Analyse

Belgische defensie-uitgaven verdiepen de begrotingsput

Afbeelding
Foto: Leon Aschemann, via canva.com
Foto: Leon Aschemann, via canva.com
In de zoektocht naar 10 miljard euro wordt de optie van bezuinigingen op defensie al snel van tafel geveegd. We moeten echter kritisch kijken naar deze enorme uitgaven en de gevolgen daarvan.

Prof. Du Bois, hoogleraar economie aan de KMS en adviseur in het kabinet van Theo Francken, betoogt dat de militaire uitgaven niet de bron zijn van de Belgische budgettaire problemen. Toch hebben ze een effect: het Planbureau bevestigt dat, ondanks de forse besparingen, de federale begroting in 2026 5,8 miljard euro groter was dan in 2024, in grote mate toe te schrijven aan de defensie-uitgaven.

Afbeelding
Figuur 1
Figuur 1

Figuur 1: Mogelijke trajecten voor de stijging van de defensie-uitgaven als percentage van het BBP. Francken: het plan van Theo Francken uit de Strategische Visie Defensie 2025. Jambon: de aanpassing die Jan Jambon heeft aangekondigd. 2026 re-eval: een herevaluatie die door de NAVO voor 2029 is gepland. NAVO-ideaal: het ideale traject dat geleidelijk opbouwt naar de NAVO-norm van 3,5 procent. Vivaldi: 1,4 procent uitgaven onder de vorige regering. 10 procent besparen: een jaarlijkse daling van 10 procent in de defensie-uitgaven. Bron: Strategische Visie Defensie 2025.

Hoeveel besteden wij aan defensie? 

Nu zitten wij aan 2 procent van het bbp. Tegen 2035 moeten wij naar 3,5 procent geraken. Hoe we dat precies doen, heeft nog niemand officieel uitgestippeld, maar er zijn verschillende mogelijke trajecten (Figuur 1). Het plan van Theo Francken voorziet in de periode 2027-2035 156 miljard euro aan defensie-uitgaven (Figuur 2). Jan Jambon maakte daar wat aanpassingen aan, wat iets meer zal kosten: 166 miljard euro. Maar beide plannen voorzien van 2034 naar 2035 een sprong van 1 procent bbp (even ter vergelijking: wij hebben in 2025-2026 een sprong van 0,6 procent van het bbp gemaakt). NAVO-baas Mark Rutte beschouwt dit niet als een geloofwaardig traject. Een NAVO-goedgekeurd traject kan rond de 190-200 miljard euro uitkomen. Deze miljarden vergroten het begrotingstekort en worden met schulden betaald.

De toenemende militaire uitgaven verergeren de budgettaire situatie

Terwijl de Europese Commissie lidstaten aanmoedigt om in defensie te investeren, voorspelde ze dat deze investeringen de staatsschulden zouden vergroten. Ze hadden gelijk. Rekening houdend met de inflatie heeft Arizona in de eerste 18 maanden 60 procent meer schulden op zich genomen dan Vivaldi vijf jaar eerder. Zowel het Federaal Planbureau, het Internationaal Monetair Fonds als de Europese Commissie zijn het eens: de toenemende militaire uitgaven verergeren de budgettaire situatie.

Volgens Du Bois heeft besparen op defensie weinig zin, omdat het te weinig zou opleveren. Eigenlijk moeten wij besparingen vergelijken met de geplande toenemende uitgaven (Figuur 2). Een plan met NAVO-goedkeuring zal in de periode 2027-2029 rond de 45 miljard euro kosten. Gaan we terug naar de 1,4 procent van Vivaldi, betalen wij slechts 30 miljard euro. Dat is een besparing van 15 miljard euro. Of zelfs iets minder extreem: als wij jaarlijks 10 procent minder aan defensie zouden uitgeven, besparen wij rond de 10 miljard euro. Vergeleken met een verhoging van het remgeld, die slechts 696 miljoen euro zou opleveren (en door slechtere preventie tot hogere zorgkosten zal leiden), is besparen op defensie toch iets om te overwegen.

Afbeelding
Figuur 2
Figuur 2

Figuur 2: Cumulatieve defensie-uitgaven vanaf 2027. De inzetfiguur toont de periode 2027–2029. Bron: Strategische Visie Defensie 2025.

Volgens Francken en Du Bois is dat onaanvaardbaar: een vermindering van de defensie-uitgaven zal de geloofwaardigheid van de NAVO verzwakken. Alweer moeten wij dit vergelijken met de keerzijde van deze uitgaven. De militaire investeringen en politieke retoriek, evenals de steun aan Oekraïne door Europese legers op financieel, materieel en tactisch vlak - waaronder training, capaciteitsopbouw en personele bijstand - worden door Rusland opgevat als agressie. De zorgwekkende inbreuken die (mogelijks) vanuit Rusland komen, zijn vanuit hun perspectief een reactie op escalerende Europese provocaties. 

