de tijdgenoot niet altijd even adequaat lijkt.

 

In tegenstelling tot wat het soms lijkt bij het achteruitkijken van op onze historische plek, verliep de tocht door Normandië, (waar operatie Overlord,de oversteek van het Kanaal, was van start gegaan met de actie Neptunus in de nacht van 5 op 6 juni), niet zonder zeer zware inspanningen. Ondanks de al te late beslissing van het Duitse OKW (Oberkommando der Wehrmacht) om reserve pantsertroepen gelegerd in de streek van Calais naar het westen te sturen, was de tegenstand die de Britten, Amerikanen, Canadezen, Australiërs en de hulptroepen uit Frankrijk en België te verhapstukken kregen komen, keihard. De verliezen bij de drie belangrijkste naties waren zelfs hoger dan in vergelijkbare tijd aan het beruchte Oostfront (dat o.a. door de ijzige winters wel een strijd buiten categorie blijft). Rond de tweeduizend soldaten verloren de divisies per maand. (Een Divisie telt doorgaans zo’n tienduizend soldaten).

 

Dood aan het front… De aantallen zijn nog hoger als je de soldaten meerekent die buiten strijd raakten wegens gekwetst. De verliezen aan Britse kant waren lager dan aan Amerikaanse. Dat bracht spanningen mee tussen de geallieerden. Deden de Britten wel genoeg hun best? Wellicht kwam het verschil in verliezen, zo merken historici op, echter vooral doordat de Engelsen meer ervaren troepen in konden zetten. En dankzij de uitstekende strategische, psychologische en tactische leiding door C.I.C. Veldmaarschalk Montgomery en anderen. Aan Amerikaanse kant hadden veel zeer jonge kerels vrijwillig ingetekend, toen Amerika eindelijk in de oorlog stapte. Veelal uit patriottisme maar geregeld ook uit armoede. (Wat overtuigend aan bod komt in de reeks tekenverhalen van de Ardense schepper Jarbinet).

 

Merk op: zonder de leiding van zijn officieren blijkt de gewone soldaat aan het front vaak totaal verloren. Weet hij niet wat gedaan. Ongeacht zijn degelijke en soms dure bewapening. Radeloosheid en verbijstering slaan toe. Angst en paniek alom, wanneer de luitenants, majoors en kolonels te vroeg sneuvelen. Of wanneer de generaal niet bereikbaar is omdat de communicatielijnen worden doorgesneden of zijn gesaboteerd.

 

Soms kan ik mij niet van de gedachte ontdoen dat deze les die de geschiedenis ons leert, aan herhaling toe is. Eertijds op café en vandaag in cyberspace: sommigen lossen tussen neus en lippen een soort klassenhaat die van de pot gerukt is. Die wel lijkt van generatie op generatie te worden doorgegeven. Het minste dat je leest zijn uitingen in de zin van “Het zijn toch altijd de kleine burgers die voor alles opdraaien.” Vaak gaat het om meer gore uitdrukkingen. Pareltjes van klassenhaat die vaak niets redelijks meer heeft.

 

Ik hoop dat ik het nog mag meemaken, zoals ik lang geleden hoopte op de komst van de elektrische auto, de terugkeer van de wolf & de bever en het gebruik van een prachtige televisie: een gemeenschap die oog leert hebben voor de kwaliteiten van leiderschap en voor de talenten van wie haar leiding geeft en organiseert. Mensen die zich weten te spiegelen en te laten aanmoedigen door de klasse en noblesse van publieke figuren, en zich niet langer beperkten tot het zich verkneuteren in het eigen kringetje door de vooraanstaande figuur even lekker door het slijk te halen. Of het nu om politici, militairen, ondernemers of wetenschappers gaat.

 

 

Charles Darwin

Creative Commons

dagelijkse newsletter

take down
the paywall
steun ons nu!