Interview

Moslimvrouwen nog vaak gediscrimineerd in zwembaden: “Ik voelde mij vernederd”

Afbeelding
Bewerkt beeld via canva.com: stevenallen
Bewerkt beeld via canva.com: stevenallen
Toen Sarah Ben Tayeb op 10 juli met haar zoontje het zwembad in Wetteren wilde bezoeken, werd ze plots tegengehouden. Haar lichaamsbedekkende zwemkleding zou niet aan de regels van het zwembad voldoen, ondanks dat de kleding specifiek is gemaakt om veilig in te zwemmen.

Sarah Ben Tayeb is al lang actief rond diversiteit en inclusie. Zo heeft ze zich ingezet tegen het hoofddoekverbod voor leerlingen op scholen en is ze ook actief bij Muslim Rights Watch België (MRWB). Zoals veel andere meisjes en vrouwen vertelt ze dat ze verschillende vormen van uitsluiting en beperkingen ervaren heeft rond islamitische kledingvoorschriften. 

“Voor mij en vele anderen begint dat al op school, maar ook later tijdens sollicitaties en zelfs gewoon op straat”, legt Ben Tayeb uit. Ook deze zomer werd ze opnieuw daarmee geconfronteerd, dit keer in een openbaar zwembad in Wetteren. De ervaring heeft haar hard geraakt: “Ik durf eigenlijk niet meer te gaan zwemmen, zeker niet met mijn zoontje”. 

Moslimvrouwen of anderen die omwille van persoonlijke omstandigheden willen zwemmen en zich willen bedekken, kunnen dat doen door lichaamsbedekkende zwemkleding te dragen. Zulke zwemkleding bestaat uit een tweedelig badpak met mouwen, lange pijpen en een hoofddeksel. Het wordt gemaakt van waterafstotend materiaal en is specifiek ontworpen om in te zwemmen. 

Unia heeft beoordeeld dat een verbod discriminatie is

Volgens de Australische ontwerpster Aheda Zanetti, die het zwempak in 2003 ontwierp, is het “geen islam-symbool, maar een symbool van vrije tijd, plezier, geluk en sport. Iedereen kan de zwemkleding dragen: christenen, hindoes, Joden, mensen met huidkanker of een vrouw die net bevallen is en die geen bikini wil dragen.”

Unia, de onafhankelijke openbare instelling die discriminatie bestrijdt en gelijkheid bevordert in België, heeft beoordeeld dat een verbod op lichaamsbedekkende zwemkleding door openbare zwembaden discriminatie is. In een advies uit 2017 zeggen ze daarover het volgende: “Een algemeen verbod op het dragen van lichaamsbedekkende zwemkleding in het zwembad kan volgens Unia zowel moslimvrouwen benadelen die dergelijke zwemkleding dragen omwille van hun geloofsovertuiging, als andere personen die dat doen omwille van geloofs- of andere redenen.”

Sarah Ben Tayeb vertelt ons wat deze vorm van discriminatie met haar persoonlijk, maar ook de samenleving als geheel, doet. 

Wil je vertellen wat je hebt meegemaakt bij het zwembad in Wetteren?

“Zeker. Ik ben begin juli met mijn zoontje naar het openluchtzwembad in Wetteren gegaan, net zoals ik dat het jaar daarvoor had gedaan. Ik had ook dezelfde zwemkleding aan als vorig jaar, dus ik ging ervan uit dat er geen problemen zouden zijn.” 

“Toch kwam er plots een redder naar mij toe die tegen mij zei dat ik niet met mijn zwempak het zwembad in mocht, terwijl het daarvoor bij de ingang geen probleem was. Een andere redder zei weer dat ik het bovenste deel van mijn zwempak in mijn broek moest steken. Er werden mij dus verschillende dingen verteld.” 

“Omdat ik niet meteen het water in mocht, bleef ik even aan de rand van het zwembad staan om na te denken hoe ik de situatie het best kon aanpakken. Tegelijk hield ik toezicht op mijn driejarige zoontje en mijn neefje. Ook dat werd geweigerd, terwijl mijn zoontje wel gewoon het water in mocht. Dat voelde voor mij bijzonder tegenstrijdig.”

“Uiteindelijk heb ik gedaan wat ze vroegen en het bovenste deel van mijn zwempak in mijn broek gestoken. Zo kon ik toch zwemmen met mijn zoontje.” 

Wat doet zo’n ervaring met je?

“Ja, veel. Ik ben er op de dag van vandaag nog altijd heel emotioneel over. Ik durf sindsdien eigenlijk niet meer te zwemmen. Ook niet in zwembaden waar lichaamsbedekkende zwemkleding wel toegestaan is. Ik heb van andere vrouwen gehoord dat het daar ook niet fijn zwemmen is. Ze controleren dan bijvoorbeeld de lengte van het zwempak.”