We hoeven het niet eens te zijn met het Russische perspectief; het gaat erom oorlog te voorkomen

Onze verbazing over het handelen van Rusland is niet zozeer een teken van Russische irrationaliteit als wel van de emotionele en politieke onvolwassenheid van Europa, dat er niet in slaagt het perspectief van zijn tegenstanders te begrijpen. We hoeven het niet eens te zijn met het Russische perspectief; het gaat erom oorlog te voorkomen.

Uiteindelijk is de Europese en NAVO-strategie van “vrede door geloofwaardige afschrikking” een repressie van geopolitieke spanningen en houdt ze geen rekening met de onderliggende economische, sociale en ecologische onrechtvaardigheden. Wereldwijd geven wij meer dan ooit uit aan afschrikking: in 2025 was dat 2,9 biljoen dollar. En toch leven we niet in de veiligste tijd ooit. Afschrikking laat ons alleen maar steeds sneller ronddraaien in de vicieuze cirkel van het veiligheidsdilemma. Met afschrikking verdwijnen die spanningen niet; ze gisten en borrelen tot de kurk eraf vliegt. Dit zou een moment zijn om onze aanpak van veiligheid te herdenken en kaders te bouwen die deze collectief benaderen – ja, ook samen met Rusland. Je bouwt geen vrede op een kruitvat.

Goed voor de economische groei zijn deze investeringen ook niet. Goldman Sachs berekende dat de Europese defensie-uitgaven een multiplicatorfactor van 0,5 hebben - de helft van de investering verdampt naar de VS door het verdringingseffect. Investeringen in onderwijs, onderzoek en civiele infrastructuur, hebben daarentegen multiplicatorfactors groter dan 1. De Amerikaanse oorlogen die Europa steunt, hebben een grote impact op de wereldwijde economische stabiliteit. Zelfs innovatie wordt er niet mee gediend. Slechts 3 procent van het defensiebudget gaat naar O&O, vaak naar technologieën die geen redelijke civiele toepassing hebben. 

Het Europees Defensieagentschap geeft het toe: civiele innovatie is de drijvende kracht achter de meeste technologische vooruitgang. Daarom is “spin-in” de huidige strategie van militaire O&O om technologie vanuit de civiele sector naar defensie te vertalen. Tegelijkertijd wordt civiele O&O-financiering op “dual-use” gericht om technologie voor defensie te prioriteren. Op deze manier wordt de civiele innovatie verminkt. Dat is geen duurzaam model voor groei. Laat ons ook niet vergeten wat militaire innovatie is: explosieve kogels, onmenselijke surveillancetechnologie, drones die met babygeluiden mensen naar hun dood lokken, en explosieven die mensenvlees doen verdampen.

Als de taxshift bedoeld was om de groei te stimuleren, dan lijkt de tijd nu rijp voor werknemers en de overheid om de vruchten van hun opoffering te plukken

Weliswaar hebben defensie-uitgaven de begrotingsput niet gegraven, maar ze graven die wel verder uit. De put kunnen wij aan vele factoren wijten, maar de taxshift van de Zweedse regering speelde ook een belangrijke rol. Toen uitten de NBB, het Federaal Planbureau en de Europese Commissie hun zorgen dat de taxshift niet budgettair neutraal was. De verlaging van de werkgeversbijdrage maakte een put die niet door verhoogde lasten op consumptie werd gevuld. Later bevestigde de Europese Commissie dat de taxshift de budgettaire positie van België had verslechterd. Daarna kwamen Covid, de energiecrisis en de vergrijzing, die de put nog groter maakten. Nu komen de defensie-uitgaven daarbij.

Sinds die tijd was er ook een verschuiving in de vermogensverdeling. Een rapport van de NBB onthulde dat de lonen geen gelijke tred hebben gehouden met de productiviteit, wat gevolgen heeft voor het overheidsbudget. Over de laatste 10 jaar zijn werknemers 16 miljard euro aan lonen en werkgeversbijdragen aan hun werkgevers kwijtgeraakt. Tegelijkertijd werden in alleen het laatste jaar de rijkste 1 procent van de huishoudens 22 miljard euro rijker, acht keer meer dan de onderste 50 procent. Als de taxshift bedoeld was om de groei te stimuleren, dan lijkt de tijd nu rijp voor werknemers en de overheid om de vruchten van hun opoffering te plukken.

Defensie-uitgaven verergeren de klimaatcrisis, brengen ons niet dichter bij positieve vrede of duurzame economische groei, maar graven ons alleen maar dieper in de begrotingsput. Die put moet op een sociaal rechtvaardige manier worden gevuld – met minder defensie-uitgaven en een gerechtvaardigde vermogensbelasting. Het is een politieke keuze.

 

Thies Gehrmann is bio-informaticus en postdoctoraal onderzoeker aan de Universiteit Antwerpen.

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?