“Het is absurd eigenlijk. Hoe kan het dat wij vrouwen nog altijd niet mogen bepalen hoe we ons kleden?”

“Er is bovendien heel veel onduidelijkheid. Op de website van sommige domeinen staat bijvoorbeeld dat volledig bedekkende zwemkleding niet mag en alleen een korte versie van de boerkini is toegestaan. Ter plaatse zie je dan weer een afbeelding waarop volledig bedekkende zwemkleding wél wordt toegelaten. De regels verschillen en zijn vaak niet duidelijk.”

“Ik durf dus eigenlijk niet meer te gaan, en zeker niet met mijn zoontje. Ik wil niet dat hij dat nog een keer moet meemaken. Het is al zwaar genoeg voor mij, laat staan voor een klein manneke.”

Ik kan me voorstellen dat dat als moeder veel met je doet.

“Ja, ik ben iemand die eigenlijk heel veel hoop heeft. Ik ben in mijn vrije tijd ook veel bezig met diversiteit en inclusie. Altijd had ik de hoop dat de volgende generaties dit soort dingen niet moeten meemaken. Ik vind het supererg dat mijn zoontje van drie jaar dit nu dan toch al moet meemaken.”

“Er wordt vaak gezegd dat we polarisatie moeten tegengaan, maar met zulke regels creëer je die net zelf. Als je in het ene zwembad wel binnen mag en in het andere niet, deel je mensen op in hokjes. En kinderen groeien daar ook mee op.”

Waarom is het voor jou belangrijk om lichaamsbedekkende zwemkleding te kunnen dragen?

“Voor mij is dat vooral omdat ik mij daar comfortabel bij voel. Ik bescherm mij zo tegen de zon en ook mijn geloof speelt een rol. Zoals je ziet draag ik een hoofddoek. Als ik ga zwemmen, wil ik dezelfde kledingvoorschriften kunnen volgen als in mijn dagelijks leven. Dat is gewoon wie ik ben.”

“Maar er kunnen heel veel redenen zijn waarom vrouwen of mannen zich meer willen bedekken: uv-bescherming, huidproblemen of gewoon omdat ze zich daar prettiger bij voelen. Eigenlijk vind ik zelfs dat we niet naar de reden moeten vragen.”

“Iemand verplichten om zich minder te bedekken, voelt voor mij hetzelfde als iemand die zich liever niet bedekt verplichten om dat wel te doen. In beide gevallen bepaal je voor iemand anders hoe die zich moet kleden.”

In datzelfde zwembad in Wetteren is een kindje van vijf bijna verdronken deze zomer. Zijn moeder had hetzelfde meegemaakt en mocht van het personeel de zwemzone niet betreden. Hoe kijk je daarnaar?

“Ik wil mij niet uitspreken over de precieze omstandigheden of over wie daarvoor verantwoordelijk is, want ik was er niet bij. Maar toen ik hoorde dat zij mogelijk iets gelijkaardigs had meegemaakt als ik, kwam dat wel heel hard binnen. Het maakte voor mij nog duidelijker hoe absurd het is dat er in België nog altijd zoveel onduidelijkheid en discussie bestaat over die zwemkleding.”

“Mag je binnen of niet, en wat gebeurt er wanneer je wordt tegengehouden, terwijl je kind al in het zwembad is? Er moet ernstig worden nagedacht over die regels.”

Wat voor effect heeft dit soort discriminatie op de samenleving, denk je?

“Zoals ik zei: het zorgt voor meer polarisatie en meer wij-zij-denken. Terwijl ik zelf net heel graag wil deelnemen aan allerlei dingen. Ik zwem bijvoorbeeld heel graag, en mijn zoontje ook. Waarom zou ik mij dan uitgesloten moeten voelen?”

“Aan de ene kant hoor je vaak: ‘We willen dat iedereen deelneemt en integreert.’ Maar hoe kan dat als je mensen uitsluit omdat ze anders zijn? Ik vind dat heel tegenstrijdig.”

“Toen we in Spanje op vakantie waren, vroeg ik vooraf ook altijd aan de zwembaden of ik daar met mijn lichaamsbedekkende zwempak mocht zwemmen. Ik was nog altijd bang dat ik niet binnen zou mogen. Eén keer kreeg ik als antwoord: ‘Allee, wat is dat voor een vraag? We zijn hier niet in België of Frankrijk, je bent in Spanje.’”

“Enerzijds was ik opgelucht dat het daar niet was zoals in België. Anderzijds vond ik het ook triest, want ik ben in België geboren. België is ook mijn land. Ik vind het pijnlijk dat België elders wordt gezien als een land dat de vrijheid van sommige groepen beperkt.”

Vandaag op de hoogte van de wereld van morgen?